Subsidieverordening Groenblauwe diensten Berg en Dal 2020
Gemeente Berg en Dal
Voor landbouwers en terreinbeheerders die zich langlopend verbinden tot onderhoud van groenblauwe landschapselementen in het Nationaal Landschap Gelderse Poort.
Ook bekend als Groenblauwe diensten Berg en Dal, GBD Berg en Dal
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieverordening voor beheer van groenblauwe diensten (landschapselementen zoals heggen, poelen, struwelen) in het Nationaal Landschap Gelderse Poort. Gericht op landbouwers en terreinbeheerders die zich langlopend verbinden tot onderhoud van natuurlijke landschapselementen. Vergoedingen variëren per type element (bijv. struweelrand €938/ha/jaar, poel <175m² €65,39/stuk/jaar).
Voor wie is het bedoeld?
Voor landbouwers en terreinbeheerders die zich langlopend verbinden tot onderhoud van groenblauwe landschapselementen in het Nationaal Landschap Gelderse Poort.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor onderhoud van heggen en houtsingels
- Vergoeding krijgen voor beheer van poelen en historisch water
- Steun voor langlopend beheer van struwelen en steilranden
- Financiering van recreatieve routes in het landschap
Voorwaarden
- Landschapselementen moeten voldoen aan eisen in het Gemeentelijk Uitvoeringsprogramma (GUP)
- Elementen moeten passen binnen de Catalogus Groenblauwe Diensten
- Langlopende overeenkomst voor onderhoud vereist
- Elementen moeten in het Nationaal Landschap Gelderse Poort liggen
- Geen gewasbeschermingsmiddelen of meststoffen in elementen (met beperkte uitzonderingen)
- Specifieke beheereisen per type landschapselement
- Maaiwerkzaamheden in voorgeschreven periodes
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“Steilrand met beplanting € 1.293,00 per ha”
Toon brontekst
Subsidieverordening Groenblauwe diensten Berg en Dal 2020 De raad van de gemeente Berg en Dal, gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 augustus 2020; gelet op artikel 23 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel 147 lid 1 van de Gemeentewet; overwegende dat: deze regeling gebaseerd is op de Catalogus Groenblauwe Diensten; deze regeling enkel toegepast mag worden in natuurlijke landschappen die door de bevoegde overheidsinstanties formeel als natuurlijk erfgoed zijn erkend. Door de aanwijzing van het Nationaal Landschap Gelderse Poort in 2007 door de provincie Gelderland wordt hieraan voldaan. Dit is opgenomen in de Omgevingsvisie Gelderland van de Provincie (document Kernkwaliteiten Gelderse Nationale Landschappen, vastgesteld door Provinciale Staten van Gelderland op 9 juli 2014); deze regeling is goedgekeurd door de Adviescommissie Catalogus Groenblauwe Diensten en is opgenomen in het Register van alle regelingen die op grond van de Catalogus Groenblauwe Diensten is vastgesteld, waarmee de regeling onder de werking van de Catalogus Groenblauwe Diensten valt. Besluit: De subsidieverordening Groenblauwe diensten gemeente Berg en Dal 2020 vast te stellen. Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1: Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: - groenblauwe diensten: bovenwettelijke publieke prestaties gericht op realisatie van maatschappelijke wensen op terreinen als natuur, landschap, waterbeheer en recreatief medegebruik die passen binnen de Catalogus Groenblauwe Diensten; - onderhoud: maatregelen aan bestaande landschapselementen met een cyclisch beheer ten behoeve van duurzame instandhouding; - landschapselement: in het landschap voorkomende ruimtelijke eenheid, inclusief de daarbinnen eventueel aanwezige recreatieve route, die voldoet aan de eisen die zijn opgenomen in het gemeentelijk uitvoeringsprogramma (GUP) en als groenblauwe dienst voorkomt in de Catalogus Groenblauwe diensten; - gemeentelijk uitvoeringsprogramma (GUP): het door de raad vastgestelde gebiedsuitvoeringsprogramma dat als bijlage 1 bij deze verordening is opgenomen, waarin is beschreven wat de voorwaarden zijn waaraan de op grond van deze verordening te subsidiëren activiteiten moeten voldoen; - overeenkomst langlopende vergoedingstermijn: de bij de verleende subsidie behorende overeenkomst waarin de ontvanger van de subsidie en de gemeente zich voor een langlopende termijn verbinden tot het onderhoud van het (de) betreffende landschapselement(en) en het verstrekken van een vergoeding daarvoor; - erf: een al dan niet omheind stuk grond met gebouwen en onbebouwde ruimte, die samen een functionele eenheid vormen. De onbebouwde ruimten tussen en rondom de gebouwen bestaan uit de tuin en de al dan niet agrarische gebruiksruimte; - tuin: grond begroeid met sierbeplanting, inclusief de op deze grond aanwezige afscheidingen (haag, hek, muur of anderszins) die de afbakening vormen tussen deze grond en de omliggende grond; - Catalogus Groenblauwe Diensten: door de Europese Commissie goedgekeurde Nederlandse Catalogus Groenblauwe Diensten; - Landbouwsteunkader: Richtsnoeren van de Europese Unie voor staatssteun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden 2014-2020 (PbEU 2014, C 204); - grote onderneming: een onderneming waar minstens 250 personen werkzaam zijn en waarvan de jaaromzet 50 miljoen EUR of het jaarlijkse balanstotaal 43 miljoen EUR overschrijdt, zoals bepaald in artikel 2, bijlage I van Verordening (EU) nr. 702/2014. - agromilieuklimaatverbintenissen: daarbij gaat het om landbouwers die vrijwillig milieu- klimaat en natuurvriendelijke landbouwpraktijken uitoefenen. De landbouwer moet dan actieve landbouwer zijn in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Artikel 2: Reikwijdte 1.. Deze subsidieverordening is van toepassing op groenblauwe diensten op het grondgebied van de gemeente Berg en Dal die in overeenstemming met de Catalogus Groenblauwe Diensten, het gemeentelijk uitvoeringsprogramma, de vastgestelde nadere regels en beleid en de nadere uitwerkingen daarvan worden uitgevoerd. 2.. Er wordt op grond van deze verordening geen subsidie voor de aanleg van landschapselementen verstrekt. 3.. Er wordt derhalve op grond van deze verordening alleen subsidie voor het onderhoud van landschapselementen verstrekt. Deze subsidie wordt echter uitsluitend verstrekt, indien: - eerder op grond van de Subsidieverordening Groenblauwe Diensten gemeente Ubbergen 2010, de Subsidieverordening Groenblauwe diensten gemeente Groesbeek 2012 of voor de Subsidieverordening Groenblauwe Diensten Groesbeek 2015 voor het betreffende landschapselement een onderhoudssubsidie is verstrekt; - aan alle verplichtingen voortvloeiend uit de eerdere subsidieverstrekking en de daarbij gesloten overeenkomst langlopende vergoedingstermijn wordt voldaan. Paragraaf 2. Subsidie landschapselementen Groenblauwe diensten. Artikel 3: Bevoegdheid 1.. Het college kan een subsidie verstrekken in de kosten van het uitvoeren van onderhoud van landschapselementen. 2.. Een subsidie voor onderhoud wordt verleend telkens voor een periode van 6 jaar, tot maximaal een totale gesubsidieerde onderhoudsperiode van 30 jaar. De totale onderhoudsperiode van 30 jaar is niet van toepassing voor zover het agromilieuklimaatverbintenissen betreft, zoals bedoeld in type 4 (Graskruidenstrook) en type 5 (Faunastrook). Artikel 4: Rechthebbende 1.. Subsidie als bedoeld in artikel 3 kan alleen worden verleend aan landbouwers, Terreinbeherende Organisaties en particuliere grondbeheerders die actief zijn in de land- en bosbouwsector, die krachtens enig zakelijk of duurzaam persoonlijk recht langjarig beschikt over het recht tot gebruik en onderhoud van één of meerdere percelen grond waarop de betreffende landschapselementen zijn gelegen. 2.. Subsidie als bedoeld in artikel 3 kan alleen worden verleend voor landschapselementen waarvoor eerder op grond van de Subsidieverordening Groenblauwe Diensten gemeente Ubbergen 2010 of de Subsidieverordening Groenblauwe diensten gemeente Groesbeek 2012 een onderhoudssubsidie is verstrekt. 3.. Subsidie als bedoeld in artikel 3 kan alleen worden verleend indien aan alle verplichtingen voortvloeiend uit de eerdere subsidieverstrekking en de daarbij gesloten overeenkomst langlopende vergoedingstermijn is voldaan. Artikel 5: Subsidievoorwaarden Subsidie als bedoeld in artikel 3 kan alleen worden verleend: - indien de uit te voeren werkzaamheden voldoen aan de voorschriften en werkzaamheden die behoren bij specifieke beheermaatregelen uit het GUP, die op zijn beurt weer voldoet aan de Catalogus Groenblauwe Diensten. - Indien de onderneming voldoet aan de definitie zoals opgenomen in artikel 1.j dient de steunaanvraag vergezeld te gaan van een document waarin de levensvatbaarheid van het project of de activiteiten wordt aangetoond door de situatie te schetsen waarin er geen steun verleend wordt. Bij investeringssteun voor grote ondernemingen stemt het steunbedrag overeen met de netto meerkosten van de tenuitvoerlegging van de investering in het betrokken gebied, vergeleken met het contra feitelijke scenario waarin geen steun wordt verleend. De in punt (96) van het landbouwsteunkader beschreven methode wordt gehanteerd, in combinatie met een limiet in de vorm van maximale steunintensiteiten. - Als de grond waarop de activiteit plaatsvindt natuurgrond of landbouwgrond is en als zodanig is bestemd in het vigerende bestemmingsplan of omgevingsplan. Artikel 6: De aanvraag en het besluit tot subsidieverlening 1.. De subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 3 kan maximaal 3 maanden voor afloop van een subsidieperiode van 6 jaar worden ingediend met gebruikmaking van een door het college vastgesteld aanvraagformulier. 2.. De aanvraag bevat de volgende informatie en documenten: - de naam van de aanvrager - grootte van de onderneming - een beschrijving van het project of de activiteit, met vermelding van de locatie en de start- en einddatum - het benodigde bedrag om het project of de activiteit uit te voeren en de in aanmerking komende kosten. 3.. In de beschikking tot verlening van de subsidie wordt in elk geval vermeld: - het bedrag waarop de subsidie maximaal kan worden vastgesteld, indien van toepassing uitgesplitst per jaar; - de periode waarvoor subsidie wordt verstrekt; - de ligging en maatvoering (ha, m1, m2, of stuks) van het landschapselement waarvoor subsidie wordt verstrekt; 4.. De subsidie is gebaseerd op de in bijlage 1 opgenomen vergoedingen per landschapselement uit het GUP. De vergoedingen zijn in overeenstemming met de Catalogus Groenblauwe Diensten en zijn gemaximeerd op de bedragen en tarieven die golden ten tijde van de inwerkingtreding van de Subsidieverordening Groenblauwe Diensten gemeente Groesbeek 2015. 5.. Indien een subsidie die op grond van deze regeling wordt verleend, staatssteun bevat die door het landbouwsteunkader wordt gerechtvaardigd, maakt de subsidieverlener binnen zes maanden na de datum van subsidieverlening de volgende gegevens bekend: - de gegevens, bedoeld in deel I, paragraaf 3.7, onderdeel 128, onder a en b, van het landbouwsteunkader, en - de gegevens, bedoeld in deel I, paragraaf 3.7, onderdeel 128, onder c, van het landbouwsteunkader, voor zover de individuele steun meer bedraagt dan:€ 60.000 voor begunstigden die die actief zijn in de primaire landbouwproductie, of€ 500.000 voor begunstigden in de sectoren van de verwerking van landbouwproducten, de afzet van landbouwproducten, de bosbouwsector of activiteiten die buiten het toepassingsgebied van artikel 42 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vallen. 6.. In het geval dat subsidie onder de Catalogus met andere subsidie voor dezelfde in aanmerking komende kosten wordt gecumuleerd, worden de krachtens de onderhavige regeling toe te kennen bedragen zodanig beperkt dat het totale subsidiebedrag samen niet hoger is dan de werkelijk gemaakte subsidiabele kosten, het maximale subsidiebedrag uit deze regeling, de maximale steunintensiteiten of het maximale steunbedrag op grond van de toepasselijke Europese voorschriften. 7.. De aanvrager verklaart in het aanvraagformulier óf en zo ja welke andere subsidies hij voor de activiteit, waarvoor subsidie wordt aangevraagd, ontvangt en door wie die subsidies worden verstrekt. Artikel 7: Weigeringsgronden 1.. Subsidie wordt geweigerd: - indien en voor zover reeds uit anderen hoofde subsidie is verleend voor de uit te voeren activiteit; - indien en voor zover er voor het onderhoud een wettelijke verplichting bestaat; - indien het subsidieplafond is bereikt; - indien de activiteiten niet passen in het van toepassing zijnde gemeentelijk uitvoeringsprogramma (GUP); - indien het betrokken project of de betrokken activiteit al is gestart voor het indienen van de aanvraag; - de subsidieaanvrager een onderneming is die in financiële moeilijkheden verkeert, als bedoeld in de Communautaire richtsnoeren inzake staatssteun voor reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden (PbEU 2014/C 249/01); - er een uitstaand bevel tot terugvordering is ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard; - indien de subsidie wordt verstrekt voor bosbouwinvesteringen die van productieve aard zijn. 2.. Subsidie wordt niet verstrekt voor zover op de landbouwgrond of het natuurterrein nog verplichtingen rusten op grond van deze regeling of enige andere regeling op grond waarvan een subsidie is verstrekt met betrekking tot agrarisch natuurbeheer of natuurbeheer. Artikel 8: Verplichtingen subsidieontvanger 1.. De subsidieontvanger is verplicht uiterlijk 8 weken na gehele of gedeeltelijke overdracht van de bevoegdheid tot gebruik en onderhoud van het betrokken landschapselement, schriftelijk daarvan melding te doen bij de gemeente en medewerking te verlenen aan de o […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.