GeslotenProvincie · Subsidie

Kennis en Innovatie KEI 2017

Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen

Voor mkb-ondernemingen en grote ondernemingen in Drenthe, Fryslân en Groningen die kennisontwikkeling willen realiseren door medewerkers of promovendi tijdelijk in te zetten bij andere organisaties.

Ook bekend als KEI 2017, KEI 2019

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Percentage
60%
van de kosten
Budget
€ 5,9 mln
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor kennisontwikkeling in Noord-Nederland (Drenthe, Fryslân, Groningen) via detachering van medewerkers of promovendi naar andere organisaties. Subsidiepercentage 40-50% van brutoloonkosten. Totaal budget €5.850.000.

Voor wie is het bedoeld?

Voor mkb-ondernemingen en grote ondernemingen in Drenthe, Fryslân en Groningen die kennisontwikkeling willen realiseren door medewerkers of promovendi tijdelijk in te zetten bij andere organisaties.

OndernemingenKennisinstelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Medewerker detacheren naar ander bedrijf in EU voor kennisoverdracht
  • Promovendus inzetten voor onderzoeks- en innovatieprojecten
  • Technologische, organisatie- of marktinnovatie realiseren via externe plaatsing
  • Ik wil mijn medewerker naar een ander bedrijf in Europa sturen voor kennisoverdracht
  • Ik zoek subsidie voor het detacheren van hooggekwalificeerd personeel
  • Ik wil innovatie in mijn bedrijf stimuleren via kennisuitwisseling

Voorwaarden

  • Medewerker moet minimaal 12 uren per week worden ingezet
  • Plaatsing duurt minimaal 3 maanden en maximaal 24 maanden
  • Medewerker moet voorafgaand minimaal 6 maanden in loondienst zijn
  • Plaatsing bij organisatie in EU (voor detachering) of onafhankelijke organisatie (voor promovendi)
  • Kennisontwikkeling moet gericht zijn op technologische, organisatie- of marktinnovatie
  • Aanvrager moet voldoen aan de-minimisverordening (EU 1407/2013)

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een onderneming of kennisinstelling
U bent een mkb-onderneming
De definitieve beoordeling ligt bij Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen.

Openstellingen en rondes

Er is op dit moment geen open ronde.

Staatssteun en de-minimis

Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Het subsidiepercentage bedraagt 40 van de subsidiabele kosten.
Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende subsidieregeling Kennis en Innovatie KEI 2017
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Paragraaf 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Doel van de regeling Artikel 3 Aanvraagperiode Artikel 4 Doelgroep Artikel 5 Weigeringsgronden Artikel 6 Minimale subsidiabele kosten en maximale subsidie Artikel 7 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 8 Maximum subsidie per onderneming Artikel 9 Subsidieplafond Artikel 10 Voorschotten Artikel 11 Wijzigings- of intrekkingsgronden Artikel 12 Subsidievaststelling Artikel 13 Bedrag vaststelling Paragraaf 2 Gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel Artikel 14 Reikwijdte paragraaf Artikel 15 Subsidiabele activiteiten Artikel 16 Subsidiabele kosten Artikel 17 Toetsingscriteria Artikel 18 Weigeringsgronden Artikel 19 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 20 Subsidiepercentage Paragraaf 3 Plaatsen van personeel Artikel 21 Reikwijdte paragraaf Artikel 22 Subsidiabele activiteiten Artikel 23 Subsidiabele kosten Artikel 24 Toetsingscriteria Artikel 25 Weigeringsgronden Artikel 26 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 27 Subsidiepercentage Paragraaf 4 Promovendus Artikel 28 Reikwijdte paragraaf Artikel 29 Subsidiabele activiteiten Artikel 30 Subsidiabele kosten Artikel 31 Toetsingscriteria Artikel 32 Weigeringsgronden Artikel 33 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 34 Subsidiepercentage Paragraaf 5 Slotbepalingen Artikel 35 Afkondiging en inwerkingtreding Artikel 36 Citeertitel Ondertekening Toelichting KEI 2017 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR600980 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR600980/2 sluiten Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende subsidieregeling Kennis en Innovatie KEI 2017 Geldend van 01-07-2017 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2017 Intitulé Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende subsidieregeling Kennis en Innovatie KEI 2017 Gedeputeerde Staten van Groningen maken bekend dat in hun vergadering van 20 december 2016, nr. A.8, afdeling ECP, zaaknummer 665247, is vastgesteld de regeling Kennis en Innovatie 2017. Gedeputeerde Staten der provincie Groningen gelet op de ASV SNN 2016; gelet op artikel 28 van de Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU, L187); gelet op Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L352); gelet op het Operationeel Programma EFRO Noord-Nederland 2014-2020; besluiten: vast te stellen de Kennis en Innovatie 2017 als volgt: Paragraaf 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. Mkb-onderneming: kleine onderneming, middelgrote of micro onderneming in de zin van bijlage I van de algemene groepsvrijstellingsverordening; b. grote onderneming: onderneming die niet voldoet aan de vastgestelde criteria in bijlage I van de algemene groepsvrijstellingsverordening; c. kennisinstelling: een entiteit, zoals een universiteit of onderzoeksorganisatie, ongeacht haar rechtsvorm (publiek- of privaatrechtelijke organisatie) of financieringswijze, die zich in hoofdzaak bezighoudt met het verrichten van fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling en het verspreiden van de resultaten daarvan door middel van onderwijs, publicaties of technologieoverdracht. Alle winst wordt opnieuw geïnvesteerd in die activiteiten, in de verspreiding van de resultaten daarvan, of in onderwijs. Ondernemingen die invloed over een dergelijke entiteit kunnen uitoefenen door middel van bijvoorbeeld aandeelhouders of leden, genieten geen preferente toegang tot de onderzoekscapaciteit van een dergelijke entiteit of tot de resultaten van haar onderzoek. Mbo- en hbo-instellingen en roc’s vallen ook onder de bedoelde entiteit; d. Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening nr. 651/2014 van de commissie van 17 juni 2014, publicatieblad EU L187/1, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard; e. SNN: het Samenwerkingsverband Noord-Nederland; f. hooggekwalificeerd personeel: een medewerker met een afgeronde opleiding op HBO of WO niveau en ten minste 5 jaar relevante beroepservaring, waarbij de jaren die gemaakt zijn voor het behalen van een doctoraat meetellen als jaren van de relevante beroepservaring; g. topsector: Agri & Food, Chemie, Creatieve Industrie, Energie, Hightech Systemen en Materialen, Tuinbouw en Uitgangsmaterialen, Life Science & Health, Logistiek en Water zoals beschreven in het document Topsectoren te vinden op www.snn.eu; h. brutoloonkosten: de kosten berekend door het aantal aan het project bestede uren te vermenigvuldigen met een per medewerker bepaald individueel uurtarief, berekend op basis van bruto jaarloon, vermeerderd met een opslag van 32% voor werkgeverslasten, waarna over dat bedrag 15% aan overheadkosten wordt berekend en dat bedrag vervolgens door 1.720 uur op basis van een 40-urige werkweek wordt gedeeld; i. de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L352); g. technologische innovatie: een nieuwe technologie voor producten, diensten of processen van de onderneming; h. organisatie-innovatie: het vernieuwen van de werkwijze van een onderneming met de bedoeling om de organisatie te verbeteren; i. marktinnovatie: het aanboren van nieuwe markten, het introduceren van nieuwe producten op bestaande markten en het vernieuwen van de marktbenadering. Artikel 2 Doel van de regeling De subsidieregeling heeft als doel kennisontwikkeling, op het gebied van technologische innovatie, organisatie-innovatie of marktinnovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen, te stimuleren. Artikel 3 Aanvraagperiode Subsidie kan worden aangevraagd van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2017. Artikel 4 Doelgroep Subsidie wordt verstrekt aan een mkb-onderneming die op het moment van aanvragen een vestiging heeft in de provincies Drenthe, Fryslân of Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert. Artikel 5 Weigeringsgronden De subsidie wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 2.4 van de ASV SNN 2016, in ieder geval geweigerd indien: a. de kennisontwikkeling niet ten goede komt aan de aanvrager; b. ter zake van de subsidiabele kosten vóór ontvangst van de aanvraag verplichtingen zijn aangegaan of de activiteiten zijn aangevangen vóór de ontvangst van de aanvraag; c. het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling; d. het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling; e. de aanvrager een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel c, van de algemene groepsvrijstellingsverordening. Artikel 6 Minimale subsidiabele kosten en maximale subsidie 1. Het bedrag aan subsidiabele kosten dat per project minimaal vereist is bedraagt € 10.000,00. 2. De maximale subsidie per project bedraagt € 100.000,00. 3. Het bedrag van de subsidie wordt verlaagd indien de normen van de Europese Commissie daartoe nopen. Artikel 7 Verplichtingen van de subsidieontvanger Bij de subsidieverlening worden in elk geval de volgende verplichtingen opgelegd: a. de kosten van de uitvoering van het project worden op een eenduidige wijze in de administratie van de subsidieontvanger weergegeven; b. het plaatsen van een korte beschrijving van het project op de website van de aanvrager, met het embleem van de Europese Unie, en vermelding van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO); c. het plaatsen van ten minste één affiche met informatie over het project (minimaal in A3-formaat) met vermelding van de steun door de Europese Unie op een voor het publiek goed zichtbare plaats. Het format hiervoor wordt beschikbaar gesteld door het SNN; d. wijzigingen in het project worden zo spoedig mogelijk gemeld aan het SNN. Artikel 8 Maximum subsidie per onderneming Het maximum aan totaal te ontvangen subsidie op basis van deze subsidieregeling bedraagt voor één onderneming € 200.000,00. Waarbij voor de toepassing van dit artikel één onderneming alle rechtspersonen omvat die de volgende band met elkaar onderhouden: i. de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders; of ii. de meerderheid van vennoten van een andere onderneming. Artikel 9 Subsidieplafond 1. Het subsidieplafond bedraagt € 5.850.000,00. 2. Het dagelijks bestuur SNN verdeelt de in de vorige leden bedoelde bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen. 3. Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen als bedoeld in het vorige lid, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 10 Voorschotten 1. Een voorschot kan op aanvraag van de subsidieontvanger eenmaal per kwartaal worden verleend naar evenredigheid met de gemaakte en betaalde subsidiabele kosten. Het totaal aan voorschotten bedraagt ten hoogste 80% van het maximale subsidiebedrag. 2. Bij de verlening van een voorschot wordt in ieder geval de verplichting opgelegd dat als voorschot uitbetaalde bedragen onmiddellijk worden terugbetaald, indien en voor zover: a. de subsidie lager wordt vastgesteld dan het uitbetaalde voorschot; b. het verleningsbesluit wordt ingetrokken of gewijzigd. Artikel 11 Wijzigings- of intrekkingsgronden De subsidie kan onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:48 en 4:50 van de Algemene wet bestuursrecht worden ingetrokken of ten nadele van de subsidieontvanger worden gewijzigd, indien: a. de activiteiten niet worden uitgevoerd in overeenstemming met het doel of de voorschriften van deze regeling; b. de aanvrager niet de minimale subsidiabele kosten per project heeft gemaakt en betaald, die zijn vastgesteld conform artikel 6 lid 1; c. tegen de uitvoering van de activiteiten overwegende bezwaren bestaan. Artikel 12 Subsidievaststelling 1. De subsidieontvanger dient uiterlijk 4 weken na de realisatie van de activiteiten een verzoek om definitieve vaststelling van de subsidie in. 2. De subsidieontvanger dient ten minste tien jaar nadat de vaststelling van de subsidie onherroepelijk is geworden haar administratie ten aanzien van de kosten van de uitvoering van de activiteiten te bewaren en toegankelijk te houden. Artikel 13 Bedrag vaststelling Het subsidiebedrag wordt vastgesteld op basis van de subsidiabele kosten die door de subsidieontvanger zijn gemaakt en betaald ten behoeve van de subsidiabele activiteiten. Paragraaf 2 Gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel Artikel 14 Reikwijdte paragraaf De bepalingen in deze paragraaf gelden alleen voor het gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel. Artikel 15 Subsidiabele activiteiten Voor subsidie komt in aanmerking het bij de aanvrager gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel van een mkb-onderneming, grote onderneming of een kennisinstelling voor een nieuw gecreëerde functie ten behoeve van kennisontwikkeling op het gebied van technologis
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Paragraaf 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Doelgroep Artikel 3 Doel van de regeling Artikel 4 Subsidiabele activiteiten Artikel 5 Aanvraagperiode Artikel 6 Weigeringsgronden Artikel 7 Minimale subsidiabele kosten en maximale subsidie Artikel 8 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 9 Maximum subsidie per onderneming Artikel 10 Subsidieplafond Artikel 11 Voorschotten Artikel 12 Wijzigings- of intrekkingsgronden Artikel 13 Subsidievaststelling Artikel 14 Bedrag vaststelling Paragraaf 2 Gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel Artikel 15 Subsidiabele activiteiten Artikel 16 Subsidiabele kosten Artikel 17 Toetsingscriteria Artikel 18 Weigeringsgronden Artikel 19 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 20 Subsidiepercentage Paragraaf 3 Plaatsen van personeel Artikel 21 Subsidiabele activiteiten Artikel 22 Subsidiabele kosten Artikel 23 Toetsingscriteria Artikel 24 Weigeringsgronden Artikel 25 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 26 Subsidiepercentage Paragraaf 4 Promovendus Artikel 27 Subsidiabele activiteiten Artikel 28 Subsidiabele kosten Artikel 29 Toetsingscriteria Artikel 30 Weigeringsgronden Artikel 31 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 32 Subsidiepercentage Paragraaf 5 Slotbepalingen Artikel 33 Inwerkingtreding Artikel 34 Overgangsrecht Artikel 35 Citeertitel Ondertekening Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR624819 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR624819/2 sluiten Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende regels omtrent de Subsidieregeling Kennis en Innovatie 2019 (KEI 2019) Geldend van 01-01-2020 t/m heden Intitulé Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen houdende regels omtrent de Subsidieregeling Kennis en Innovatie 2019 (KEI 2019) Gedeputeerde Staten van Groningen maken bekend dat zij op 4 juni 2019, nr. A.15, afdeling ECP, dossiernummer 15836 het volgende besluit hebben genomen: Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen: Gelet op: de Algemene subsidieregeling SNN 2019; artikel 25 van Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (Algemene groepsvrijstellingsverordening; PbEU, L187/1352, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EU) 2017/1084 van de Commissie van 14 juni 2017; PbEU, L156/1); Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013, betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (de-minimisverordening; PbEU, L352); de gemeenschappelijke regeling SNN; het Operationeel Programma EFRO Noord-Nederland 2014-2020; gelet op de ASR SNN 2019; gelet op artikel 25 van verordening nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, Algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV (PbEU L187/1) gelet op Verordening (EU) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L352); gelezen de gemeenschappelijke regeling SNN; gelet op het Operationeel Programma EFRO Noord-Nederland 2014-2020; besluiten vast te stellen hetgeen volgt: Subsidieregeling Kennis en Innovatie 2019 Paragraaf 1 Algemeen Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. Mkb-onderneming: kleine onderneming, middelgrote of micro onderneming in de zin van bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; b. grote onderneming: onderneming die niet voldoet aan de vastgestelde criteria in bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening; c. kennisinstelling: een entiteit, zoals een universiteit of onderzoeksorganisatie, ongeacht haar rechtsvorm (publiek- of privaatrechtelijke organisatie) of financieringswijze, die zich in hoofdzaak bezighoudt met het verrichten van fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling en het verspreiden van de resultaten daarvan door middel van onderwijs, publicaties of technologieoverdracht. Alle winst wordt opnieuw geïnvesteerd in die activiteiten, in de verspreiding van de resultaten daarvan, of in onderwijs. Ondernemingen die invloed over een dergelijke entiteit kunnen uitoefenen door middel van bijvoorbeeld aandeelhouders of leden, genieten geen preferente toegang tot de onderzoekscapaciteit van een dergelijke entiteit of tot de resultaten van haar onderzoek. Mbo- en hbo-instellingen en roc’s vallen ook onder de bedoelde entiteit; d. Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening nr. 651/2014 van de commissie van 17 juni 2014, publicatieblad EU L187/1, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard; e. SNN: het Samenwerkingsverband Noord-Nederland; f. hooggekwalificeerd personeel: een medewerker met een afgeronde opleiding op HBO of WO niveau en ten minste 5 jaar relevante beroepservaring, waarbij de jaren die gemaakt zijn voor het behalen van een doctoraat meetellen als jaren van de relevante beroepservaring; g. brutoloonkosten: de kosten berekend door het aantal aan het project bestede uren te vermenigvuldigen met een per medewerker bepaald individueel uurtarief, berekend op basis van bruto jaarloon, vermeerderd met een opslag van 32% voor werkgeverslasten, waarna over dat bedrag 15% aan overheadkosten wordt berekend en dat bedrag vervolgens door 1.720 uur op basis van een 40-urige werkweek wordt gedeeld; h. kennisontwikkeling: opdoen en borgen van nieuwe kennis in de organisatie; i. de-minimisverordening: Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L352); j. technologische innovatie: een nieuwe technologie voor producten, diensten of processen van de onderneming; k. organisatie-innovatie: het vernieuwen van de werkwijze van een onderneming met de bedoeling om de organisatie te verbeteren; l. marktinnovatie: het aanboren van nieuwe markten, het introduceren van nieuwe producten op bestaande markten en het vernieuwen van de marktbenadering; m. ASR SNN 2019: Algemene subsidieregeling SNN 2019. Artikel 2 Doelgroep Subsidie wordt verstrekt aan een mkb-onderneming die op het moment van aanvragen een vestiging heeft in de provincies Drenthe, Fryslân of Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert. Artikel 3 Doel van de regeling De subsidieregeling heeft als doel kennisontwikkeling op het gebied van technologische innovatie, organisatie-innovatie of marktinnovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen, te stimuleren. Artikel 4 Subsidiabele activiteiten Subsidie kan worden verstrekt voor: - Gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel (paragraaf 2); - Plaatsen van personeel (paragraaf 3); - Het tijdelijk in dienst of gedetacheerd hebben van een promovendus (paragraaf 4). Artikel 5 Aanvraagperiode Subsidie kan worden aangevraagd van 11 juni 2019 tot en met 30 september 2020. Artikel 6 Weigeringsgronden De subsidie wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 2.3 van de ASR SNN 2019 en artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, in ieder geval geweigerd indien: a. de kennisontwikkeling niet ten goede komt aan de aanvrager; b. ter zake van de subsidiabele kosten vóór ontvangst van de aanvraag verplichtingen zijn aangegaan of de activiteiten zijn aangevangen vóór de ontvangst van de aanvraag; c. het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling; d. het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling; e. de aanvrager een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel c, van de algemene groepsvrijstellingsverordening. Artikel 7 Minimale subsidiabele kosten en maximale subsidie 1. Het bedrag aan subsidiabele kosten dat per project minimaal vereist is bedraagt € 10.000,00. 2. De maximale subsidie voor een project betreffende het gedetacheerd hebben van hooggekwalificeerd personeel, zoals bedoeld in paragraaf 2 van deze regeling, of plaatsen van personeel, zoals bedoeld in paragraaf 3 van deze regeling, bedraagt € 100.000,00. 3. De maximale subsidie voor een project betreffende een promovendus, zoals bedoeld in paragraaf 4 van deze regeling, bedraagt € 200.000,00. 4. Het bedrag van de subsidie wordt verlaagd indien de normen van de Europese Commissie daartoe nopen. Artikel 8 Verplichtingen van de subsidieontvanger Bij de subsidieverlening worden in elk geval de volgende verplichtingen opgelegd: a. de kosten van de uitvoering van het project worden op een eenduidige wijze in de administratie van de subsidieontvanger weergegeven; b. het plaatsen van een korte beschrijving van het project op de website van de aanvrager, met het embleem van de Europese Unie, en vermelding van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO); c. het plaatsen van ten minste één affiche met informatie over het project (minimaal in A3-formaat) met vermelding van de steun door de Europese Unie op een voor het publiek goed zichtbare plaats. Het format hiervoor wordt beschikbaar gesteld door het SNN; d. wijzigingen in het project worden zo spoedig mogelijk gemeld aan het SNN. Artikel 9 Maximum subsidie per onderneming Het maximum aan totaal te ontvangen subsidie op basis van deze subsidieregeling bedraagt voor één onderneming € 200.000,00. Meerdere rechtspersonen kunnen in dit verband als één onderneming worden gezien. Voor het begrip onderneming wordt gekeken hoe de onderneming economisch opereert. Indien meerdere rechtspersonen nauw met elkaar verweven zijn, worden deze gezien als één onderneming. Daarbij kan gedacht worden aan het opereren op dezelfde of aanverwante economische markt en het hebben van stemrechten dan wel aandelen in elkaar. Artikel 10 Subsidieplafond 1. Het subsidieplafond bedraagt € 4.500.000,00. 2. Het dagelijks bestuur SNN verdeelt het in het vorige lid bedoelde bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen. 3. Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen als bedoeld in het vorige lid, die op dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 11 Voorschotten 1. Binnen drie weken na de verleningsbeschikking worden subsidies voor 40% van het verleende subsidiebedrag bevoorschot. Een tweede voorschot van maximaal 40% kan op aanvraag van de subsidieontvanger eenmaal worden verleend naar evenredigheid van de gemaakte en betaalde subsidiabele kosten. 2. Bij de verlening van een voorschot wordt in ieder geval de verplichting opgelegd dat als voorschot uitbetaalde bedragen onmiddellijk worden terugbetaald, indien en voor zover: a. de subsidie lager wordt vastgesteld dan het uitbetaalde voorschot; b. het verleningsbesluit wordt ingetrokken of gewijzigd. Artikel 12 Wijzigings- of intrekkingsgronden De subsidie kan onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:48 en 4:50 van de Algemene wet bestuursrecht worden inge
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.