Subsidieregeling gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid gemeente Halderberge
Gemeente Halderberge
Voor aanbieders van peuteropvang met VE, schoolbesturen en scholen voor primair onderwijs die nieuwkomersonderwijs uitvoeren, kindcentra en lokale organisaties in gemeente Halderberge die activiteiten uitvoeren gericht op voorkoming en vermindering van onderwijsachterstand.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling van gemeente Halderberge ter bevordering van peuteropvang en voorschoolse educatie (VE) voor doelgroeppeuters en ter voorkoming/vermindering van onderwijsachterstand bij kinderen van 2 tot 12 jaar. Maximale subsidiebedragen per aanvrager: € 15.000 (scholen nieuwkomersonderwijs), € 3.000 (kindcentra) en € 30.000 (lokale organisaties). Totaal subsidieplafond € 75.000.
Voor wie is het bedoeld?
Voor aanbieders van peuteropvang met VE, schoolbesturen en scholen voor primair onderwijs die nieuwkomersonderwijs uitvoeren, kindcentra en lokale organisaties in gemeente Halderberge die activiteiten uitvoeren gericht op voorkoming en vermindering van onderwijsachterstand.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor peuteropvang met voorschoolse educatie
- Financiering van nieuwkomersonderwijs op basisscholen
- Ondersteuning van activiteiten tegen onderwijsachterstand bij jonge kinderen
Voorwaarden
- Aanbieders van peuteropvang moeten geregistreerd zijn in het LRK als VVE-locatie
- Aanvragen voor doelstelling artikel 2 lid 1 moeten uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het subsidiejaar worden ingediend
- Volledige en naar waarheid ingevulde aanvraagformulieren zijn verplicht
- Voor artikel 2 lid 2 activiteiten: minimaal 70 punten op beoordelingscriteria
- Vaststelling moet uiterlijk 1 april van het jaar volgend op het subsidiejaar worden ingediend
- Bij subsidiering > € 50.000 is een controleverklaring van onafhankelijk accountant verplicht
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
Er is op dit moment geen open ronde.
Bronnen en actualiteit
“voor aanvragen gedaan door lokale organisaties, anders dan kinderopvangorganisaties, schoolbesturen en scholen bedraagt het maximaal te subsidiëren bedrag per aanvraag € 30.000”
Toon brontekst
Subsidieregeling gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid gemeente Halderberge Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge, overwegende dat het gemeentebestuur deelname aan peuteropvang en voorschoolse educatie(VE) wil bevorderen en (taal)achterstand dan wel een risico op (taal)achterstand wil voorkomen en/of verminderen door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen; gelet op de Algemene Subsidieverordening gemeente Halderberge; besluit vast te stellen Subsidieregeling gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid gemeente Halderberge Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: Aanbieder | De aanbieder van peuteropvang op locatie(s) die zijn geregistreerd in het LRK als VVE locatie Aanvrager | a. schoolbestuur en scholen voor primair onderwijs gesitueerd in gemeente Halderberge die uitvoering geeft aan nieuwkomersonderwijsb. kindcentra (kinderopvang en school gezamenlijk) gesitueerd in gemeente Halderberge c. lokale organisaties, anders dan kinderopvangorganisaties, schoolbesturen en scholen College | Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge CB | Consultatiebureau Doelgroeppeuter | Een bij de gemeente ingeschreven peuter in de leeftijd van 2 jaar tot de start op de basisschool die op indicatie van CB, vanwege (het risico op) een onderwijsachterstand, in aanmerking komt voor een VE-peuterplaats Gemeente | Gemeente Halderberge Gemeentelijke overlegstructuur | BOOH: 2 keer per jaar GOAB-werkgroep: 5 keer per jaarAmbtelijk overleg per aanbieder: minimaal 1 keer per jaar Inkomensverklaring | Een recente officiële verklaring (voorheen IB60) van de Belastingdienst met daarop de inkomensgegevens van de ouders in een bepaald belastingjaar Kinderopvangtoeslag | Tegemoetkoming voor ouders in de kosten van kinderopvang, uitbetaald via de belastingdienst Landelijk max uurtarief | Maximum uurtarief dat het ministerie van SZW hanteert voor de kinderopvangtoeslag voor de hele dagopvang Subsidiaal uurtarief | Landelijk uurtarief plus de VVE opslag per uur LRK | Landelijk Register Kinderopvang, het register waarin kinderopvanglocaties zijn opgenomen die door de GGD en de gemeente zijn gecontroleerd op de landelijke kwaliteitseisen. Ouder | De bloed- of aanverwant in opgaande lijn of pleegouder/verzorger van de doelgroeppeuter Ouderbijdrage | De inkomensafhankelijke bijdrage die ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag betalen aan de aanbieder Overdrachtsformulier | Het formulier dat gebruikt wordt door de aanbieder om informatie over de doelgroeppeuter, die is opgenomen in het kindvolgsysteem, over te dragen aan de basisschool Peuter | Bij de gemeente ingeschreven kind in de leeftijd van 2 jaar tot de start op de basisschool Peuteropvang | Kinderopvang voor kinderen vanaf de leeftijd van 2 jaar oud tot de start op het basisonderwijs met een aanbod van maximaal 4 uur per dagdeel gedurende 40 weken per jaar met een aanbod van VE Reguliere peuterplaats | Plaats in de VE peuteropvang van twee dagdelen per week en maximaal één dagdeel per dag VE | Voorschoolse Educatie. Aanbod van een VE-programma met als doel om doelgroeppeuters beter voor te bereiden op de basisschool en onderwijsachterstanden zoveel mogelijk te voorkomen en in te lopen VE-opslag | een aanvullende subsidie per doelgroeppeuter vanaf 2,5 jaar op een VE-peuterplaats voor de meerkosten van het VE-aanbod VE- peuterplaats | Plaats voor een doelgroeppeuter in de peuteropvang met VE VE- programma | Een voorschools programma waarin op een gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling wordt gestimuleerd van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek en sociaal emotionele vaardigheden Artikel 2. Doel De subsidie heeft als doel: 1. deelname aan de peuteropvang te stimuleren en voldoende aanbod van VE te realiseren. Hiermee worden peuters goed voorbereid op de start in het basisonderwijs. 2.(taal)achterstand dan wel een risico op (taal)achterstand bij kinderen van 2 tot 12 jaar te voorkomen en/of verminderen. Artikel 3. Voorwaarden aan de aanvrager 1. Subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 1 wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders die: a. het aanbod in het LRK hebben geregistreerd als kinderdagverblijf binnen de gemeente en daarmee voldoen aan de landelijk geldende wet- en regelgeving voor de kinderopvang; b. het aanbod waarvoor subsidie voor doelgroeppeuters wordt ontvangen met een VE-aanbod hebben geregistreerd in het LRK als kinderdagverblijf met VE binnen de gemeente en daarmee voldoen aan de landelijk geldende wet- en regelgeving voor VE; c. binnen de peuteropvang werken met een kindvolgsysteem; d. ervoor zorgen dat ouders worden gestimuleerd om hun doelgroeppeuter 16 uren per week gebruik te laten maken van de peuteropvang vanaf de leeftijd van 2 jaar; e. voorrang geven aan doelgroeppeuters bij de plaatsing van peuters op beschikbaar gekomen peuterplaatsen; f. peuters die woonachtig zijn in de gemeente voorrang geven bij plaatsing op beschikbaar gekomen peuterplaatsen; g. samenwerken met het basisonderwijs zodat een doorgaande (leer)lijn ontstaat; h. zorgen voor een ‘warme’ overdracht van doelgroeppeuters aan het basisonderwijs, door middel van het overdrachtsformulier en een overdrachtsgesprek tussen aanbieder, basisschool en ouders; i. ouders betrekken en ondersteunen bij het stimuleren van de ontwikkeling van hun kinderen in de thuissituatie; j. samenwerken met de GGD van de gemeente; k. meewerken aan het verder ontwikkelen en verbeteren van het aanbod peuteropvang, VE en eventueel aanverwante onderwerpen; l. aangesloten zijn bij en deelnemen aan de gemeentelijke overlegstructuur; m. op verzoek informatie verschaffen aan de gemeente, de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van Onderwijs of aan andere door de gemeente aangewezen instanties; n. geen bestuursrechtelijke handhavingsprocedure hebben lopen voor het kinderopvangaanbod in de gemeente. o. minimaal voldoende scoren op de tweejaarlijkse kwaliteitscontrole uitgevoerd door de GGD. 2. Subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 2 wordt uitsluitend verstrekt aan aanvragers die: a. in staat is vanaf de start van de subsidie aangevraagde activiteiten uit te voeren. b. in staat is inzicht te geven in de meetbare effecten van de uitgevoerde activiteiten. c. gekwalificeerd personeel in dienst heeft met kennis en kunde ten aanzien van de activiteiten en de doelgroep d. activiteiten die passend zijn binnen het onderwijsachterstandenbeleid. Artikel 4. Subsidiabele kosten 1. De hoogte van subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 1 wordt bepaald door het aantal (doelgroep)peuters en het aantal uren dat deze peuters gebruik maken van de peuteropvang: a. per doelgroeppeuter op een VE-peuterplaats van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag: ontvangt de aanbieder subsidie voor maximaal 16 uren per week gedurende 40 weken per jaar maal het landelijk maximum uurtarief plus de VVE opslag per uur minus de gefactureerde ouderbijdrage over 8 uren per week en 40 weken per jaar. b. per doelgroeppeuter op een VE-peuterplaats van ouders met recht op kinderopvangtoeslag: ouders nemen ten minste 8 uren per week gedurende 40 weken per jaar af, waarover zij kinderopvangtoeslag kunnen aanvragen: aanvullend ontvangt de aanbieder subsidie voor maximaal 8 uren per week gedurende 40 weken per jaar maal het landelijk maximum uurtarief plus voor maximaal 16 uur per week de VVE opslag per uur. c. per peuter op een reguliere peuterplaats van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag: ontvangt de aanbieder subsidie voor maximaal 8 uren per week gedurende 40 weken per jaar maal het landelijk maximum uurtarief plus de VVE opslag per uur minus de gefactureerde ouderbijdrage over deze uren. d. per peuter op een reguliere peuterplaats van ouders met recht op kinderopvangtoeslag: ontvangt de aanbieder subsidie voor maximaal 8 uren per week gedurende 40 weken de VVE opslag per uur. e. per doelgroeppeuter op een VE-peuterplaats op 1 januari van het subsidiejaar: een aanvullende subsidie voor de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker VE voor netto 10 uren per jaar. Deze inzet wordt gerealiseerd in werkelijk ingezette uren en niet in contracturen. Dit betekent dat rekening wordt gehouden met afwezigheid door vakantie-, verlof- en feestdagen. f. De subsidietarieven en -bedragen worden jaarlijks opnieuw vastgesteld door het college. g. De aanbieder int zelf de ouderbijdragen en is verantwoordelijk voor het risico van niet-betalers. 2. De maximale hoogte van subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 2 is: a. voor aanvragen gedaan door schoolbestuur en scholen voor primair onderwijs gesitueerd in gemeente Halderberge die uitvoering geeft aan nieuwkomersonderwijs bedraagt het maximaal te subsidiëren bedrag per aanvraag € 15.000; b. voor aanvragen gedaan door kindcentra (kinderopvang en school gezamenlijk) gesitueerd in gemeente Halderberge bedraagt het maximaal te subsidiëren bedrag per aanvraag € 3.000; c. voor aanvragen gedaan door lokale organisaties, anders dan kinderopvangorganisaties, schoolbesturen en scholen bedraagt het maximaal te subsidiëren bedrag per aanvraag € 30.000; Artikel 5 Subsidieplafond 1. Het subsidieplafond voor de activiteiten die worden benoemd in artikel 4 lid 2 van deze regeling bedraagt in totaal € 75.000,-. De volgende deelplafonds zijn hierbij van toepassing: a. het subsidieplafond voor de aanvragen gedaan door schoolbestuur en scholen voor primair en voortgezet onderwijs gesitueerd in gemeente Halderberge die uitvoering geeft aan nieuwkomersonderwijs bedraagt maximaal € 15.000; b. het subsidieplafond voor de aanvragen gedaan door kindcentra (kinderopvang en school gezamenlijk) gesitueerd in gemeente Halderberge bedraagt maximaal € 30.000; c. het subsidieplafond voor de aanvragen gedaan door lokale organisaties, anders dan kinderopvangorganisaties, schoolbesturen en scholen bedraagt maximaal € 30.000; 2. Als na afloop van de aanvraagtermijn blijkt dat één van de hiervoor genoemde deelplafonds niet volledig is benut, dan kan het college besluiten om gelden van een niet benut plafond toe te voegen aan een ander plafond van deze regeling. Artikel 6. Aanvraag subsidie 1. Voor subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 1 gelden de volgende aanvraag criteria: a. De aanvraag dient uiterlijk te zijn ontvangen op 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. b. De aanbieder maakt voor het aanvragen van subsidie gebruik van het hiervoor bestemde aanvraagformulier. c. De aanvraag dient te worden gedaan op basis van een reële inschatting van het aantal (doelgroep)peuters en de te factureren ouderbijdragen. d. Voor de berekening van de aangevraagde subsidie wordt gebruikgemaakt van een door de gemeente vastgesteld format. 2. Voor subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 2 geldt het volgende aanvraag criterium: a. De aanbieder maakt voor het aanvragen van subsidie gebruik van het hiervoor bestemde aanvraagformulier. 3. alleen volledige aanvragen worden in behandeling genomen. Een aanvraag voor subsidieverlening is volledig indien: - de subsidie aanvrager gebruik heeft gemaakt van de in artikel 6 lid 1 sub b en lid 2 sub a bedoelde aanvraagformulieren. - de aanvraagformulieren volledig en naar waarheid zijn ingevuld. Artikel 7 Beoordeling subsidieaanvraag voor subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 2 1. Tijdige en volledige subsidieaanvragen worden inhoudelijk, per activiteit, beoordeeld aan de hand van de volgende criteria: a. de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het voorkomen en/of verminderen van (taal)achterstand dan wel een risico op (taal)achterstand bij kinderen van 2 tot 12 jaar. (maximaal 25) b. de mate waarin de doelgroep bereikt wordt. (maximaal 25) c. de mate waarop het effect van de activiteiten wordt gemeten.(maximaal 25) […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.