Status onbekendFonds · SamenTwente · Subsidie

Subsidieregeling Jeugdbescherming Jeugdreclassering 2024

Gemeenschappelijke Regeling SamenTwente

Voor gecertificeerde organisaties die jeugdbescherming en jeugdreclassering uitvoeren in de regio SamenTwente. Het geld financiert maatregelen zoals toezicht op minderjarigen, voogdij en reclasseringsprogramma's.

Ook bekend als Subsidieregeling JB JR 2024, SamenTwente

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor gecertificeerde instellingen die jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringsmaatregelen uitvoeren onder de Gemeenschappelijke Regeling SamenTwente. De regeling financiert activiteiten zoals ondertoezichtstelling, voogdij en jeugdreclassering voor minderjarigen in de deelnemende gemeenten.

Voor wie is het bedoeld?

Voor gecertificeerde organisaties die jeugdbescherming en jeugdreclassering uitvoeren in de regio SamenTwente. Het geld financiert maatregelen zoals toezicht op minderjarigen, voogdij en reclasseringsprogramma's.

Gecertificeerde_instelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Financiering van jeugdbeschermingsmaatregelen (ondertoezichtstelling, voogdij)
  • Financiering van jeugdreclasseringsactiviteiten
  • Subsidie voor gecertificeerde instellingen in SamenTwente-regio
  • subsidie jeugdbescherming SamenTwente
  • financiering jeugdreclassering maatregelen
  • geld ondertoezichtstelling minderjarigen
  • subsidie voogdijwerk gecertificeerde instellingen
  • jeugdreclassering projecten Twente

Voorwaarden

  • Instelling moet gecertificeerd zijn volgens het Certificatieschema voor toetsing van het kwaliteitsmanagementsysteem van uitvoerende organisaties voor Jeugdbescherming en Jeugdreclassering versie 2.0
  • Instelling moet voldoen aan het KKPB (kwaliteitskader en prestatiebeschrijvingen)
  • Instelling moet een exitplan hebben voor geval van beëindiging van gesubsidieerde activiteiten
  • Instelling moet beschikbaarheidsfunctie en buffervermogen handhaven

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent actief in SamenTwente
Regionale regeling.
U bent een gecertificeerde_instelling
U vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist een consortium of meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeenschappelijke Regeling SamenTwente.

Openstellingen en rondes

Ronde 2024Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Jeugdbescherming Jeugdreclassering 2024
    Het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling SamenTwente,
    gelet op artikel 3 Algemene subsidieverordening Samen Twente,
    besluit vast te stellen de volgende subsidieregeling Jeugdbescherming Jeugdreclassering:
    
    Hoofdstuk 1 Algemeen
    
    Artikel 1. Begripsbepalingen
    1..
    In deze subsidieregeling en de daarop berustende bepalingen hebben de in de Jeugdwet omschreven begrippen dezelfde betekenis als daaraan in die wet wordt gegeven.
    2..
    In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
    - Dagelijks Bestuur: Dagelijks Bestuur van SamenTwente;
    - exitplan: plan waarin de gecertificeerde instelling uiteenzet op welke wijze zij zich in het geval van een volledige of gedeeltelijke beëindiging van gesubsidieerde activiteiten in zal spannen ten behoeve van:het kunnen blijven uitvoeren van deze activiteiten totdat de uitvoering kan worden overgedragen aan een gecertificeerde instelling die ná haar in opdracht van het dagelijks bestuur deze activiteiten zal uitvoeren;het faciliteren van de overdracht van alle met betrekking tot de uitvoering van deze activiteiten te verrichten werkzaamheden, inclusief het leveren van alle voor de bevordering van de zorgcontinuïteit benodigde administratieve ondersteuning;de overname van het betrokken personeel door een gecertificeerde instelling die ná haar in opdracht van het dagelijks bestuur deze activiteiten zal uitvoeren;het zo veel mogelijk voortzetten van bestaande hulpverleningsrelaties tussen jeugdhulpverleners of medewerkers van de gecertificeerde instelling en jeugdigen of hun ouders.
    - normenkader: normenkader ten behoeve van certificering van uitvoerende organisaties voor Jeugdbescherming en Jeugdreclassering opgenomen in het Certificatieschema voor toetsing van het kwaliteitsmanagementsysteem van uitvoerende organisaties voor Jeugdbescherming en Jeugdreclassering versie 2.0;
    - Regiogemeenten: de aan SamenTwente deelnemende gemeenten;
    - SamenTwente: Gemeenschappelijke Regeling SamenTwente.
    - Beschikbaarheidsfunctie: het beschikbaar hebben van voldoende capaciteit van een GI aan mensen en middelen om aan de wettelijke termijnen te voldoen bij een nieuwe aanmelding.
    - Buffer of buffervermogen: het vrij beschikbare vermogen van een GI, bijvoorbeeld in de vorm van een algemene of overige reserve, of een (niet gebonden) egalisatiereserve, om tegenvallers op te vangen.
    - KKPB: kwaliteitskader en de prestatiebeschrijvingen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering, zoals beschreven in de rapporten van Significant Public van januari 2023.
    - Pupilkosten: door derden aan de GI doorbelaste kosten voor cliënten, en ook eigen kosten van de GI in verband met de administratie daarvan.
    - Workload: het gemiddeld aantal wettelijke maatregelen op organisatieniveau (GI) dat een jeugdbeschermer, jeugdreclasseringsmedewerker of andere medewerker, die taken uit het KKPB uitvoert, per jaar uitvoert, als maatstaf voor diens werkdruk.
    
    Hoofdstuk 2 Maatregelen kinderbescherming en jeugdreclassering
    
    Artikel 2. Subsidiabele activiteiten
    1..
    Subsidie kan worden verstrekt voor de activiteiten die zijn opgenomen in bijlage 1 bij deze subsidieregeling ten behoeve van de jeugdigen die hun woonplaats conform het woonplaatsbeginsel als bedoeld in de Jeugdwet in een van de regiogemeenten hebben, voor zover deze op grond van de Jeugdwet verplicht door een gecertificeerde instelling moeten worden uitgevoerd.
    2..
    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor zover het maatregelen betreft die zijn opgelegd na inwerkingtreding van deze subsidieregeling of waarvan de uitvoering na inwerkingtreding van deze subsidieregeling is overgenomen van een andere gecertificeerde instelling.
    3..
    In afwijking van het tweede lid kan aan een gecertificeerde instelling die direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze subsidieregeling in opdracht van het dagelijks bestuur activiteiten als bedoeld in het eerste lid uitvoerde, subsidie worden verstrekt voor het uitvoeren van activiteiten die zijn opgelegd of waarmee is aangevangen voor inwerkingtreding van deze subsidieregeling.
    
    Artikel 3. Subsidieontvanger
    Subsidie wordt uitsluitend verleend aan gecertificeerde instellingen.
    
    Artikel 4. Maximaal aantal subsidieontvangers
    Maximaal 3 gecertificeerde instellingen kunnen een subsidie ontvangen.
    
    Artikel 5. Subsidietijdvak
    1..
    Subsidie wordt verleend voor een tijdvak van maximaal zes kalenderjaren, ingaande per 1 januari 2023.
    2..
    Subsidie wordt bij beschikking verleend voor vier kalenderjaren. Indien de subsidieontvanger aanspraak wenst te blijven maken op de subsidie, kan de subsidieontvanger een aanvraag tot verlenging met twee kalenderjaren indienen, uiterlijk op 1 juli voor het verstrijken van de termijn van vier kalenderjaren.
    3..
    Verlenging van de subsidieverlening wordt alleen dan geweigerd als het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming daartoe aanleiding geeft en subsidiëring op grond van deze regeling geen mogelijkheid biedt om voldoende inhoud te geven aan dit toekomstscenario.
    
    Artikel 6. Hoogte subsidie
    1..
    De subsidie wordt berekend aan de hand van het tarief per activiteit als vermeld in bijlage 1.
    2..
    Het tarief wordt voor de jaren na 2024 eenmaal per jaar geïndexeerd volgens een vaste methodiek.
    3..
    Wanneer er een nieuw kostenonderzoek plaatsvindt wordt de kostprijs volgend uit dat onderzoek gebruikt als uitgangspunt voor indexering, naar analogie van lid 3.
    4..
    De basis voor indexering is de gemiddelde kostprijs inclusief eventuele bijstellingen op de kostprijs.
    5..
    Als index wordt uitgegaan van de OVA-index voor 90% van het tarief voor personele kosten en van de PPC-index voor 10% van het tarief, voor materiële kosten.
    6..
    Bij het indexeren wordt aangesloten op de systematiek die is afgesproken in de contractstandaarden Jeugd.
    7..
    Er vindt voorlopige en definitieve indexering plaats. Dagelijks Bestuur en GI verwerken beide indexeringsmomenten in hun afspraken over het tarief. Het tarief voor jaar t+1 wordt vastgesteld op basis van de voorlopige indexering voor dat jaar. Het effect van de definitieve indexering van jaar t wordt eveneens verwerkt in het tarief van t+1.
    8..
    De onderhoudsorganisatie publiceert de tarieven voor het komende jaar uiterlijk op 1 oktober.
    
    Artikel 7. Indieningstermijn aanvraag subsidieverlening
    1..
    Aanvragen om subsidieverlening kunnen worden ingediend in de periode van 7 november tot en met 20 november van het jaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
    2..
    Aanvragen die voor 15 november zijn ontvangen, worden beoordeeld op volledigheid. In geval van onvolledigheid krijgen de aanvragers gelegenheid de aanvraag alsnog aan te vullen tot en met uiterlijk 20 november.
    3..
    Aanvragen of aanvullingen van aanvragen die na 20 november worden ontvangen, worden geweigerd.
    
    Artikel 8. Indieningsvereisten
    1..
    Een aanvraag bevat de daarin gevraagde gegevens en bescheiden, waaronder in ieder geval:
    - een activiteitenplan waarin een heldere, duidelijke en relevante beschrijving is opgenomen van de activiteiten en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de genoemde doelstellingen voor de periode van 4 jaar. Het volgende dient te worden beschreven:de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;de wijze waarop aanvrager aansluit bij de in de regiogemeenten gebruikelijke werkwijzen en methoden met betrekking tot de toeleiding naar, advisering over, bepaling van en het inzetten van jeugdhulp;de wijze waarop de subsidieaanvrager bijdraagt aan de volgende doelstellingen:Gezinnen/jeugdigen worden ondersteund bij het realiseren van een veilige omgeving;De ondersteuning vindt plaats in en sluit aan op de eigen leefomgeving;Bij jeugdbescherming is een deel van de ondersteuning individueel, waar nodig en mogelijk is de ondersteuning gezinsgericht en wordt er gewerkt volgens het principe 1 gezin, 1 plan;De uithuisplaatsing van jeugdigen wordt zoveel mogelijk voorkomen, indien uithuisplaatsing noodzakelijk is, geschiedt dit in een duurzame setting;Het ondersteunen en vergroten van de samenwerking tussen de gemeentelijke toegang en andere verwijzers bij het inzetten van (specialistische) jeugdhulp;Het nastreven van een doorgaande zorglijn;De verkorting van de duur van de maatregelen (zo lang als nodig, zo kort als mogelijk).
    - een sluitende begroting met een toelichting waarin de aanvrager inzicht geeft in de integrale kostprijs per uur per activiteit en de eventuele risico-opslag van maximaal 2% van de brutosalarislasten vermeerderd met werkgeverslasten van het directe en indirect cliëntgebonden personeel, welke in de kostprijs is verdisconteerd; eventueel toe te voegen aan het buffervermogen als bedoeld in artikel 9;
    - een exitplan.
    2..
    Het eerste lid is niet van toepassing op een aanvraag voor eenmalige verlenging als bedoeld in artikel 5 lid 2. Voor een aanvraag ziend op de eenmalige verlenging volstaat een kennisgeving dat subsidieontvanger hierop aanspraak wenst te maken.
    
    Artikel 9. Buffervermogen
    1..
    Als maximumniveau van het buffervermogen van een GI wordt in principe beschouwd een bedrag ter grootte van 10% van de gemiddelde totale jaaromzet gedurende de drie meest recente boekjaren.
    2..
    Partijen die deze subsidieregeling gebruiken maken afspraken over de risico’s waarvoor de buffer kan worden aangesproken door de GI.
    3..
    De GI voegt exploitatieoverschotten toe aan het buffervermogen.
    4..
    Zolang het buffervermogen niet op het niveau is van 10%, of een lager percentage, dan afgesproken, geldt een opslag van 2% op de kostprijs die volgt uit artikel 8. Deze opslag gebruikt de GI om het buffervermogen aan te vullen.
    5..
    Op basis van de jaarrekening wordt vastgesteld of het buffervermogen voldoet aan de afgesproken norm, tenzij Dagelijks Bestuur en GI voor deze vaststelling een andere methode afspreken.
    6..
    Indien het buffervermogen het niveau van 10% of meer heeft bereikt, kan een risico-opslag zoals bedoeld in artikel 8 lid 1 sub b niet worden opgevoerd.
    
    Artikel 10. Beslistermijn
    Het dagelijks bestuur beslist uiterlijk 15 december van het jaar voorafgaand aan het subsidietijdvak op de aanvragen.
    
    Artikel 11. Overige voorwaarden voor subsidie
    Subsidie wordt uitsluitend verleend wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
    - de aanvraag heeft betrekking op de uitvoering van alle subsidiabele activiteiten in alle regiogemeenten ten behoeve van alle cliënten behorend tot de doelgroep jeugdbescherming en jeugdreclassering;
    - de subsidieontvanger beschikt gedurende het subsidietijdvak over het kwalitatief en kwantitatief benodigde personeel en materieel voor de naar verwachting door hem uit te voeren subsidiabele activiteiten;
    - de aanvrager voldoet aan het normenkader ten behoeve van de certificering van uitvoering voor jeugdbescherming en jeugdreclassering;
    - de aanvrager is bekend met de lokale zorgstructuur in de regiogemeenten;
    - de locaties van waaruit de activiteiten worden uitgevoerd, zijn gelegen in een of meer regiogemeenten.
    
    Artikel 12. Intrekkingsgronden
    Een subsidie kan worden ingetrokken wanneer:
    - het aan de subsidieontvanger afgegeven certificaat als bedoeld in artikel 3.4 van de Jeugdwet niet wordt verlengd, wordt geschorst of wordt ingetrokken;
    - naar het oordeel van het dagelijks bestuur aannemelijk is dat niet meer wordt voldaan of niet meer zal worden voldaan aan de voorwaarden als genoemd in artikel 10;
    - de subsidieontvanger niet voldoet aan de verplichtingen die voor hem voortvloeien uit of krachtens de Jeugdwet.
    
    Artikel 13. Rangschikking aanvragen
    1..
    Wanneer het dagelijks bestuur meer dan drie aanvragen ontvangt, rangschikt het dagelijks bestuur de aanvragen die voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een subsidie op basis van de beoordelingscriteria, zoals vermeld in artikel 13.
    2..
    Een aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate deze naar het oordeel van het dagelijks bestuur beter voldoet aan de beoordelingscriteria.
    3..
    De subsidie wordt op volgorde van de rangschikking verleend tot een maximum van drie subsidies.
    4..
    Het mak
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.