Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse educatie gemeente Bergen (L)

Gemeente Bergen (L)

Voor kindercentra (aanbieders) in Bergen (L) die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar, met bijzondere aandacht voor doelgroeppeuters met een VVE-indicatie.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor kindercentra in Bergen (L) die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden. Gericht op kinderen van 2 tot 4 jaar, met extra ondersteuning voor doelgroeppeuters (2,5-4 jaar) met VVE-indicatie. Financiering via kindgebonden systeem met uurtarieven van €11,23 (reguliere peuteropvang) en €13,68 (voorschoolse educatie).

Voor wie is het bedoeld?

Voor kindercentra (aanbieders) in Bergen (L) die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar, met bijzondere aandacht voor doelgroeppeuters met een VVE-indicatie.

Kindercentrum

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil als kindercentrum subsidie aanvragen voor het aanbieden van peuteropvang
  • Ik wil als kindercentrum subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie aan doelgroeppeuters
  • Ik wil weten welke uurtarieven gelden voor peuteropvang en voorschoolse educatie in Bergen (L)
  • Ik wil als kindercentrum een hbo-beleidsmedewerker voorschoolse educatie inzetten en daarvoor subsidie krijgen

Voorwaarden

  • Aanbieder moet geregistreerd zijn bij het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
  • Aanbieder moet een locatie hebben in gemeente Bergen (L)
  • Voor reguliere peuteropvang: aanbod in horizontale groepen (2-4 jarigen), maximaal 480 uur over anderhalf jaar voor peuters zonder kinderopvangtoeslag
  • Voor voorschoolse educatie: minimaal 960 uur over anderhalf jaar voor doelgroeppeuters, maximaal 6 uur aaneengesloten per dag
  • Aanbieder dient medewerking te verlenen aan GGD-onderzoeken
  • Aanbieder dient ouderbijdrage in te vorderen volgens vastgestelde schaal
  • Voor aanvullende subsidie kleine kernen: maximaal één aanbieder per kern, aanvraag vóór 1 november

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kindercentrum
Uw sector/SBI valt onder: 8710
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Bergen (L).

Openstellingen en rondes

Ronde 2026Open
Start
1 jan 2026
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse educatie gemeente Bergen (L) 2026
    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen (L)
    overwegende dat:
    - Gemeenten de wettelijke verplichting hebben om voor voldoende voorzieningen te zorgen, in aantal en spreiding, waar kinderen met een risico op een (taal)achterstand (kinderen met VVE-indicatie) deel kunnen nemen aan voorschoolse educatie;
    - Gemeenten een minimaal aanbod dienen te realiseren van 16 uur voorschoolse educatie per week.
    Gelet op:
    - de Wet Kinderopvang,
    - het Besluit basisvoorwaarden Kwaliteit Voorschoolse Educatie,
    - het bepaalde in artikel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en [De bovenstaande zin bevat een kennelijke verschrijving. Hier wordt bedoeld: titel 4.2 Algemene wet Bestuursrecht.]
    - de Algemene Subsidieverordening van de gemeente Bergen;
    Besluit vast te stellen de volgende regeling:
    Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse educatie gemeente Bergen (L) 2026
    
    Artikel 1 Begripsomschrijvingen
    In deze nadere regeling wordt verstaan onder:
    - Aanbieder: een kindercentrum als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet Kinderopvang, geregistreerd bij het Landelijk Register Kinderopvang (LRK), met een locatie in de gemeente Bergen (L);
    - Algemene Subsidie Verordening (ASV): de algemene subsidieverordening gemeente Bergen (L)
    - College: het college van burgemeester en wethouders van gemeente Bergen (L);
    - Peuter: een bij gemeente Bergen (L) in de Basis Registratie Personen (BRP) ingeschreven kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar;
    - Doelgroeppeuter: peuter in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar die op basis van een indicatie van de Jeugdgezondheidszorg (hierna: JGZ) in aanmerking komt voor voorschoolse educatie;
    - Fiscaal maximum: het jaarlijks wettelijk vastgesteld uurtarief kinderopvang door de Rijksoverheid;
    - Hbo-beleidsmedewerker VE: professional die op hbo-niveau werkt aan het verbeteren van de kwaliteit van voorschoolse educatie binnen de kinderopvangorganisatie;
    - Inkomensafhankelijke ouderbijdrage: inkomensafhankelijke financiële bijdrage die ouders aan de Aanbieder moeten betalen voor de deelname van hun kind aan peuteropvang of voorschoolse educatie;
    - Inkomensverklaring: de verklaring geregistreerd inkomen, een officiële verklaring van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar;
    - Kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van de Belastingdienst bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten van kinderopvang die onder de wet Kinderopvang valt;
    - LRK: Landelijk Register Kinderopvang; het register waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen;
    - Ouder: ouder(s) of verzorger(s) van de (doelgroep)peuter die gebruik maakt van peuteropvang of voorschoolse educatie;
    - Subsidiabel uurtarief voorschoolse educatie (VE): het jaarlijks door gemeente Bergen (L) vastgestelde maximaal te subsidiëren uurtarief voor voorschoolse educatie, aangeboden op een kindercentrum met een VE-registratie in het LRK;
    - Subsidiabel uurtarief peuteropvang: het jaarlijks wettelijk vastgesteld maximaal te subsidiëren uurtarief voor kinderopvang (peuteropvang), vastgesteld door de Rijksoverheid;
    - Reguliere peuteropvang: het aanbod van een kindercentrum zonder een Voorschoolse Educatie registratie in het LRK gericht op Peuters, die wonen in de gemeente Bergen (L);
    - Voorschoolse voorziening: organisatie voor peuteropvang of kinderopvang, die ingeschreven staat in het LRK en die een locatie hebben binnen de gemeente Bergen (L);
    - Voorschoolse educatie: voorschoolse educatie (als onderdeel van voor- en vroegschoolse educatie (hierna: VVE) voor kinderen vanaf 2,5 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin aan de hand van een VVE-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling, in een kindercentrum met een VVE-registratie in het LRK;
    - VVE-indicatie: een indicatie die afgegeven wordt door de JGZ, waarbij de JGZ op basis van de gemeentelijke doelgroep definitie inschat dat er sprake is van een risico op een achterstand in één of meerdere domeinen van de ontwikkeling (taal, spel, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling) en die recht geeft op extra uren voorschoolse educatie;
    - VE-registratie: een registratie van de Aanbieder in het LRK, waaruit blijkt dat de Aanbieder voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen voor het aanbieden van voorschoolse educatie.
    
    Artikel 2 Reikwijdte
    1..
    Deze regeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 5 bedoelde activiteiten.
    2..
    Deze regeling is niet van toepassing op peuterplaatsen voor een peuter met een Sociaal Medische Indicatie (SMI).
    3..
    Op deze subsidieregeling is de Algemene Subsidie Verordening (hierna: ASV) van toepassing, met dien verstande dat van de afwijkingsmogelijkheden van de ASV gebruik is gemaakt.
    
    Artikel 3 Doel
    De doelstelling van deze subsidieregeling is om door middel van subsidieverstrekking te zorgen voor:
    - het stimuleren van deelname van peuters aan (Reguliere) peuteropvang;
    - toereikend en kwalitatief aanbod van Voorschoolse educatie voor de stimulering van de ontwikkeling van Doelgroep-peuters en Peuters als voorbereiding op de basisschool;
    - voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden en laaggeletterdheid;
    - het bevorderen van integratie en het voorkomen van segregatie;
    - bieden van gelijke kansen op een goede start in het onderwijs voor alle Peuters;
    - voldoende aanbod van Voorschoolse educatie in de gemeente;
    - verbinding met basisscholen ten behoeve van een sterke doorlopende leerlijn;
    - gemengde VE-peutergroepen, zodat doelgroeppeuters en peuters samen spelen en leren;
    - het behouden van voorschoolse educatie in de kleine kernen.
    
    Artikel 4 Subsidieaanvrager
    Subsidie kan worden aangevraagd door een Aanbieder die voldoet aan de vereisten uit de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit Voorschoolse Educatie en de hieruit voortvloeiende regelgeving.
    
    Artikel 5 Subsidiabele activiteiten
    Subsidie wordt uitsluitend verleend aan Aanbieders voor:
    - Het aanbieden van Reguliere peuteropvang aan:Peuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;
    - Het aanbieden van Voorschoolse educatie aan:Peuters waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag;Peuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag; Doelgroep-peuter waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag; Doelgroep-peuter waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;
    - De wettelijk verplichte inzet van een hbo-beleidsmedewerker VE.
    - Aanvullende subsidie Voorschoolse educatie (kleine kernen).
    
    Artikel 6 Subsidieduur
    1..
    De subsidie wordt verstrekt per kalenderjaar, voor een periode van maximaal 40 (school)weken in dat kalenderjaar.
    2..
    De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter geen gebruik meer maakt van de voorschoolse voorziening of uiterlijk op de dag dat de peuter 4 jaar wordt.
    
    Artikel 7 Subsidie Reguliere peuteropvang (niet van toepassing voor de aanbieder van VVE)
    De hoogte van de subsidie voor reguliere peuteropvang als bedoeld in artikel 5 lid 1 wordt als volgt berekend:
    - Het college stelt jaarlijks vóór 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarop de subsidie betrekking heeft, het subsidiabel uurtarief voor peuteropvang vast op basis van het jaarlijks wettelijk vastgesteld uurtarief kinderopvang (normtarief), vastgesteld door de Rijksoverheid. Voor het subsidiejaar 2026 wordt afgeweken van deze deadline.
    - Subsidie voor peuteropvang wordt uitsluitend verleend aan ouders van de peuter zonder recht op kinderopvangtoeslag.
    - De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat een peuter contractueel van de opvang gebruik heeft gemaakt maal het geldende uurtarief. Er geldt een maximum van 320 uur per jaar (8 uur x 40 weken).
    - Het geldende uurtarief wordt berekend zoals in tabel 1. Tabel 1:Ouder recht op kinderopvangtoeslagUurtarief vanaf 0 tot en met 8 uur per week NeeFiscaal maximum – (minus) ouderbijdrage
    
    Artikel 8 Subsidie Voorschoolse educatie (voor de aanbieder van VVE)
    De hoogte van de subsidie voor voorschoolse educatie als bedoeld in artikel 5 lid 2 wordt als volgt berekend:
    - Het college stelt jaarlijks vóór 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarop de subsidie betrekking heeft, het subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie vast op basis van:het jaarlijks wettelijk vastgesteld uurtarief kinderopvang, vastgesteld door de Rijksoverheid. een opslag per uur voor de uitvoering van de wettelijke kwaliteitseisen en de door gemeente Bergen (L) gehanteerde bovenwettelijke kwaliteitseisen voor voorschoolse educatie.
    - Voor het subsidiejaar 2026 wordt afgeweken van deze deadline.
    - De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat een peuter contractueel van de opvang gebruik heeft gemaakt maal het geldende uurtarief. Er geldt een maximum van 960 uur gedurende anderhalf jaar (640 uur per jaar).
    - Het geldende uurtarief wordt berekend zoals in tabel 2. Tabel 2: Ouder recht op kinderopvangtoeslagUurtarief van 0 tot en met 8 uurUurtarief vanaf 8 tot en met 16 uur per weekJaSubsidiabel uurtarief VE – (minus) ouderbijdrageMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief VENeeSubsidiabel uurtarief VE – (minus) ouderbijdrageMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief VE
    
    Artikel 9 Aanvullende subsidie Voorschoolse educatie (kleine kernen)
    Voor de aanvullende subsidie gelden de volgende voorwaarden:
    - Het college kan aanvullend subsidie verstrekken als tegemoetkoming in de kosten om het voorschools aanbod te borgen, indien dit op basis van het subsidiabel uurtarief niet op rendabele wijze in stand gehouden kan worden.
    - Om in aanmerking te komen voor deze subsidie dient er maximaal één Aanbieder van VVE per dorpskern aanwezig te zijn.
    - De subsidieaanvrager dient een aantoonbare onderbezetting te hebben van minder dan 5 doelgroeppeuters. Hiervoor dient de Aanbieder, per locatie, gegevens aan te dragen. Aan de hand daarvan wordt jaarlijks de hoogte van de subsidie berekend.
    - De hoogte van de aanvullende subsidie is maximaal de aanvulling die nodig is om te komen tot een bezetting van 5 doelgroeppeuters per locatie. De restrictie van deze subsidie is dat daarmee geen oneerlijke concurrentie alsmede marktverstorende werking optreed in de betreffende kern.
    
    Artikel 10 Hoogte van de subsidie voor hbo-beleidsmedewerker VE
    De hoogte van de subsidie voor een hbo-beleidsmedewerker als bedoeld in artikel 5 lid 3 wordt als volgt berekend:
    - De subsidie wordt verstrekt voor de inzet van een pedagogisch coach/-beleidsmedewerker op hbo werk- en denkniveau voor 10 uur per jaar per doelgroep-peuter per locatie met voorschoolse educatie.
    - De peildatum voor het vaststellen van de subsidie op basis van het aantal doelgroeppeuters per locatie betreft 1 januari van het desbetreffende subsidiejaar.
    - Het subsidiebedrag wordt op uurbasis verstrekt en is gebaseerd op de CAO Kinderopvang, schaal 9, hoogste trede. Jaarlijks wordt het uurtarief opnieuw ingeschaald.
    
    Artikel 11 Ouderbijdrage
    1..
    Voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag geldt een inkomensafhankelijke ouderbijdrage over de eerste twee dagdelen van maximaal 320 uur per jaar (480 uur per anderhalf jaar).
    2..
    De hoogte van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage wordt door de Aanbieder bepaald op basis van het verzamelinkomen en wordt gebaseerd op de meest recente tabel ouderbijdrage (zie bijlage 1).
    3..
    Ten behoeve van de vaststelling van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage zorgt de Aanbieder ervoor dat de ouder een ondertekende ‘verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag’ en een recente inkomensverklaring overlegt aan de Aanbieder. De Aanbieder verplicht de ouder wijzigingen in de inkomens- of gezinssituatie die van invloed zijn op de kinderopvangtoeslag per omgaande te melden bij de Aanbieder. De Aanbieder past het contract aan en verwerkt de wijzigingen in 
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.