Status onbekendGemeente · Subsidie

Subsidieverordening cultureel erfgoed Berkelland 2010

Gemeente Berkelland

Voor eigenaren en zakelijk gerechtigden van gemeentelijke monumenten, archeologische monumenten en molens in Berkelland die onderhoud of restauratie willen uitvoeren.

Ook bekend als Erfgoedverordening Berkelland, Monumentensubsidie Berkelland

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 25k
per aanvraag
Percentage
80%
van de kosten

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieverordening van gemeente Berkelland voor onderhoud en restauratie van gemeentelijke monumenten, archeologische monumenten en molens. Subsidies bedragen 20% van subsidiabele kosten (max. €5.000 per jaar voor onderhoud gebouwde monumenten, max. €25.000 per vijf jaar voor restauratie) en 50% voor archeologische monumenten (max. €2.500 per jaar). Aanvragen worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld.

Voor wie is het bedoeld?

Voor eigenaren en zakelijk gerechtigden van gemeentelijke monumenten, archeologische monumenten en molens in Berkelland die onderhoud of restauratie willen uitvoeren.

ParticulierEigenaar

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor onderhoud van een gemeentelijk monument
  • Financiering voor restauratie van een archeologisch monument
  • Kostendeling voor onderhoud van een molen
  • Vergoeding abonnement Monumentenwacht

Voorwaarden

  • Aanvraag moet vóór uitvoering van werkzaamheden worden ingediend
  • Inspectierapport niet ouder dan 3 jaar moet worden overlegd
  • Gespecificeerde begroting of offertes vereist
  • Werkzaamheden mogen niet beginnen tot subsidiebeschikking is afgegeven
  • Voor gebouwde monumenten (niet-molen): onderhoud max. €5.000/jaar, restauratie max. €25.000/5 jaar
  • Voor archeologische monumenten: max. €2.500/jaar
  • Subsidiabele kosten moeten minimaal €750 per jaar bedragen (€500 voor zelfwerkzaamheid)
  • Aanvragen worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld, tenzij college prioriteiten stelt

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een particulier of eigenaar
Uw rechtsvorm is: Particulier
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Berkelland.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
restauratie van een gemeentelijk gebouwd monument, niet zijnde een molen, bedraagt 20% van de door het college subsidiabel geachte kosten (zie artikel 3) tot een bedrag van maximaal € 25.000,-- per object per vijf jaar
Subsidieverordening cultureel erfgoed Berkelland 2010
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Ondertekening TOELICHTING OP DE SUBSIDIEVERORDENING CULTUREEL ERFGOED BERKELLAND 2010 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR32951 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR32951/1 sluiten Subsidieverordening cultureel erfgoed Berkelland 2010 Geldend van 27-01-2010 t/m heden Intitulé Subsidieverordening cultureel erfgoed Berkelland 2010 De raad van de gemeente Berkelland; gezien het voorstel van het college van 17 december 2009; gelet op de resultaten van de gevolgde inspraakprocedure ingevolge afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht ; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en de Monumentenwet 1988; b e s l u i t : vast te stellen de: SUBSIDIEVERORDENING CULTUREEL ERFGOED BERKELLAND 2010 Artikel 1 Begripsbepalingen Deze verordening verstaat onder: 1. Monument: a. zaak, die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde; b. terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige zaak bedoeld onder 1; 2. Archeologisch monument: monument bedoeld in artikel 1, sub1 onder b; 3.Archeologie: De wetenschap die onder meer door bestudering van materiële overblijfselen uit het verleden inzicht tracht te krijgen in oude culturen; 4.Cultureel erfgoed: Objecten of structuren van historisch-bouwkundige, archeologische en/of historisch-geografische waarde zoals deze in ieder geval zijn opgenomen in een gemeentelijke lijst. Voor molens, gemalen of door stoom aangedreven objecten kan dit tevens de rijkslijst betreffen; 5.Gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de bepalingen van de Erfgoedverordening Berkelland 2010 als zodanig is aangewezen. 6.Beschermd rijksmonument: onroerend monument, dat is ingeschreven in de ingevolge de Monumentenwet 1988 vastgestelde registers. 7.Bijzonder monument: een beschermd monument dat naar zijn aard uitzonderlijke kostensoorten kent. Hieronder vallen met name molens, sluizen en historische bomen 8.Eigenaren en zakelijk gerechtigden: degenen die in de kadastrale registers als eigenaar en/of zakelijk gerechtigden van een monument zijn ingeschreven. 9.Onderhoud: werkzaamheden noodzakelijk om een gemeentelijk monument in goede staat te houden c.q. als zodanig in stand te houden om toekomstig groot onderhoud en kostbare restauraties te voorkomen of te verminderen. 10.Restauratie: werkzaamheden die noodzakelijk zijn om een monument in goede staat te brengen en die het onderhoud genoemd onder punt 6 van dit artikel te boven gaan; 11.Erfgoedcommissie: de commissie belast met de advisering ter zake van het beleid van het gemeentebestuur ten aanzien van monumentenzorg zoals aangegeven in de Erfgoedverordening Berkelland 2010 en de Verordening op de Erfgoedcommissie Berkelland 2010. 12.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Berkelland. 13.Bouwhistorisch onderzoek: In schriftelijke rapportage vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument; 14.Inspectierapport: verslag van een onderzoek naar gebreken van het te onderhouden monument dat plaatsvindt voordat een onderhoudsplan, een technische omschrijving en een begroting kunnen worden opgesteld en dat uitgevoerd dient te worden door een deskundige en onafhankelijke instantie. Artikel 2 Middelen 1. De gemeenteraad kan jaarlijks een bedrag beschikbaar stellen ten behoeve van: a. subsidiëring voor onderhoud van molens, gemeentelijke gebouwde en archeologische monumenten. b. subsidiëring voor restauratie van molens en gemeentelijke gebouwde en archeologische monumenten. 2. Het college kent, met inachtneming van deze regeling, subsidie toe voor: a. het onderhoud van de in de gemeente Berkelland gelegen molens, gemeentelijke gebouwde en archeologische monumenten. b. de restauratie van de in de gemeente Berkelland gelegen molens, gemeentelijke gebouwde en archeologische monumenten. 3. Wanneer de in lid 1 onder a of b bedoelde gelden niet (meer) aanwezig of zijn uitgeput kan het college de aanvraag om subsidie afwijzen. 4. Aanvragen om subsidie op grond van deze verordening worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld. 5. In afwijking van het bepaalde in het vierde lid kan het college, na advies van de Erfgoedcommissie, voor de afhandeling van aanvragen prioriteiten stellen op basis van de staat van de monumenten waarvoor subsidie is aangevraagd. Artikel 3 Subsidiabele kosten onderhoud en restauratie 1.Aan de eigenaar en zakelijk gerechtigde van een gebouwd monument kan subsidie worden toegekend ter tegemoetkoming in de kosten van: a. buiten- en daarmee samenhangend binnenschilderwerk, voor zover het betreft de buitenramen, buitenkozijnen en buitendeuren; b. herstel en vernieuwen van rieten daken (met deklatten en herstel van sporen); a. herstel van dakvlakken gedekt met pannen (met tengels en panlatten), leien, lood, zink of koper en, uitsluitend in samenhang hiermee, het herstel van gedeelten van dakbeschot en sporen; b. herstel, en uitsluitend in samenhang hiermee, schoonmaken van goten (in zink, koper of lood), inclusief bijbehorende hemelwaterafvoeren en het aanbrengen van voor de waterafvoer noodzakelijke goten waar deze niet eerder aanwezig waren, inclusief aansluitingen op rioleringen en open water; e. herstel van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken en herstel of terugplaatsen van stoepen, roedenverdeling lijstwerk en luiken; f. herstel van windveren, schoorstenen, kapellen en loodaansluitingen; g. herstel van dak- of torenluiken en loopbruggen, inclusief het afgazen van torenluiken en het nemen van beperkte maatregelen tegen duivenoverlast; h. inboeten, herstel van gedeelten van muurwerk en opvoegen of pleisteren van gevels; i. op kleine schaal vervangen of inboeten van natuursteen; j. herstel, controle, vervangen en indien nodig aanbrengen van een nieuwe bliksembeveiliging; k.behandelen van muur- of houtwerk ter regulering van de vochthuishouding, dan wel bestrijding van zwamaantasting of houtaantasters; l. herstel van gedeelten van dragende constructies (ankerbalkgebinten, schoren en platen, balkkoppen en spantbenen); m. herstel van glas-in-lood, beglazing en aanbrengen van beschermende beglazing voor gebrandschilderd glas of historisch waardevol glas; n. vervangen en herstel van overige bouwelementen van grote zeldzaamheid of grote historische waarden; o. het plaatsen of vervangen van achterzetbeglazing, al of niet in samenhang met herstel van historisch waardevolle ramen; p. het aanbrengen van inspectievoorzieningen, zoals dakluiken en klimhaken; q. bouwkundig onderhoud van begraafplaatsen en grafmonumenten; r. het maken en plaatsen van kooien ten behoeve van het wegvangen van duiven; s. het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek/inspectierapport; t. het abonnement van de Monumentenwacht Gelderland; 2. Aan de eigenaar en zakelijk gerechtigde van een, in ARCHIS geregistreerd archeologisch monument of terrein van (zeer) (hoge) archeologische waarde kan subsidie worden toegekend ter tegemoetkoming in de kosten van: a. het opstellen van een archeologische visie voor beheer en inrichting; b. het opstellen van archeologische richtlijnen voor beheer & inrichting; c. het uitvoeren van beheer- en inrichtingsmaatregelen; d. het abonnement van de Archeologische Monumentenwacht Nederland; e. het laten uitvoeren van een inspectie met bijbehorend rapport. 3. Voor bijzondere monumenten kan in afwijking van deze lijst subsidie worden verleend in de kosten van afwijkend onderhoud. 4. Als subsidiabele kosten worden naast de in lid 1 en 2 bedoelde kosten begrepen de door of namens het college goedgekeurde kosten verbonden aan de uitvoering van de werkzaamheden ten behoeve van het onderhoud, te weten: a. ten aanzien van de directe kosten: 1. de loonkosten 2. materiaalkosten zijn subsidiabel voor zover zij conform gangbare marktprijzen worden gedeclareerd. Als hierover tussen aanvrager en het college verschil van mening bestaat, worden de landelijk gehanteerde richtprijzen voor bouwmaterialen gehanteerd. b. ten aanzien van de BTW Alleen het niet-terugvorderbare gedeelte van de BTW is subsidiabel tot de hoogte van het wettelijk vastgestelde percentage, te berekenen over de subsidiabele onderhoudskosten. Artikel 4 Subsidiebedrag/-percentage gemeentelijke monument 1. Het subsidie in de kosten van: a. onderhoud aan een gemeentelijk gebouwd monument, niet zijnde een molen, bedraagt 20% van de door het college subsidiabel geachte kosten (zie artikel 3) tot een bedrag van maximaal € 5.000,--per object per jaar; b. restauratie van een gemeentelijk gebouwd monument, niet zijnde een molen, bedraagt 20% van de door het college subsidiabel geachte kosten (zie artikel 3) tot een bedrag van maximaal € 25.000,-- per object per vijf jaar; c. onderhoud van een gemeentelijk archeologisch monument bedraagt 50% van het door het college subsidiabel geachte kosten (zie artikel 3) tot een bedrag van maximaal € 2.500,-- per object per jaar. 2. Subsidie wordt uitsluitend verstrekt als de door het college subsidiabel geachte kosten (zie artikel 3) per object per jaar het bedrag van € 750,-- te boven gaan, met dien verstande dat, wanneer het onderhoud geheel door zelfwerkzaamheid wordt uitgevoerd, het subsidie alleen kan worden toegekend in materiaalkosten die een bedrag van € 500,-- te boven gaan. Een en ander onder de voorwaarde dat de uit te voeren werkzaamheden naar oordeel van het college voor zelfwerkzaamheid in aanmerking komt. 3. Per object wordt het jaarlijkse abonnement op de Monumentenwacht Gelderland c.q. de Archeologische Monumentenwacht Nederland volledig vergoed. Artikel 5 Subsidiebedrag/-percentage molens 1. Het subsidie in de kosten van instandhouding van een molen bedraagt 15% van de door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed vastgestelde subsidiabele kosten tot een bedrag van maximaal € 5.000,--per molen per jaar. 2. Het subsidie zal alleen worden toegekend nadat ook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de provincie Gelderland subsidie hebben toegekend. Artikel 6 Subsidieaanvraag 1.De aanvraag om subsidie voor gemeentelijke monumenten dient vóór de uitvoering van de werkzaamheden door de eigenaar of zakelijk gerechtigde schriftelijk bij het college te worden ingediend, op een daartoe bedoeld formulier. De uitvoering van de werkzaamheden mag niet eerder beginnen dan nadat het college en de provincie Gelderland een subsidiebeschikking hebben afgegeven en, voor zover voor de werkzaamheden een vergunning is vereist en deze ingevolge de Monumentenwet 1988 en/of de gemeentelijke Erfgoedverordening is afgegeven. 2. Bij de aanvraag moeten ter goedkeuring worden overlegd: a. een gespecificeerde begroting dan wel gespecificeerde offertes van de met de werkzaamheden verband houdende kosten en baten, voorzien van een duidelijke toelichting; b. een inspectierapport, niet ouder dan 3 jaar, van de Monumentenwacht Gelderland, de Archeologische Monumentenwacht Nederland of een gelijkwaardige instelling over de onderhoudstoestand van het betreffende object/pand; c. een afschrift van eventueel noodzakelijke (bouw- en/of monumenten)vergunning(en); 3. Het college kan bepalen dat naast de in lid 2 bedoelde bescheiden andere bescheiden moeten worden overlegd. 4. Aanvragen ten aa
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.