Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling peuteropvang gemeente Duiven 2026

Gemeente Duiven

Voor geregistreerde kinderopvangorganisaties (houders van kindcentra) in gemeente Duiven die peuteropvang en voor- en vroegschoolse educatie aanbieden.

Ook bekend als VVE-subsidie Duiven

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor geregistreerde kinderopvangorganisaties in gemeente Duiven voor peuteropvang (2-4 jaar) en voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Subsidie per geplaatste peuter met jaarlijkse plafonds van €91.917 voor reguliere peuters en €41.970 voor zware doelgroep-locaties.

Voor wie is het bedoeld?

Voor geregistreerde kinderopvangorganisaties (houders van kindcentra) in gemeente Duiven die peuteropvang en voor- en vroegschoolse educatie aanbieden.

Kinderopvangorganisatie

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor peuteropvang in gemeente Duiven
  • Financiering van voor- en vroegschoolse educatie (VVE)
  • Ondersteuning van kinderopvangorganisaties voor peuters met VVE-indicatie

Voorwaarden

  • Aanvrager moet een geregistreerd kindcentrum of houder daarvan zijn
  • Jaarlijkse aanvraag via ingevuld aanvraagformulier vóór 1 oktober
  • Voldoen aan kwaliteitseisen van wetgeving en Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
  • Medewerking aan (on)aangekondigde kwaliteitstoetsing
  • Zorg voor inzet peuteropvang voor ouders die ouderbijdrage niet kunnen dragen
  • Inzet pedagogisch beleidsmedewerker voor verhoging kwaliteit VVE

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kinderopvangorganisatie
Uw sector/SBI valt onder: 8891
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Duiven.

Openstellingen en rondes

Ronde 2026Open
Start
1 jul 2026
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1. Definities Artikel 2. Toepassingsbereik Artikel 3. Doel Artikel 4 Activiteiten Artikel 5. Voorwaarden Artikel 6. De hoogte van de subsidie voor VVE-peuters en reguliere niet-KOT peuters Artikel 7. Verlening extra subsidie voor locaties met minimaal 40% VVE-geïndiceerde kinderen Artikel 8. Subsidieplafond Artikel 9. Budget Artikel 10. Subsidieduur Artikel 11. Weigeringsgronden Artikel 12. Verantwoording en vaststelling Artikel 13. Toezicht en kwaliteit Artikel 14. Afwijkingsmogelijkheid Artikel 15. Inwerkingtreding Artikel 16. Citeertitel Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761259 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761259/1 sluiten Subsidieregeling peuteropvang gemeente Duiven 2026 Geldend van 01-07-2026 t/m heden Intitulé Subsidieregeling peuteropvang gemeente Duiven 2026 Overwegende dat: – Aan alle kinderopvangorganisaties in de gemeente Duiven de mogelijkheid wordt geboden om een subsidieaanvraag in te dienen voor peuteropvang; – Uit de Wet Kinderopvang volgt dat de verantwoordelijkheid voor peuteropvang bij de gemeente ligt in het geval ouders niet in aanmerking komen voor de Kinderopvangtoeslag van het Rijk; – Door het Rijk en de VNG bestuursafspraken zijn gemaakt om zich gezamenlijk in te zetten voor toegankelijke voorschoolse voorzieningen en een groter bereik van peuters, met als doel dat alle peuters naar een voorschoolse voorziening kunnen gaan; – De wet op het primair onderwijs (WPO) de opdracht geeft om regels vast te stellen over de uitvoering van de voor- en vroegschoolse educatie; – Uit de Jeugdwet volgt dat de gemeente de wettelijke taken voor de jeugdhulp uitvoert en samen met het onderwijs (Passend Onderwijs) verantwoordelijk is voor het versterken van preventie en het vroegtijdig onderkennen van ondersteuningsvragen; – Het beleidsplan Onderwijskansen 2023-2026 voor de gemeenten Duiven en Westervoort en de begroting van onderwijsachterstandsmiddelen voor 2026 na consultatie van school- en kinderopvangbesturen is vastgesteld met daarin afspraken over de besteding van de onderwijsachterstandsmiddelen; gelet op de Algemene Subsidieverordening gemeente Duiven 2025; besluit vast te stellen de Subsidieregeling peuteropvang gemeente Duiven 2026: Artikel 1. Definities 1. Pedagogische medewerker VVE: De beroepskracht die geschoold is volgens de wettelijke basisvoorwaarden voor kwaliteit van beroepskrachten in de voorschoolse educatie. 2. LRK: Landelijk Register Kinderopvang 3. Geregistreerd kindcentrum: Een kindcentrum dat is opgenomen in het LRK en voldoet aan de wet- en regelgeving voor de kinderopvang. Een locatie wordt aanvullend als een VVE-locatie in het LRK geregistreerd als deze voldoet aan de wet- en regelgeving van de kinderopvang. 4. Het college: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Duiven. 5. Houder: De rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort en die een in het LRK geregistreerd Kindcentrum exploiteert. 6. Subsidie: de aanspraak op financiële middelen, door het college verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten. 7. Inkomensverklaring: Een officiële verklaring van de Belastingdienst inzake de inkomensgegevens aan houder van een persoon in een bepaald inkomensjaar. 8. Kinderopvangtoeslag (KOT): Kinderopvangtoeslag is een maandelijkse bijdrage van de overheid voor kinderopvang. De toeslag wordt berekend op basis van het inkomen van de ouders en de levenssituatie. Ook het aantal kinderen dat naar een opvang gaat heeft invloed op de hoogte van de toeslag. 9. Peuter: Kind in de leeftijd van 2 - 4 jaar, woonachtig in Duiven. 10. Peutermonitor: Een monitoringsinstrument dat de gemeente en de voorschoolse voorziening inzicht biedt in het aanbod, bereik en de financiën. 11. Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE): Educatie aan de hand van een VVE-programma, verdeeld in een voorschoolse periode (2- en 3-jarigen), doorlopend in de eerste jaren van het basisonderwijs (4- en 5-jarigen), de vroegschoolse periode. 12. Voorschoolse locatie VVE: Een voorschoolse locatie met een VVE-aanbod waar op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling van peuters in ieder geval gestimuleerd wordt op het gebied van rekenen, taal, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. 13. VVE-indicatie: De criteria die het consultatiebureau hanteert voor de VVE-indicatie in de gemeente Duiven zijn: • Het opleidingsniveau van één of beide ouders of van de verzorgende ouder is maximaal VMBO kaderberoepsgerichte leerweg; – Kinderen met een risico op taalachterstand zonder medische oorzaak bij het kind zelf (Van Wiechen ontwikkelingsonderzoek); – Kinderen uit een taalarme omgeving, waar thuis geen Nederlands gesproken wordt en/of waar laaggeletterdheid is; – Kinderen met een aanwezig risico op onderwijs- en ontwikkelingsachterstanden; • Kinderen bij wie bij binnenkomst in de voorschoolse voorziening een (taal)achterstand wordt geconstateerd. 14. Reguliere peuters: Peuters zonder VVE indicatie. 15. Verzamelinkomen: Door de Belastingdienst gehanteerde term voor het jaarinkomen uit box 1, box 2 en box 3 verminderd met de aftrekposten. Het betreft hier het jaarinkomen van het hele gezin. 16. Zware doelgroep-locatie: Een VVE-locatie die in de eerste drie kwartalen van het voorgaande jaar gemiddeld ten minste 40% ingeschreven VVE-geïndiceerde peuters had, gebaseerd op de verhouding tussen het aantal ingeschreven unieke kinderen. Artikel 2. Toepassingsbereik Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door burgemeester en wethouders voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten. Artikel 3. Doel 1. Deze subsidieregeling is ondersteunend aan de Duivense ambitie om alle kinderen in de gemeente Duiven zonder taal-/ontwikkelingsachterstand aan groep 3 van de basisschool te laten beginnen. 2. Met deze subsidieregeling is peuteropvang: a. toegankelijk voor peuters met VVE-indicatie vanaf 2 jaar. b. ook toegankelijk voor reguliere peuters vanaf 2 jaar van wie ouders geen beroep kunnen doen op kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst (niet-KOT); c. een basisvoorziening van 8 uur voor reguliere niet-KOT peuters. Voor peuters met een VVE-indicatie is er een aanvullend aanbod van 8 uur per week (in totaal 16 uur peuteropvang per week); d. voldoende gespreid binnen de gemeente. Artikel 4 Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de doelen zoals hierboven. Artikel 5. Voorwaarden In aanvulling op de bepalingen in de Algemene Subsidieverordening moet aan de volgende eisen zijn voldaan: 1. De aanvrager is een geregistreerd kindcentrum of de houder daarvan. 2. De aanvrager vraagt jaarlijks subsidie aan door het indienen van het door de gemeente geleverde ingevulde aanvraagformulier ondersteuning, met tenminste: a. Een opgave van het aantal peuters voor wie de subsidiabele activiteiten worden uitgevoerd. b. Een beschrijving van het aanbod VVE dat is voorzien van informatie over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de VVE. 3. De aanvraag wordt ingediend voor 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. 4. Het geregistreerd kindcentrum en de invulling van het aanbod voldoen voor peuters met VVE-indicatie en voor reguliere peuters aan de kwaliteitseisen van wetgeving. Specifiek voor peuters met VVE-indicatie wordt aanvullend voldaan aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 5. Wetgeving en aanverwante regelgeving moeten worden nageleefd. 6. Het geregistreerd kindcentrum organiseert het aanbod met inachtneming van de subsidiecriteria. 7. Het geregistreerd kindcentrum verleent medewerking aan een (on)aangekondigde toetsing op kwaliteit. 8. Het geregistreerd kindcentrum informeert het college over wijzigingen betreffende wachtlijsten voor het aantal reguliere peuters en VVE-peuters. 9. Het geregistreerd kindcentrum draagt zorg voor de inzet van peuteropvang/VVE voor peuters van ouders die de ouderlijke bijdrage niet (geheel) kunnen dragen. Er is een mogelijkheid voor een gemeentelijke vergoeding. 10. De inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker van het geregistreerd kindcentrum is ten behoeve van de verhoging van de kwaliteit van voorschoolse educatie en betreft de totstandkoming en implementatie van beleidsvoornemens met betrekking tot voorschoolse educatie en coaching van beroepskrachten voorschoolse educatie. Artikel 6. De hoogte van de subsidie voor VVE-peuters en reguliere niet-KOT peuters 1. De subsidie bestaat uit een bijdrage per geplaatste peuter. In de van deze regeling deel uitmakende bijlage ‘Opbouw kostprijs peuteropvang’ wordt de gemeentelijke subsidie per uur peuteropvang en dagopvang beschreven. Het college stelt jaarlijks voor 15 oktober de bijlage als bedoeld in het eerste lid vast. Hierbij wordt als volgt bepaald: a. de landelijk vastgestelde maximale uurprijs dagopvang zoals vastgesteld door het Rijk; b. de gemeentelijke opslag per uur op basis van landelijke, wettelijke of gemeentelijke ontwikkelingen. 2. Op het subsidiebedrag wordt de door de houder of het geregistreerd kindcentrum ontvangen ouderbijdrage van alle ouders, die geen recht hebben op KOT, in mindering gebracht. Dit gebeurt op de volgende wijze: Het college vergoedt aan de houder of het geregistreerd kindcentrum het vastgestelde maximumuurtarief van de toeslagregeling voor dagopvang, zoals deze door de rijksoverheid wordt vastgesteld. Ouders betalen aan de houder of het geregistreerd kindcentrum een inkomensafhankelijke ouderbijdrage. 3. Indien een geregistreerd kindcentrum een hoger tarief hanteert dan het maximumuurtarief dat wordt gesubsidieerd, betaalt de ouder het verschil tussen het hogere uurtarief en het maximum tarief altijd zelf. Aan dit verschil kan geen recht op subsidie worden ontleend. 4. De hoogte van de ouderbijdrage wordt door het geregistreerd kindcentrum bepaald aan de hand van het meest recente verzamelinkomen van de ouder(s). Dit verzamelinkomen wordt bepaald aan de hand van een door de ouders te overleggen inkomensverklaring of door een recente jaaropgave, als er geen aangifte hoeft te worden gedaan voor de inkomensbelastingen. 5. Voor lid 2 tot en met 4 geldt de door de rijksoverheid vastgestelde ouderbijdragetabel voor de kinderopvang voor het onderdeel dagopvang. 6. De aanbieder kan voor VE-locaties met gemiddeld meer dan 40% VVE-geïndiceerde peuters een beroep doen op een extra subsidie. Uitgangspunt hierbij is dat de gemeente Duiven 8 uur per week extra subsidieert voor een periode van 40 weken. Hierbij wordt uitgegaan van loonkosten à € 43,72 per uur, op basis van trede 23, schaal 6 uit de CAO Kinderopvang, inclusief werkgeverslasten. Dit komt neer op een bedrag van € 13.990,00 per locatie per jaar. Artikel 7. Verlening extra subsidie voor locaties met minimaal 40% VVE-geïndiceerde kinderen De gemeente subsidieert een tegemoetkoming voor aanbieders met een relatief hoog aandeel VVE-geïndiceerde peuters. Het gaat hierbij om de volgende criteria en doelen: 1. De aanbieder kan voor VE-locaties met gemiddeld meer dan 40% VVE- geïndiceerde peuters een beroep doen op een extra subsidie. Dit percentage betreft de verhouding op basis van het gemiddelde aantal unieke kinderen met en zonder VVE-i
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.