Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2026-2028
Gemeente Gilze en Rijen
Eigenaar-bewoners van grondgebonden koopwoningen in gemeente Gilze en Rijen met een WOZ-waarde lager dan € 477.000 (peildatum 1 januari 2022), waarvan de woning legaal is opgericht vóór 1993 en feitelijk wordt bewoond. Doelgroep 1: minima met inkomen maximaal 140% van bijstandsnorm. Doelgroep 2: overige eigenaar-bewoners.
Ook bekend als SLAI 2026-2028, Lokale Aanpak Isolatie Gilze en Rijen
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor eigenaar-bewoners van grondgebonden koopwoningen in gemeente Gilze en Rijen voor energiebesparende isolatiemaatregelen aan slecht geïsoleerde woningen. Maximaal € 1.500 per woning (doelgroep 2) of € 3.000 (doelgroep 1 minima). Totaal budget € 890.279 voor beide doelgroepen.
Voor wie is het bedoeld?
Eigenaar-bewoners van grondgebonden koopwoningen in gemeente Gilze en Rijen met een WOZ-waarde lager dan € 477.000 (peildatum 1 januari 2022), waarvan de woning legaal is opgericht vóór 1993 en feitelijk wordt bewoond. Doelgroep 1: minima met inkomen maximaal 140% van bijstandsnorm. Doelgroep 2: overige eigenaar-bewoners.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor spouwmuurisolatie aan mijn koopwoning
- Gevelisolatie laten uitvoeren met gemeentelijke subsidie
- Dakisolatie zelf uitvoeren als doe-het-zelver
- Biobased isolatiematerialen gebruiken en extra subsidie ontvangen
- Glasisolatie (HR++ glas) laten plaatsen
Voorwaarden
- Woning moet in gemeente Gilze en Rijen liggen
- Woning moet legaal zijn opgericht vóór 1993 en feitelijk worden bewoond
- WOZ-waarde lager dan € 477.000 (peildatum 1 januari 2022)
- Isolatiemaatregel moet worden aangebracht op slecht geïsoleerd bouwdeel van slecht geïsoleerde woning
- Activiteit moet na 1 januari 2025 zijn uitgevoerd
- Minimale isolatiewaarden en oppervlakte-eisen van ISDE moeten worden nageleefd
- Voor spouwmuurisolatie: bouwbedrijf moet Training Natuurvrij Maken hebben gevolgd
- PUR- of UF-schuim niet toegestaan
- Bij combinatie ISDE: totaal van gemeentelijke subsidie en rijksbijdrage mag niet hoger zijn dan totale kosten
- Aanvraag via Duurzaam Bouwloket
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- 1 jun 2026
- Sluit
- 30 jun 2028
- Budget
- € 890,3k
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
“Voor energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 3 bedraagt de subsidie voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, maximaal 100% van de kosten, met een maximum van € 1.500 per woning. Voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, wordt het maximale subsidiebedrag als bedoeld in het eerste lid verhoogd met maximaal € 1.500.”
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1. Definities Artikel 2. Toepassingsbereik Artikel 3. Maatregelen die voor subsidie in aanmerking komen Artikel 4. Doelgroepen Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Artikel 6. Voorwaarden voor subsidiabele activiteiten Artikel 7. Hoogte van de subsidie Artikel 8. Subsidieplafonds Artikel 9. Wijze van verdeling Artikel 10. Aanvraag Artikel 11. Weigeringsgronden Artikel 12. Subsidievaststelling en beslistermijn Artikel 13. Uitbetaling Artikel 14. Bijzondere omstandigheden Artikel 15. Citeertitel Artikel 16. Inwerkingtreding Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762422 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762422/1 sluiten Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2026-2028, gemeente Gilze en Rijen Geldend van 06-06-2026 t/m heden Intitulé Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2026-2028, gemeente Gilze en Rijen Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gilze en Rijen, overwegende dat: • het college bevoegd is om voor bepaalde vormen van subsidie nadere regels vast te stellen; • het college inwoners wil stimuleren tot duurzamer gedrag door subsidies te verstrekken voor maatregelen die daaraan bijdragen; • de gemeente inwoners, bedrijven en instanties wil stimuleren tot duurzamer gedrag en handelen; gelet op de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen; besluit vast te stellen de: Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie 2026-2028, gemeente Gilze en Rijen. Artikel 1. Definities In deze regeling wordt verstaan onder: a. Aanvrager: de eigenaar-bewoner die een subsidieaanvraag indient om in aanmerking te komen voor subsidie op grond van deze regeling. b. Algemene subsidieverordening (ASV): de Algemene subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen. c. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gilze en Rijen. d. Doe-het-zelver: eigenaar-bewoner die één of meer energiebesparende isolatiemaatregelen zelf uitvoert, zonder tussenkomst van een bouwbedrijf. e. Eigenaar-bewoner: een natuurlijk persoon die volgens de kadastrale gegevens eigenaar is van een bestaande grondgebonden koopwoning in de gemeente Gilze en Rijen, volgens de gemeentelijke basisregistratie staat ingeschreven op dat adres en de woning als hoofdverblijf gebruikt. f. Grondgebonden koopwoning: een bestaande onroerende zaak met een zelfstandige woonfunctie, niet zijnde een recreatiewoning. g. Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE): de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing. h. Minimale isolatiewaarden maatregelen: de minimale energetische isolatiewaarden van verschillende isolatiemaatregelen, zoals opgenomen in de uitgangspunten van de ISDE en de aanvullende voorwaarden voor monumenten. i. Natuurvriendelijk isoleren: isoleren volgens de methode zoals beschreven op www.natuurvriendelijkisoleren.nl. j. Slecht geïsoleerde woning: een woning met een bouwjaar vóór 1993 waarvan minimaal twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht zijn geïsoleerd: i. de vloer en de bodem; ii. de gevel, waaronder de spouwmuur; iii. het dak en de zolder- of vlieringvloer; iv. de ramen, panelen, kozijnen en deuren. k. Slecht geïsoleerd bouwdeel: een bouwdeel waarvan de isolatiewaarden voldoen aan de waarden in de rechterkolom van de tabel in bijlage 1. l. Soortenmanagementplan (SMP): een biodiversiteitsplan op basis van uitgebreid ecologisch onderzoek, opgesteld door een gemeente of woningcorporatie. Het plan geldt voor een gebied, bijvoorbeeld de bebouwde kom van een gemeente. m. SPUK lokale aanpak isolatie: de Specifieke Uitkering vanuit het Nationaal Isolatieprogramma van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor gemeenten. n. Duurzaam Bouwloket: de intermediair die, in samenwerking met de gemeente en andere partners, adviseurs en uitvoerders, inwoners helpt bij het verduurzamen van hun woning. o. Minima: eigenaar-bewoners met een inkomen van maximaal 140% van de toepasselijke bijstandsnorm. p. Ventilatiemaatregel: een ventilatiemaatregel zoals toegestaan binnen de ISDE. q. Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende de looptijd van deze regeling ten hoogste beschikbaar is voor het verstrekken van subsidies op grond van deze regeling. Artikel 2. Toepassingsbereik Deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op subsidies die het college verstrekt voor de maatregelen als bedoeld in artikel 3. Artikel 3. Maatregelen die voor subsidie in aanmerking komen 1. Voor subsidie komen de volgende isolatiemaatregelen in aanmerking, mits deze op of na de inwerkingtreding van deze regeling zijn uitgevoerd en voldoen aan de minimale isolatiewaarden en minimale oppervlakte-eisen als bedoeld in artikel 1, onder h: a. spouwmuurisolatie; b. gevelisolatie; c. dak-, zolder- of vlieringvloerisolatie; d. vloer- of bodemisolatie; e. glasisolatie, waaronder HR++ glas, tripleglas, vacuümglas, kozijnen, isolerende deuren of panelen; f. energiezuinige ventilatietechnieken. 2. De volgende maatregelen worden aangeboden via de ontzorgingsroute van Duurzaam Bouwloket: a. spouwmuurisolatie; b. gevelisolatie; c. dakisolatie aan de binnenzijde; d. zolder- of vlieringvloerisolatie; e. vloer- of bodemisolatie; f. glasisolatie, uitsluitend HR++ glas. 3. Subsidie kan ook worden verleend voor de volgende energiebesparende isolatiemaatregelen die door een doe-het-zelver worden uitgevoerd aan een slecht geïsoleerde woning, mits wordt voldaan aan de minimale isolatiewaarden en minimale oppervlakte-eisen als bedoeld in artikel 1, onder h: a. dakisolatie aan de binnenzijde van een hellend dak; b. zolder- of vlieringvloerisolatie; c. vloer- of bodemisolatie; d. binnenmuurisolatie met voorzetwand. 4. Het toepassen van biobased isolatiematerialen komt voor subsidie in aanmerking als wordt voldaan aan de minimale isolatiewaarden en eisen als bedoeld in artikel 1, onder h. 5. Isolatie dient plaats te vinden in overeenstemming met de adviezen van het bevoegd gezag op grond van de Omgevingswet. 6. Spouwmuurisolatie is uitsluitend subsidiabel als deze wordt uitgevoerd door een bouwbedrijf dat de Training Natuurvrij Maken heeft gevolgd en beschikt over het bijbehorende certificaat. Zie hiervoor www.natuurvriendelijkisoleren.nl/isolatiebedrijf. Artikel 4. Doelgroepen 1. Deze regeling kent twee doelgroepen: a. Doelgroep 1: aanvragers met een grondgebonden koopwoning die op het moment van aanvragen kunnen aantonen dat hun inkomen niet hoger is dan 140% van de toepasselijke bijstandsnorm. b. Doelgroep 2: overige aanvragers met een grondgebonden koopwoning die voldoen aan de voorwaarden van deze regeling. 2. Voor woningen binnen een VvE en voor monumenten geldt aanvullend: a. Een woning binnen een VvE kan in aanmerking komen als de waarde van de individuele woning binnen de voorwaarden valt. De woning moet binnen de betreffende VvE grenzen aan het geïsoleerde bouwdeel en de aanvraag voor deze woningen kan alleen gedaan worden door de VvE. b. Gemeentelijke monumenten en rijksmonumenten kunnen in aanmerking komen als zij beschikken over de benodigde vergunning. Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Voor subsidie komen de volgende kosten in aanmerking: 1. Bij uitvoering door een bedrijf: de arbeids- en materiaalkosten inclusief btw die direct verband houden met de uitvoering van een maatregel als bedoeld in artikel 3. 2. Bij doe-het-zelf: de materiaalkosten inclusief btw die direct verband houden met de uitvoering van een maatregel als bedoeld in artikel 3, derde lid. Artikel 6. Voorwaarden voor subsidiabele activiteiten 1. De activiteiten als bedoeld in artikel 3 zijn alleen subsidiabel als: a. de woning in de gemeente Gilze en Rijen ligt; b. de energiebesparende isolatiemaatregel wordt aangebracht op een slecht geïsoleerd bouwdeel van een slecht geïsoleerde woning; c. de woning legaal is opgericht vóór 1993, bestemd is voor bewoning en feitelijk wordt bewoond door de aanvrager; d. de woning een WOZ-waarde heeft lager dan € 477.000, met peildatum 1 januari 2022; e. de subsidiabele activiteit na 1 januari 2025 is uitgevoerd. 2. De activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, en artikel 3, derde lid, kunnen niet worden gecombineerd. Een aanvraag kan uitsluitend betrekking hebben op artikel 3, eerste lid, óf artikel 3, derde lid. 3. De energiebesparende isolatiemaatregelen, energiezuinige ventilatiemaatregelen en biobased isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 3, eerste tot en met vierde lid, moeten voldoen aan de minimaal vereiste isolatiewaarden, Rd- of U-waarden, en oppervlakten van de ISDE, zoals vermeld op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), en bij monumenten ook aan de aanvullende voorwaarden voor monumenten. Een overzicht van deze vereisten, geldend bij vaststelling van deze regeling, is opgenomen in bijlage 1. 4. Voor artikel 4, tweede lid, onder a, geldt dat de subsidie voor de betreffende woningen wordt opgeteld en uitgekeerd aan de VvE. Subsidie is voor deze doelgroep alleen mogelijk via declaratie achteraf. De VvE moet aantonen dat de betreffende woning grenst aan het geïsoleerde bouwdeel. 5. Aanvragers zijn zelf verantwoordelijk voor het verkrijgen van de vergunningen die nodig zijn om de maatregelen uit te voeren. De benodigde vergunning maakt onderdeel uit van de subsidieaanvraag. 6. Het gebruik van PUR- of UF-schuim is niet toegestaan. Artikel 7. Hoogte van de subsidie 1. Voor energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 3 bedraagt de subsidie voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b, maximaal 100% van de kosten, met een maximum van € 1.500 per woning. 2. Voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, wordt het maximale subsidiebedrag als bedoeld in het eerste lid verhoogd met maximaal € 1.500. 3. Het subsidiebedrag als bedoeld in het eerste lid wordt verhoogd met € 500 als biobased isolatiemateriaal wordt toegepast als bedoeld in artikel 3, vierde lid. 4. Als de aanvrager ook een rijksbijdrage ontvangt, zoals ISDE, mag het totaal van de gemeentelijke subsidie en de rijksbijdrage niet hoger zijn dan de totale kosten van de uitgevoerde maatregelen. Artikel 8. Subsidieplafonds Voor deze regeling worden subsidieplafonds vastgesteld als bedoeld in artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht. 1. Voor aanvragers uit doelgroep 1 en doelgroep 2, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, bedraagt het subsidieplafond € 890.279. Dit bedrag is bestemd voor aanvragen op grond van artikel 3, eerste, tweede en derde lid. Binnen dit plafond kan voor 560 woningen een subsidie van maximaal € 1.500 per woning beschikbaar worden gesteld. 2. Van het subsidieplafond als bedoeld in het eerste lid is € 50.000 gereserveerd voor de biobased bonus. Hiermee kunnen 100 woningeigenaren een aanvullende subsidie van maximaal € 500 ontvangen voor biobased isolatiemaatregelen. 3. Voor aanvragers uit doelgroep 1, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, bedraagt het subsidieplafond € 96.222. Binnen dit plafond kan voor 64 woningen een aanvullende subsidie van maximaal € 1.500 per woning beschikbaar worden gesteld. 4. Voor doe-het-zelfmaatregelen als bedoeld in artikel 3, derde lid, bedraagt het subsidieplafond € 89.574. Binnen dit plafond kan voor 59 woningen een subsidie van maximaal € 1.500 per woning beschikbaar worden gesteld […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.