Subsidieregeling Gebiedsinvesteringen Leefkwaliteit Noord-Nederland
Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen
Voor organisaties (profit en non-profit), ondernemingen (KMO's en grote ondernemingen) en andere rechtspersonen die activiteiten uitvoeren in de aanlandregio's van Noord-Nederland (Eemshavengebied, Uithuizen, Uithuizermeeden, Buitengebied Noord Bierum in Groningen en gemeente Schiermonnikoog in Fryslân).
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling ter verbetering van de leefkwaliteit in aanlandregio's van Noord-Nederland (Groningen en Fryslân) die onder druk staan door windenergie-aanlanding op zee. Het ministerie van Economische Zaken en Koninkrijkrelaties stelt € 50 miljoen beschikbaar uit de Europese Herstel- en Veerkrachtfaciliteit. Subsidiebedragen en aanvraagperiodes worden per gemeente vastgesteld in openstellingsbesluiten.
Voor wie is het bedoeld?
Voor organisaties (profit en non-profit), ondernemingen (KMO's en grote ondernemingen) en andere rechtspersonen die activiteiten uitvoeren in de aanlandregio's van Noord-Nederland (Eemshavengebied, Uithuizen, Uithuizermeeden, Buitengebied Noord Bierum in Groningen en gemeente Schiermonnikoog in Fryslân).
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor leefkwaliteitsverbeteringen in windenergie-aanlandregio's
- Financiering van lokale initiatieven in Noord-Nederlandse aanlandgebieden
- Steun voor sport-, buurt- en recreatievoorzieningen in getroffen regio's
- Ondersteuning van zorginstellingen met lokaal karakter
Voorwaarden
- Activiteit moet na participatie- of gebiedsproces zijn geselecteerd en lokaal draagvlak hebben (toewijzingsbrief vereist)
- Staatssteun moet rechtmatig kunnen worden verstrekt via AGVV, LVV of de-minimisverordening
- Voor reguliere de-minimis: maximaal € 300.000 steun per onderneming over drie jaar
- Voor landbouw de-minimis: maximaal € 20.000 steun per primaire producent over drie jaar
- Organisatie in moeilijkheden kan niet in aanmerking komen (onder AGVV-bepalingen)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Bronnen en actualiteit
“het ministerie van Economische Zaken en Koninkrijkrelaties voor de uitvoering van het onder B genoemde regioplan € 50 miljoen beschikbaar heeft gesteld”
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Doel Artikel 3 Doelgroep Artikel 4 Openstelling Artikel 5 Subsidieplafond Artikel 6 Subsidiabele activiteiten Artikel 7 Subsidiabele kosten Artikel 8 Staatssteun Artikel 9 Aanvraag Artikel 10 Weigeringsgronden Artikel 11 Subsidiehoogte Artikel 12 Verdeelcriteria Artikel 13 Verplichtingen van de Subsidieontvanger Artikel 14 Voorschotverlening en eindbetaling Artikel 15 Subsidievaststelling Artikel 16 Rapportage en publicatie van de subsidieverstrekking Artikel 17 Zichtbaarheid EU-financiering Artikel 18 Inwerkingtreding en duur Artikel 19 Citeertitel Ondertekening Bijlage 1: SUBSIDIE DIE WORDT VERSTREKT MET TOEPASSING VAN DE AGVV OF DE LVV Bijlage 2: Toelichting op Subsidieregeling Gebiedsinvesteringen Leefkwaliteit Noord-Nederland Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR728616 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR728616/1 sluiten Regeling vervalt per 31-12-2030 Subsidieregeling Gebiedsinvesteringen Leefkwaliteit Noord-Nederland Geldend van 11-12-2024 t/m 30-12-2030 Intitulé Subsidieregeling Gebiedsinvesteringen Leefkwaliteit Noord-Nederland Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen: Overwegende dat: A. op 20 juni 2024 het Bestuursakkoord Gebiedsinvesteringen ‘net op zee’ PAWOZ-Eemshaven is ondertekend; B. het Regioplan Gebiedsinvesteringen Netten op Zee Eemshaven een bijlage vormt bij het onder A genoemde bestuursakkoord en de kaders bevat voor de wijze waarop de regio Noord-Nederland gebiedsinvesteringen ondersteunt; C. het ministerie van Economische Zaken en Koninkrijkrelaties voor de uitvoering van het onder B genoemde regioplan € 50 miljoen beschikbaar heeft gesteld; D. de middelen genoemd onder C afkomstig zijn uit de Europese Herstel- en Veerkrachtfaciliteit; Gelet op: A. de Algemene wet bestuursrecht, in het bijzonder titel 4.2; B. artikel 3, lid 3, van de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017; C. de Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018; D. EU Verordening Nr. 2021/241 van 12 februari 2021 tot instelling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit, PB L 57/17 van 18 februari 2021; E. EU Verordening Nr. 651/2014 d.d. 17 juni 2014 betreffende de Algemene Groepsvrijstelling, PB L 187/1 van 26 juni 2014 laatstelijk gewijzigd bij EU Verordening Nr. 1315/2023 d.d. 23 juni 2023 tot wijziging van Verordening (EU) Nr. 651/2014, betreffende de Algemene Groepsvrijstellingsverordening; F. EU Verordening Nr. 2022/2472 betreffende de Landbouwvrijstelling; G. EU Verordening 2023/2831 d.d. 13 december 2023 betreffende de toepassing en werking van de-minimissteun; H. EU Verordening 1408/2013 d.d. 18 december 2013 betreffende de toepassing en werking van de-minimissteun voor de landbouwsector; Besluiten: Vast te stellen de ‘Subsidieregeling Gebiedsinvesteringen Leefkwaliteit Noord-Nederland’. Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. Aanlandregio: aanlandregio in Noord-Nederland: in de provincie Groningen de regio's Eemshavengebied, Uithuizen en Uithuizermeeden, gelegen in de gemeente Het Hogeland, regio Buitengebied Noord Bierum, gelegen in de gemeente Eemsdelta en in de provincie Fryslân de gemeente Schiermonnikoog; b. AGVV: Algemene Groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard; c. Awb: Algemene wet bestuursrecht; d. Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen; e. HVF-verordening: Herstel- en Veerkrachtfaciliteit -verordening: EU Verordening Nr. 2021/241 van 12 februari 2021 tot instelling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit, PB L 57/17 van 18 februari 2021; f. Grote onderneming: zelfstandige Onderneming die niet voldoet aan de criteria voor KMO’s; g. Immateriële activa: fysiek en financieel niet-tastbare activa, zoals octrooien, licenties, knowhow en andere intellectuele-eigendomsrechten; h. Kleine onderneming: zelfstandige Onderneming waar minder dan vijftig personen werken en de jaaromzet of het jaarlijkse balanstotaal de € 10 miljoen niet overschrijdt, als bedoeld in artikel 2, onder 2 van de AGVV; i. KMO’s: Kleine ondernemingen en Middelgrote ondernemingen; j. Landbouw de-minimisverordening: EU Verordening 1408/2013 d.d. 18 december 2013 betreffende de toepassing en werking van de-minimissteun voor de landbouwsector; k. LVV: Landbouwvrijstellingsverordening: Verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard; l. Materiële activa: activa bestaande uit gronden, gebouwen en installaties, machines en uitrusting; m. Middelgrote onderneming: zelfstandige Onderneming waar minder dan 250 personen werken en de jaaromzet de € 50 miljoen en/of het jaarlijkse balanstotaal de € 43 miljoen niet overschrijdt, als bedoeld in artikel 2, onder 2 van de AGVV; n. Non-profit organisatie: een Organisatie waarvan het primaire doel niet winst is, maar het bevorderen van het publieke goed; o. Onderneming: iedere entiteit, ongeacht haar rechtsvorm, die een economische activiteit uitoefent; p. Onrendabele top: het negatieve verschil tussen de investering in een activiteit en de waarde van deze activiteit nadat deze is gerealiseerd; q. Organisatie: rechtspersoon, samenwerkingsverband van rechtspersonen, eenmanszaak, maatschap, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap of kerk naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid; r. Organisatie in moeilijkheden: een Onderneming die in financiële moeilijkheden verkeert, als bedoeld in artikel 2 onder 18 van de AGVV; s. Procedureregeling: Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018; t. Profit organisatie: elke Organisatie die geen Non-profit organisatie is; u. Provincie: provincie Groningen; v. Reguliere de-minimisverordening: EU Verordening 2023/2831 d.d. 13 december 2023 betreffende de toepassing en werking van de-minimissteun; w. Staatssteun: steunmaatregelen als bedoeld in artikel 107 VWEU; x. Steunintensiteit: het bruto steunbedrag, uitgedrukt als een percentage van de in aanmerking komende kosten, vóór aftrek van belastingen of andere heffingen; y. Subsidieontvanger: Organisatie die subsidie ontvangt op grond van deze regeling; z. Taxonomieverordening: Verordening (EU) 2020/852 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juni 2020, PB L198/13 van 22 juni 2020; aa. Toewijzingsbrief: brief van de gemeente waaruit blijkt dat een activiteit na een participatie- of gebiedsproces is geselecteerd voor deze regeling en op basis waarvan kan worden afgeleid dat de activiteit lokaal draagvlak geniet; bb. VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, PB C 326/49 van 26 oktober 2012. Artikel 2 Doel Het doel van deze regeling is het leveren van een bijdrage aan de verbetering van de leefkwaliteit in de Aanlandregio, die door de aanlanding van windenergie op zee onder druk komt te staan. Artikel 3 Doelgroep Subsidie wordt verleend aan een Organisatie die: a. een subsidiabele activiteit uitvoert in de Aanlandregio op de grond die of het vastgoed dat zij in eigendom heeft, huurt of pacht of waarvan de eigenaar van de grond of het vastgoed schriftelijk toestemming heeft gegeven aan de Organisatie; en b. hiervoor van de betreffende gemeente een Toewijzingsbrief heeft ontvangen. Artikel 4 Openstelling 1. Gedeputeerde Staten stellen per gemeente in de Aanlandregio een openstellingsbesluit vast. 2. Een openstellingsbesluit bevat ten minste een aanvraagperiode, een subsidieplafond en subsidiehoogte. Gedeputeerde Staten kunnen de hoogte van het subsidieplafond per gebied na sluiting van de openstellingsperiode wijzigen. Indien de wijziging leidt tot een verlaging van het beschikbare budget per gebied, heeft dit geen invloed op de op dat moment ingediende aanvragen. Artikel 5 Subsidieplafond Gedeputeerde Staten stellen per gemeente in de Aanlandregio een subsidieplafond vast. Artikel 6 Subsidiabele activiteiten 1. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten die een bijdrage leveren aan de verbetering van de leefkwaliteit in de Aanlandregio en die vallen binnen één of meerdere van onderstaande thema’s: a. thema 1: behoud en versterken van de natuur; b. thema 2: verbeteren van de fysieke leefomgeving; c. thema 3: versterken van de regionale economie; d. thema 4: versnellen en toepassen van de (duurzame) energietransitie. 2. De activiteiten bedoeld in lid 1 dienen lokaal draagvlak te hebben. 3. In afwijking van artikel 2.5, lid 1, onder e van de Procedureregeling mag de aanvraag betrekking hebben op activiteiten die zijn gestart voorafgaande aan het indienen van de aanvraag, mits de activiteiten niet zijn aangevangen vóór 20 juli 2023. 4. De activiteiten bedoeld in lid 1 mogen, in overeenstemming met artikel 17 van de Taxonomieverordening, geen ernstig afbreuk doen aan de zes klimaat- en milieudoelstellingen, zoals vastgelegd in artikel 9 van de Taxonomieverordening. Artikel 7 Subsidiabele kosten 1. Voor subsidie komen in aanmerking: de uitvoeringskosten van de activiteit, bestaande uit voorbereidingskosten, ontwerpkosten en/of realisatiekosten. 2. Voor de kosten genoemd in lid 1 worden de volgende kostensoorten onderscheiden: a. kosten van de aankoop van grond; b. kosten van de aankoop of huur van onroerend goed; c. kosten van werken; d. kosten van de aankoop, huur of lease van materieel; e. kosten van arbeid, waarbij geldt dat vergoedingen voor vrijwilligersuren niet hoger zijn dan de maximale vrijwilligersvergoeding van de vrijwilligersregeling zoals gepubliceerd op de website van de Belastingdienst; f. binnenlandse reis- en verblijfskosten. 3. Voor Non-profit organisaties geldt in aanvulling op lid 1, dat ook beheer- en onderhoudskosten in aanmerking komen voor subsidie, mits: a. deze toekomstige kosten betreffen voor een periode van maximaal 10 jaar; b. de kosten inzichtelijk worden gemaakt met een offerte; c. voor de beheer- en onderhoudskosten een separate subsidieaanvraag wordt ingediend. 4. Voor de kosten genoemd in lid 3 worden de volgende kostensoorten onderscheiden: a. kosten van werken; b. kosten van arbeid, niet zijnde vergoedingen voor vrijwilligersuren. Artikel 8 Staatssteun 1. Indien de subsidie Staatssteun vormt, wordt deze verleend met toepassing van de in bijlage 1 van deze regeling genoemde bepalingen van de AGVV of de LVV, waarbij bijlage 1 onlosmakelijk onderdeel uitmaakt van deze regeling. 2. Indien de te verstrekken subsidie Staatssteun vormt en buiten het toepassingsbereik valt van het bepaalde in lid 1, wordt subsidie verleend met toepassing van de Reguliere de-minimisverordening of de Landbouw de-minimisverordening, indien mogelijk. Artikel 9 Aanvraag 1. Een aanvraag wordt uiterlijk 31 december 2025 ingediend door inzending van het daartoe vastgestelde formulier. 2. Naast het bepaalde in artikel 2.1, lid 2, van de Procedureregeling bevat de aanvraag: a. een projectplan met daarin een omschrijving van: i. het doel en beoogde effect van de activiteit(en) op de lokale omgeving in relatie tot de thema’s genoemd in artikel 6 van deze regeling; ii. een planning waaruit blijkt dat het de verwa […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.