Subsidieverordening monumenten gemeente Maasdriel 2011
Gemeente Maasdriel
Voor eigenaren van rijks- of gemeentelijke monumenten en stads- en straatbeeldbepalende elementen van bijzondere waarde in de gemeente Maasdriel die restauratie- of onderhoudswerkzaamheden willen uitvoeren.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor restauratie en onderhoud van rijks- en gemeentelijke monumenten en stads- en straatbeeldbepalende elementen in Maasdriel. Eigenaren kunnen tot 40% van de subsidiabele kosten terugkrijgen, met een maximum van €18.500 voor restauratie en €7.500 voor zelfwerkzaamheid.
Voor wie is het bedoeld?
Voor eigenaren van rijks- of gemeentelijke monumenten en stads- en straatbeeldbepalende elementen van bijzondere waarde in de gemeente Maasdriel die restauratie- of onderhoudswerkzaamheden willen uitvoeren.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor restauratie van een gemeentelijk monument
- Financiering van onderhoudswerkzaamheden aan een rijksmonument
- Steun voor herstel van gevelonderdelen aan historische panden
Voorwaarden
- Aanvraag schriftelijk indienen op beschikbaar gesteld formulier in hetzelfde kalenderjaar
- Gespecificeerde begroting, bestek, tekeningen (schaal 1:100), BTW-verklaring en verzekeringsovereenkomst tegen brandschade bijvoegen
- Inspectierapport van bouwkundige staat (niet ouder dan 1 jaar) volgens Monumentenwacht-methodiek bijvoegen
- Eenmaal per kalenderjaar subsidie per monument aanvragen
- Werkzaamheden mogen niet zijn begonnen voordat aanvraag is ingediend
- Bedrijf moet ingeschreven zijn bij Kamer van Koophandel
- Gereedmelding binnen 12 weken na voltooiing met facturen en betalingsbewijzen
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
“De subsidie, zoals bedoeld in het eerste lid, bedraagt 40% van de door of namens het college goedgekeurde subsidiabele kosten, met een maximum van € 18.500,00.”
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Reikwijdte verordening Artikel 3 Bevoegdheid Artikel 4 Subsidieplafond Artikel 5 Afhandeling aanvragen op volgorde van binnenkomst Artikel 6 Nader verdeelcriterium HOOFDSTUK 2 AANVRAAGPROCEDURE Artikel 7 Indiening subsidieaanvraag HOOFDSTUK 3 SUBSIDIEVERLENING Artikel 8 Advies Monumentencommissie Artikel 9 Subsidiepercentage en maximum restauratie Artikel 10 Subsidiepercentage en -maximum onderhoud Artikel 11 Subsidiepercentage en -maximum bouwhistorisch onderzoek Artikel 12 Subsidiabele kosten Artikel 13 Restauratiewerkzaamheden Artikel 14 Onderhoudswerkzaamheden Artikel 15 Afwijzingscriteria HOOFDSTUK 4 SUBSIDIEVASTSTELLING EN -UITBETALING Artikel 16 Gereedmelding Artikel 17 Subsidievaststelling Artikel 18 Voorschot HOOFDSTUK 5 OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 19 Hardheidsclausule Artikel 20 Overgangsbepaling Artikel 21 Inwerkingtreding Artikel 22 Citeertitel Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR445105 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR445105/1 sluiten Subsidieverordening monumenten gemeente Maasdriel 2011 Geldend van 01-01-2011 t/m heden Intitulé Subsidieverordening monumenten gemeente Maasdriel 2011 De raad van de gemeente Maasdriel; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 2 november 2010; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de volgende: Subsidieverordening monumenten gemeente Maasdriel 2011 HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Deze verordening verstaat onder: a. Gemeentelijke monumenten: onroerende en roerende zaken die zijn opgenomen in het monumentenregister van de gemeente Maasdriel zoals bedoeld in de "Monumentenverordening". b. Rijksmonumenten: monumenten welke zijn opgenomen in het monumentenregister zoals bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet 1988. c. Stads- en straatbeeldbepalende elementen van bijzondere waarde: gevelelementen aan panden, voorgevels, tuinmuren - inclusief eventuele beplanting - en stoepen die gelegen zijn aan de openbare weg, dan wel andere al dan niet daarbij behorende elementen welke naar het oordeel van burgemeester en wethouders bijdragen aan het stads- of dorpsschoon in de historische kernen van de gemeente Maasdriel. d. Monumentencommissie: de op basis van artikel 15, lid 1 Monumentenwet 1988 ingestelde commissie met als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Monumentenverordening en het monumentenbeleid. e. Onderhoud: werkzaamheden noodzakelijk om een monument in goede staat te houden of als zodanig in stand te houden of toekomstig onderhoud en kostbare restauraties te voorkomen of te verminderen. f. Restauratie: werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor de instandhouding van een monument en die het onderhoud, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, sub e, te boven gaan. g. Vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of artikel 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. h. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasdriel. i. Eigenaar: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die het recht van eigendom heeft op een rijks- of gemeentelijk monument of een stads- en straatbeeldbepalend element van bijzondere waarde. j. Fiscaal relevante eigenaar: Eigenaar van een monument die recht heeft op fiscale aftrek van onderhoudskosten rijksmonumenten, bedoeld in artikel 6.31 Wet op de inkomstenbelasting 2001. k. Bouwhistorisch onderzoek: in schriftelijke rapportage vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument. l. Historisch interieur: binnenruimte van bijzondere waarde. 2. In deze verordening wordt onder eigenaar mede verstaan: a. degene die het recht van opstal heeft; b. de houder van een recht van opstal; c. de toekomstige eigenaar, erfpachter of houder van een recht van opstal. Artikel 2 Reikwijdte verordening Deze verordening is van toepassing op subsidieaanvragen van een eigenaar voor bouwhistorischonderzoek, restauratie en onderhoud. Artikel 3 Bevoegdheid 1. Het college is bevoegd tot het verlenen, vaststellen en uitbetalen van subsidie als bedoeld in deze verordening en aan deze besluiten voorschriften te verbinden. 2. Het college is eveneens bevoegd tot het intrekken of wijzigen van subsidieverlenings- of subsidievaststellingsbesluiten, alsmede tot het geheel of gedeeltelijk terugvorderen van subsidiegelden. 3. Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening. Artikel 4 Subsidieplafond 1. De raad stelt voor ieder kalenderjaar een subsidieplafond, als bedoeld in artikel 4:25 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht, vast, voor de in deze verordening beschreven subsidies. 2. Bij de vaststelling van het subsidieplafond wordt bepaald hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld, over de in deze verordening beschreven subsidies voor restauratie en onderhoud. 3. Bij de bekendmaking van het subsidieplafond wordt de wijze van verdeling vermeld. Artikel 5 Afhandeling aanvragen op volgorde van binnenkomst Aanvragen om subsidie op grond van deze verordening worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld. Artikel 6 Nader verdeelcriterium 1. Indien een subsidieplafond als bedoeld in artikel 4 na toepassing van artikel 5 dreigt te worden overschreden of wordt overschreden als gevolg van het aantal aanvragen dat op dezelfde dag wordt ontvangen, worden de aanvragen die op die dag ontvangen zijn, door middel van loting gerangschikt. 2. De hoogst gerangschikte aanvraag komt het eerst voor subsidie in aanmerking. HOOFDSTUK 2 AANVRAAGPROCEDURE Artikel 7 Indiening subsidieaanvraag 1. Voor hetzelfde rijks- of gemeentelijk monument, of stads- en straatbeeldbepalend element van bijzondere waarde, kan éénmaal per kalenderjaar subsidie op grond van deze verordening worden aangevraagd. 2. Een aanvraag om subsidie op grond van deze verordening wordt schriftelijk bij het college ingediend, op een daartoe beschikbaar gesteld formulier, in het desbetreffende kalenderjaar. 3. Bij het aanvraagformulier wordt gevoegd: a. een gespecificeerde begroting van de kosten; b. een bestek c.q. werkomschrijving; c. tekeningen van de bestaande en te maken toestand (schaal 1 : 100); d. een BTW-verklaring; e. een verzekeringsovereenkomst tegen brandschade; f. een inspectierapport, niet ouder dan 1 jaar, van de bouwkundige staat, volgens de methodiek van de Monumentenwacht, opgesteld door een onafhankelijke deskundige of een deskundige instantie. HOOFDSTUK 3 SUBSIDIEVERLENING Artikel 8 Advies Monumentencommissie Alvorens een beslissing te nemen op de aanvraag, kan het college het advies inwinnen van de Monumentencommissie. Artikel 9 Subsidiepercentage en maximum restauratie 1. Aan de eigenaar van een gemeentelijk monument kan een subsidie worden verleend ter tegemoetkoming in de kosten van het treffen van: a. voorzieningen tot opheffing van bouwtechnische gebreken, het normale onderhoud te boven gaand; b. overige voorzieningen, het normale onderhoud te boven gaand, die voor de instandhouding van het monument noodzakelijk zijn, oftewel restauratie. 2. De subsidie, zoals bedoeld in het eerste lid, bedraagt 40% van de door of namens het college goedgekeurde subsidiabele kosten, met een maximum van € 18.500,00. 3. Indien de restauratie, zoals bedoeld in het eerste lid, geheel in zelfwerkzaamheid wordt uitgevoerd, kan slechts een subsidie worden verleend in de materiaalkosten. De subsidie bedraagt dan 40% van de subsidiabele materiaalkosten, met een maximum van € 7.500,00. Artikel 10 Subsidiepercentage en -maximum onderhoud 1. Aan de eigenaar van een gemeentelijk- of een niet-fiscaalrelevante eigenaar van een rijksmonument kan een subsidie worden verleend in de kosten voor onderhoud. 2. Aan de eigenaar van een stads- en straatbeeldbepalend element met bijzondere waarde kan een subsidie worden verleend in de kosten van herstel van deze elementen. 3. De subsidie bedraagt maximaal 30% van de onderhoudskosten of van de herstelkosten, tot een maximum van € 2.500,00. 4. Subsidie wordt uitsluitend verleend als: a. de door het college subsidiabel geachte kosten voor onderhoud een bedrag van € 600,00 te boven gaan. Als het onderhoud geheel in zelfwerkzaamheid wordt uitgevoerd wordt slechts subsidie verleend in de materiaalkosten voor zover deze een bedrag van € 450,00 te boven gaan; b. de door het college subsidiabel geachte kosten voor herstel een bedrag van € 200,00 te boven gaan. Als het herstel geheel in zelfwerkzaamheid wordt uitgevoerd kan subsidie slechts worden verleend in de materiaalkosten voor zover deze een bedrag van € 100,00 te boven gaan. Artikel 11 Subsidiepercentage en -maximum bouwhistorisch onderzoek 1. Aan de eigenaar kan een subsidie worden verleend in de kosten voor een bouwhistorisch onderzoek. 2. De subsidie zoals bedoeld in het eerste lid, bedraagt maximaal 75% van de totale onderzoekskosten, met een maximum van € 3.000,00. 3. Subsidie kan uitsluitend worden verleend indien: a. er een sloop, verbouw of restauratie behoefte aan ten grondslag ligt; b. het pand niet eerder voor subsidie, betreffende het uitvoeren van een bouwhistorisch onderzoek, op grond van deze verordening in aanmerking is gekomen. Artikel 12 Subsidiabele kosten 1. De subsidie voor restauratie en onderhoud wordt verleend in de door het college goedgekeurde subsidiabele kosten overeenkomstig een door het college vast te stellen "Lijst van subsidiabele restauratie- en onderhoudskosten". 2. Onder kosten van voorzieningen worden in elk geval begrepen de geraamde en de door of namens het college goedgekeurde bedragen van: a. de aannemingssom; b. de risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen; c. het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van het dagelijks toezicht en de bestedingskosten; d. eventueel noodzakelijk meerwerk; e. de leges voor enige vergunning die nodig is voor het treffen van de voorzieningen; f. de verschuldigde omzetbelasting, voor zover die niet op grond van de Wet op de omzetbelasting op verschuldigde belastingen in mindering kan worden gebracht. g. het abonnement van de Monumentenwacht; h. de kosten van de CAR-verzekering. Artikel 13 Restauratiewerkzaamheden 1.Subsidie kan worden verleend in de volgende kosten van voorzieningen: a. herstel van het casco. Onder casco wordt verstaan: de hoofdstructuur van het gemeentelijk monument, bestaande uit de dragende onderdelen en het omhulsel. Te weten dak-, kap- en gebintconstructie, vloeren, balklagen, dragende muren, fundering, kelder en gewelven; b. het aanbrengen van een dakbeschot waar dit niet aanwezig is en voor zover hiertoe een constructieve noodzaak bestaat. Indien de voorkeur wordt gegeven aan isolerende dakplaten kan de helft van de kosten in de meeste gevallen als subsidiabel worden aangemerkt; c. alle onderhoudswerkzaamheden als nader omschreven in artikel 16, indien deze tegelijk met één of meer van de hier genoemde restauratiewerkzaamheden worden uitgevoerd; d. herstel van afzonderlijke monumentale onderdelen (in- en exterieur) al dan niet in combinatie met herstel van het casco. Het gaat dan om zaken als schouwen, vloeren, trappartijen, plafonds, schilderingen, pleister- en schilderwerk, bijzonder behang, raam- en deurpartijen met omlijsting en gevelonderdelen; e. hers […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.