Nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen en onderwijskansenbeleid
Gemeente Medemblik
Voor aanbieders van kinderopvang en voorschoolse voorzieningen in gemeente Medemblik die voorschoolse educatie aanbieden; voor kinderen van 2-13 jaar met risico op onderwijsachterstanden en hun ouders.
Ook bekend als GOAB, VE, VVE, Onderwijskansenbeleid Medemblik
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling van gemeente Medemblik voor voorschoolse voorzieningen met voorschoolse educatie en activiteiten onder het onderwijskansenbeleid. Gericht op kinderen van 2-13 jaar met risico op onderwijsachterstanden. Gefinancierd uit het GOAB-budget (geoormerkte rijksmiddelen voor onderwijsachterstandenbeleid).
Voor wie is het bedoeld?
Voor aanbieders van kinderopvang en voorschoolse voorzieningen in gemeente Medemblik die voorschoolse educatie aanbieden; voor kinderen van 2-13 jaar met risico op onderwijsachterstanden en hun ouders.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie (VE) peuteropvang
- Financiering van kinderopvang voor doelgroeppeuters
- Ondersteuning van onderwijskansenbeleid in gemeente Medemblik
- Toegankelijk aanbod van peuteropvang voor gezinnen zonder recht op kinderopvangtoeslag
Voorwaarden
- Aanbieder moet in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerd zijn
- Voorschoolse voorziening moet erkend VVE-programma uitvoeren (opgenomen in databank Effectieve Jeugdinterventies)
- Voor doelgroeppeuters: indicatie van jeugdgezondheidszorg (JGZ) vereist
- Naleving van wettelijke basiskwaliteit kinderopvang en voorschoolse educatie
- Voor nieuwe locaties: aangetoond moet worden dat behoefte bestaat aan regulier en/of VE-aanbod
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1. Begripsomschrijving Artikel 2 Doel Artikel 3 De aanvrager Artikel 4 De aanvraag Artikel 5 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens Artikel 6 Doelgroepen Artikel 7 Hoogte van de subsidie Artikel 8 Subsidieplafond en Subsidieprogramma Artikel 9 Voorwaarden om voor subsidie in aanmerking te komen Artikel 10 Toetsing recht op een gesubsidieerde peuterplek Artikel 11 Ouderbijdrage Artikel 12 De subsidieverlening Artikel 13 Verantwoording en vaststelling subsidie Artikel 14 Hardheidsclausule Artikel 15 Citeertitel Artikel 16 Reikwijdte van de nadere regels Artikel 17 Duur van de nadere regels Ondertekening Bijlage 1: VNG Adviestabel inkomensafhankelijke ouderbijdrage peuterwerk 2015 Bijlage 2 Verklaring Geen recht op kinderopvangtoeslag Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR627794 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR627794/2 sluiten Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik houdende regels omtrent subsidie (Nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen Medemblik) Geldend van 04-10-2019 t/m heden Intitulé Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik houdende regels omtrent subsidie (Nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen Medemblik) Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik; gelet op titel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2 van de Algemene subsidieverordening gemeente Medemblik; besluit: vast te stellen de navolgende nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen Medemblik met inbegrip van de daarbij behorende bijlagen. Artikel 1. Begripsomschrijving In deze nadere regels wordt verstaan onder: a. Medemblikse (doelgroep)peuters: in de gemeente Medemblik woonachtige kinderen van 2 tot 4 jaar. b. Bestuursrechtelijke handhaving: handhaving in de vorm van een genomen besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom, bestuurlijke dwang of een bestuurlijke boete. c. College: het college van burgemeester en wethouders. d. Doelgroeppeuter: kind dat op indicatie van GGD Hollands Noorden in aanmerking komt voor een peuterplek Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE). e. Houder: een rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregistratiewet toebehoort, waarbij onder ‘onderneming’ wordt begrepen een in Medemblik gevestigde locatie voor kinderopvang waar peuterwerk wordt uitgevoerd en in het LRPK staat geregistreerd als kinderdagverblijf. f. Inkomensverklaring (voorheen IB60): een officiële verklaring van de Belastingdienst inzake de inkomensgegevens van een persoon in een bepaald belastingjaar. g. Voorschoolse voorziening: locatie waar hele of halve dagopvang voor kinderen tussen 0-4 jaar wordt gerealiseerd en/of een locatie waar peuterwerk voor kinderen tussen 2-4 jaar wordt gerealiseerd, volgens de eisen van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. h. Exclusieve peutervoorziening: locatie waar alleen peuterwerk wordt gerealiseerd voor kinderen tussen 2-4 jaar, volgens de eisen van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. In het LRKP geregistreerd als kinderopvang. i. Kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van het Rijk aan ouders bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor in het LRKP geregistreerde kinderopvang. j. LRKP: Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen: Register waarin kinderopvangvoorzieningen en peuterspeelzalen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke eisen. k. Ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor afname van een peuterplek (hetzij regulier, hetzij VVE) voor hun kind, afgestemd op het verzamelinkomen van het huishouden en op basis van de “VNG Adviestabel ouderbijdrage peuterspeelzaalwerk”. l. VNG Adviestabel ouderbijdrage peuterwerk: door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) opgestelde adviestabel (jaarlijks geïndexeerd) voor te hanteren inkomensafhankelijke ouderbijdrage voor een af te nemen peuterplek. m. Ouders: ouder(s) en verzorgers van de peuter. n. Peuterplek Regulier: plek van twee dagdelen per week, verspreid over minimaal twee weekdagen, gedurende 40 weken per jaar. Het aantal uren per peuterplek per week is 6. De plek bevindt zich op een voorschoolse voorziening die in het LRKP als kinderdagverblijf staat geregistreerd. o. Peuterwerk: educatieve opvang voor kinderen van 2 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen en die voldoet aan de eisen uit de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen met het daarbij behorende Besluit basisvoorwaarde kwaliteit voorschoolse educatie. Peuterwerk wordt uitgevoerd op voorschoolse voorzieningen in groepen van maximaal 16 peuters per groep. De ontwikkelingen van de peuters wordt gevolgd door middel van een observatiesysteem. p. Voorschoolse voorziening: de locatie, geregistreerd als kinderdagverblijf in Medemblik in het LRKP, waar de houder peuterwerk uitvoert. De locatie is ten minste twee dagdelen per week geopend voor peuterwerk. q. Vereiste taalniveaus: de landelijke gehanteerde eisen aan de taalniveaus van pedagogisch medewerkers op de voorschoolse voorziening, te weten 2F voor schrijfvaardigheid en 3F voor spreek- en luistervaardigheid. Deze eisen zijn afkomstig uit de Referentieniveaus taal van de commissie Meijerink. r. Verzamelinkomen: door de Belastingdienst gehanteerde term voor het jaarinkomen uit box 1, box 2 en box 3 verminderd met de aftrekposten. Het betreft hier het jaarinkomen van het hele gezin. s. VVE (voor- en vroegschoolse educatie): hier opgevat als peuterwerk voor kinderen van 2 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin via een VVE-programma gericht op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. t. VVE-programma: één van de volgende programma’s voor voorschoolse educatie, gericht op de vier ontwikkelingsdomeinen taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkelingen: Piramide, Ko-totaal, Startblokken, Peuterplein en Kleuterplein, Kaleidoscoop, Schatkist, Sporen, Doe meer met Bas en Speelplezier. u. VVE Convenant gemeente Medemblik: het convenant tussen voorschoolse voorzieningen, basisscholen, de gemeente Medemblik en GGD Hollands Noorden waarin afspraken zijn vastgesteld over de uitvoering van VVE in de gemeente Medemblik. Artikel 2 Doel Deze nadere regels hebben als doelstelling het mogelijk maken van de uitvoering van gesubsidieerd peuterwerk, inclusief VVE. Artikel 3 De aanvrager Een subsidieaanvraag kan enkel worden ingediend door de houder. Artikel 4 De aanvraag 1. De aanvraag van de houder moet door de gemeente zijn ontvangen voor 1 juni van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waar subsidie voor aangevraagd wordt. 2. Alleen tijdig ingediende en complete subsidieaanvragen, inclusief alle gevraagde bijlagen, worden in behandeling genomen. Artikel 5 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens Voor de aanvraag van subsidie dienen de volgende gegevens en stukken overlegd te worden: 1. Het algemeen formulier aanvraag subsidie van de gemeente Medemblik. 2. Een begroting en balans van de voorschoolse voorziening inclusief dekkingsplan (opgave van bij andere personen of organisaties aangevraagde subsidie of vergvoedingen ten behoeve van dezelfde activiteit). 3. Een activiteitenplan met daarin opgenomen het aantal peuters waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 4. Houders die in de voor 1 januari 2016 geen subsidie voor peuterwerk hebben ontvangen, dienen daarnaast aan te leveren: statuten, uittreksel Kamer van Koophandel, de meest recente versie van het jaarverslag, de jaarrekening en de balans. 5. Conform het gestelde in artikel 9 lid 1 sub a: de VVE certificaten van de pedagogisch medewerkers van de voorschoolse voorziening waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Deze voorwaarde geldt alleen voor: • Voor elke nieuw te starten voorschoolse voorziening met peuterplekken waar subsidie voor aangevraagd wordt, en/of • Voor een nieuw aan te stellen pedagogisch medewerker op een voorschoolse voorziening met peuterplekken waar subsidie voor aangevraagd wordt en waarvoor in de voorafgaande periode subsidie voor peuterwerk is verstrekt. 6. Conform het gestelde in artikel 9 lid 1 sub b: bewijzen van taalniveaus van de pedagogisch medewerkers van de voorschoolse voorziening met peuterplekken waarvoor subsidie wordt aangevraagd, dan wel bewijzen van lopende deelname aan taalscholing die tot doel heeft de vereiste taalniveaus te bereiken. De voorwaarde geldt alleen: • Voor elke nieuw te starten voorschoolse voorziening met peuterplekken waar subsidie voor aangevraagd wordt, en/of • Voor een nieuw aan te stellen pedagogisch medewerker op een voorschoolse voorziening met peuterplekken waar subsidie voor aangevraagd wordt en waarvoor in de voorafgaande periode subsidie voor peuterwerk is verstrekt. Artikel 6 Doelgroepen Subsidie is beschikbaar voor de volgende peuters: 1. Medemblikse peuters van 2 jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, die een peuterplek regulier bezetten van twee dagdelen per week, waarvan de ouders aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag: subsidie beschikbaar voor twee dagdelen per week. 2. Medemblikse doelgroeppeuters van 2 jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, die een peuterplek VVE bezetten en waarvan de ouders aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag: subsidie beschikbaar voor 10 uur per week verdeeld over ten minste twee weekdagen. Artikel 7 Hoogte van de subsidie 1. Het college subsidieert het verschil tussen het bij “Besluit Kinderopvangtoeslag” (jaarlijks geïndexeerd) vastgestelde maximaal uurtarief en de op basis van de “VNG Adviestabel ouderbijdrage peuterspeelzaalwerk” vastgestelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage, daar waar de ouder aantoon geen aanspraak kan maken op kinderopvangtoeslag. 2. Het college subsidieert een bedrag per daadwerkelijk bezette peuterplek met een maximum van regulier 6 uur per week, 40 weken per jaar en VVE 10 uur per week, 40 weken per jaar. 3. Naast de in lid 1 en lid 2 genoemde subsidiebedragen stelt het college een “Toeslag exclusieve peutervoorzieningen” beschikbaar aan een exclusieve peutervoorziening zoals bedoeld in artikel 1 onder h van deze nadere regels. Deze toeslag is een bedrag per daadwerkelijke bezette peuterplek met een maximum van regulier 6 uur per week, 40 weken per jaar en VVE 10 uur per week, 40 weken per jaar. De hoogte van de toeslag per uur wordt jaarlijks opgenomen in het, door de gemeenteraad vast te stellen, subsidieplafond en het subsidieprogramma. Daar waar door de jaarlijkse indexering het maximaal uurtarief wijzigt, wijzigt ook deze toeslag met een gelijk indexeringspercentage. De toeslag wordt beschikbaar gesteld voor alle peuters die daadwerkelijk gebruik maken van de exclusieve peutervoorziening. Deze toeslag is alleen bestemd voor het in stand houden van peutervoorzieningen in de kernen. De volgende peutervoorziening kunnen aanspraak maken op deze toeslag: Stichting Peuterspeelzaal Medemblik ’t Speelkasteel en Kindercentrum Berend Botje Medemblik b.v. op hun locaties in Wognum, Hauwert, Twisk, Opperdoes, Nibbixwoud, Benningbroek en Onderdijk. Andere bestaande en nieuw op te zetten peutervoorzieningen zijn […tekst ingekort]
Toon brontekst
Nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen en onderwijskansenbeleid - gemeente Medemblik Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik; gelet op: - titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2 van de Algemene subsidieverordening gemeente Medemblik; - wetgeving met betrekking tot Voor- en vroegschoolse educatie:Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie (Wet OKE)Wet KinderopvangWet op het Primair OnderwijsWet op het Onderwijstoezicht overwegende dat het voor de subsidiëring van voorschoolse voorzieningen en activiteiten die vallen onder het Onderwijskansenbeleid noodzakelijk is om nadere regels vast te stellen; besluit: De Nadere regels subsidie voorschoolse voorzieningen en onderwijskansenbeleid - gemeente Medemblik, met inbegrip van de daarbij behorende bijlagen, vast te stellen. Beleidskader Onderwijskansenbeleid gemeente Medemblik Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze nadere regels wordt verstaan onder: - Aanbieder: de rechtspersoon die kinderopvang exploiteert in de zin van de Wet kinderopvang. - College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik. - Doelgroeppeuter: kind in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar dat woont in de gemeente Medemblik, met een risico op een onderwijsachterstand, die op indicatie van de jeugdgezondheidszorg in aanmerking komt voor extra dagdelen op een voorschoolse voorziening met voorschoolse educatie. - Fiscaal uurtarief: maximaal uurtarief dat de Belastingdienst hanteert voor de vergoeding voor de kosten van kinderopvang. - GOAB budget: het budget voor het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid. De gemeente ontvangt geoormerkte middelen van het Rijk voor het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden. De voor- en vroegschoolse educatie (VVE) vormt het belangrijkste onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid van de Rijksoverheid. - Hele dagopvang : een voorschoolse voorziening voor kinderen van 0-4 jaar. - Inkomensverklaring: een officiële verklaring van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar. - JGZ: jeugdgezondheidszorg, in Medemblik uitgevoerd door de GGD Hollands Noorden. - Kinderopvangtoeslag (KOT): de tegemoetkoming vanuit het Rijk, die ouders kunnen aanvragen bij de Belastingdienst, bedoeld als bijdrage in de kosten voor in het LRK geregistreerde kinderopvang. - Kleine kernen: dorpskernen in de gemeente Medemblik waar niet meer dan één locatie VE peuteropvang is met één groep met maximaal 16 peuters. - LRK: Landelijk Register Kinderopvang, het register waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen die voldoen aan de kwaliteitseisen, als bedoeld in de Wet kinderopvang. - Ouderbijdrage: een verplichte inkomensafhankelijke bijdrage die ouders betalen aan de aanbieder voor uren die ze afnemen van reguliere of VE peuteropvang voor hun kind, op basis van de “VNG Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang”. Dit is van toepassing voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. - Peuteropvang: een voorschoolse voorziening bestemd voor kinderen van 2 tot 4 jaar. - Peuterplaats: een kindplaats op de peuteropvang. - Reguliere peuter: kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar dat woont in de gemeente Medemblik, zonder indicatie voor voorschoolse educatie. - Subsidiabel uurtarief: het jaarlijks door het college vastgestelde maximaal te subsidiëren uurtarief voor voorschoolse voorzieningen met VE. - VE: Voorschoolse educatie. Dit betreft een voorschools aanbod voor peuters om (het risico op) onderwijsachterstanden bij aanvang van het basisonderwijs te verminderen of te voorkomen. - VE peuteropvang: peuteropvang met voorschoolse educatie. - Voorschoolse voorziening: de locatie, in het LRK geregistreerd als kinderdagverblijf in de gemeente Medemblik, waar de aanbieder peuteropvang of hele dagopvang verzorgt. - VVE-programma: een erkend programma voor voor- en vroegschoolse educatie. Deze moet opgenomen zijn in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut. De voorschoolse educatie wordt uitgevoerd in de kinderopvang, de vroegschoolse educatie in de groepen 1-2 van het basisonderwijs. - VNG: Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Artikel 2. Het doel van deze subsidieregels Het bevorderen van gelijke ontwikkelkansen voor kinderen van 2-13 jaar uit de gemeente Medemblik door: - een kwalitatief goed, voldoende gespreid en financieel toegankelijk aanbod van voorschoolse voorzieningen met voorschoolse educatie; - aanvullende activiteiten voor peuters en basisschoolleerlingen die bijdragen aan het voorkomen of bestrijden van onderwijsachterstanden . Artikel 3. Subsidiabele activiteiten De volgende activiteiten komen in aanmerking voor subsidie: - Peuteropvang met voorschoolse educatie (kortdurend product met dagdelen van 4 uur):Om in aanmerking te komen voor subsidieverlening biedt de peuteropvang 16 uur per week voorschoolse educatie aan doelgroeppeuters van 2,5-4 jaar uit de gemeente Medemblik, verdeeld over vier dagen per week gedurende 40 weken per jaar, met een aanbod per doelgroeppeuter van 640 uur per jaar. Over een periode van 1,5 jaar moet er een aanbod zijn van tenminste 960 uur per doelgroeppeuter. - Aanbod voorschoolse educatie in de hele dagopvang:Om in aanmerking te komen voor subsidieverlening biedt de hele dagopvang minimaal 16 uur en maximaal 16,5 uur per week voorschoolse educatie aan doelgroeppeuters van 2,5-4 jaar uit de gemeente Medemblik, in horizontale groepen, verdeeld over drie dagen per week gedurende 40 weken, met een aanbod per doelgroeppeuter van tenminste 640 uur per jaar en maximaal 660 uur per jaar. Over een periode van 1,5 jaar moet er een aanbod zijn van tenminste 960 uur per doelgroeppeuter. - De inzet van een HBO-coach/beleidsmedewerker in de voorschoolse educatie:Om in aanmerking te komen voor subsidieverlening biedt de voorschoolse voorziening voorschoolse educatie aan en zorgt voor de wettelijk verplichte inzet van de HBO-coach/beleidsmedewerker voor gemiddeld 10 uur bruto per jaar per doelgroeppeuter. - Het aanbieden van voorschoolse educatie in de kleine kernen:Uitsluitend peuteropvang met voorschoolse educatie in een dorpskern, waarin maximaal één VE aanbieder is gevestigd met één VE-peutergroep met maximaal 16 kindplaatsen, komt in aanmerking voor kleine kernensubsidie. - Scholing voorschoolse educatie:Voorschoolse voorzieningen met voorschoolse educatie kunnen subsidie aanvragen voor de basisscholing en herhalingstrainingen VE voor pedagogisch medewerkers, mits het budget het toelaat. - Activiteiten gericht op het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden bij peuters en basisschoolleerlingen:Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen vallen onder de ambities van het Onderwijskansenbeleid gemeente Medemblik. Het betreft ontwikkeling, coördinatie, uitvoering en/of kwaliteitsverbetering van activiteiten die de onderwijskansen van kinderen van 2-13 jaar met (een risico op) een onderwijsachterstand verbeteren. Artikel 4. De hoogte van de subsidies voor voorschoolse voorzieningen met VE - Het aanbieden van voorschoolse educatie in de peuteropvang (kortdurend product met dagdelen van vier uur), op grond van artikel 3 sub A van deze nadere regels:Het college stelt jaarlijks het subsidiabel uurtarief vast voor peuteropvang met voorschoolse educatie op basis van:het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag, van de Belastingdienst;een opslag per uur voor de uitvoering van de wettelijke kwaliteitseisen en de door de gemeente Medemblik gehanteerde criteria voor voorschoolse educatie in de peuteropvang.Subsidie voor voorschoolse educatie in de peuteropvang wordt verleend aan de aanbieder voor:Peuters zonder VE-indicatie, waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag;Peuters zonder VE-indicatie, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;Doelgroeppeuters, waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag;Doelgroeppeuters , waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag.De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat een peuter contractueel gebruik heeft gemaakt van voorschoolse educatie keer het geldende uurtarief, bij een aanbod van 640 uur per jaar (conform artikel 3, sub A). Voor 2026 is het maximum subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie in de peuteropvang € 13,39. Dat bedrag bestaat uit het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag (€ 11,23), met een opslag van € 2,16 per uur. Op het tarief vindt geen automatische indexering plaats.De subsidie voor de eerste twee dagdelen voorschoolse educatie wordt verrekend met het fiscaal maximum (voor ouders met recht op kinderopvangtoeslag) óf de ouderbijdrage (voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag). Het 3e en 4e dagdeel wordt voor doelgroeppeuters volledig gesubsidieerd.Het geldende uurtarief wordt berekend volgens onderstaande tabel:Recht op kinderopvangtoeslagUurtarief eerste twee dagdelen per weekUurtarief 3e en 4e dagdeel per week volledig gesubsidieerd / uitsluitend voor doelgroeppeutersJaSubsidiabel uurtarief -/-fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslagMaximum subsidiabel uurtarief, alleen voor doelgroeppeutersNeeSubsidiabel uurtarief -/-ouderbijdrageMaximum subsidiabel uurtarief, alleen voor doelgroeppeuters - Het aanbieden van voorschoolse educatie in de hele dagopvang, op grond van artikel 3 sub B van deze nadere regels:Het college stelt jaarlijks het subsidiabel uurtarief vast voor peuteropvang met voorschoolse educatie op basis van:het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag, van de Belastingdienst;een opslag per uur voor de uitvoering van de wettelijke kwaliteitseisen en de door de gemeente Medemblik gehanteerde criteria voor voorschoolse educatie in de hele dagopvang.Subsidie voor voorschoolse educatie in de hele dagopvang wordt aan de aanbieder verleend voor:Peuters zonder VE-indicatie, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;Doelgroeppeuters, waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag;Doelgroeppeuters, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag.De subsidie betreft peuters die contractueel op 3 dagen per week gebruik maken van de opvang. De hoogte van de gesubsidieerde uren is het aantal uren dat een peuter gebruik heeft gemaakt van het beschreven aanbod voorschoolse educatie van maximaal 5,5 uur per dag keer het geldende uurtarief, bij een aanbod van 640-660 uur per jaar (conform artikel 3, sub B). Voor 2026 is het maximum subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie in de hele dagopvang € 13,39 (fiscaal maximum van € 11,23 met een opslag van € 2,16). Op het tarief vindt geen automatische indexering plaats.Het geldende uurtarief voor peuters zonder VE-indicatie, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag (artikel 4.B.2.a), wordt berekend volgens onderstaande tabel:Recht op kinderopvangtoeslag hele dagopvangUurtarief VE aanbod op eerste twee dagdelen per weekUurtarief VE aanbod op 3e dagdeel per week NeeFiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag -/-ouderbijdragen.v.t.De subsidie voor doelgroeppeuters (artikel 4.B.2.b en c) voor het aanbod voorschoolse educatie op het 1e en 2e dagdeel wordt verrekend met het fiscaal maximum. Het VE aanbod op het 3e dagdeel wordt voor doelgroeppeuters volledig gesubsidieerd.Het geldende uurtarief voor doelgroeppeuters wordt berekend volgens onderstaande tabel:Recht op kinderopvangtoeslag doelgroeppeuters hele dagopvangUurtarief VE aanbod op eerste twee dagdelen per weekUurtarief VE aanbod op 3e dagdeel per week volledig gesubsidieerd / uitsluitend voor doelgroeppeutersJaSubsidiabel uurtarief -/-fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslagMaximum subsidiabel uurtarief, alleen voor doelgroeppeutersNeeSubsidiabel uurtarief -/-ouderbijdrageMaximum subsidiabel uurtarief, alleen voor doelgroeppeuters Artikel 5. Ouderbijdrage voor reguliere en doelgroeppeuters op de VE peuteropvang 1.. Voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag geldt een inkomensafhankelijke bijdrage per uur op basis van de “VNG Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang” (zie bijlage 1). 2.. Om te toe […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.