Subsidieregeling Pilot ontwikkelingsgerichte dagbesteding als beschikkingsvrije voorziening 2025
Gemeente Nijmegen en Gemeente Berg en Dal
Voor aanbieders van ontwikkelingsgerichte dagbesteding die deelnamen aan de pilot in 2024 en diensten leveren aan volwassenen met psychiatrische aandoeningen, verstandelijke beperkingen of niet-aangeboren hersenletsel die zelfstandig wonen in Nijmegen of Berg en Dal.
Ook bekend als Pilot indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding, Beschikkingsvrije dagbesteding Nijmegen Berg en Dal
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor aanbieders van ontwikkelingsgerichte dagbesteding in de gemeenten Nijmegen en Berg en Dal. De pilot biedt dagbesteding als beschikkingsvrije (indicatievrije) voorziening voor mensen met beperkingen die ondersteuning nodig hebben bij zinvolle dagbesteding. Aanbieders ontvangen subsidie ter vervanging van regionale contracten.
Voor wie is het bedoeld?
Voor aanbieders van ontwikkelingsgerichte dagbesteding die deelnamen aan de pilot in 2024 en diensten leveren aan volwassenen met psychiatrische aandoeningen, verstandelijke beperkingen of niet-aangeboren hersenletsel die zelfstandig wonen in Nijmegen of Berg en Dal.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor dagbesteding zonder indicatiestelling
- Financiering van ontwikkelingsgerichte dagbesteding als beschikkingsvrije voorziening
- Deelname aan pilot indicatievrije dagbesteding in Nijmegen of Berg en Dal
Voorwaarden
- Aanbieder moet hebben deelgenomen aan de pilot in 2024
- Dagbesteding moet gericht zijn op persoonlijke ontwikkeling en participatieladder
- Aanbieder moet acceptatieplicht hanteren tenzij zwaarwegende redenen bestaan
- Aanbieder moet visie op diversiteit en cultuursensitief werken hebben vastgelegd
- Deelnemers moeten zelfstandig wonen in Nijmegen of Berg en Dal
- Deelnemers mogen geen Wlz- of beschermd wonen Wmo-indicatie hebben
- Aanbieder moet maandelijks/per kwartaal gegevens over instroom, uitstroom en dagdelen aanleveren
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Inhoud en doel pilot 1.1 Pilot indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding 1.2 Doel en monitoring Hoofdstuk 2 Inhoudelijk en financieel kader 2.1 Missie en visie 2.2 Doel dagbesteding 2.3 Doelgroep 2.4 Aanbod 2.5 Toegankelijkheid 2.6 Afstemming met uitstroom/doorstroom naar andere voorzieningen 2.7 Integrale ondersteuning 2.8 Vervoer 2.9 Financieel kader 2.10 Overgang en deelnemersbijdrage Hoofdstuk 3 Kwaliteitseisen 3.1 Personeel en vrijwilligers 3.2 Medezeggenschap, cliëntparticipatie, klachtenregeling en rechtspositie 3.3 Kwaliteitssysteem 3.4 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling 3.5 Privacy 3.6 Wmo-toezicht 3.7 Beëindigen van subsidierelatie Hoofdstuk 4 Aanvraag en verantwoording 4.1 Indiening en besluit aanvraag 4.2 Verantwoording 4.3 Halfjaarrapportage 4.4 Inhoudelijk verslag 4.5 Financiële verantwoording 4.6 Overleg 4.7 Einde pilot en overgang naar nieuwe overeenkomsten 4.8 Meldplicht 4.9 Inwerkingtreding en citeertitel Ondertekening Ondertekening Bijlage 1: Format subsidieaanvraag Bijlage 2: Overgang naar nieuwe overeenkomsten Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR728401 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR728401/1 sluiten Subsidieregeling Pilot ontwikkelingsgerichte dagbesteding als beschikkingsvrije voorziening 2025 Geldend van 06-12-2024 t/m heden Intitulé Subsidieregeling Pilot ontwikkelingsgerichte dagbesteding als beschikkingsvrije voorziening 2025 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen en gemeente Berg en Dal, Gelet op de Nijmeegse Kaderverordening Subsidies, de Algemene Subsidieverordening Welzijn Berg en Dal en de Algemene wet bestuursrecht, Besluit vast te stellen de volgende regeling, Subsidieregeling Pilot ontwikkelingsgerichte dagbesteding als beschikkingsvrije voorziening 2025. Hoofdstuk 1 Inhoud en doel pilot 1.1 Pilot indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding Van juli 2021 tot eind 2022 heeft in de gemeenten Nijmegen en Berg en Dal een pilot gedraaid waarbinnen ontwikkelingsgerichte dagbesteding (Wmo) wordt aangeboden als beschikkingsvrije (indicatievrije) voorziening. Op basis van een positieve evaluatie is deze pilot verlengd tot en met eind 2024. In 2025 wordt de pilot nogmaals verlengd. Hierbij is 2025 een overbruggingsjaar tot de nieuwe contracten voor dagbesteding ingaan in 2026. Door de gemeenten in het Rijk van Nijmegen zijn regionale contracten afgesloten met aanbieders van ontwikkelingsgerichte dagbesteding. Aan deze (verlengde) pilot ‘indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding’ nemen alleen aanbieders deel die ook in 2024 deelnamen aan de pilot. De ervaringen met de (verlengde) pilot betrekken we bij het afsluiten van nieuwe contracten vanaf 2026. De pilot heeft consequenties voor de toegang, financiering en verantwoording: • Toegang Dagbesteding in de vorm van een algemene voorziening is conform de Wmo 2015 direct toegankelijk voor deelnemers, zonder indicatie van het sociaal (wijk)team. Inwoners kunnen zichzelf melden bij de aanbieders van deze vorm van dagbesteding. • Financiering Aan aanbieders van ontwikkelingsgerichte dagbesteding die deelnemen aan de pilot wordt op basis van deze regeling een subsidie verleend die het huidige regionale contract voor ontwikkelingsgerichte dagbesteding vervangt. • Verantwoording Op basis van de lopende regionale contracten kunnen aanbieders declareren als een cliënt een indicatie heeft. Binnen de pilot ontvangen aanbieders subsidie (zie par. 2.8). De aanbieder legt verantwoording (financieel, kwantitatief en kwalitatief) af aan de subsidieverlener (gemeente) over de besteding van de subsidie. 1.2 Doel en monitoring Doelen Met de pilot indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding beogen we: • Vermindering van bureaucratie door te stoppen met indicatiestelling, waardoor cliënten minder intakes hebben. • Minder onrust en onzekerheid bij cliënten over de toekenning of verlenging van indicaties. • Laagdrempeligere en toegankelijkere dagbesteding voor mensen met een beperking die deze dagbesteding (nog) echt nodig hebben. Het is belangrijk dat mensen met een beperking een zinvolle daginvulling hebben en zich kunnen ontwikkelen naar een vervolgstap buiten de ontwikkelingsgerichte dagbesteding • Meer flexibiliteit in de uitvoering van dagbesteding, omdat bij aanpassing van de behoefte aan dagbesteding de indicatie niet gewijzigd hoeft te worden. Dit is met name van belang als trajectgericht en in modules (deels individueel, deels in kleine en deels in grotere groepen) wordt gewerkt, gericht op uitstroom. • Meer mogelijkheden voor samenwerking met inloopvoorzieningen, welzijns- en culturele organisaties, zodat mensen bijvoorbeeld gemakkelijker (deels) met behulp van (individuele) begeleiding mee kunnen doen aan ‘gewone’ (wijk)activiteiten). • Meer flexibiliteit in de wisselwerking tussen ontwikkelingsgerichte en arbeidsmatige dagbesteding1. Voor een aantal cliënten is een combinatie passend of is soepel switchen tussen beiden gewenst vanwege mogelijke terugval of om andere redenen, zie de trap van Dannenberg2. Deze doelen zijn geëvalueerd in 2024. Hieruit zijn er vraagstukken naar boven gekomen over de beheersbaarheid van de kwaliteit en financiën bij indicatievrije dagbesteding. We hebben daarom bullet drie over de toegankelijkheid aangescherpt en we voegen een nieuw doel toe aan de pilot in 2025: • Meer grip op kostenbeheersing en kwaliteit. We onderzoeken samen hoe de kwaliteit en financiën bij beschikkingsvrije dagbesteding beheerst kunnen worden (zonder groep uit oog verliezen). Samen komen we tot afspraken die kwaliteit en financiële beheersbaarheid borgen. Met kwaliteit bedoelen we onder andere het ondersteunen van dagbestedings-deelnemers in het doormaken van een ontwikkeling en doorstromen naar andere vormen van dagbesteding buiten de georganiseerde ontwikkelingsgerichte dagbesteding, zoals bijvoorbeeld arbeidsmatige dagbesteding, vrijwilligerswerk, vrijetijdsbesteding of betaald werk. Er wordt structureel afgewogen of de dagbesteding nog de best passende plek is voor de inwoner. En of doorstromen mogelijk is. Monitoring We monitoren de instroom en uitstroom van het aantal deelnemers aan de pilot en het aantal dagdelen (zie ook verantwoording subsidie Hoofdstuk 4). Hiervoor levert de aanbieder in ieder geval de volgende gegevens aan de gemeenten: • naam deelnemer; • bsn deelnemer; • geboortedatum; • startbericht en stopbericht van deelnemers van de dagbesteding. Bovengenoemde gegevens worden zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval één keer per kwartaal, na start of stop aangeleverd. Daarnaast monitoren de aanbieders de reden van uitstroom (categorieën: volgens plan stap op de participatieladder, overlijden, overstap naar andere aanbieder, uitstroom naar een ander zorgdomein (Wlz, BW…), verhuizing, …). Elke gemeente ontvangt alleen de gegevens van de deelnemers uit de eigen gemeente. De gegevens worden aangeleverd via een beveiligde verbinding, zoals veilig mailen of het berichtenverkeer. Voor de gemeente Nijmegen lopen de bovenstaande gegevens via het berichtenverkeer, behalve de reden van uitstroom en het aantal dagdelen. Voor de gemeente Berg en Dal worden de gegevens van nieuwe instroom maandelijks aangeleverd via Excelbestand. Vanaf dat moment loopt de gegevensdeling over de aangemelde cliënten weer via het berichtenverkeer, behalve de reden van uitstroom en het aantal dagdelen. Deze gegevens worden voor zowel Nijmegen als Berg en Dal separaat van het berichtenverkeer geleverd. Hoofdstuk 2 Inhoudelijk en financieel kader 2.1 Missie en visie Een belangrijke opgave is het verbeteren van de ondersteuning en hulp aan kwetsbare inwoners. Dat kan efficiënter, beter en soms ook goedkoper. Daarbij willen we ook de samenwerking tussen gemeente, zorgpartijen en inwoners verbeteren. De leidende principes die gemeente Nijmegen en gemeente Berg en Dal hanteren voor het sociaal domein zijn: • Preventie voor curatie, van zware zorg naar lichte zorg: waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van het aanbod van vrijwilligersorganisaties, welzijnsvoorzieningen, algemene voorzieningen en groepsactiviteiten. • Gewoon mee doen voor iedereen: deelname aan het gewone leven uitgaande van ieder zijn eigen mogelijkheden, toewerken naar herstel van een zo normaal mogelijke situatie in het huishouden. • Zelfredzaamheid en sociale steun: versterken eigen regie en autonomie van de inwoners en versterken van het sociale netwerk. • Veiligheid in huishoudens als harde ondergrens. • Eén gezin, één plan, één regisseur’: samenwerking met de samenwerkingspartners en afspraken over casusregie en procesregie. • Uitvoering dicht bij de leefomgeving: passende ondersteuning wordt zo dichtbij mogelijk geboden, bij mensen thuis of op vindplaatsen (zoals scholen en wijken) met een vaste contactpersoon. • Vertrouwen aan professionals. • Kwaliteit: kwaliteit van de geleverde ondersteuning onder andere door goede en langdurige samenwerking tussen partijen en lange termijn relaties (keuze voor zo min mogelijk marktwerking en concurrentie). • Toegankelijkheid: route naar hulp en wachttijden . • Betaalbaarheid: het bepalen van reële financiële kaders en beheersingsmaatregelen om hierbinnen te blijven, kostenbewustzijn realiseren met een passende financieringsvorm. • Lerend stelsel: experimenteren, evalueren en leren met data. 2.2 Doel dagbesteding De doelen van ontwikkelingsgerichte dagbesteding zijn gericht op persoonlijke ontwikkeling en stijging op de participatieladder en draagt bij aan het ontlasten van mantelzorgers: Ontwikkelingsgerichte dagbesteding richt zich op: • creëren en behouden van dagstructuur; • ontwikkelen en behouden van fysieke, cognitieve en sociale vaardigheden; • bevorderen en behouden van zelfredzaamheid; • bevorderen van de eigen regie; • verminderen/voorkomen van sociaal isolement; • stimuleren van contact, verdere ontwikkeling en/of ontplooiing richting daginvulling buiten de ontwikkelingsgerichte dagbesteding, bijv. arbeidsmatige dagbesteding, vrijwilligerswerk, andere vormen van participatie et cetera; • ontlasting van mantelzorgers. 2.3 Doelgroep Indicatievrije ontwikkelingsgerichte dagbesteding die op basis van deze regeling wordt geboden, is bedoeld voor mensen die zelfstandig wonen in Berg en Dal en Nijmegen en die vanwege hun beperkingen ondersteuning nodig hebben bij zinvolle en gestructureerde dagbesteding (zie ook par. 2.6) en (nog) niet kunnen werken of deelnemen aan onderwijs of op andere wijze kunnen participeren. Denk bij de doelgroep bijvoorbeeld aan volwassenen (met een vermoeden van) een psychiatrische aandoening, een verstandelijke beperking, niet-aangeboren hersenletsel (NAH). Voor de doelgroep is ontwikkelingsgerichte dagbesteding de best passende voorziening. We onderscheiden hierin een stabiele groep waarvoor de ontwikkelingsgerichte dagbesteding langdurig de best passende voorziening is en een groep die zich kan ontwikkelen richting een daginvulling buiten de ontwikkelingsgerichte dagbesteding, zoals arbeidsmatige dagbesteding, vrijwilligerswerk of andere vormen van participatie. De laatste groep stroomt zo spoedig mogelijk deels of geheel door. Inwoners die een Wlz- of beschermd wonen Wmo-indicatie hebben of hiervoor in aanmerking komen behoren niet tot de doelgroep. 2.4 Aanbod • De aanbieder zorgt voor een passend en gevarieerd aanbod dat recht doet aan […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.