Status onbekendGemeente · Subsidie

Verordening Subsidie Jeugdhulp 2016

Gemeente Nijmegen

Instellingen die jeugdhulp verlenen (pleegzorg, residentiële zorg, jeugdbescherming en jeugdreclassering) in de regio Rijk van Nijmegen

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Gemeentelijke subsidieregeling voor jeugdhulp (pleegzorg, residentiële zorg, jeugdbescherming en jeugdreclassering) in de regio Rijk van Nijmegen. Doel is continuering van beschikbare jeugdhulpvormen volgens kernthema's toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid.

Voor wie is het bedoeld?

Instellingen die jeugdhulp verlenen (pleegzorg, residentiële zorg, jeugdbescherming en jeugdreclassering) in de regio Rijk van Nijmegen

Instelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik ben een jeugdhulpinstelling en wil subsidie aanvragen voor pleegzorg in Nijmegen
  • Ik wil weten welke jeugdhulpvormen subsidiabel zijn in de regio Rijk van Nijmegen
  • Ik ben een residentiële zorginstelling en zoek financiering voor jeugdzorg

Voorwaarden

  • Instellingen moeten verantwoorde hulp verlenen conform kwaliteitseisen van de Jeugdwet
  • Hulpverleningsplan moet afgestemd zijn op gezinsplan van lokale toegangspoort
  • Medewerking aan toezicht conform Jeugdwet verplicht
  • Medewerkers moeten voldoen aan eisen van Jeugdwet (VOG, geregistreerd)
  • Zorg moet zo licht, gezinsgericht, kort en dichtbij mogelijk worden geleverd
  • Rechtspositie van cliënt moet worden gewaarborgd conform Jeugdwet

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een instelling
Uw sector/SBI valt onder: zorg
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Nijmegen.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Verordening Subsidie Jeugdhulp 2016 Artikel 1. Begripsbepalingen Artikel 2. Doel van de subsidie Artikel 3. Werkingsgebied en bevoegd bestuursorgaan Artikel 4. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud Artikel 5. Subsidieaanvraag, bij aanvraag in te dienen gegevens Artikel 6. Aanvraagtermijn Artikel 7. Beslistermijn Artikel 8. Weigerings- en intrekkingsgronden Artikel 9 Beoordeling Artikel 10. Verlening subsidie Artikel 11. Betaling en bevoorschotting Artikel 12. Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 13. Subsidievaststelling en verantwoording Artikel 14. Aanpassing tarieven Artikel 15. Review accountant Artikel 16.Vermogensvorming en tekorten Artikel 17. Hardheidsclausule Artikel 18. Toezicht op naleving Artikel 19. Europees steunkader Artikel 20. Standaardberekeningswijze van uurtarieven en uniforme kostenbegrippen Artikel 21. Inwerkingtreding en overgang Artikel 22. Citeertitel Bijlage 1 SUBSIDIEBESTEK 2016 Wmo en Jeugd C (onderdelen 3.6 en 5) Bijlage 2: Minimumeisen en gewenste resultaten Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR378440 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR378440/1 sluiten Verordening Subsidie Jeugdhulp 2016 Geldend van 01-10-2015 t/m heden Intitulé Verordening Subsidie Jeugdhulp 2016 Verordening Subsidie Jeugdhulp 2016 De raad van de gemeente Nijmegen bijeen in zijn openbare vergadering van 23 september 2015, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Nijmegen, gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht, Overwegende dat: - gemeenten op grond van artikel 2.6 van de Jeugdwet met ingang van 1 januari 2015 verantwoordelijk zijn voor alle jeugdhulp; - de samenwerkende gemeenten in regio Rijk van Nijmegen de Jeugdwet zo goed mogelijk willen uitvoeren door te zorgen voor voldoende passende en tijdig beschikbare jeugdhulp op basis van de kernthema’s: toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid; - de gemeenten in regio Rijk van Nijmegen als gezamenlijke visie de nota Transformeren en Integreren en de beleidsnota Kracht door verbinding hebben vastgesteld en als nadere uitwerking van deze nota het subsidie- en inkoopkader regio Rijk van Nijmegen is opgesteld; - de samenwerkende gemeenten op 22 oktober 2013 het Transitiearrangement jeugd regio Rijk van Nijmegen hebben vastgesteld; - deze verordening van toepassing is op de regionaal te subsidiëren jeugdhulp in de blokken C1 en C2; BESLUIT: vast te stellen de volgende verordening: Artikel 1. Begripsbepalingen In dit subsidiekader wordt verstaan onder: a. NKS: de Nijmeegse Kaderverordening Subsidieverstrekking b. Awb: Algemene wet bestuursrecht c. jeugdhulp: ondersteuning, hulp en zorg, niet zijnde preventie, aan jeugdigen en hun ouders bij alle denkbare opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen, waarbij gelden de wettelijke uitgangspunten met betrekking tot de doelgroepen en leeftijd, zoals aangegeven in de Jeugdwet. d. Jeugdwet: Jeugdwet, zoals gepubliceerd op 14 maart 2014, Staatsblad nr. 105, 2014; e. subsidieontvanger: rechtspersoon waaraan op basis van deze verordening subsidie is verleend. f. subsidiebestek: het subsidiebestek Wmo en Jeugd regio Rijk van Nijmegen C1 en C2, alle bijlagen daarbij en de nota’s van inlichtingen. g. college: college van burgemeester en wethouders van gemeente Nijmegen h. Regio Rijk van Nijmegen: de gemeenten Beuningen, Berg en Dal, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen, Wijchen. i. Berg en Dal: gemeente Berg en Dal, als fusiegemeente van de gemeenten Groesbeek, Millingen aan de Rijn en Ubbergen, tot 2 januari 2016 is de naamgeving van de gemeente bepaald als: Groesbeek, na 2 januari 2016 is de naamgeving: Berg en Dal. Artikel 2. Doel van de subsidie 1. Het doel van dit subsidiekader is het in het continueren van de beschikbaarheid van de in het tweede lid genoemde vormen van jeugdhulp. 2. Subsidie kan worden verleend voor de volgende vormen van jeugdhulp: C1: pleegzorg en (semi-)residentiele jeugdzorg Producten: · Pleegzorg · Gezinshuis · Deeltijd-wonen, Leerhuis, fasehuis, kamertraining, Behandelgroep 24 uurs open in de wijk j&o · Opname / langdurige klinische opname GGz/ psychiatrie, crisis klinisch GGz · Behandelgroep LVG 2 en 3 · Beschermd wonen J-GGz, · Vervoer Bovenregionaal: · Behandelgroep 24 uurs open op instituutsterrein · Behandelgroep 24 uurs gesloten (jeugdzorgPlus) · LVB ZZP 4 en 5 (Jeugdwet) (niet zijnde landelijk aanbod), inclusief crisisplaatsen J-LVG · Vervoer · Crisisplaatsen of crisisopvang in het kader van spoedeisende hulp j&o C2: Jeugdbescherming en jeugdreclassering Artikel 3. Werkingsgebied en bevoegd bestuursorgaan 1. Het werkingsgebied van de verordening is beperkt tot dienstverlening voor jeugdigen uit de gemeenten in de regio Rijk van Nijmegen op welke het Woonplaatsbeginsel van de Jeugdige zoals bedoeld in artikel 2.4 Jeugdwet van toepassing is. 2. Deze verordening is van toepassing op de subsidies zoals bedoeld in artikel 2, lid 2, waarbij de werking van de NKS wordt uitgesloten. 3. Aanvullend op deze verordening zijn de regels en voorwaarden uit het subsidiebestek van overeenkomstige toepassing. Het college is bevoegd dit subsidiebestek als een nadere regeling op deze verordening vast te stellen. 4. Het college is bevoegd om te besluiten op aanvragen tot subsidieverlening of –vaststelling in het kader van deze verordening . 5. Het college is bevoegd om de besluiten zoals bedoeld in lid 4 te mandateren. Artikel 4. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud 1. Het college kan jaarlijks besluiten tot het vaststellen van subsidieplafonds. 2. Bij de vaststelling van een subsidieplafond wordt aangegeven op welke wijze het beschikbare bedrag wordt verdeeld. 3. Het college kan een subsidieplafond verlagen of verhogen: a. Als het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd of b. Als de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, zijn ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd. 4. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging. 5. Voor zover een subsidie wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, kan zij worden verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting ter beschikking worden gesteld. Artikel 5. Subsidieaanvraag, bij aanvraag in te dienen gegevens 1. De aanvraag voor een subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het college met gebruikmaking van een door het college vastgesteld (digitaal) aanvraagformulier. 2. Een subsidieaanvraag gaat naast het bepaalde in artikel 4:2 van de Awb vergezeld van; a. Een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; b. De doelstellingen en resultaten, die daarmee worden nagestreefd , en hoe de activiteiten aan dat doel bijdragen. In het bijzonder ook in welke mate de activiteiten gericht zijn op de gemeente n in de regio Rijk van Nijmegen en de ingezetenen en meer in bijzonder op de door de regio Rijk van Nijmegen vastgestelde doelen op het gebied van Jeugdhulp. c. Een meerjarenbegroting van baten en lasten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd over het tijdvak waarin de activiteiten worden uitgevoerd, waarbij alle kosten en opbrengsten aan de activiteiten zijn toegerekend, inclusief personeelslasten en de accommodatielasten, alsmede een toelichting op de begroting; d. Indien van toepassing bij een jaarlijkse subsidie, de stand van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag; e. Vermelding van bestaan van (zakelijke) relaties op het niveau van bestuur of directie van de subsidieaanvrager met bloed– of aanverwanten dan wel eigen bedrijven, eigen stichtingen of andere eigen rechtspersonen en de aard van deze verhoudingen alsmede de financiële impact ervan. f. Een opgave van de met de Subsidieaanvrager gelieerde rechtspersonen, de aard van de relatie tot de Subsidieaanvrager en de vermogenspositie van de gelieerde rechtspersoon; een recent (niet ouder dan 6 maanden vanaf de datum dat de Subsidieaanvraag wordt ingediend) uittreksel van de inschrijving bij de Kamer van Koophandel. g. De jaarrekening en het accountantsrapport over het boekjaar voorafgaand aan het jaar waarover subsidie wordt aangevraagd met toelichting. 3. Indien een aanvrager voor het eerst een jaarlijkse subsidie aanvraagt, voegt hij een exemplaar van de oprichtingsakte, de statuten, het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar als bijlage toe aan het aanvraagformulier. 4. Het college kan bepalen dat ook andere of minder dan de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor het nemen van een beslissing op de aanvraag van belang zijn, worden overlegd. Artikel 6. Aanvraagtermijn 1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt ingediend uiterlijk 1 oktober in het jaar voorafgaand aan het jaar of de jaren, waarop de aanvraag betrekking heeft. 2. Het college kan in nadere regels andere termijnen stellen voor het indienen van een aanvraag Artikel 7. Beslistermijn 1. Voor zover sprake is van een subsidieaanvraag (jaarlijkse) die betrekking heeft op het kalenderjaar of kalenderjaren volgend op dat waarin de aanvraag is ingediend, wordt door het college beslist uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de aanvraag is ingediend, mits de aanvraag is ingediend voor 1 oktober van dat jaar. Voor de subsidieaanvragen die zijn ingediend tussen 1 oktober en 31 december is de afhandelingstermijn 13 weken. 2. In het geval dat er zich onvoorziene omstandigheden voordoen kan de beslissing worden verlengd met maximaal 13 weken. Van deze verlenging wordt de aanvrager in kennis gesteld. 3. Het college kan gemotiveerd besluiten om de termijnen genoemd in de leden 1 tot en met 3 buiten toepassing te laten indien daar, naar het oordeel van het college, zwaarwegende redenen voor zijn. 4. Indien de voorgenomen subsidieverlening is aangemeld bij de Europese Commissie wordt de beslistermijn opgeschort met ingang van de dag waarop het voornemen is aangemeld tot de dag waarop de Europese Commissie de beslissing omtrent het steunkarakter van de aanvraag aan het college heeft bekend gemaakt. Artikel 8. Weigerings- en intrekkingsgronden 1. Het college weigert subsidie in ieder geval indien: a. De subsidie is aangemerkt als ontoelaatbare staatssteun; b. Subsidie niet past binnen de door de raad vastgestelde beleidskaders en financiële kaders. 2. Het college kan naast het bepaalde in de artikelen 4:25, 4:35 en 4:48 van de Awb subsidie weigeren of intrekken indien: a. Het college voor dezelfde activiteiten zoals bedoeld in artikel 2, lid 2, reeds subsidie heeft verstrekt; b. De activiteiten van de aanvrager niet gericht zijn op de belangen van de gemeente of niet aanwijsbaar ten goede komen aan ingezetenen van de gemeente, meer in het bijzonder de jeugdigen; c. De aanvrager ook zonder subsidie over de benodigde gelden, hetzij uit eigen middelen of uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van zijn activiteiten te dekken; d. De gelden niet of in onvoldoende mate besteed zijn voor het doel waarvoor de subsidie is aangevraagd; e. De doelstellingen of activiteiten van aanvrager in strijd zijn met de wet- en regelgeving, het algemeen belang of de openbare orde; f. De activ
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.