Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Ommen 2022

Gemeente Ommen

Voor kinderopvangaanbieders (kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, gastouders) die peuteropvang en/of voorschoolse educatie aanbieden in gemeente Ommen.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor peuteropvang en voorschoolse educatie (VE) in gemeente Ommen. Richt zich op kinderopvangaanbieders die peuterplaatsen aanbieden voor kinderen van 2,5 tot 4 jaar. Subsidie wordt berekend op basis van het aantal bezette peuterplaatsen en gerealiseerde uren.

Voor wie is het bedoeld?

Voor kinderopvangaanbieders (kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, gastouders) die peuteropvang en/of voorschoolse educatie aanbieden in gemeente Ommen.

Kinderopvanginstelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor peuterplaatsen peuteropvang
  • Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie (VE)
  • Financiering van pedagogische ondersteuning en kwaliteitsverbetering

Voorwaarden

  • Voorziening moet als kinderdagverblijf opgenomen zijn in het Landelijk Register Kinderopvang
  • Peuteropvang: 1 of 2 dagdelen van 2,5 uur per dagdeel op twee verschillende dagen per week gedurende 40 weken per jaar
  • Voorschoolse educatie: tenminste 960 uur verdeeld over 1,5 jaar met maximum 48 weken per jaar en 6 uur per dag
  • Gebruik van erkend VVE-programma en gecertificeerde pedagogisch medewerkers (pmw'ers)
  • Pedagogisch beleidsplan met beschrijving van visie, stimulering ontwikkeling, monitoring en ouderbetrokkenheid
  • Structurele samenwerking met jeugdgezondheidszorg en lokale partners
  • Naleving van Wet kinderopvang en Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kinderopvanginstelling
Uw sector/SBI valt onder: 88911
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Ommen.

Openstellingen en rondes

Ronde 2022Open
Start
1 jan 2022
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen Hoofdstuk 2 de subsidieverlening Artikel 2 Subsidiabele activiteiten Artikel 3 Bijzondere bepalingen en verplichtingen Artikel 4 Reikwijdte van de subsidieregeling Artikel 5 Grondslag voor de subsidieberekening Artikel 6 De subsidieaanvraag Artikel 7 Het subsidieplafond Artikel 8 De subsidieverlening Artikel 9 Rapportageverplichtingen Hoofdstuk 3 de subsidievaststelling Artikel 10 De subsidievaststelling Hoofdstuk 4 slot- en overgangsbepalingen Artikel 11 Algemene subsidieverordening gemeente Ommen 2021 Artikel 12 Hardheidsclausule Artikel 13 Inwerkingtreding Artikel 15 Overgangsbepaling Artikel 16 Citeerartikel Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR674549 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR674549/1 sluiten Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie Ommen 2022 Geldend van 21-03-2022 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2022 Intitulé Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie Ommen 2022 Burgemeester en wethouders van de gemeente Ommen; Gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Ommen 2021; Besluit: Vast te stellen de "Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Ommen 2022" Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: 1. Kinderopvang Aanbod kinderopvang vanuit een landelijk geregistreerd kinderdagverblijf in de zin van de Wet kinderopvang, incl. de Wet Innovatie, Kwaliteit Kinderopvang (IKK); 2. Peuteropvang Een ontwikkelingsgericht aanbod voor kinderen waarmee op basis van een gericht programma de ontwikkeling van het kind gestimuleerd wordt, in het bijzonder op de gebieden van taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling; 3. Kinderdagopvang Aanbod kinderopvang vanuit een landelijk geregistreerd kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of gastouder in de zin van de Wet kinderopvang gedurende maximaal 6 uur per dagdeel; opvang voor kinderen die nog niet naar de basisschool gaan; 4. Voorschoolse educatie (VE) Een aanbod kinderopvang gericht op kinderen van 2,5 tot 4 jaar oud als bedoeld in artikel 166, eerste en tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs en dat voldoet aan de kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang, Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie en waarin gewerkt wordt met een erkend VVE-programma en gecertificeerde pedagogisch medewerkers (pmw’ers); 5. Peuterplaats peuteropvang Een aanbod peuteropvang gedurende 1 of 2 dagdelen van 2,5 uur per dagdeel op twee verschillende dagen per week gedurende 40 weken per jaar; 6. Peuterplaats VE Een aanbod voorschoolse educatie gericht op doelgroep peuters VE van tenminste 960 uur verdeeld over 1,5 jaar met een maximum van 48 weken per jaar en 6 uur per dag; 7. Doelgroep peuters VE Peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar, die in aanmerking komen voor een aanbod voorschoolse educatie op grond van door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde criteria; 8. VVE-programma Een erkend voorschools programma waarin op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling van kinderen wordt gestimuleerd van kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar op het gebied van rekenen, taal, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling, voor zover dit programma is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut; 9. Gecertificeerde pmw’er Een pedagogisch medewerker die voldoet aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie en die in bezit is van een VVE-certificaat of een bewijs van een afgeronde VVE-module van een erkend VVE-programma; 10. HBO pedagogisch beleidsmedewerker Een HBO pedagogisch beleidsmedewerker wordt ingezet ten behoeve van de verhoging van de kwaliteit van de voorschoolse educatie (zoals bedoeld in het Besluit van 20 september 2019 tot wijziging van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, art. 2a (Staatsblad 2019, nummer 315)). 11. Voorziening Het aanbod peuteropvang of voorschoolse educatie zoals een instelling dat op een specifieke locatie aanbiedt; 12. Kalenderjaar Het jaar waar de subsidie betrekking op heeft; 13. Aanvrager Een rechtspersoon die peuterplaatsen peuteropvang en/of voorschoolse educatie (VE) aanbiedt en die subsidie aanvraagt voor het kalenderjaar; 14. Forfaitaire bijdrage Een bijdrage ter hoogte van een door het college van burgemeester en wethouders vooraf vastgesteld bedrag; 15. Uurprijs De prijs die volgens de subsidieaanvraag aan ouders en in rekening wordt gebracht voor een uur peuteropvang en aan de gemeente voor voorschoolse educatie. Hoofdstuk 2 de subsidieverlening Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1. Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken aan een instelling voor een peuterplaats peuteropvang. 2. Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken aan een instelling voor een peuterplaats voorschoolse educatie. 3. Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken aan een instelling als tegemoetkoming in de kosten van een HBO pedagogisch beleidsmedewerker voor voorschoolse educatie. Artikel 3 Bijzondere bepalingen en verplichtingen 1. Elke voorziening waarvoor subsidie peuteropvang wordt aangevraagd is als kinderdagverblijf opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang in de zin van de Wet kinderopvang 2. De aanvrager van een subsidie voor peuterplaatsen peuteropvang: a. beschrijft in het pedagogisch beleidsplan, bedoeld in artikel 3 van het Besluit kwaliteit kinderopvang, op zo concreet en toetsbaar mogelijke wijze: i.de voor het kindercentrum kenmerkende visie op de voorschoolse educatie en de wijze waarop deze visie is te herkennen in het aanbod van activiteiten; ii. de wijze waarop de ontwikkeling van het jonge kind wordt gestimuleerd, in het bijzonder op de gebieden taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling; iii. de wijze waarop de ontwikkeling van peuters wordt gevolgd en vastgelegd en de wijze waarop het aanbod van voorschoolse educatie hierop wordt afgestemd; iv. de wijze waarop de ouders worden betrokken bij het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen; v. het inrichten van een passende ruimte waarin voorschoolse educatie wordt verzorgd en het beschikbaar stellen van passend materiaal voor voorschoolse educatie, en vi. de wijze waarop wordt vormgegeven aan de inhoudelijke aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en aan een zorgvuldige overgang van het kind van voor- naar vroegschoolse educatie; vii. de wijze waarop wordt vormgegeven aan de inhoudelijke aansluiting met primair onderwijs, waarbij het overdrachtsformulier en een warme overdracht meegenomen worden. b. de houder geeft uitvoering aan het pedagogisch beleidsplan wat de onderwerpen van het eerste lid betreft, evalueert de uitvoering jaarlijks, en stelt het plan zo nodig aan de hand hiervan bij. c. voor de peuteropvang wordt een programma gebruikt waarin op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling wordt gestimuleerd op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. d. de aanwezigheid van een vaste begeleider voor doelgroep peuters VE die de ontwikkeling volgt en contacten met ouders en externen onderhoud. e. het scholingsplan waarin is opgenomen aan welke activiteiten welke pmw’ers deelnemen. f. structurele samenwerking met: i. de jeugdverpleegkundige en de jeugdarts van de Jeugdgezondheidszorg over doelgroep peuters VE en zorgkinderen; ii. lokale partners in het lokale overleg (eventueel via vertegenwoordiging). 3. De aanvrager van een subsidie voor voorschoolse educatie voldoet aan de kwaliteitseisen van: a. de Wet kinderopvang; b. het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, vastgesteld op 7 juli 2010 en zoals nadien gewijzigd; 4. Een aanbod peuteropvang wordt uitgevoerd gedurende 1 of 2 dagdelen van 2,5 uur per dagdeel op twee verschillende dagen per week gedurende 40 weken per jaar. 5. Een aanbod voorschoolse educatie wordt uitgevoerd gericht op de doelgroep peuters VE van tenminste 960 uur verdeeld over 1,5 jaar met een maximum van48 weken per jaar en 6 uur per dag. 6. De aanvrager van een subsidie peuteropvang of voorschoolse educatie in de peuteropvang factureert en int de ouderbijdrage zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en is verantwoordelijk voor het daadwerkelijk ontvangen van deze bijdrage. Artikel 4 Reikwijdte van de subsidieregeling 1. Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken aan: a. Instellingen die peuteropvang en/of voorschoolse educatie aanbieden in een voorziening gevestigd in de gemeente Ommen. b. Instellingen gevestigd buiten de gemeente Ommen die het aanbod peuteropvang of voorschoolse educatie leveren in een voorziening buiten de gemeente Ommen, die aantoonbaar voor minimaal 35% van het aantal totale aantal peuters in geval van peuteropvang of doelgroep peuters in geval van voorschoolse educatie deze diensten levert aan peuters afkomstig uit de gemeente Ommen, kunnen voor het deel van het aanbod dat geleverd wordt aan peuters afkomstig uit de gemeente Ommen eveneens voor een subsidie in aanmerking komen. c. Instellingen voor wie artikel 4 lid 1.b van toepassing is komen slechts voor subsidie in aanmerking wanneer zij op 1 januari voorafgaand aan het kalenderjaar, aantoonbaar subsidie ontvangen van de gemeente waar zij gevestigd zijn. d. Een instelling gevestigd in de gemeente Ommen die het aanbod peuteropvang of voorschoolse educatie levert in een voorziening in de gemeente Ommen ontvangt slechts subsidie voor de peuters woonachtig in de gemeente. Artikel 5 Grondslag voor de subsidieberekening 1. De grondslag voor de subsidie is het aantal te realiseren bezette peuterplaatsen peuteropvang en/of peuterplaatsen voorschoolse educatie (VE). 2. Voor een peuterplaats peuteropvang geldt een subsidiabel aantal uren van 100 bij 1 dagdeel per week en 200 bij 2 dagdelen per week op jaarbasis, voor zover de ouders aantoonbaar geen recht hebben op een toelage op grond van afdeling 2 paragraaf 1 en 2 van de Wet kinderopvang (kinderopvangtoeslag). 3. Voor een peuterplaats voorschoolse educatie in de peuteropvang geldt een totaal subsidiabel aantal uren van 640 op jaarbasis (inclusief de 200 uur basisaanbod peuteropvang op grond van lid 2). 4. Voor een peuterplaats voorschoolse educatie in de peuteropvang en in de kinderdagopvang wordt een jaarlijks vast te stellen forfaitaire bijdrage voor de extra bijkomende werkzaamheden voor elke geplaatste doelgroep peuter VE verleend. 5. Het college van burgemeester en wethouders stelt jaarlijks de maximale uurprijs vast waarover subsidie wordt verleend en een forfaitaire bijdrage voor de extra bijkomende werkzaamheden per geplaatste doelgroep peuter VE. 6. De subsidie per uur is nooit hoger dan de door de instellingen bij de aanvraag opgegeven (en voor overige klanten gehanteerde) uurprijs. 7. Het college van burgemeester en wethouders stelt jaarlijks voorafgaande aan het kalenderjaar de inkomensafhankelijke procentuele ouderbijdrage vast voor gebruik van peuterplaatsen peuteropvang. Deze is gebaseerd op de voor het kalenderjaar geldende landelijke tabel van de kinderopvangtoeslag. 8. Het college van burgemeester en wethouders stelt jaarlijks voorafgaand aan het kalenderjaar de ouderbijdrage vast voor de ouders van doelgroe
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.