Fysieke investeringen leefbaar platteland

Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Overijssel

Wat is de Fysieke investeringen leefbaar platteland?

Fysieke investeringen leefbaar platteland is een subsidie van de provincie Overijssel en het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) voor eenmalige fysieke maatregelen die de leefbaarheid van dorpen op het platteland versterken. De regeling kent drie activiteiten: kleine projecten (aan te vragen door stichtingen, verenigingen of coöperaties), grote projecten (aan te vragen door Overijsselse gemeenten) en kleine projecten specifiek in Gebied Engbertsdijksvenen. Per activiteit gelden eigen voorwaarden, bijdragepercentages en verplichte documenten.

Wie komt in aanmerking voor de Fysieke investeringen leefbaar platteland?

De regeling kent drie activiteiten met elk een eigen doelgroep.

Je bent actief in Overijssel
Regionale regeling.
Je bent een stichting of vereniging of coöperatie of gemeente
De definitieve beoordeling ligt bij Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Overijssel.

Voor kleine projecten (activiteit A) en projecten in Gebied Engbertsdijksvenen (activiteit C) is de aanvrager een stichting, een vereniging of een coöperatie.

Voor grote projecten (activiteit B) is de aanvrager een Overijsselse gemeente.

De activiteiten moeten plaatsvinden in een dorp (geen wijk of buurtschap in of aan een stad), waarbij de kern en het buitengebied samen volgens de CBS-kerncijfers maximaal 15.000 inwoners hebben. Voor grote projecten geldt daarnaast dat het dorp inclusief buitengebied minimaal 500 inwoners telt.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidie is bedoeld voor eenmalige investeringen in fysieke maatregelen die de leefbaarheid van het platteland versterken, bijvoorbeeld op het gebied van bereikbare voorzieningen, blijven wonen in het dorp, lokale economie, noaberschap, een gezonde en mooie leefomgeving of duurzaamheid. Er zijn drie activiteiten:

  • Activiteit A: een klein project met één of meerdere fysieke maatregelen in een dorp.
  • Activiteit B: een groot project met één of meerdere samenhangende fysieke maatregelen in en eventueel rond het dorp.
  • Activiteit C: een klein project in Gebied Engbertsdijksvenen (het Natura2000-gebied plus de dorpen Kloosterhaar, Sibculo, Westerhaar Vriezenveensewijk, De Pollen, West Geesteren, Bruinehaar en Langeveen).

Subsidiabele kosten:

  • Voor activiteit A en C: personeelskosten en kosten van derden.
  • Voor activiteit B: alleen kosten van derden.

Niet subsidiabel, voor alle activiteiten:

  • Kosten voor regulier onderhoud en beheer van de fysieke maatregelen.
  • Investeringen die grotendeels bestaan uit energieopwekking of energiebesparing (zoals een zonnepark of windmolen). Een investering in duurzame energie kan wel onderdeel zijn van de begroting.

Niet in aanmerking komen verder:

  • Alleen procesactiviteiten zonder fysieke maatregel (hiervoor bestaan andere regelingen), behalve bij activiteit C.
  • Fysieke maatregelen die vooral gericht zijn op winst maken.
  • Publieke investeringen die noodzakelijk zijn voor nieuwe woningen.
  • Activiteiten die tot de reguliere taak of bedrijfsvoering van de gemeente horen.
  • Activiteiten in kernen met meer dan 15.000 inwoners.
  • Voor activiteit B: fysieke maatregelen waarvoor al subsidie is verstrekt of aangevraagd op grond van de Provinciale cofinancieringsregeling Regiodeal Regio Zwolle II.

Hoeveel subsidie krijg je?

De hoogte van de subsidie verschilt per activiteit.

Activiteit A (klein project):

  • Maximaal 50% van de subsidiabele kosten, te verhogen tot 75% als de eigen bijdrage bestaat uit inzet van vrijwilligersuren.
  • De subsidie is minimaal € 50.000 en maximaal € 100.000.
  • De eigen bijdrage bestaat uit een geldbijdrage of ureninzet van vrijwilligers, gewaardeerd op € 15 per uur.
  • De betreffende gemeente draagt minimaal 25% van de gevraagde provinciale subsidie bij als geldbijdrage.

Activiteit C (Gebied Engbertsdijksvenen):

  • Maximaal 90% van de subsidiabele kosten, te verhogen tot 100% als de eigen bijdrage bestaat uit inzet van vrijwilligersuren.
  • De subsidie is maximaal € 70.000.
  • Geen verplichte gemeentelijke cofinanciering van 25%.

Activiteit B (groot project):

  • Maximaal 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 500.000 per gemeente. Dit maximum geldt in totaal, ook als de gemeente meerdere keren of voor meerdere projecten aanvraagt.
  • De gemeente draagt minimaal 50% van de gevraagde provinciale subsidie bij als geldbijdrage.
  • De subsidie wordt vastgesteld op het verleende bedrag, tenzij uit de verantwoording blijkt dat er winst is gemaakt op de gesubsidieerde activiteiten. Dan wordt het subsidiepercentage vermenigvuldigd met die winst in mindering gebracht.

Bij staatssteun valt de subsidie onder de Algemene de-minimisverordening, de De-minimisverordening Landbouw of de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV).

Wat zijn de voorwaarden van de Fysieke investeringen leefbaar platteland?

Voor activiteit A en C (kleine projecten): - Het initiatief is afgestemd met de betreffende gemeente. - Het draagt bij aan minimaal twee van de zes thema's (bereikbare voorzieningen, blijven wonen, lokale economie, noaberschap, gezonde en mooie leefomgeving, duurzaamheid). - De gemeente betaalt minimaal 25% van de gevraagde provinciale subsidie (geldt niet voor activiteit C). - U beschikt over de benodigde vergunningen, of de subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat die nog wordt verkregen. - De fysieke maatregelen scoren minimaal het puntenaantal per onderdeel uit Puntentabel 1. - De resultaten zijn openbaar toegankelijk voor het hele dorp en buitengebied. - De activiteiten starten binnen 3 maanden na subsidieverlening en zijn binnen 24 maanden uitgevoerd. - U deelt opgedane kennis en ervaring met initiatiefnemers van dorpsplannen in andere Overijsselse dorpen. - Voor activiteit A vraagt u eerst advies aan bij de Leader adviesgroep; dit advies wordt meegenomen bij de beoordeling.

Voor activiteit B (grote projecten):

  • Het initiatief vindt plaats in een dorp met minimaal 500 inwoners inclusief buitengebied.
  • Het vervult een behoefte van de bewoners van het dorp.
  • Het draagt bij aan minimaal twee van dezelfde zes thema's als bij kleine projecten.
  • De begrote kosten bedragen minimaal € 400.000.
  • Er is niet eerder meer dan € 150.000 subsidie verstrekt aan het betreffende dorp op grond van de regelingen 2.14 of 2.2 Leefbaar Platteland, of een ASV-subsidie.
  • De benodigde vergunningen zijn aanwezig, of de subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat die nog wordt verkregen.
  • De fysieke maatregelen scoren minimaal het puntenaantal per onderdeel uit Puntentabel 1.
  • De resultaten zijn openbaar toegankelijk voor het hele dorp en buitengebied.
  • De activiteiten starten binnen 24 maanden na subsidieverlening en zijn binnen 5 jaar uitgevoerd.
  • De gemeente deelt opgedane kennis en ervaring met initiatiefnemers van dorpsplannen in andere Overijsselse dorpen.

Voor beide geldt: aanvragen worden behandeld in volgorde van ontvangst van complete aanvragen, totdat het beschikbare budget bereikt is.

Hoe vraag je de Fysieke investeringen leefbaar platteland aan?

De aanvraag verloopt afhankelijk van de activiteit, met een eigen voortraject per route.

Activiteit A (klein project): u neemt eerst contact op met de Leadercoördinator van het gebied waar het initiatief plaatsvindt. De Leadercoördinator helpt u tot een compleet plan te komen en stuurt dit naar de Leaderadviesgroep, die het beoordeelt op basis van Puntentabel 1. U ontvangt hierna een ingevuld adviesformulier, dat u bij uw aanvraag meestuurt.

Activiteit B (groot project): u bespreekt het project eerst met een provinciale beleidsmedewerker leefbaar platteland, te bereiken via e-mail of het Overijssel Loket.

De aanvraag zelf gaat via het digitale aanvraagformulier, met eHerkenning (EH3) als inlogmiddel. Verplichte bijlagen:

Voor activiteit A en C:

  • Het ingevulde adviesformulier van de Leaderadviesgroep (niet verplicht voor activiteit C).
  • Een begroting en dekkingsplan, met verplicht gebruik van het Begrotingsformat Fysieke investeringen leefbaar platteland (kleine projecten) of het format voor Engbertsdijksvenen.
  • Een bewijs van de cofinanciering van de gemeente (beschikking, brief of andere vorm met het toegezegde bedrag).
  • Alle offertes van de op de begroting vermelde (loon)kosten derden; de offerte mag niet door de aanvrager zelf zijn ondertekend, behalve onder voorbehoud van subsidieverstrekking.
  • Een projectplan met onder meer aanleiding, bijdrage aan de thema's, draagvlak, schetsontwerp, beheer en onderhoud voor minimaal 3 jaar, financiering en begroting, organisatie, communicatie, planning en kennisdeling.
  • Verleningsbrieven van eerder ontvangen de-minimissteun (indien van toepassing).
  • Een bewijs van bankrekening (indien nieuw of gewijzigd rekeningnummer).
  • Een ondertekende machtiging bij aanvraag door een gemachtigde.

Voor activiteit B:

  • Een begroting en dekkingsplan met verplicht gebruik van het Begrotingsformat Fysieke investeringen leefbaar platteland (grote projecten).
  • Een projectplan met dezelfde onderdelen als bij kleine projecten, aangevuld met de onderlinge verhouding tussen meerdere fysieke maatregelen indien van toepassing.
  • Een ondertekende machtiging bij aanvraag door een gemachtigde.

Een aanvraag is compleet op het moment dat alle gevraagde gegevens zijn ontvangen; nagestuurde bijlagen tellen mee vanaf het moment van ontvangst.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

De provincie behandelt aanvragen in volgorde van ontvangst van complete aanvragen en verleent subsidie totdat het beschikbare budget bereikt is. De behandeltermijn is maximaal 13 weken.

Als een Natuurvergunning Stikstof (of een andere vergunning) nog niet is verleend, kan de subsidie wel worden verleend, maar wordt mogelijk geen voorschot uitbetaald totdat de vergunning is verkregen of is aangetoond dat die niet nodig is. Dit staat dan in de subsidiebeschikking.

Voor grote projecten (activiteit B) wordt de subsidie vastgesteld op het verleende bedrag, tenzij uit de verantwoording blijkt dat er winst is gemaakt op de gesubsidieerde activiteiten. In dat geval wordt het subsidiepercentage vermenigvuldigd met die winst op de subsidie in mindering gebracht.

Tijdens de looptijd geldt onder meer:

  • Voor kleine projecten (A en C): starten binnen 3 maanden en uitvoeren binnen 24 maanden na subsidieverlening.
  • Voor grote projecten (B): starten binnen 24 maanden en uitvoeren binnen 5 jaar na subsidieverlening.
  • Beheer en onderhoud van de fysieke maatregel moeten voor minimaal 3 jaar na oplevering organisatorisch en financieel geregeld zijn.
  • De resultaten moeten openbaar toegankelijk zijn voor het hele dorp en bijbehorende buitengebied.
  • De aanvrager (of gemeente bij activiteit B) is verplicht opgedane kennis en ervaring te delen met initiatiefnemers van dorpsplannen in andere Overijsselse dorpen.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Fysieke investeringen leefbaar platteland. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Overijssel; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.