GeslotenProvincie · Subsidie

Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht

Gedeputeerde Staten van Utrecht

Voor landbouwbedrijven en samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten uitvoeren gericht op landbouwproducten en duurzaamheid.

Ook bekend als POP3 samenwerking voor innovaties, Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2016, Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2019

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 200k
per aanvraag
Budget
€ 820k
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor projectmatige samenwerkingsverbanden die innovaties in de landbouw ontwikkelen en beproeven, gericht op duurzaamheid, klimaatadaptatie en efficiënt grondstoffengebruik. Voor landbouwbedrijven en samenwerkingsverbanden in provincie Utrecht. Subsidiebedrag minimaal €50.000 en maximaal €200.000 per project.

Voor wie is het bedoeld?

Voor landbouwbedrijven en samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten uitvoeren gericht op landbouwproducten en duurzaamheid.

LandbouwbedrijfSamenwerkingsverband

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor innovatieproject in landbouw
  • Financiering voor samenwerkingsverband rond duurzame landbouw
  • Steun voor klimaatadaptatie in melkveehouderij
  • Subsidie voor onderzoek naar bodembehoud in veenweidegebieden
  • Ik wil als landbouwbedrijf samen met anderen een innovatief product of dienst ontwikkelen
  • Ik zoek subsidie voor een samenwerkingsproject rond duurzame landbouw en klimaatadaptatie
  • Ik wil een innovatieproject starten gericht op circulaire landbouw of biodiversiteit

Voorwaarden

  • Activiteiten moeten gericht zijn op handel in en voortbrenging van landbouwproducten
  • Project moet betrekking hebben op minstens één van vier thema's: meerwaardestrategie, grondstoffengebruik/kringloop, klimaatadaptatie of klimaatmitigatie
  • Activiteit moet overwegend plaatsvinden in provincie Utrecht, tenzij resultaten aantoonbaar ten goede komen aan ingezetenen van Utrecht
  • Aanvrager mag geen onderneming in moeilijkheden zijn
  • Resultaten moeten openbaar gemaakt en verspreid worden via geëigende netwerken
  • Geen subsidie voor dezelfde activiteit in dezelfde openstellingsperiode

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een landbouwbedrijf of samenwerkingsverband
Uw sector/SBI valt onder: 01, 02, 03
U vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist een consortium of meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Gedeputeerde Staten van Utrecht.

Openstellingen en rondes

Er is op dit moment geen open ronde.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
indien meer dan € 200.000,– wordt aangevraagd, bedraagt de subsidie maximaal € 200.000,–
Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 27 september 2016, nr. 819B76F1, tot openstelling van de regeling Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht (Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2016)
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1 Subsidiabele activiteiten Artikel 2 Subsidiabele kosten Artikel 3 Niet subsidiabele kosten Artikel 4 Hoogte subsidie Artikel 5 Selectiecriteria Artikel 6 Bevoorschotting Artikel 7 Publicatie en inwerkingtreding Artikel 8 Citeertitel Ondertekening Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR600221 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR600221/3 sluiten Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 27 september 2016, nr. 819B76F1, tot openstelling van de regeling Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht (Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2016) Geldend van 01-08-2017 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-10-2016 Intitulé Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 27 september 2016, nr. 819B76F1, tot openstelling van de regeling Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht (Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2016) Gedeputeerde staten van Utrecht; Gelet op artikel 1.3 en paragraaf 7 van hoofdstuk 2 van de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht; Overwegende: – dat voor het ontwikkelen en beproeven van innovaties in de landbouw projectmatige samenwerkingsverbanden meerwaarde kunnen bieden; – dat onder een innovatie hier verstaan wordt, een idee met succes in de praktijk brengen, waarbij het gaat om een nieuw of significant verbeterd product, dienst, methode of procedé; – dat in de afgelopen jaren veel kennis is ontwikkeld over de effecten van landbouw op het milieu, de gevolgen van klimaatverandering en het nut van verstandig omgaan met grondstoffen, maar dat er nieuwe kennis ontwikkeld moet worden; – dat Gedeputeerde Staten met deze subsidieregeling beogen de gestelde doelen in het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3) en het provinciaal meerjarenprogramma voor het landelijk gebied, Agenda Vitaal Platteland (AVP) te behalen, waaronder het behoud en het versterken van een economisch rendabele bedrijfsvoering, het versterken van de duurzaamheid en een aantrekkelijke leefomgeving; – dat de te ontwikkelen en praktijk rijp maken van kennis gericht is op de volgende doelen: • Beperken van bodemdaling in veenweidegebieden; • Verminderen van emissie nutriënten; • Verminderen van emissie gewasbeschermingsmiddelen; • Verminderen of voorkomen van zoetwatertekorten; • Klimaatadaptatie; • Klimaatmitigatie/energieneutrale melkveehouderij. Besluiten: I. Open te stellen: De regeling samenwerking voor innovaties 2016 provincie Utrecht als bedoeld in paragraaf 7 van hoofdstuk 2 van de Verordening subsidies POP3 2014–2020 Provincie Utrecht – verder te noemen de Verordening subsidies POP3 – voor de periode van 3 oktober 2016 tot en met 4 november 2016. II. Het subsidieplafond voor de openstellingsperiode vast te stellen op € 410.000 uit het Europees Landbouw Fonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en € 410.000 uit Agenda Vitaal Platteland (AVP). III. De volgende regels vast te stellen: Artikel 1 Subsidiabele activiteiten 1. In afwijking van artikel 2.7.1 van de Verordening subsidies POP3 wordt alleen subsidie verstrekt voor de uitvoering van een innovatieproject mits de activiteiten gericht zijn op de handel in en de voortbrenging van landbouwproducten. 2. De in het eerste lid bedoelde activiteiten hebben betrekking op ten minste één van de volgende thema’s: a. Verschuiving van de bestaande kostenreductiestrategie naar een meerwaarde strategie, met nieuwe marktconcepten, nieuwe verdienmodellen of meerwaardecreatie voor zover die geen negatieve effecten hebben op het milieu; b. Een geringer grondstoffengebruik en een gesloten kringloop, met als resultaat een vermindering van de emissie van milieubelastende stoffen naar bodem, lucht en grond- en oppervlaktewater en minder uitputting van hulpbronnen en grondstoffen; c. Klimaatadaptatie; d. Klimaatmitigatie. Artikel 2 Subsidiabele kosten 1. In afwijking op artikel 2.8.6 van de Verordening subsidies POP3 kan subsidie worden verstrekt voor: a. coördinatie kosten voor het samenwerkingsverband; b. de kosten voor het verspreiden van resultaten van het project; c. de kosten van de bouw, verbetering, verwerving of leasing van onroerende zaken; d. de kosten van de koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa; e. de kosten van tweedehands zaken tot maximaal de marktwaarde; f. de kosten van adviseurs, architecten en ingenieurs; g. de kosten van adviezen duurzaamheid op milieu en economisch gebied; h. kosten van haalbaarheidsstudies; i. kosten voor het testen en ontwikkelen van een innovatie in de praktijk; j. de kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware; 2. De in het eerste lid onder a, b, f, g, h, i en j bedoelde kosten zijn subsidiabel als personeelskosten, kosten derden en als bijdrage in natura van eigen arbeid en voor vrijwilligers; 3. de in het eerste lid onder c bedoelde kosten voor onroerende zaken en in het eerste lid onder d bedoelde kosten van nieuwe machines en installaties zijn subsidiabel als afschrijvingskosten zoals bedoeld in artikel 69 lid 2 van Verordening (EU) Nr.1303/2013. Artikel 3 Niet subsidiabele kosten In aanvulling op het eerste lid van artikel 2.7.7 van de Verordening subsidies POP3 wordt geen subsidie verstrekt voor: a. de kosten van verwerving van octrooien, licenties, auteursrechten en merken; b. niet verrekenbare of niet compensabele BTW. Artikel 4 Hoogte subsidie 1. In afwijking van artikel 2.7.8 van de Verordening subsidies POP3 bedraagt de hoogte van subsidie: a. 70% van subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 2, eerste lid onderdeel a en b, voor zover het kosten voor samenwerking en kennisverspreiding betreft; b. 100% van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 2, onderdeel c tot en met j, voor zover het kosten van niet-productieve investeringen betreft; c. 40% van de subsidiabele kosten als bedoeld artikel 2, onderdeel c tot en met j, voor zover het kosten van productieve investeringen betreft. 2. De subsidie dient op het moment van de subsidieverlening per project minimaal € 50.000,– te bedragen en indien meer dan € 200.000,– wordt aangevraagd, bedraagt de subsidie maximaal € 200.000,–. 3. Artikel 2.7.8, het tweede en derde lid van de Verordening subsidies POP3 is niet van toepassing op de in artikel 1 bedoelde activiteit. Artikel 5 Selectiecriteria 1. Voor de rangschikking als bedoeld in artikel 1:15 en artikel 2.7.9 van de Verordening subsidies POP3 worden de volgende criteria toegepast voor de onder artikel 1 bedoelde activiteiten: a. Mate van effectiviteit, hetgeen blijkt uit het potentiele effect aan één of meer thema’s zoals bedoeld in artikel 1 lid 2 waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. meerwaarde van de beoogde innovatie voor de gestelde doelen binnen de thema’s; ii. voorbeeldwerking van het innovatieproject in breder verband; iii. mate van geschiktheid van de beoogde innovatie voor brede toepasbaarheid of uitrol. b. Mate van innovativiteit, hetgeen blijkt uit de meerwaarde die de beoogde innovatie heeft op basis van de volgende aspecten: i. technisch of sociaal grensverleggend karakter van de beoogde innovatie; ii. transitie karakter van de innovatie; iii. toepassingsgerichtheid van de innovatie vanuit bestaande kennis, prototypen, modellen; iv. vernieuwde karakter van het samenwerkingsverband naar samenstelling. c. Mate van kosteneffectiviteit, hetgeen blijkt uit de mate waarin de resultaten van het innovatieproject op een kostenefficiënte wijze worden behaald waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. de verhouding tussen de begrote kosten en de beoogde projectresultaten (prestaties); ii. relevantie van de voorziene kosten voor het realiseren van de beoogde innovatie; iii. mate van efficiënt gebruik van (bestaande) kennis en arbeid. d. Mate van haalbaarheid, hetgeen blijkt uit de slagingskans van de innovatie waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. kwaliteit procesplan voor samenwerking en/of projectplan voor de ontwikkeling van de beoogde innovatie; ii. blijk van oriëntatie op (technische) haalbaarheid op basis van de kennis die voor handen ligt; iii. blijk van oriëntatie op businessmodel en marktpotentieel; iv. kwaliteit van het samenwerkingsverband in relatie tot het ambitieniveau. 2. Het bepalen van de scores van de in het eerste lid onder a tot en met d bedoelde selectiecriteria vindt als volgt plaats: – 1 punt wordt toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien gering is; – 2 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien voldoende is; – 3 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien goed is; – 4 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien zeer goed is. 3. De weging van de in het eerste lid onder a tot en met d bedoelde selectiecriteria vindt als volgt plaats: – De punten voor a worden vermenigvuldigd met factor 2; – De punten voor b worden vermenigvuldigd met factor 3; – De punten voor c worden vermenigvuldigd met factor 2; – De punten voor d worden vermenigvuldigd met factor 2. 4. Het maximum aantal punten is 36. 5. Indien een aanvraag minder dan 20 punten behaalt, wordt de aanvraag niet gehonoreerd. 6. Aanvragen worden op volgorde van de rangschikking gehonoreerd. 7. Als twee of meer aanvragen een gelijk aantal punten hebben verkregen en hun plaats in de rangschikking zodanig is dat de som van de toe te kennen maximale subsidiebedragen het subsidieplafond overstijgt, wordt met inachtneming van het subsidieplafond subsidie verleend voor de aanvraag om subsidie met het hoogste aantal punten behaald op het criterium bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. 8. Indien de aanvragen als bedoeld in het vijfde lid een gelijk aantal punten hebben behaald op het criterium bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt de subsidie verleend voor de aanvraag om subsidie met het hoogste aantal punten behaald op het criterium bedoeld in het eerste lid, onderdeel b. 9. Indien de aanvragen als bedoeld in het zesde lid een gelijk aantal punten hebben behaald op het criterium bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt de subsidie verleend voor de aanvraag om subsidie met het hoogste aantal punten behaald op het criterium bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. 10. Indien de aanvragen als bedoeld in het zevende lid een gelijk aantal punten hebben behaald op alle criteria bedoeld in het eerste lid, wordt de rangschikking van de aanvragen bepaald door loting. 11. Het toekennen van de scores en de rangschikking vindt plaats door een toetsingscommissie zoals bedoeld in artikel 1.14 van de Verordening subsidies POP3. Artikel 6 Bevoorschotting 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1.23 van de Verordening subsidies POP3 wordt maximaal 1 keer per jaar een voorschot verleend op basis van realisatie. 2. In afwijking van het bepaalde in artikel 1.25 van de Verordening subsidies POP3 worden geen voorschotten verleend vooruitlopend op de realisatie. Artikel 7 Publicatie en inwerkingtreding Dit besluit wordt geplaatst in het Provinciaal Blad en treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst. Artikel 8 Citeerti
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1 Subsidiabele activiteiten Artikel 2 Aanvrager Artikel 3 Samenwerkingsverband Artikel 4 Aanvraag Artikel 5 Weigeringsgronden Artikel 6 Subsidiabele kosten Artikel 7 Niet subsidiabele kosten Artikel 8 Hoogte subsidie Artikel 9 Selectiecriteria Artikel 10 Bevoorschotting Artikel 11 Publicatie en inwerkingtreding Artikel 12 Citeertitel Ondertekening Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR624519 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR624519/1 sluiten Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 14 mei 2019, nr. 81EE78CD, tot openstelling van de regeling Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014-2020 Provincie Utrecht (Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2019) Geldend van 28-05-2019 t/m heden Intitulé Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 14 mei 2019, nr. 81EE78CD, tot openstelling van de regeling Samenwerking voor innovaties uit de Verordening subsidies POP3 2014-2020 Provincie Utrecht (Openstellingsbesluit POP3 samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2019) Gedeputeerde staten van Utrecht; Gelet op de artikelen 1.3, 1.4 en paragraaf 7 van hoofdstuk 2 van de Verordening subsidies POP3 2014-2020 Provincie Utrecht; Overwegende dat: - Gedeputeerde Staten met deze subsidieregeling beogen de gestelde doelen in het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3) en het provinciaal meerjarenprogramma voor het landelijk gebied, Agenda Vitaal Platteland (AVP) te behalen, waaronder het behoud en het versterken van een economisch rendabele bedrijfsvoering, het versterken van de duurzaamheid en een aantrekkelijke leefomgeving; - voor het ontwikkelen en beproeven van innovaties in de landbouw projectmatige samenwerkingsverbanden meerwaarde kunnen bieden; - onder een innovatie hier verstaan wordt, een idee met succes in de praktijk brengen, waarbij het gaat om een nieuw of significant verbeterd product, dienst, methode of procedé; - het ontwikkelen en praktijkrijp maken van een product, dienst, methode of procedé de doelen uit de Landbouwvisie 2018 kan ondersteunen. Besluiten: I. Open te stellen: De regeling samenwerking voor innovaties provincie Utrecht 2019 als bedoeld in paragraaf 7 van hoofdstuk 2 van de Verordening subsidies POP3 2014-2020 Provincie Utrecht - verder te noemen de Verordening subsidies POP3 - voor de periode van 27 mei 2019 tot en met 26 juli 2019; II. Het subsidieplafond voor de openstellingsperiode vast te stellen op € 750.000, waarvan € 375.000 uit het Europees Landbouw Fonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en € 375.000 uit AVP; III. De volgende regels vast te stellen: Artikel 1 Subsidiabele activiteiten a. In afwijking van artikel 2.7.1 van de Verordening subsidies POP3 wordt alleen subsidie verstrekt voor de uitvoering van een innovatieproject, mits de activiteiten gericht zijn op de handel in en de voorbrenging van landbouwproducten; b. De in het eerste lid bedoelde activiteiten hebben betrekking op ten minste één van de volgende thema’s: a. Verschuiving van de bestaande kostenreductiestrategie naar een meerwaardestrategie, met nieuwe marktconcepten, nieuwe verdienmodellen of meerwaardecreatie; b. Beter beheer van productrisico’s, versterking van de positie van de primaire producent in de handelsketen of het verminderen van marktfalen; c. Maatregelen die leiden tot een geringer grondstofgebruik of een meer gesloten kringloop, met als resultaat een vermindering van de emissie van milieubelastende stoffen naar bodem, lucht en grond- en oppervlaktewater en minder uitputting van hulpbronnen en grondstoffen; d. Klimaatmitigatie; e. Klimaatadaptie; f. Verbetering van dierenwelzijn en dierengezondheid en verminderd risico voor de volksgezondheid bij de interactie tussen mens en dier; g. Behoud en versterking van de biodiversiteit en de omgevingskwaliteit. Artikel 2 Aanvrager Subsidie wordt verstrekt aan de deelnemers van het samenwerkingsverband. Artikel 3 Samenwerkingsverband Het samenwerkingsverband, als bedoeld in artikel 2, bestaat tenminste uit twee partijen die van belang zijn voor het verwezenlijken van de doelstelling(en) van het project waarvoor subsidie is aangevraagd en bevat tenminste één landbouwer of een organisatie die landbouwers vertegenwoordigt. Artikel 4 Aanvraag Onverminderd het bepaalde in artikel 1.7 van de Verordening subsidies POP3 bevat de aanvraag: a. een beschrijving van het uit te voeren innovatieve project, inclusief een beschrijving van het te ontwikkelen, te testen of aan te passen product, proces of procedé; b. een beschrijving van de verwachte resultaten en van de bijdrage aan de doelstelling om de productiviteit en het duurzame beheer van hulpbronnen te verbeteren; c. een uitwerking van de beoogde activiteiten voor kennisverspreiding van de resultaten met gebruik van de hiertoe geëigende netwerken; d. een beschrijving van de interne procedures van het samenwerkingsverband waarmee transparante werking en besluitvorming gegarandeerd wordt en waarmee belangenconflicten worden voorkomen. Artikel 5 Weigeringsgronden Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 van de Verordening subsidies POP3 wordt subsidie geweigerd: a. indien er voor dezelfde activiteit en dezelfde subsidiabele kosten reeds op grond van hoofdstuk 3 van de Verordening subsidies POP3 (LEADER) subsidie is verstrekt; b. voor kosten gericht op de reguliere bedrijfsvoering van bestaande reguliere samenwerkingsactiviteiten; c. indien steun niet wordt aangevraagd voor een proefproject of de ontwikkeling van nieuwe producten, praktijken, processen of technieken in de landbouw-, de voedingsmiddelen- of de bosbouwsector; d. indien de aanvraag niet wordt gedaan door een pas opgericht samenwerkingsverband of netwerk of het niet gaat om een activiteit die nieuw is voor een reeds bestaand samenwerkingsverband of netwerk. Artikel 6 Subsidiabele kosten 1. In afwijking op artikel 2.7.6 van de Verordening subsidies POP3 kan subsidie worden verstrekt voor: a. coördinatiekosten voor het samenwerkingsverband; b. kosten voor het verspreiden van resultaten van het project; c. operationele kosten direct verbonden aan de uitvoering van het innovatieproject; d. kosten voor projectmanagement en projectadministratie; e. kosten voor bouw of verbetering van onroerende goederen; f. kosten voor verwerving of leasing van onroerende goederen; g. kosten voor aankoop van grond; h. kosten van de koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa; i. kosten van de koop van tweedehands machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa; j. kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware; k. algemene kosten als bedoeld in artikel 1.12a van de Verordening subsidies POP3; l. niet verrekenbare of niet compensabele BTW. 2. De in het eerste lid onder a, b, c, d, j, k en l bedoelde kosten zijn subsidiabel als personeelskosten, kosten derden en als bijdrage in natura van eigen arbeid en voor vrijwilligers. 3. De in het eerste lid onder e en f bedoelde kosten voor onroerende goederen, in het eerste lid onder h en i bedoelde machines en installaties en in het eerste lid onder j bedoelde computersoftware zijn subsidiabel als afschrijvingskosten, zoals bedoeld in artikel 69 lid 2 van Verordening (EU) Nr. 1303/2013. 4. De in het eerste lid onder g bedoelde kosten voor aankoop van grond zijn subsidiabel tot maximaal 10% van de totale subsidiabele kosten. Artikel 7 Niet subsidiabele kosten Er wordt conform artikel 2.7.7 van de Verordening subsidies POP3 geen subsidie verstrekt voor voorbereidingskosten en aanvullend daarop niet voor de kosten van verwerving van octrooien, licenties, auteursrechten en merken. Artikel 8 Hoogte subsidie 1. In afwijking van artikel 2.7.8 van de Verordening subsidies POP3 bedraagt de hoogte van subsidie: a. 70% van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel a tot en met d en l, voor zover het kosten voor samenwerking en kennisverspreiding betreft; b. 100% van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e tot en met k en l, voor zover het kosten van niet-productieve investeringen betreft; c. 40% van de subsidiabele kosten als bedoeld artikel 6, eerste lid, onderdeel e tot en met k en l, voor zover het kosten van productieve investeringen betreft; 2. De subsidie dient op het moment van de subsidieverlening per project minimaal € 50.000 te bedragen. Maximaal kan € 200.000 subsidie worden verstrekt. Indien meer dan € 200.000 wordt aangevraagd, bedraagt de subsidie maximaal € 200.000; 3. Artikel 2.7.8, het tweede en derde lid van de Verordening subsidies POP3 is niet van toepassing op de in artikel 1 bedoelde activiteiten. Artikel 9 Selectiecriteria 1. Voor de rangschikking als bedoeld in artikel 1.15 en artikel 2.7.9 van de Verordening subsidies POP3 worden de volgende criteria toegepast voor de onder artikel 1 bedoelde activiteiten: a. Effectiviteit, hetgeen blijkt uit het potentiële effect aan één of meer thema’s zoals bedoeld in artikel 1 lid 2 waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. meerwaarde van de beoogde innovatie voor de gestelde doelen binnen de thema’s; ii. voorbeeldwerking van het innovatieproject in breder verband; iii. mate van geschiktheid van de beoogde innovatie voor brede toepasbaarheid of uitrol. b. Mate van haalbaarheid/ Kans op succes, hetgeen blijkt uit de slagingskans van de innovatie waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. kwaliteit procesplan voor samenwerking en/of projectplan voor de ontwikkeling van de beoogde innovatie; ii. blijk van oriëntatie op (technische) haalbaarheid op basis van de kennis die voor handen ligt; iii. blijk van oriëntatie op businessmodel en marktpotentieel; iv. kwaliteit van het samenwerkingsverband in relatie tot het ambitieniveau. c. Innovativiteit , hetgeen blijkt uit de meerwaarde die de beoogde innovatie heeft op basis van de volgende aspecten: i. technisch of sociaal grensverleggend karakter van de beoogde innovatie; ii. transitie karakter van de innovatie; iii. toepassingsgerichtheid van de innovatie vanuit bestaande kennis, prototypen, modellen; iv. vernieuwde karakter van het samenwerkingsverband naar samenstelling. d. Efficiëntie, hetgeen blijkt uit de mate waarin de resultaten van het innovatieproject op een kostenefficiënte wijze worden behaald waarbij in samenhang de volgende aspecten worden bezien: i. de verhouding tussen de begrote kosten en de beoogde projectresultaten (prestaties); ii. relevantie van de voorziene kosten voor het realiseren van de beoogde innovatie; iii. mate van efficiënt gebruik van (bestaande) kennis en arbeid. 2. Het bepalen van de scores van de in het eerste lid onder a tot en met d bedoelde selectiecriteria vindt als volgt plaats: - 0 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien zeer gering is; - 1 punt wordt toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien gering is; - 2 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien matig is; - 3 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien voldoende is; - 4 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien goed is; - 5 punten worden toegekend indien de score op genoemde aspecten in samenhang bezien zeer
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.