Nadere regels subsidie voorschoolse voorziening met vve
Gemeente Rotterdam
Voor voorschoolse voorzieningen (peuterspeelzalen en kinderdagverblijven) in Rotterdam die vve aanbieden, en voor ouders van Rotterdamse peuters (doelgroeppeuters en reguliere peuters) in de leeftijd van twee jaar tot schooluitstroom.
Ook bekend als vve-subsidie Rotterdam, subsidie voorschoolse educatie Rotterdam
Waar is deze subsidie voor?
Nadere regels voor subsidie aan voorschoolse voorzieningen (peuterspeelzalen en kinderdagverblijven) in Rotterdam die voor- en vroegschoolse educatie (vve) aanbieden. De regeling bepaalt de hoogte van de subsidie en de procedures voor het bepalen en innen van ouderbijdragen voor Rotterdamse (doelgroep)peuters.
Voor wie is het bedoeld?
Voor voorschoolse voorzieningen (peuterspeelzalen en kinderdagverblijven) in Rotterdam die vve aanbieden, en voor ouders van Rotterdamse peuters (doelgroeppeuters en reguliere peuters) in de leeftijd van twee jaar tot schooluitstroom.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil subsidie aanvragen voor mijn peuterspeelzaal of kinderdagverblijf met vve-programma in Rotterdam
- Ik wil weten welke ouderbijdrage ik moet betalen voor mijn peuter op een gesubsidieerde voorschoolse voorziening met vve
- Ik wil inzicht in de voorwaarden en verantwoordingsplichten voor vve-subsidie in Rotterdam
Voorwaarden
- Voorziening moet in het LRKP (Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen) geregistreerd zijn
- Voor vve-kinderdagverblijven: zes basisuren vve per week verdeeld over twee dagdelen per week, gedurende veertig weken per kalenderjaar
- Voor doelgroeppeuters: aanvullende zes extra uren vve per week mogelijk (totaal twaalf uur)
- Maximaal 16 peuters per groep
- Observatiesysteem voor volgen van ontwikkeling van peuters verplicht
- Inhoudelijke en financiële verantwoording vereist (financieel vanaf € 25.000)
- Assurancerapport vereist voor inhoudelijke verantwoording (vanaf € 25.000)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel 1 Begripsomschrijvingen Artikel 2 Doel Artikel 3 Subsidieplafond Artikel 4 Hoogte van de subsidie Artikel 5 Deelname aan de voorschoolse voorziening met vve Artikel 6 Ouderbijdrage bij deelname aan het kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve Artikel 7 Aantal uren voorschoolse voorziening op een kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve met ingang van 1 september 2016 Artikel 8 Inning van de ouderbijdrage door kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve met ingang van 1 september 2016 Artikel 9 Uitzonderingen met ingang van 1 september 2016 voor kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve Artikel 10 Kosten implementatie harmonisatie voor kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve Artikel 11 Verrekening ouderbijdrage bij kinderdagverblijf met vve voorheen peuterspeelzaal met vve Artikel 12 Afname bereik Artikel 13 Verantwoording en vaststelling van de subsidie Artikel 14 Hardheidsclausule Artikel 15 Citeertitel Artikel 16 Inwerkingtreding Ondertekening Bijlage 1. Overgang oude – en nieuwe doelgroepdefinitie voorschoolse periode (vve) gemeente Rotterdam Bijlage 2 Ouderbijdragetabel 2016 Bijlage 3: uren en kosten berekening voor kalenderjaar 2016, basisvoorziening vve en vve-extra Bijlage 4. Hulpdocument aanvraag en verantwoording van resultaten en activiteiten voorschoolse educatie over kalenderjaar 2016 Bijlage Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR410084 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR410084/1 sluiten Nadere regels subsidie voorschoolse voorziening met vve Geldend van 05-07-2016 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2016 Intitulé Nadere regels subsidie voorschoolse voorziening met vve 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, Gelezen het voorstel van de directie Jeugd en Onderwijs van 7 juni 2016; gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Subsidieverordening Rotterdam 2014; besluit: vast te stellen de navolgende Nadere regels subsidie voorschoolse voorziening met vve 2016 met inbegrip van de daarbij behorende bijlagen. Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze nadere regels wordt verstaan onder: a. Basisvoorziening regulier: peuterplaats voor (doelgroep)peuters vanaf twee jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, van twee dagdelen per week, verspreid over minimaal twee weekdagen, gedurende veertig weken per kalenderjaar. Het aantal uren per peuterplaats per week is zes (inclusief de momenten voor brengen en halen). De peuterplaats bevindt zich in een voorschoolse voorziening die in het LRKP als peuterspeelzaal is geregistreerd. b. Basisvoorziening vve: peuterplaats van zes basisuren vve per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) verdeeld over twee dagdelen per week, verspreid over twee weekdagen, gedurende veertig weken per kalenderjaar voor peuters in de leeftijd vanaf twee jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool. De peuterplaats bevindt zich in een voorschoolse voorziening die in het LRKP als vve-kinderdagverblijf is geregistreerd. c. Basisvoorziening vve extra: peuterplaats van zes extra uren vve per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) gedurende veertig weken per kalenderjaar voor doelgroeppeuters in de leeftijd vanaf twee jaar en zes maanden tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool. Om een flexibele overgang voor de houder mogelijk te maken, kan de uitbreiding van het vve-programma van zes naar twaalf uur per week worden aangeboden in de leeftijdsperiode tussen twee jaar en vier maanden en twee jaar en acht maanden. De basisvoorziening vve plus de basisvoorziening vve extra omvatten tezamen twaalf uur per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) verdeeld over drie of vier dagdelen per week, gedurende veertig weken per jaar. De peuterplaats bevindt zich in een voorschoolse voorziening die in het LRKP als vve-kinderdagverblijf is geregistreerd. d. Beleidsregel onderwijs: de jaarlijks door het college vastgestelde Beleidsregel onderwijs waarin de regels voor de subsidie voor voorschoolse voorzieningen met vve zijn opgenomen. e. Besluit kinderopvangtoeslag: het besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waarbij wordt bepaald onder welke voorwaarden en vanaf welk verzamelinkomen ouders aanspraak kunnen maken op kinderopvangtoeslag en hoe hoog de kinderopvangtoeslag is. f. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam. g. Houder: de rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort, waarbij onder ‘onderneming’ wordt begrepen een in Rotterdam gevestigde locatie waar vve wordt uitgevoerd en die in het LRKP staat geregistreerd als kinderdagverblijf. h. Kinderopvangtoeslagtabel: bijlage bij het Besluit kinderopvangtoeslag. i. Kindplaats: – Kindplaats vve: een plaats in een vve-groep gedurende twaalf uur per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) verdeeld over drie of vier dagdelen. – Kindplaats groep nul: een plaats in een groep nul gedurende vijftien uur per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) verdeeld over vier of vijf dagdelen per week. j. LRKP: Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen: register waarin kinderopvangvoorzieningen en peuterspeelzalen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke eisen. k. Ouderbijdrage: financiële bijdrage die ouders moeten betalen voor de deelname van hun peuter(s) aan de basisvoorziening regulier, basisvoorziening vve of basisvoorziening vve extra. l. Ouder(s): ouder(s), verzorger(s) van de peuter. m. Voorschoolse voorziening: educatieve opvang voor kinderen vanaf twee jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool en die voldoet aan de eisen uit de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen met het daarbij behorende Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. De voorschoolse voorziening wordt uitgevoerd in groepen waarin maximaal 16 peuters aanwezig zijn. De ontwikkeling van alle peuters wordt gevolgd met een observatiesysteem. De voorschoolse voorziening kan bestaan uit: • De basisvoorziening regulier • De basisvoorziening vve • De basisvoorziening vve extra n. Rotterdamse peuter(s): kinderen woonachtig in Rotterdam in de leeftijd vanaf twee jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool. o. Rotterdamse doelgroeppeuter(s): kinderen woonachtig in Rotterdam in de leeftijd vanaf twee jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, die door het Centrum voor Jeugd en Gezin, of door de houder in de periode tot 1 januari 2015, zijn geïndiceerd als doelgroeppeuter overeenkomstig bijlage 1. p. Verzamelinkomen: het verzamelinkomen is de optelsom van de inkomens van de ouders/verzorgers van de peuter. q. Vve (voor- en vroegschoolse educatie): hier opgevat als voorschoolse educatie voor kinderen vanaf de leeftijd van twee jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin via een vve-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. r. Vve-programma: een programma voor voorschoolse educatie gericht op de vier ontwikkelingsdomeinen taal, rekenen, motoriek, en sociaalemotionele ontwikkeling zoals vermeld in de beleidsregel onderwijs. Artikel 2 Doel Deze nadere regels hebben als doel het vaststellen van de hoogte van de subsidie voor voorschoolse voorzieningen met en zonder vve en de procedures voor het bepalen en innen van de bijdrage die ouders betalen voor deelname van Rotterdamse (doelgroep)peuters aan een door de gemeente Rotterdam gesubsidieerde voorschoolse voorziening met vve. Artikel 3 Subsidieplafond a. Het subsidieplafond bedraagt voor kalenderjaar 2016 maximaal € 33.408.500,00. b. Bestaande subsidies worden dit kalenderjaar gecontinueerd. Artikel 4 Hoogte van de subsidie a. Periode 1 januari 2016 tot 1 september 2016 voor kinderdagverblijven die de vve-subsidie voor 2016 oorspronkelijk als peuterspeelzaal hebben aangevraagd. Voor deze kinderdagverblijven (oorspronkelijk peuterspeelzalen) gelden de subsidiebedragen per groep per kalenderjaar zoals in onderstaande tabel. De maximale subsidie per groep bedraagt voor deze periode maximaal 2/3e deel van de bedragen zoals opgenomen in de tabel. Groepsgrootte # uren en dagdelen (dd) inclusief brengen/halen Soort voorziening (oude stijl) Subsidiebedrag 13/16 kindplaatsen 12 uur in 3 of 4 dd vve (zonder voorheen deelgemeentelijke subsidie) € 44.000,00 13/16 kindplaatsen 12 uur in 3 of 4 dd vve (met voorheen deelgemeentelijke subsidie) € 64.000,00 13/16 kindplaatsen 15 uur in 5 dd Groep nul (zonder voorheen deelgemeentelijke subsidie) € 74.000,00 13/16 kindplaatsen 15 uur in 5 dd Groep nul (met voorheen deelgemeentelijke subsidie) € 94.000,00 > 16 kindplaatsen Door de openstelling te verruimen kan een instelling in een vve-groep meer kindplaatsen realiseren dan het gebruikelijk maximum aantal van 16. In dat geval wordt het subsidiebedrag behorend bij de soort voorziening naar rato van het extra aantal kindplaatsen verhoogd. Dit moet bij de aanvraag van de subsidie worden aangegeven. Voorbeeld: in een vve-groep (zonder voorheen deelgemeentelijke subsidie) met vijf dagdelen openstelling waarbij het vve-programma van tien uur wordt uitgevoerd verdeeld over drie dagdelen worden 24 peuters opgevangen. De subsidie wordt naar rato verhoogd tot € 66.000,00 (= 24/16 * € 44.000,00). < 13 kindplaatsen Voor vve-groepen met minder dan 13 kindplaatsen gelden dezelfde subsidiebedragen als in 2015. Het ‘aantal uren en dagdelen’ en de ‘soort voorziening (oude stijl)’ zoals vermeld in de tabel worden in de periode tussen 1 maart 2016 en aanvang schooljaar 2016–2017 in de uitvoeringspraktijk aangepast aan het herontwerp voorschoolse voorziening met vve zoals weergegeven in de aanvulling beleidsregel onderwijs 2015–2016. b. Periode 1 september tot en met 31 december 2016 voor kinderdagverblijven die de vve-subsidie voor 2016 oorspronkelijk als peuterspeelzaal hebben aangevraagd. De kosten voor een voorschoolse voorziening met vve van 13 tot en met 16 kindplaatsen en 12 uur openingstijd per week (inclusief de momenten voor brengen en halen) zijn vastgesteld op maximaal € 68.830,00 per kalenderjaar per groep als de groep is gehuisvest in een schoolgebouw dat is opgenomen in de collectieve huurovereenkomst 2015 tussen het schoolbestuur en Stadsontwikkeling. De maximale subsidie per groep bedraagt voor deze periode maximaal 1/3e deel van het bedrag zoals opgenomen in de tabel. Dit bedrag is als volgt samengesteld: Samenstelling subsidie per vve-groep per kalenderjaar als de groep is gehuisvest in een schoolgebouw dat is opgenomen in de collectieve huurovereenkomst 2015 tussen het schoolbestuur en Stadsontwikkeling. De genoemde bedragen kunnen als lumpsum worden ingezet, zodat maatwerk per vve-groep mogelijk is. Exploitatie vve-groep na 1 september (inclusief € 1.500,00 ouderbijdrage oude stijl) € 63.000,00 Materiaalkosten € 1.000,00 Opleidingskosten € 500,00 Kosten 1,5 uur extra inzet per week voor twee pedagogisch medewerkers € 4.330,00 Totaal € 68.830,00 Toeslag huisvesting De houder krijgt een toeslag op de subsidie van maximaal € […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.