Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen

Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (via RVO)

Wat is de Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen?

STUDI: Vergassing van reststromen is een subsidie van RVO voor ondernemingen die een studie uitvoeren naar de haalbaarheid van vergassing van reststromen tot hernieuwbare energiedragers of grondstoffen. De studie bereidt een investeringsbesluit voor over een vervolgproject, zoals een pilot- of demonstratieproject, dat binnen 10 jaar moet bijdragen aan minder CO2-uitstoot in de industrie. Er zijn drie soorten studies mogelijk: een haalbaarheidsstudie, een milieustudie of een vergelijkbare studie.

Wie komt in aanmerking voor de Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen?

STUDI: Vergassing van reststromen is bedoeld voor een onderneming die zelf, of in een samenwerkingsverband, een studie uitvoert naar een investering in vergassing van reststromen. Voorwaarden voor de doelgroep:

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderneming
Je sector valt onder SBI B, C, D, E
De definitieve beoordeling ligt bij Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (via RVO).
  • U bent een onderneming in de industrie: uw geplande activiteiten vallen onder de definitie 'industrie'. Dit wordt beoordeeld aan de hand van SBI-codes (Standaardbedrijfsindeling) die vallen onder hoofdgroepen B, C, D (alleen energiedistributie en productie van gas) of E. De SBI-code is een hulpmiddel; RVO bepaalt uiteindelijk zelf of uw activiteit onder de definitie industrie valt.
  • Eén van de ondernemingen die de subsidie aanvraagt, moet de resultaten van de studie zelf in de onderneming kunnen gebruiken.
  • Uw onderneming is van plan te investeren in een mogelijk vervolgproject van de studie.
  • Gemeentes en provincies mogen meedoen aan de studie, maar krijgen zelf geen subsidie.
  • Bij een samenwerkingsverband: geen van de deelnemende ondernemingen mag een onderneming in moeilijkheden zijn (volgens de definitie van de AGVV, de Algemene Groepsvrijstellingsverordening).

Waarvoor krijg je subsidie?

U krijgt subsidie voor kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van de studie, zoals bureauonderzoek: literatuuronderzoek, marktverkenning, concurrentieanalyse, onderzoek naar vergunningen, juridisch haalbaarheidsonderzoek, het uitwerken van een businesscase, voorontwerp (pre-engineering) en onderdelen van Front End Engineering Design (FEED). Alleen de onderdelen van de studie die nodig zijn om een investeringsbesluit te nemen, komen in aanmerking.

Kostensoorten en rekenregels:

  • Loonkosten van verbonden ondernemingen met een vaste inrichting in Nederland: maximaal € 25.000 subsidie. Zijn de loonkosten hoger, dan vallen deze alleen onder de subsidie als die onderneming als deelnemer in de aanvraag staat.
  • Bij een milieustudie of vergelijkbare studie naar een uitontwikkelde technologie: alleen kosten voor activiteiten door derden (niet uit het samenwerkingsverband of uw eigen groep van ondernemingen) vallen onder de subsidie.
  • U vraagt minimaal € 25.000 subsidie aan.

Beperkte testwerkzaamheden (zoals het opvragen en testen van monsters op technische eigenschappen) vallen alleen onder de subsidie als ze helpen om de haalbaarheidsvragen voor het investeringsbesluit te beantwoorden. Werkzaamheden ter voorbereiding op testwerk (zoals een testplan opstellen of testmateriaal kopen) vallen ook onder testwerkzaamheden.

Niet subsidiabel:

  • Industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling (de studie moet vooral bureauonderzoek zijn).
  • Het opstellen van het projectplan en het uitwerken van het administratieve deel van een aanvraag (bijvoorbeeld ter voorbereiding op Innovation Fund).
  • Meer dan de helft van de studie bestaand uit testwerkzaamheden.

Hoeveel subsidie krijg je?

De vergoeding is een percentage van de subsidiabele kosten en hangt af van de grootte van uw onderneming:

  • Maximaal 50% voor een grote onderneming of onderzoeksorganisatie.
  • Maximaal 60% voor een middelgrote onderneming.
  • Maximaal 70% voor een kleine onderneming.

Het maximale subsidiebedrag verschilt per soort studie:

  • Haalbaarheids- of milieustudie: maximaal € 3 miljoen.
  • Vergelijkbare studie: maximaal het bedrag dat u nog mag ontvangen aan de-minimissteun (overheidssteun), met een maximum van € 300.000 per onderneming die de studie zelfstandig uitvoert, of € 300.000 per deelnemer in een samenwerkingsverband, over een periode van 3 jaar.

U vraagt minimaal € 25.000 subsidie aan. Voor loonkosten van verbonden ondernemingen met een vaste inrichting in Nederland geldt een maximum van € 25.000 subsidie.

Alle bedragen op een rij

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoort
€ 1.000.000Maximaal
€ 2.910.378Subsidieplafond
€ 7.500.000Subsidieplafond

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
2026-202718 mei 202631 mrt 2027€ 7,5 mln-

Wat zijn de voorwaarden van de Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen?

Naast de doelgroepeisen gelden de volgende voorwaarden voor uw studie:

Waarop wordt beoordeeld

  1. de uitwerking van aanpak en methodiek;
  2. de omgang met risico's;
  3. de uitvoerbaarheid;
  4. de deelnemende partijen;
  5. de mate waarin het beschikbare geld effectief en efficiënt wordt ingezet.
  • De duur van de studie is maximaal één jaar als u maximaal € 1 miljoen subsidie aanvraagt, en maximaal 2 jaar als u meer dan € 1 miljoen subsidie aanvraagt.
  • De resultaten van de studie moeten te gebruiken zijn in uw onderneming.
  • Uw onderneming moet van plan zijn te investeren in een mogelijk vervolgproject van de studie.
  • Voor een vergelijkbare studie heeft u een de-minimisverklaring nodig, waarin u aangeeft hoeveel overheidssteun uw onderneming al heeft ontvangen.

Extra voorwaarden bij een samenwerkingsverband:

  • Het samenwerkingsverband bestaat uit minimaal één onderneming die aan de studie deelneemt, belang heeft bij de resultaten en van plan is te investeren in een mogelijk vervolgproject.
  • Het samenwerkingsverband moet voldoende in balans zijn, bijvoorbeeld te zien aan de verdeling van kosten of aan de verdeling van private en publieke financiering.
  • Neemt een onderzoeksorganisatie deel, dan is een samenwerkingsovereenkomst verplicht, ondertekend vóórdat de studie start.
  • Geen van de deelnemende ondernemingen mag een onderneming in moeilijkheden zijn (volgens de AGVV-definitie).

Hoe vraag je de Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen aan?

U dient de aanvraag in via de eigen aanvraagomgeving van RVO en logt in met eHerkenning (minimaal niveau 3 met machtiging RVO-diensten op niveau eH3).

Bij de aanvraag hoort:

  • Een begroting waarin u de subsidiabele kosten en de hoogte ervan vermeldt, onderbouwd met bijvoorbeeld offertes.
  • Een mkb-verklaring, als u een kleine of middelgrote onderneming bent.
  • Een de-minimisverklaring, als u subsidie aanvraagt voor een vergelijkbare studie. Hierin geeft u aan hoeveel overheidssteun uw onderneming al heeft ontvangen.
  • Bij een samenwerkingsverband waarin een onderzoeksorganisatie deelneemt: een samenwerkingsovereenkomst, ondertekend vóórdat de studie start. Is deze nog niet klaar bij de aanvraag, dan mag u pas met de studie starten nadat de overeenkomst is ondertekend.

Voordat u aanvraagt, kunt u het projectideeformulier invullen om uw projectidee vrijblijvend te laten toetsen door een projectadviseur van RVO.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

RVO beoordeelt de aanvraag. Na het indienen kunt u via de aanvraagomgeving uw aanvraag bekijken, de voortgang van uw studie doorgeven, wijzigingen in uw studie doorgeven en vaststelling van uw subsidie aanvragen.

RVO wijst de aanvraag onder meer af als:

  • de kwaliteit van de studie onvoldoende is (beoordeeld op aanpak en methodiek, omgang met risico's, uitvoerbaarheid, deelnemende partijen en de effectiviteit en efficiëntie van de besteding van het geld);
  • meer dan de helft van de studie bestaat uit testwerkzaamheden, of deze testwerkzaamheden gericht zijn op verdere verbetering of ontwikkeling van een product, proces of dienst;
  • u vóór de studie al subsidie ontving voor het uitvoeren en implementeren van het vervolgproject (met uitzondering van SDE++);
  • het projectplan de vervolgstappen na de studie onvoldoende beschrijft;
  • bij voorbereiding op een pilot- of demonstratieproject de gebruikte techniek onvoldoende innovatief is;
  • bij een milieustudie of vergelijkbare studie naar uitontwikkelde technologie niet voldoende is aangetoond dat de terugverdientijd van de investering meer dan 5 jaar is;
  • de gebruikte biomassa niet voldoet aan de eisen van bijlage IX van de Renewable Energy Directive (RED);
  • het geproduceerde synthesegas direct wordt gebruikt voor productie van warmte of elektriciteit;
  • meer dan 50% van de gebruikte grondstoffen (in tonnen per jaar), of meer dan 50% van de energie-inhoud daarvan, wordt omgezet naar de eindproducten waterstof, brandstoffen uit gerecyclede koolstof en/of biochar.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Studies voor Duurzame Industrie (STUDI): Vergassing van reststromen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (via RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.