Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (via RVO)
Wat is de Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025?
Subsidie voor projecten die de afzet, kwaliteit, toegevoegde waarde en verwerking van visserij- en aquacultuurproducten verbeteren. Bedrijven, brancheorganisaties en kennisinstellingen kunnen tot € 400.000 per project ontvangen (50% van subsidiabele kosten, minimaal € 150.000). Totaal budget € 1,8 miljoen (70% EMFAF, 30% Nederlandse overheid).
Wie komt in aanmerking voor de Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025?
De regeling is bedoeld voor: - Een bedrijf dat werkt aan de afzet en verwerking van visserij- of aquacultuurproducten. Dit bedrijf is een mkb, aan te tonen met een mkb-toets. - Een visserij-, aquacultuur- of brancheorganisatie, bijvoorbeeld een producentenorganisatie. - Een visserij- of aquacultuurbedrijf, bijvoorbeeld een visser. Dit bedrijf is een mkb, aan te tonen met een mkb-toets. - Een vereniging voor visserij- of aquacultuurbedrijven, of voor bedrijven die werken aan de afzet en verwerking van visserij- of aquacultuurproducten. - Een kennisinstelling. - Een algemeen nut beogende instelling (ANBI).
Je kunt ook met andere deelnemers samen een project uitvoeren in een samenwerkingsverband. In dat samenwerkingsverband mag ook een bedrijf in de detailhandel meedoen, mits dat bedrijf minimaal een van de genoemde SBI-codes heeft (onder andere codes voor detailhandel in vis, schaal- en schelpdieren, horeca en supermarkten). Heeft het bedrijf een andere SBI-code maar zijn de activiteiten wel gelijk aan die van een van deze codes, dan kun je dit met bewijzen aantonen.
De mkb-status wordt bepaald met de mkb-toets van de Europese Commissie, waarbij gekeken wordt naar het aantal werkzame personen, de jaaromzet en het jaarlijkse balanstotaal, ook van eventuele partner- en verbonden ondernemingen.
Waarvoor krijg je subsidie?
Het project gaat over visserij- of aquacultuurproducten die geschikt zijn voor menselijke consumptie en richt zich op een of meer van deze onderwerpen: - Het verbeteren van processen in de visserij- of aquacultuurketen, bijvoorbeeld door de keten te verkorten of de waarde van de producten te verhogen. - Het verbeteren van de informatievoorziening in de keten en richting consumenten, bijvoorbeeld duidelijkere productinformatie of meer bewustzijn bij de consument. - Meer promotie en afzetbevordering van visserij- en aquacultuurproducten.
Voor de subsidiabele kosten geldt een minimum van € 150.000 aan subsidiabele kosten per aanvraag. Niet-subsidiabel is in ieder geval het maken van een productie- en afzetprogramma. Er zijn nog meer soorten kosten die niet subsidiabel zijn, maar welke kostensoorten precies wel subsidiabel zijn en hoe deze berekend worden, staat niet in de tekst die hier beschikbaar is.
Hoeveel subsidie krijg je?
Je krijgt 50% van de subsidiabele kosten als subsidie, met een maximum van € 400.000 per project. Om subsidie te kunnen krijgen, moet je minimaal € 150.000 aan subsidiabele kosten hebben.
Het totale budget voor deze subsidie is € 1.800.000. Hiervan komt 70% uit het European Maritime Fisheries and Aquaculture Fund (EMFAF); de rest wordt betaald door de Nederlandse overheid.
Na een positieve beslissing kun je een deelbetaling aanvragen van maximaal 90% van het subsidiebedrag, voor kosten die je al hebt gemaakt en betaald.
Alle bedragen op een rij
| Bedrag | Soort |
|---|---|
| € 400.000 per project | Maximaal |
| € 400.000 | Maximaal |
| € 150.000 | Minimaal |
| € 1.800.000 | Subsidieplafond |
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 2025 | 20 okt 2025 | 22 jan 2026 | € 1,8 mln | Tender (rangschikking na sluiting) |
| Openstelling | 20 okt 2025 | 22 jan 2026 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025?
Na de aanvraagperiode rangschikt een adviescommissie alle aanvragen. Er wordt beoordeeld en subsidie verleend in volgorde van deze rangschikking, niet simpelweg op volgorde van binnenkomst. De commissie geeft elk criterium een score van 1 tot en met 10 en beoordeelt op: - Bijdrage aan een duurzamere keten, informatie en promotie (weegt 25% mee). Hiervoor moet je minimaal 6 punten scoren. - Waarde voor de keten: het project is waardevol voor minimaal 2 marktdeelnemers in de keten (weegt 15% mee). - Bijdrage aan ecologisch verduurzamen van de verwerking en afzet (weegt 20% mee). Hiervoor moet je minimaal 6 punten scoren. - Haalbaarheid: hoe economisch of technisch uitvoerbaar het project is (weegt 20% mee). Hiervoor moet je minimaal 6 punten scoren. - Kwaliteit van het projectplan, bijvoorbeeld volledigheid en duidelijkheid (weegt 20% mee).
Voor het eerste, derde en vierde criterium geldt dus een minimumscore van 6 punten; scoor je daar lager, dan kun je geen subsidie krijgen, ook niet als de totaalscore verder voldoende is.
Verder gelden termijneisen voor je project:
- Je begint met je project na je aanvraag. Vóór de aanvraag mag je geen financiële verplichtingen aangaan die je niet meer kunt terugdraaien: geen betalingen en geen definitieve opdracht. Een voorlopige overeenkomst mag wel; die maak je na de aanvraag definitief.
- Je begint uiterlijk binnen 12 maanden na de beslisbrief met je project.
- Je project is klaar binnen 3 jaar na de beslisbrief.
Kun je niet op tijd beginnen of afronden omdat je de benodigde vergunningen, ontheffingen of toestemmingen niet op tijd kunt krijgen, en komt dat niet door jou, dan kun je hiervoor een ontheffing krijgen. Neem daarvoor contact op met RVO.
Tijdens en na je project gelden verplichtingen over communicatie, projectadministratie en het melden van wijzigingen. Ook zijn er situaties waardoor je geen subsidie uit het EMFAF kunt krijgen, bijvoorbeeld als je een milieudelict hebt gepleegd.
Hoe vraag je de Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025 aan?
Je kunt de subsidie alleen of samen met andere deelnemers in een samenwerkingsverband aanvragen. Bij een samenwerkingsverband treedt een van de deelnemers op als penvoerder die de aanvraag indient; wijzigingen van penvoerder of deelnemers geef je door met een nieuwe machtiging voor de penvoerder.
Vraag je aan als mkb-bedrijf, dan vul je eerst de mkb-toets van de Europese Commissie in met de bedrijfscijfers. Ben je een mkb, dan ontvang je een mkb-verklaring die je meestuurt met je subsidieaanvraag. Afhankelijk van je situatie stuur je daarnaast mee:
- De interne, meest uitgebreide jaarrekening over de twee meest recente jaren.
- Geconsolideerde jaarrekeningen over die jaren, als je bedrijf bij een groep hoort.
- De interne jaarrekening van verbonden ondernemingen (vanaf 25% zeggenschap), ook als die in het buitenland zitten, en eventueel statuten, aandeelhoudersovereenkomst of directieovereenkomst als de zeggenschap niet duidelijk uit de jaarrekening blijkt.
- Een volledig en actueel overzicht van de organisatiestructuur, met de mate van zeggenschap en waar mogelijk de aandelenpercentages.
- Bij een eenmanszaak of nieuwe onderneming zonder jaarrekening: vergelijkbare stukken zoals de winst- en verliesrekening, balansgegevens, de aangifte inkomstenbelasting, conceptcijfers of een prognose.
Doet een bedrijf uit de detailhandel mee in een samenwerkingsverband, dan toont dit bedrijf zijn SBI-code aan via de KVK-registratie, of onderbouwt met bewijzen dat de activiteiten gelijk zijn aan die van een van de vereiste codes.
Na de aanvraagperiode rangschikt een adviescommissie de aanvragen op de beoordelingscriteria; RVO beoordeelt en verleent subsidie in die volgorde.
Verdeling: Tender (rangschikking na sluiting). Een sterke, complete aanvraag maakt het verschil.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Je krijgt de beslissing op je aanvraag binnen 22 weken na de sluiting van de aanvraagperiode. In de beslisbrief staat het maximale subsidiebedrag dat je kunt ontvangen. Met de subsidie krijg je geen vergunning of andere vorm van toestemming; die regel je zelf.
Na de beslissing kun je een deelbetaling aanvragen voor kosten die je al hebt gemaakt en betaald, tot maximaal 90% van het subsidiebedrag. Bij die aanvraag stuur je verplichte bijlagen mee: een tussenrapport (volgens vastgesteld format), bewijsstukken van communicatie, bewijsstukken van kosten, een verantwoordingsoverzicht (volgens vastgesteld format) en vergunningen en toestemmingen.
Is je project klaar en heb je alles betaald, dan vraag je binnen 13 weken na de einddatum van je project (te vinden in je beslisbrief) de vaststelling van je subsidie aan. Daarbij stuur je mee: een eindverslag (volgens vastgesteld format), een verantwoordingsoverzicht (volgens vastgesteld format), bewijsstukken van communicatie, bewijsstukken van kosten, vergunningen en toestemmingen, en (als een kennisinstelling een integrale kostensystematiek gebruikt) een accountantsverklaring.
Loopt je project anders dan verwacht of wil je iets wijzigen, dan geef je dit zo snel mogelijk door aan RVO. Bij twijfel of iets een meldingsplichtige wijziging is, kun je contact opnemen; RVO geeft dan aan of je de wijziging digitaal moet doorgeven.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Gebruikersgids bij de definitie van kleine en middelgrote ondernemingen PDF document | 1.45 MBDownloadPDF · 42 pagina'sAanbevolen
Gebruikersgids van de Europese Commissie die uitlegt hoe je bepaalt of je bedrijf een mkb is, nodig om de mkb-toets en mkb-verklaring bij je subsidieaanvraag correct in te vullen en te onderbouwen.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Vernieuwingen in de visserij- en aquacultuurketen 2025rvo.nl · gecontroleerd 7 sep 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (via RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.