GeslotenGemeente · Subsidie

Verordening BIZ bedrijventerrein de Kempen Weert 2019-2023

Eigenaren van onroerende zaken (niet voor woning) in het aangewezen BIZ-gebied de Kempen te Weert

Ook bekend als BIZ de Kempen, BIZ Weert, Verordening BIZ bedrijveninvesteringszone De Kempen Weert 2019-2023

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 500
per aanvraag

Waar is deze subsidie voor?

Verordening voor heffing van BIZ-bijdrage op onroerende zaken in het bedrijventerrein de Kempen te Weert en subsidie aan Stichting Kempen BIZ voor activiteiten gericht op leefbaarheid, veiligheid en economische ontwikkeling. Bijdrage varieert van €80 tot €500 per jaar afhankelijk van waarde onroerende zaak.

Voor wie is het bedoeld?

Eigenaren van onroerende zaken (niet voor woning) in het aangewezen BIZ-gebied de Kempen te Weert

Ondernemingen

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik ben eigenaar van een bedrijfspand in het BIZ-gebied de Kempen en wil weten welke bijdrage ik moet betalen
  • Ik wil begrijpen hoe de BIZ-bijdrage wordt berekend op basis van de waarde van mijn onroerende zaak
  • Ik ben geïnteresseerd in de activiteiten die Stichting Kempen BIZ uitvoert met de ingeheven bijdragen

Voorwaarden

  • Onroerende zaak moet gelegen zijn in het aangewezen BIZ-gebied (Kempenweg, Oude Graaf, Peelterbaan, Ringselvenweg, Singelvenweg, Sufolkweg zuid, Trancheeweg, Vliesvenweg, Wetering, Witvennenveld)
  • Onroerende zaak mag niet in hoofdzaak tot woning dienen
  • Waarde van onroerende zaak moet minimaal €30.000 bedragen (anders geen bijdrage geheven)
  • Diverse vrijstellingen van toepassing (landbouw, glasopstanden, erediensten, natuurterreinen, openbare werken, onderwijs, sport/cultuur, brandweer/politie, etc.)

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een onderneming
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente.

Openstellingen en rondes

Er is op dit moment geen open ronde.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt, bij een waarde van: [...] € 2.000.000,- of meer: € 500,-
Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Weert houdende de vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BIZ bedrijventerrein de Kempen Weert 2019-2023
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen Hoofdstuk II Belastingbepalingen Artikel 2 Belastbaar feit en aard van de belasting Artikel 3 Belastingobject Artikel 4 Belastingplicht Artikel 5 Maatstaf van heffing Artikel 6 Afbakening BIZ Artikel 7 Vrijstellingen Artikel 8 Tarief BIZ-bijdrage Artikel 9 Wijze van heffing Artikel 10 Termijnen van betalingen Artikel 11 Looptijd belastingheffing Artikel 12 Nadere regels door het college Hoofdstuk III Subsidiebepalingen Artikel 13 Buiten toepassing algemene subsidieverordening Artikel 14 Aanwijzing Stichting Artikel 15 Subsidievaststelling Artikel 16 Wijze van betalen Artikel 17 Melding van relevante wijzigingen Artikel 18 Delegatie van de bevoegdheid tot intrekken of wijzigen subsidievaststelling Hoofdstuk IV Slotbepalingen Artikel 19 Inwerkingtreding, ingang van heffing en citeertitel Ondertekening Bijlage 1 Kaart aangewezen gebied de Kempen 2019-2023 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR618980 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR618980/1 sluiten Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Weert houdende de vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BIZ bedrijventerrein de Kempen Weert 2019-2023 Geldend van 01-01-2019 t/m heden Intitulé Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Weert houdende de vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BIZ bedrijventerrein de Kempen Weert 2019-2023 De raad van de gemeente Weert; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van; gelet op de Wet op de bedrijveninvesteringszones (BIZ); gezien de uitvoeringsovereenkomst van [datum] november 2018 gesloten met de Stichting Kempen BIZ; Besluit; Vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BIZ bedrijventerrein de Kempen Weert 2019 -2023 Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. BIZ: Bedrijven investeringszone. Het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven; b. de wet: de Wet op de bedrijveninvesteringszones; c. het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert; d. uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Weert en de Stichting Kempen BIZ gesloten overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; e. stichting: Stichting Kempen BIZ. Hoofdstuk II Belastingbepalingen Artikel 2 Belastbaar feit en aard van de belasting 1. Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de BIZ gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2. De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die verbonden zijn aan activiteiten in de openbare ruimte en op het internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de BIZ of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de BIZ. Artikel 3 Belastingobject 1. Belastingobject is de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken. 2. Een onroerende zaak dient niet in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak niet in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 4 Belastingplicht 1. De BIZ-bijdrage wordt geheven van de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen belastingobject gebruikt; 2. Voor de toepassing van dit artikel wordt: a. gebruik door degene aan wie een deel van een belastingobject in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; b. het ter beschikking stellen van een belastingobject voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die belastingobject ter beschikking heeft gesteld; degene die belastingobject ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat belastingobject ter beschikking is gesteld. 3. Indien een belastingobject bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, zoals bedoeld in lid 2, wordt de van de gebruiker te heffen BIZ-bijdrage geheven van de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel 5 Maatstaf van heffing 1. De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar. 2. De belasting wordt geheven in het gebied zoals genoemd in artikel 6 van deze verordening. 3. Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. 4. In afwijking van dit artikel wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 6 Afbakening BIZ De BIZ bestaat uit objecten gelegen in de navolgende straten: - Kempenweg - Oude Graaf - Peelterbaan - Ringselvenweg - Singelvenweg - Sufolkweg zuid - Trancheeweg (tot spoorwegovergang) - Vliesvenweg - Wetering - Witvennenveld Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart. Artikel 7 Vrijstellingen In afwijking in zoverre van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a. voor de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken; b. glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; c. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; d. één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 8 van het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928, met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; e. natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; f. openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; g. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; h. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; i. werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken; j. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst van de gemeente; k. straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst voor het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen; l. plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; m. begraafplaatsen, urnentuinen en crematoria, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; n. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor het geven van primair of voortgezet onderwijs; o. belastingobjecten die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport, kunst of cultuur, of voor andere activiteiten van sociale of culturele aard; p. belastingobjecten voor zover die bestemd en in gebruik zijn voor de publieke dienst ter zake van brandweerzorg, rampenbeheersing, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening in de regio en de handhaving van de openbare orde en veiligheid; 2. In afwijking van artikel 5 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 8 Tarief BIZ-bijdrage 1. Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt, bij een waarde van: a. Minder dan € 250.000,-: € 80,- b. € 250.000,- of meer, maar minder dan € 500.000,-: € 150,- c. € 500.000,- of meer, maar minder dan € 1.000.000,-: € 250,- d. € 1.000.000,- of meer, maar minder dan € 2.000.000,-: € 350,- e. € 2.000.000,- of meer: € 500,- 2. Indien de heffingsmaatstaf minder dan € 30.000,- bedraagt, wordt geen BIZ-bijdrage geheven. Artikel 9 Wijze van heffing De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven. Artikel 10 Termijnen van betalingen 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald a. bij niet-automatische incasso in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later. b. Bij automatische incasso in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen tenmi
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.