Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen gemeente West Maas en Waal 2024
Gemeente West Maas en Waal
Voor kinderopvangorganisaties in gemeente West Maas en Waal die voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2-4 jaar, waaronder kinderen met een VVE-indicatie (voor- en vroegschoolse educatie).
Ook bekend als VE-peuteropvang, voorschoolse educatie
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor kinderopvangorganisaties in West Maas en Waal die voorschoolse educatie (VE) aanbieden aan peuters van 2-4 jaar. De gemeente subsidieert maximaal 8 uur per week voor peuters zonder VVE-indicatie (max. 320 uur/jaar) en maximaal 16 uur per week voor peuters met VVE-indicatie (max. 640 uur/jaar). Budget voor VE zonder VVE-indicatie is € 170.000 jaarlijks; budget voor VE met VVE-indicatie is ongelimiteerd.
Voor wie is het bedoeld?
Voor kinderopvangorganisaties in gemeente West Maas en Waal die voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2-4 jaar, waaronder kinderen met een VVE-indicatie (voor- en vroegschoolse educatie).
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie aan peuters
- Financiering van VE-peuteropvang voor kinderen met taalachterstanden
- Ondersteuning van kinderopvangorganisaties met pedagogisch beleidsmedewerker
Voorwaarden
- Opvangvoorziening moet als kinderdagverblijf ingeschreven staan in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Aantekening 'voorschoolse educatie ja' moet aanwezig zijn in het LRK
- Voor peuters met VVE-indicatie minimaal 960 uur over 1,5 jaar (leeftijd 2,5-4 jaar)
- Opvangvoorziening moet voldoen aan basisvoorwaarden kwaliteit kinderopvang en voorschoolse educatie
- Doorgaande leerlijn naar onderwijs moet bevorderd worden
- Voor kleine kernen subsidie: aanvrager moet enige VE-aanbieder in de kern zijn en aantoonbaar exploitatietekort hebben
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- 1 jan 2024
- Sluit
- -
- Budget
- € 170k
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“De maximum aan te vragen subsidie is € 10.000 per locatie.”
Toon brontekst
Beleidsregel Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen gemeente West Maas en Waal 2024 Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen gemeente West Maas en Waal 2024. Burgemeester en wethouders van de gemeente West Maas en Waal; Gezien het voorstel van 05 maart 2024, Gelet op: -de Algemene subsidieverordening West Maas en Waal 2017, zoals vastgesteld tijdens de vergadering van de gemeenteraad van 8 december 2016; -de Wet kinderopvang; -het convenant Voor- en Vroegschoolse Educatie van de gemeente West Maas en Waal dd 25 maart 2021. Overwegende dat het wenselijk is om peuters te ondersteunen en te stimuleren bij het ontwikkelen van hun emotionele, culturele en cognitieve vermogens, zodat zij een optimale start in het onderwijs kunnen maken. Stellen van de beleidsregel Subsidieregeling voorschoolse voorzieningen gemeente West Maas en Waal 2024 vast. Artikel 1 Grondslag Deze subsidieregeling vindt zijn grondslag in artikel 2 van de Algemene subsidieverordening West Maas en Waal 2017 (ASV). De ASV geldt onverkort, tenzij daarvan expliciet wordt afgeweken. Artikel 2 Subsidiesoort Deze subsidieregeling heeft betrekking op de in artikel 2 lid 1 sub e ASV vermelde jaarlijkse subsidies. Artikel 3 Begripsomschrijvingen In het bij of krachtens deze subsidieregeling bepaalde wordt verstaan onder: a college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente West Maas en Waal; b doelgroepkind (of doelgroeppeuter); kind in de leeftijd van 2 – 4 jaar die voldoet aan de indicatie voor VVE zoals beschreven in het Convenant VVE en een verwijzing heeft van de GGD of Vraagwijzer; c inkomensverklaring: een officiële verklaring van bijvoorbeeld de Belastingdienst met daarin inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar; d jaarlijkse subsidie: subsidie voor activiteiten met een structureel karakter die voor één of meerdere kalenderjaren wordt verstrekt; e kinderopvangtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk in de kosten van kinderopvang; f kleine kernen subsidie: subsidie voor een kern waarin maximaal 1 VE-aanbieder gevestigd is die niet rendabel kan zijn door het lage aantal peuters. Deze aanbieder dient een aantoonbaar exploitatietekort te hebben; g landelijk Register Kinderopvang (LRK): register waarin alle kindercentra, gastouderbureaus en voorzieningen voor gastouderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen; h opvangvoorziening: voorziening waar VE-peuteropvang aangeboden wordt in halve of hele dagen niet zijnde gastouderopvang of buitenschoolse opvang; i ouder: ouder in de zin van de Wet kinderopvang; j ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de afname van opvang in de peuterperiode. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald door de opvangvoorziening; k ouderverklaring geen recht op kinderopvangtoeslag: een document waarop de ouder verklaart geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzaalwerk. Aanvullend moet hierbij een Inkomensverklaring gevoegd worden; l peuter: een kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar; m subsidiejaar: het jaar waarover de subsidie wordt aangevraagd en is toegekend; n subsidieregeling: een nadere regeling zoals bedoeld in artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening 2017 (ASV); o verantwoordingsjaar: het jaar waarin de verantwoording wordt ingediend over de besteding van de subsidie, dit jaar ligt na het subsidiejaar; p voorschoolse educatie (VE): uitvoering van een door het college gesubsidieerd programma dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs; q voorschoolse voorziening: een voorziening voor kinderen van nul tot vier jaar aangaande opvang en educatie; r voor- en vroegschoolse educatie (VVE): VVE is onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid. Het doel is om peuters met een mogelijke (taal)achterstand, ook wel ‘doelgroepkinderen’ genoemd, beter voor te bereiden op de basisschool en er voor te zorgen dat kleuters zonder achterstand naar groep 3 kunnen. De leeftijd van de doelgroep is 2 tot 6 jaar. s VE-peuteropvang: aanbod voorschoolse educatie in halve of hele dagen dat voldoet aan de eisen uit het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Peuters met een VVE-indicatie volgen tussen de leeftijd van 2,5 en 4 jaar minimaal 960 uur VE-peuteropvang verdeeld over 1,5 jaar. Hierbij mag maximaal 6 uur per dag VE meetellen voor deze urennorm. Waar nodig worden deze uren gevarieerd naar leeftijd aangeboden. Peuters van 2 tot 2,5 jaar mogen deelnemen aan de VE- peuteropvang, de uren tellen echter niet mee in de urennorm van 960 uur. Peuters zonder VVE-indicatie kunnen eveneens deelnemen aan VE-peuteropvang en hiermee een verrijkt stimulerend aanbod krijgen; t Wet IKK: Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang. Aanpassing vanaf 2019 van enkele wetten kinderopvang om de kwaliteit van kinderopvang te verbeteren. Artikel 4 Doel en toepassingsbereik Deze subsidieregeling heeft tot doel: 1 het financieel toegankelijk maken van VE-peuteropvang in West Maas en Waal voor peuters in de leeftijd van 2 jaar tot 4 jaar; 2 het toekennen van subsidies voor VE-peuteropvang aan gecertificeerde voorschoolse voorzieningen op basis van het convenant voor- en vroegschoolse educatie (VVE); 3 ouders stimuleren om hun kinderen een gecertificeerde voorschoolse voorziening te laten bezoeken en te laten deelnemen aan VE-peuteropvang. Artikel 5 Gemeentelijke doelen voor het verstrekken van subsidie op voorschoolse voorzieningen De activiteiten moeten een bijdrage leveren aan één of meerdere van onderstaande doelen: a peuters met een VVE-indicatie volgen VE dat voldoet aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie; b het voorkomen, vroegtijdig opsporen en aanpakken van taal- en onderwijsachterstanden bij peuters; c de ontwikkeling van (doelgroep)peuters wordt op gestructureerde en samenhangende wijze gestimuleerd op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Hierdoor wordt de kans vergroot op een start in het onderwijs zonder een achterstand. 6 Subsidiabele activiteiten Artikel 6.1 Categorie VE-peuteropvang 1 Een aanbod aan peuters zonder VVE-indicatie waarbij de gemeente maximaal 8 uur per week subsidieert, met een maximum per kind van 320 uur per jaar. 2 Een aanbod aan peuters met VVE-indicatie waarbij de gemeente maximaal 16 uur per week subsidieert, met een maximum per kind van 640 uur per jaar. 3 De verleende subsidie kan ingezet worden om een peuter die maximaal 3 weken voor de vakantie vier jaar wordt, tot aan de vakantie te laten overbruggen om continuïteit te waarborgen voor het kind. 4 De verleende subsidie kan bij uitzondering deels ingezet worden om een peuter na zijn/haar vierde verjaardag langer op de VE-peuteropvang te laten verblijven. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: a Er is sprake van een speciale zorgbehoefte waardoor het kind nog niet kan starten op het primair onderwijs. De zorgbehoefte is door een professional in beeld gebracht. b De mogelijkheid voor inzet van een Sociaal Medische Indicatie Kinderopvang wordt in kaart gebracht. c De onderwijsinstelling heeft een zorgplicht voor aangemelde kinderen. d De VE-peuteropvang maakt samen met ouders, school en andere betrokken professionals een plan rondom het kind. e De gemeente wordt betrokken bij het gebruik maken van deze uitzondering, waarbij er samen gekeken wordt naar de mogelijkheden in het budget. Artikel 6.2 Categorie pedagogisch coach op de VE groep Subsidie ten behoeve van de inzet van de coach/pedagogisch beleidsmedewerker op de VE groep conform het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Voor deze categorie gelden de volgende uitgangspunten: 1 Doel: verhogen van de kwaliteit van het aanbod van voorschoolse educatie. 2 Norm: inzet pedagogisch beleidsmedewerker voor 10 uur per peuter met VVE-indicatie per locatie per jaar (peildatum 1 januari). 3 Profiel: hbo of mbo-4 werk- en denkniveau, gelijk aan de eisen zoals gesteld in de Wet IKK en zoals ze zijn uitgewerkt in de CAO Kinderopvang. 4 Opleiding: hbo-, wo- en associate degree-opleidingen gericht op de ontwikkeling van kinderen en de manier waarop die ontwikkeling zo optimaal mogelijk kan worden ondersteund. Zie hiervoor de lijst Branche erkende Scholing voor Pedagogisch beleidsmedewerker/coach. MBO4-diploma aangevuld met een branche-erkende opleiding is ook mogelijk. 5 De norm van 10 uur betreft een rekenregel. Het is dus niet zo dat de werkzaamheden van de pedagogisch beleidsmedewerker één op één zijn terug te brengen op 10 uur per doelgroepkind. Het totaal aantal voorgeschreven uren per locatie mag door de opvangorganisatie naar eigen inzicht worden ingezet, zolang de inzet gericht is op kwaliteitsverbetering van de beroepskrachten en het aanbod van de VE op de groepen waar doelgroepkinderen aan deelnemen. Artikel 6.3 Categorie kleine kernen subsidie Subsidie ten behoeve van VE-aanbieders in kleine kernen waarbij VE-Peuteropvang niet op rendabele wijze in stand gehouden kan worden. Deze is alleen bedoeld voor aanbieders die de enige VE-aanbieder in de kern zijn. Artikel 7 Toetsingscriteria Een opvangvoorziening komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking wanneer: 1 de opvangvoorziening opvang verzorgt aan (doelgroep)peuters gevestigd in de gemeente West Maas en Waal; 2 de opvangvoorziening als kinderdagverblijf staat ingeschreven in het Landelijk Register Kinderopvang in de gemeente West Maas en Waal; 3 er peuters met een VVE-indicatie ingeschreven staan in de groep; 4 de aantekening voorschoolse educatie ‘ja’ aanwezig is bij de opvangvoorziening in het LRK; 5 voor peuters met een VVE-indicatie een aanbod gerealiseerd wordt van minimaal 960 uur over 1,5 jaar voor peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar; 6 de opvangvoorziening aan de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van kinderopvang en de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van voorschoolse educatie zoals opgenomen in de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie voldoet; 7 de opvangvoorziening de doorgaande leerlijn naar het onderwijs bevordert. Specifiek voor de aanvraag kleine kernen subsidie gelden de volgende toetsingscriteria: 8 in de kern is de aanvrager de enige VE-aanbieder. 9 de aanvrager kan aantonen dat er sprake is van een exploitatietekort. 8 Subsidiebedragen De subsidieregeling voorschoolse voorzieningen gemeente West Maas en Waal 2024 is opgesteld voor kinderopvangorganisaties die voorschoolse educatie aanbieden. Voorschoolse educatie is bedoeld om peuters te ondersteunen en stimuleren in de taalontwikkeling. De subsidie wordt uitgekeerd aan de kinderopvangorganisatie. Ouders betalen een door de aanbieder bepaalde ouderbijdrage. Artikel 8.1 Subsidiebedragen VE-peuteropvang De subsidiebedragen ten behoeve van de (doelgroep)peuters van de volgende groepen ouders zijn als volgt:1 1 Ouders met recht op kinderopvangtoeslag a Ouders met een peuter zonder VVE-indicatie die naar de VE-peuteropvang gaat, betalen een door de aanbieder bepaalde ouderbijdrage. De gemeente West Maas en Waal subsidieert aanvullend een subsidiebedrag van € 1,82 per uur aan de VE-aanbieder voor maximaal acht uur per week. b Ouders met een peuter met VVE-indicatie betalen een door de aanbieder vastgesteld uurtarief over de eerste acht uur per week. De gemeente subsidieert in dit geval een subsidiebedrag van € 2,64 per uur over acht uur per week aan de VE-aanbieder. Acht uur aanvullend per week (in totaal zestien uur) is voor deze ouders gratis. De gemeente West Maas en Waal subsidieert de aanvullende acht uur per week voor € 12,89 per uur aan de VE-aanbieder. 2 Ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag a Ouders met een peuter zonder VVE-indicatie die naar de VE-peuteropvang gaat, betalen een inkomensafhankelijke ouderbijdrage. De gemeente West Maas en Waal subsidieert in dit geval het bedrag tussen de inkomensafhankelijke ouderbijdrage en € 12,07 per uur aan de VE-aanbieder voor […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.