Subsidieverordening Stads- en Dorpsvernieuwing
Gemeente Zaanstad
Voor ondernemers die hun bedrijf voortzetten, verplaatsen of beëindigen in aangewezen stadsvernieuwingsgebieden.
Ook bekend als Subsidieverordening Stadsvernieuwing
Waar is deze subsidie voor?
Gemeentelijke subsidieverordening voor stads- en dorpsvernieuwing, gericht op behoud, herstel, verbetering en sanering van bebouwde gebieden. Biedt financiële steun aan ondernemers voor bedrijfsverplaatsing, verbouwing, herinrichting en bedrijfsbeëindiging in aangewezen stadsvernieuwingsgebieden.
Voor wie is het bedoeld?
Voor ondernemers die hun bedrijf voortzetten, verplaatsen of beëindigen in aangewezen stadsvernieuwingsgebieden.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ondernemer zoekt steun voor bedrijfsverplaatsing in stadsvernieuwingsgebied
- Bedrijf wil verbouwen of saneren in aangewezen gebied
- Ondernemer wil bedrijf beëindigen en zoekt uitkering
- Bedrijf ondervindt winstdaling door stadsvernieuwingsmaatregelen
Voorwaarden
- Bedrijf moet minimaal drie jaren in hetzelfde pand zijn uitgeoefend
- Bedrijf moet levensvatbaar zijn
- Activiteiten moeten conform overgelegde bescheiden worden verricht
- Bij bedrijfsbeëindiging: geen soortgelijk bedrijf binnen 3 jaar in gemeente
- Advies van onafhankelijke instantie vereist
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
“De per ondernemer te verlenen steun bedraagt maximaal f 250.000,- waarbij de in artikel 42 genoemde inkomenssteun niet is meegerekend.”
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk I Algemeen gedeelte Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Hoofdstuk II Woningverbetering [vervallen] Artikel 10 Begripsbepalingen [vervallen] Artikel 11 Subsidie [vervallen] Artikel 12 Actiegebieden [vervallen] Artikel 13 De aanvraag [vervallen] Artikel 14 Beslissingstermijn [vervallen] Artikel 15 Bedrag van het subsidie [vervallen] Artikel 16 Bevoorschotting [vervallen] Artikel 17 Betaalbaarstelling [vervallen] Artikel 18 Subsidiabele kosten [vervallen] Artikel 19 Voorschriften [vervallen] Artikel 20 Vaststelling [vervallen] Artikel 21 Sancties [vervallen] Artikel 22 vervreemding [vervallen] Artikel 23 Bevoegdheden van burgemeester en wethouders [vervallen] Artikel 24 Overgangs- en slotbepalingen [vervallen] Hoofdstuk III Beeldbepalende pandenen [vervallen] Artikel 25 Begripsbepalingen [vervallen] Artikel 26 De aanvraag [vervallen] Artikel 27 Overwegingen van B en W [vervallen] Artikel 28 Afwijzingsgronden [vervallen] Artikel 29 Beslissingtermijn [vervallen] Artikel 30 Bedrag van het subsidie [vervallen] Artikel 31 Subsidiabele kosten [vervallen] Artikel 32 Voorschriften [vervallen] Artikel 33 Vaststelling [vervallen] Artikel 34a Betaalbaarstelling [vervallen] Artikel 34b Bevoorschotting [vervallen] Artikel 34c Sancties [vervallen] Artikel 34d Vervreemding [vervallen] Artikel 34e Bevoegdheden van B & W [vervallen] Artikel 34 [vervallen] Hoofdstuk IV Midden- en kleinbedrijf I Algemene bepalingen Artikel 35 Artikel 36 Artikel 37 Artikel 38 Artikel 39 Artikel 40 II - Voortzetting ter plaatse Artikel 41 Artikel 42 Artikel 43 Artikel 44 Artikel 45 Artikel 46 Ill - Verplaatsing Artikel 47 Artikel 48 Artikel 49 Artikel 50 IV Beëindiging Artikel 51 Artikel 52 V – Procedure Artikel 53 Artikel 54 Artikel 55 Artikel 56 VI – Slotbepaling Artikel 57 Hoofdstuk V Geldelijke steun aan woningcorporaties I Voorlichting en begeleiding Artikel 58 Artikel 59 Artikel 60 Artikel 61 Artikel 62 Artikel 63 Artikel 64 Artikel 65 II - Tijdelijke huisvesting Artikel 66 Artikel 67 Artikel 68 Artikel 69 Artikel 70 Artikel 71 Artikel 72 Artikel 73 Hoofdstuk VI Overgangs- en slotbepalingen Artikel 74 Artikel 75 Artikel 76 Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR5646 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR5646/1 sluiten Subsidieverordening Stads- en dorpsvernieuwing Geldend van 27-01-2007 t/m heden Intitulé SUBSIDIEVERORDENING STADS- EN DORPSVERNIEUWING Hoofdstuk I Algemeen gedeelte Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder stads- en dorpsvernieuwing, verder te noemen stadsvernieuwing, de stelselmatige inspanning, zowel op stedenbouwkundig als op sociaal, economisch, cultuur- en milieuhygiënisch gebied, gericht op behoud, herstel, verbetering, herindeling of sanering van bebouwde gedeelten van het gemeentelijk grondgebied. Artikel 2 1. De gemeenteraad neemt jaarlijks, tegelijk met de vaststelling van de begroting, een besluit waarin wordt aangegeven welk totaalbedrag ten behoeve van de verlening van geldelijke steun in het kader van de stadsvernieuwing voor het eerstkomende jaar aan natuurlijke of rechtspersonen beschikbaar wordt gesteld en welke bedragen in dat kader beschikbaar zijn voor de verschillende sectoren van de samenleving, waaronder in elk geval bewoners van huur- en eigen woningen, en in het bijzonder ten behoeve van de versterking van de positie van de bewoners, het bedrijfsleven en de sociale en culturele instellingen. 2. Het besluit, als bedoeld in het eerste lid* kan ook beschikbaarstelling van een bedrag voor onderdelen van de sectoren inhouden. De bepalingen van dit hoofdstuk zijn alsdan van overeenkomstige toepassing. 3. De bedragen voor de sectoren worden bekend gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze. Artikel 3 Naast hetgeen daaromtrent in dit hoofdstuk is vermeld, worden de in acht te nemen voorwaarden en vereisten en de te volgen procedure inzake de verkrijging van steun per sector in een afzonderlijk hoofdstuk geregeld. Artikel 4 1. De gemeenteraad is bevoegd een voor een bepaalde sector van de samenleving bestemd bedrag, als bedoeld in artikel 2 te verhogen met ten hoogste 10%, mits deze verhoging binnen de voor stadsvernieuwing beschikbaar gestelde fondsen budgettair neutraal plaatsvindt. 2. De gemeenteraad is bevoegd een voor een bepaalde sector van de samenleving bestemd bedrag te verlagen wanneer, mede gelet op het totaal van de voor het betreffende jaar voor die bepaalde sector reeds ingediende aanvragen, redelijkerwijze kan worden aangenomen dat voor die bepaalde sector van de samenleving aan het einde van het desbetreffende jaar gelden zullen resteren. 3. Bekendmaking geschiedt op dezelfde wijze als voorgeschreven in artikel 2. Artikel 5 De gemeenteraad kan de werkingssfeer van deze verordening of onderdelen daarvan naar tijd en plaats beperken of uitbreiden. Een daartoe strekkend besluit wordt bekend gemaakt als voorgeschreven in artikel 2. Artikel 6 1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om in het belang Van de stadsvernieuwing en met inachtneming van het bepaalde in deze verordening geldelijke steun toe te kennen. 2. Burgemeester en wethouders houden bij hun beslissing op grond van het eerste lid, rekening met steun die op grond van deze Verordening of enige andere regeling is of kan worden toegekend. 3. Burgemeester en wethouders kunnen aan het toekennen van steun voorwaarden verbinden. Artikel 7 1. Burgemeester en wethouders kennen slechts steun tot voor zover de op grond van artikel 2 begrote financiële middelen voor de betreffende sector van de samenleving toereikend zijn. 1. Alle aanvragen om steun op voet van deze verordening worden in volgorde van binnenkomst afgehandeld. 2. Aanvragen om steun welke in verband met het bepaalde in het eerste lid niet kunnen worden toegekend, worden door burgermeester en wethouders afgewezen. 3. De indiener van een aanvraag als bedoeld in het derde lid is bevoegd een dergelijke aanvraag in een volgend jaar opnieuw in te dienen. 4. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid zijn burgemeester en wethouders bevoegd om aan aanvragen als bedoeld in het vierde lid extra prioriteit toe te kennen. Artikel 8 1. Burgemeester en wethouders kunnen de bevoegdheid tot controle en niet-akkoordbevinding als bedoeld in artikel 24, lid 1, sub b en lid 2 bij openbaar bekend te maken besluit opdragen aan door hen aan te wijzen ambtenaren, 2. Tegen beschikkingen genomen door ambtenaren krachtens aanwijzing door burgemeester en wethouders ingevolge artikel 8, lid 1, kan iedere belanghebbende schriftelijk bij burgemeester en wethouders in beroep gaan. Artikel 9 1. Indien burgemeester en wethouders, oordelend ingevolge een door de aanvrager ingestelde administratiefrechtelijke voorziening, tot de bevinding komen dat ten onrechte steun is geweigerd of tot een te laag bedrag is vastgesteld, wijzen zij, in zoverre in afwijking van het bepaalde in artikel 7, lid 3, de aanvraag niet af op grond van het feit dat, nadat de aanvankelijke beschikking is gegeven, de financiële middelen voor de betreffende sector van de samenleving in het jaar van aanvraag door het honoreren van andere aanvragen zijn uitgeput geraakt. 2. Burgemeester en wethouders brengen het bedrag dat zij met toepassing van het bepaalde in het eerste lid hebben toegekend in mindering op het bedrag dat voor de betreffende sector voor het volgend kalenderjaar is vastgesteld. Hoofdstuk II Woningverbetering [vervallen] Artikel 10 Begripsbepalingen [vervallen] Artikel 11 Subsidie [vervallen] Artikel 12 Actiegebieden [vervallen] Artikel 13 De aanvraag [vervallen] Artikel 14 Beslissingstermijn [vervallen] Artikel 15 Bedrag van het subsidie [vervallen] Artikel 16 Bevoorschotting [vervallen] Artikel 17 Betaalbaarstelling [vervallen] Artikel 18 Subsidiabele kosten [vervallen] Artikel 19 Voorschriften [vervallen] Artikel 20 Vaststelling [vervallen] Artikel 21 Sancties [vervallen] Artikel 22 vervreemding [vervallen] Artikel 23 Bevoegdheden van burgemeester en wethouders [vervallen] Artikel 24 Overgangs- en slotbepalingen [vervallen] Hoofdstuk III Beeldbepalende pandenen [vervallen] Artikel 25 Begripsbepalingen [vervallen] Artikel 26 De aanvraag [vervallen] Artikel 27 Overwegingen van B en W [vervallen] Artikel 28 Afwijzingsgronden [vervallen] Artikel 29 Beslissingtermijn [vervallen] Artikel 30 Bedrag van het subsidie [vervallen] Artikel 31 Subsidiabele kosten [vervallen] Artikel 32 Voorschriften [vervallen] Artikel 33 Vaststelling [vervallen] Artikel 34a Betaalbaarstelling [vervallen] Artikel 34b Bevoorschotting [vervallen] Artikel 34c Sancties [vervallen] Artikel 34d Vervreemding [vervallen] Artikel 34e Bevoegdheden van B & W [vervallen] Overgangsbepalingen [vervallen] Slotbepalingen [vervallen] Artikel 34 [vervallen] Hoofdstuk IV Midden- en kleinbedrijf I Algemene bepalingen Artikel 35 1. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. stadsvernieuwingsgebied : een gebied bij besluit van de gemeenteraad aangewezen voor toepassing van deze paragraaf; b. ondernemer: een natuurlijk persoon of een rechtspersoon die daadwerkelijk en rechtmatig een bedrijf uitoefent; c. ondernemer betrokken bij een sloopproject: een ondernemer wiens bedrijfsruimte is gelegen in een pand waarvoor een sloopbesluit is afgegeven en dat is gelegen in een sloopcomplex in een stadsvernieuwingsgebied. d. Renovatieproject: een bouwkundig plan dat strekt tot behoud, herstel, verbetering of herindeling van een pand of van een blok van panden; e. winst: de winst die dient als grondslag voor de berekening van de inkomstenbelasting of de vennootschapsbelasting, met dien verstande dat indien de ondernemer een rechtspersoon is, daaronder mede wordt verstaan de beloning van de bestuurder(s) en de daaraan verbonden ten laste van de rechtspersoon komende sociale lasten; f. detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, verkopen en/of leveren van goederen aan de uiteindelijke verbruiker of gebruiker; g. milieuhinderlijk bedrijf: bedrijf dat in ontoelaatbare mate gevaar, schade of hinder veroorzaakt; h. sanering: het treffen van maatregelen ter vermindering van gevaar, schade of hinder. 2. Indien een onderneming wordt bestuurd door meer dan een ondernemer, worden deze voor de toepassing van dit hoofdstuk als een ondernemer aangemerkt. 3. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt met een ondernemer gelijkgesteld zijn rechtsvoorganger of rechtsopvolger, indien deze zijn echtgenote of een eerste- of tweedegraads bloed- of aanverwant is. Artikel 36 1. Geldelijke steun aan een ondernemer kan worden verleend ten behoeve van: a. voortzetting ter plaatse van een in het stadsvernieuwingsgebied gevestigd bedrijf; b. verplaatsing van een in het stadsvernieuwingsgebied gevestigd bedrijf, of c. beëindiging van een in een stadsvernieuwingsgebied gevestigd bedrijf. 2. Gelijkgesteld met een ondernemer als bedoeld in lid 1 wordt een ondernemer wiens bedrijf gevestigd is buiten een stadsvernieuwingsgebied en die zijn omzet geheel of grotendeels binnen dat gebied verwerft. 3. Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen - de Commissie Stadsontwikkeling en Volkshuisvesting geboord - bepalen dat een ondernemer wiens bedrijf gevestigd is buiten een stadsvernieuwingsgebied en die zijn omzet niet geheel of grotendeels verwerft in een stadsvernieuwingsgebied gelijkgesteld wordt […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.