GeslotenGemeente · Subsidie

Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2

Gemeente Almelo

Voor werkgevers die werknemers uit de doelgroep (WWB-uitkeringsgerechtigden, personen met Ioaw/Ioaz-uitkering) in dienst nemen.

Ook bekend als Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 10k
per aanvraag

Waar is deze subsidie voor?

Gemeentelijke loonkostensubsidie voor werkgevers die personen uit de doelgroep (WWB-uitkeringsgerechtigden, Ioaw/Ioaz-ontvangers) in dienst nemen. Subsidies variëren van €3.000 tot €10.000 per arbeidsovereenkomst, afhankelijk van contractduur, en tot 30% van het minimumloon voor uitzendovereenkomsten.

Voor wie is het bedoeld?

Voor werkgevers die werknemers uit de doelgroep (WWB-uitkeringsgerechtigden, personen met Ioaw/Ioaz-uitkering) in dienst nemen.

Werkgever

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil als werkgever een WWB-uitkeringsgerechtigde in dienst nemen en een loonkostensubsidie aanvragen
  • Ik wil weten welke subsidie ik kan krijgen voor het aannemen van een werknemer uit de doelgroep
  • Ik wil een uitzendkracht uit de doelgroep inlenen en subsidie voor het uitzendtarief aanvragen

Voorwaarden

  • Werknemer moet behoren tot de doelgroep (WWB-uitkeringsgerechtigde, Ioaw/Ioaz-ontvanger)
  • Arbeidsovereenkomst moet minimaal 20 uur per week bedragen
  • Subsidie moet vóór aanvang van de arbeidsovereenkomst worden aangevraagd
  • Werkgever en werknemer moeten een schriftelijke arbeidsovereenkomst ondertekenen
  • Voor volledige uitbetaling moeten loonstroken/urenstaten worden overgelegd

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een werkgever
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Almelo.

Openstellingen en rondes

Ronde 2007Gesloten
Start
1 jul 2007
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Voor het aangaan van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met een kandidaat uit de doelgroep: € 10.000,--
Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Gemeenteblad van Almelo Artikel 1 Definities en begrippen Artikel 2 Doelgroep subsidie Artikel 3 Doel van de subsidie Artikel 4 De subsidievormen Artikel 4a De loonkostensubsidie Artikel 4b De no-riskpolis Artikel 4c De bijdrage in het uitzendtarief Artikel 5 Verplichtingen van de aanvrager Artikel 6 Betaling subsidie Artikel 7 Beëindiging en terugvordering van de subsidie Artikel 8 Doelgroep omvorming gesubsidieerde arbeid Artikel 9 De loonkostensubsidie 2007 Artikel 10 De loonkostensubsidie vanaf 1 januari 2008 Artikel 11 De inkomenstoets vanaf subsidiejaar 2008 Artikel 12 Verplichtingen van de aanvrager Artikel 13 Betalingen subsidie Artikel 14 Beëindiging en terugvordering van de subsidie Artikel 15 Verantwoording Artikel 16 Bezwaar en beroep Artikel 17 Aanpassing subsidies Artikel 18 Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule Artikel 19 Aanduiding en in werking treden Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR36551 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR36551/1 sluiten Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2 Geldend van 01-07-2007 t/m heden Intitulé Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2 Gemeenteblad van Almelo Geldende tekst regelingnummer: 2307 Nr. 14 Collegebesluit van 17 juli 2007, houdende vaststelling van de Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2 Beleidsregel Subsidies Arbeidsinschakeling 2007-2 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Definities en begrippen Voor de toepassing van deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. De aanvrager: de werkgever c.q. de rechtspersoon zoals bedoeld in boek 2 artikel 1 – 3 van het Burgerlijk Wetboek (BW); b. Arbeidsovereenkomst: de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten (Boek 7, art. 610 BW); c. De werknemer, de tot de doelgroep van deze beleidsregel behorende persoon, die werkzaam is op een gesubsidieerde arbeidsplaats; d. WWB: Wet Werk en Bijstand; e. Ioaw: de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; f. Ioaz: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; g. Subsidie: een bijdrage ter compensatie van (een deel van) de kosten bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst van de doelgroep. De bijdrage kan bestaan uit een geldbedrag of een no-riskpolis. h. Uitzendovereenkomst: conform artikel 690 BW: de arbeidsovereenkomst waarbij de werknemer door de werkgever, in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan de werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde; i. Fulltime dienstverband : een volledig dienstverband conform de voor de sector geldende CAO dan wel de individuele arbeidsovereenkomst. In het geval daarvan geen sprake is geldt 40 uur als fulltime dienstverband; j. Voorzieningen: voorzieningen zoals bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de WWB en beschreven in de reïntegratieverordening (artikel 4); k. Uitkeringsgerechtigde; persoon jonger dan 65 jaar die bijstand ter voorziening in de algemeen noodzakelijke kosten van bestaan ontvangt op grond van de WWB, dan wel een uitkering ontvangt op grond van de Ioaw of Ioaz; l. Niet uitkeringsgerechtigde: de persoon bedoeld in artikel 6, onder a, van de WWB; m. Het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almelo; n. Algemeen geaccepteerde arbeid: iedere vorm van betaalde arbeid, niet zijnde werk in het kader van de WSW en werk dat gewetensbezwaren oproept; o. Arbeidsinschakeling: arbeidsinschakeling zoals bedoeld in artikel 6 onder sub b. van de wet; p. Duurzame uitstroom: gedurende een dusdanige periode reguliere arbeid verrichten waardoor wordt voldaan aan het gestelde in artikelen 17, 17a en 17b van de Werkloosheidswet. q. Opstapbaan: arbeidsovereenkomst bij een werkgever èn een detacheringsovereenkomst met een inlenende organisatie voor tenminste zes maanden, met een maximale arbeidsduur van 36 uur per week en met een minimale arbeidsduur van 24 uur per week, of zoveel als nodig is om de WWB-uitkering te beëindigen. r. Omvorming gesubsidieerde arbeid: Beleid voor het voormalige Besluit Instroom- en Doorstroombanen of de Wet Inschakeling Werkzoekenden, dat van toepassing is op personen die op 1 juli 2004 een voortgezet dienstverband hebben op basis van deze regeling en wet, behorend tot categorie 3. Hoofdstuk 2 Subsidie regulier werk Artikel 2 Doelgroep subsidie Om tot de doelgroep van de subsidie arbeidsinschakeling te behoren, dient de persoon: - woonachtig te zijn in de gemeente Almelo, en; - jonger dan 65 jaar, en; - uitkeringsgerechtigd te zijn op grond van de WWB, Ioaz of Ioaw, dan wel werkzaam te zijn in een Opstapbaan. Artikel 3 Doel van de subsidie Met de subsidie wordt door het college primair een re-integratievoorziening beoogd ten behoeve van de doelgroep. Artikel 4 De subsidievormen 1. De subsidie kan ingezet worden: a. Als bijdrage in de loonkosten, de loonkostensubsidie; b. In de vorm van een no-riskpolis, waarmee het risico van verzuim van de werknemer kan worden beperkt; c. Als combinatie van de onder a. en b. genoemde subsidies, waarbij geen cumulatie van bedragen plaatsvindt; d. Als bijdrage in het tarief bij het aangaan van een uitzendovereenkomst. 2. De bijdrage genoemd in lid 1 onder d. kan niet gecombineerd worden de bijdragen genoemd in lid 1 onder a. en b. Artikel 4a De loonkostensubsidie 1. De aanvrager heeft recht op de volgende loonkostensubsidies: a. Voor het aangaan van een arbeidsovereenkomst van een half jaar met een kandidaat uit de doelgroep: € 3.000,--; b. Voor het aangaan van een arbeidsovereenkomst van een jaar met een kandidaat uit de doelgroep: € 7.500,--; c. Voor het aangaan van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met een kandidaat uit de doelgroep: € 10.000,--. 2. Indien de aanvrager bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid onder a. of b. schriftelijk te kennen geeft, dat de overeenkomst met de kandidaat, bij goed functioneren èn bij ongewijzigde omstandigheden, wordt verlengd, dan kan de subsidie worden verhoogd: a. Bij verlenging van de arbeidsovereenkomst van een half jaar met een half jaar, met een bedrag van maximaal € 3.000,--; b. Bij omzetting van de arbeidsovereenkomst van een half jaar in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, met een bedrag van maximaal € 6.000,--; c. Bij omzetting van de arbeidsovereenkomst van een jaar in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, met een bedrag van maximaal € 1.500,--, waarbij de verlengde overeenkomst als bedoeld onder a., als arbeidsovereenkomst van een jaar wordt beschouwd. 4. Bij een arbeidsovereenkomst van minder dan 20 uur per week is er geen recht op een loonkostensubsidie. 5. De subsidie, genoemd in lid 1, wordt naar rato toegekend indien het dienstverband minder bedraagt dan 38 uur. Artikel 4b De no-riskpolis 1. Indien er sprake is van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 4a, heeft de werkgever recht op een no-riskpolis, waarmee de werkgever zich kan verzekeren tegen het risico van ziekteverzuim van de werknemer. 2. De no-riskpolis wordt aangegaan voor de duur van de arbeidsovereenkomst, met een maximum van 1 jaar; 3. De no-riskpolis vertegenwoordigt een waarde van: a. € 250,-- bij een overeenkomst met een duur van zes maanden of minder; b. € 500,-- bij een overeenkomst tussen zes maanden en een jaar. 4. De polis wordt aan de werkgever slechts éénmaal ten behoeve van de betreffende werknemer verstrekt. Artikel 4c De bijdrage in het uitzendtarief 1. Indien er sprake is van het aangaan van een uitzendovereenkomst van ten minste 20 uur per week met een kandidaat uit de doelgroep, heeft de aanvrager recht op een bijdrage in het uitzendtarief voor ten hoogste 350 uur. 2. De subsidie voor een uitzendovereenkomst wordt als volgt vastgesteld: a. De premie bedraagt 30% van het bruto wettelijk minimumloon; b. Voor de bepaling van het bruto uurloon, geldt de 38-urige werkweek als maatstaf; c. Als peildatum voor de hoogte van het bruto minimumloon geldt de datum van de subsidie-aanvraag, waarbij het minimumloon op 1 januari van het betreffende jaar als maatstaf geldt. 3. Bij een uitzendovereenkomst van minder dan 20 uur per week is er geen recht op een loonkostensubsidie. Artikel 5 Verplichtingen van de aanvrager 1. De aanvrager doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op de loonkostensubsidie. 2. De aanvrager kan aanspraak maken op de subsidie als voldaan is aan de volgende voorwaarden: a. de werknemer is gedurende de genoemde minimale contractduur werkzaam bij de werkgever (art.7:610 BW); b. de werknemer ontvangt loon voor arbeid (art 7: 610 BW); c. de werknemer en werkgever ondertekenen beide een op schrift gestelde arbeidsovereenkomst waarin alle voorwaarden rondom de arbeidsrelatie zijn vastgelegd. 3. De subsidie dient vóór het aangaan van de arbeidsovereenkomst dan wel uitzendovereenkomst te worden aangevraagd. Aanvragen van een later tijdstip worden buiten behandeling gelaten. 4. De aanvrager stelt de aanvraag op schrift, via het daarvoor bestemde aanvraagformulier. 5. Voordat een aanvraag in behandeling genomen wordt, dient een door beide partijen ondertekende arbeidsovereenkomst overgelegd te worden. 6. Voordat tot betaling van de (volledige) subsidie kan worden overgegaan, dient de aanvrager te overleggen: a. Bij een halfjaarcontract: een kopie van de loonstrook over de 2e contractmaand en de 6e contractmaand; b. Bij een jaarcontract: een kopie van de loonstrook over de 2e en de 12e contractmaand; c. Bij een contract voor onbepaalde tijd: een kopie van de 2e en 24e contractmaand; d. Bij een uitzendovereenkomst: de urenstaat van de betreffende werknemer over de gehele periode van 350 uur, of zoveel eerder als de overeenkomst in beëindigd. Bij meerdere werknemers met dezelfde contractperiode kan volstaan worden met het indienen van een verzamelstaat; 7. De verplichtingen, genoemd in dit artikel, vormen onderdeel van het besluit tot toekenning van de loonkostensubsidie. Artikel 6 Betaling subsidie De loonkostensubsidie wordt betaalbaar gesteld in gelijke delen te weten: a) Bij een contract voor een half jaar: per ultimo van de 2e en 7e maand na de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst; b) Bij een contract voor één jaar: per ultimo van de 2e en 13e maand na de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst; c) Bij een contract voor onbepaalde tijd: per ultimo van de 2e, 13e en 25e maand na de ingangsdatum van de arbeidsovereenkomst; d) Bij een uitzendovereenkomst: na afloop van de maximale periode van subsidiering van 350 uur èn na overlegging van de urenstaat waaruit de gewerkte uren blijken. Artikel 7 Beëindiging en terugvordering van de subsidie 1. Indien de arbeidsovereenkomst voor het einde van de looptijd eindigt, bestaat er vanaf het moment van beëindiging geen recht meer op een loonkostensubsidie. 2. Indien de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd door de werkgever bestaat er vanaf de beëindigingsdatum geen recht op subsidie, ook al wordt deze datum op een later tijdsti
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.