Status onbekendGemeente · Subsidie

Subsidieregeling buurtbudgetten/buurtbegroten

Gemeente Amsterdam

Voor bewoners (12+), bewonersgroepen, (vrijwilligers)organisaties en ondernemers met sterke binding met de buurt in Amsterdam stadsdelen; voor model C uitsluitend rechtspersonen.

Ook bekend als Buurtbudgetten, Buurtbegroten

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Regeling voor subsidies op initiatieven uit buurtbudgettenprocessen waarbij bewoners zelf bepalen welke activiteiten worden uitgevoerd. Gericht op bewoners, bewonersgroepen, organisaties en ondernemers in Amsterdam stadsdelen. Bedragen variëren per model en project.

Voor wie is het bedoeld?

Voor bewoners (12+), bewonersgroepen, (vrijwilligers)organisaties en ondernemers met sterke binding met de buurt in Amsterdam stadsdelen; voor model C uitsluitend rechtspersonen.

BewonerBewonersgroepOrganisatieOndernemer

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil als bewoner een buurtinitiatiief financieren via het buurtbudget
  • Onze buurtorganisatie zoekt subsidie voor een community-project
  • We willen als buurtcollectief een plan uitvoeren met buurtbudgetmiddelen

Voorwaarden

  • Plan moet voortkomen uit buurtbudgettenproces (model A, B of C)
  • Plan moet uitvoerbaar zijn binnen wettelijke regelgeving en gemeentelijk beleid
  • Plan mag geen religieus, commercieel of politiek doel hebben
  • Plan moet uitvoerbaar zijn binnen 1-2 jaar na toekenning
  • Geen winstoogmerk; buurtbudgetten zijn geen verdienmodel
  • Voor bedragen >€50.000 moet aanvrager een rechtspersoon zijn (modellen A en B)
  • Model C: uitsluitend rechtspersonen kunnen aanvragen
  • Uitgesloten: medewerkers gemeente, raadsleden, stadsdeelcommissieleden, leden dagelijks bestuur en college; hun familieleden (eerste graad) en partners

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een bewoner of bewonersgroep of organisatie of ondernemer
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Amsterdam.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling buurtbudgetten/buurtbegroten
    Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,
    gelet op artikel 160, eerste lid, van de Gemeentewet en artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013,
    besluit de volgende regeling vast te stellen:
    Subsidieregeling buurtbudgetten/buurtbegroten
    
    Artikel 1 Begripsomschrijvingen
    In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
    - ASA: Algemene Subsidieverordening Amsterdam;
    - Beleidskader Buurtbudgetten: beleidskader voor de buurtbudgettenprocessen zoals vastgesteld door het college op 16 februari 2021;
    - Buurtbudgettenproces: bij de start van een nieuwe buurtbudgetten-ronde maakt het dagelijks bestuur van elk stadsdeel op basis van de beoogde doelen, binnen de bestaande (beleids- en subsidie)kaders, een beargumenteerde keuze uit (een mix van) de beschikbare modellen. Hierbij wordt de stadsdeelcommissie actief betrokken vanuit haar adviserende rol.
    - Buurtbudget-modellen:Model A: ‘Amsterdam begroot’ Dit model biedt een hoge mate van betrokkenheid in de vorm van het absolute aantal bewoners dat een bijdrage kan leveren. Model B: ‘Co-creatie’ Dit model biedt de mogelijkheid om in te zetten op het meer gericht vergroten van sociale cohesie en eigenaarschap in buurt. Model C: ‘Community-based begroot’ Dit model biedt de mogelijkheid in te zetten op community-building en het versterken van de positie van bewoners verenigd in buurtcollectieven.
    - College: college van burgemeester en wethouders;
    - Dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van een stadsdeel als bedoeld in de Verordening op het lokaal bestuur in Amsterdam;
    - Stadsdelen: een van de 7 stadsdelen zoals genoemd in artikel 1 van de Verordening op het lokaal bestuur in Amsterdam. De regeling is ook van toepassing op stadsgebieden.
    
    Artikel 2 Toepasselijkheid Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013
    De Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013 is van toepassing, tenzij daarvan in deze regeling uitdrukkelijk wordt afgeweken.
    
    Artikel 3 Doel subsidieregeling
    Het doel van deze regeling is om initiatieven die voortkomen uit een buurtbudgetten-proces mogelijk te maken. Deze processen kennen het volgende kenmerk waarmee ze zich onderscheiden van andere subsidieregelingen: Bewoners bepalen zelf welke (haalbare) activiteiten worden uitgevoerd (zeggenschap) en worden als volwaardige partner beschouwd in het maken van de buurt (eigenaarschap).
    
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    Het college kan een subsidie verlenen voor activiteiten die voortkomen uit buurtbudgetmodellen A ‘Amsterdam begroot’, B ‘Co-creatie’ en C ‘Community-based begroot’ (zoals beschreven in artikel 6 en 7 van deze regeling).
    
    Artikel 5 Plafond
    1..
    Het college stelt jaarlijks een buurtbudgettenplafond per stadsdeel vast.
    2..
    Binnen dit plafond kan het dagelijks bestuur deelplafonds vaststellen:
    - per gebied of gebieden;
    - voor een periode waarvoor het plafond is vastgesteld;
    - Per periode kan het dagelijks bestuur per thema een deelplafond vaststellen.
    3..
    Indien het college voor meerdere jaren een budget beschikbaar heeft gesteld, worden de resterende bedragen van het voorgaande boekjaar toegevoegd aan het opéénvolgende jaar.
    
    Artikel 6 Verdeelsleutel Modellen A en B stemronde
    1..
    In afwijking van artikel 7 van de ASA wordt het beschikbare buurtbudget als volgt verdeeld:
    - Het dagelijks bestuur bepaalt per buurtbudgettenronde welk model of mix van modellen van toepassing is op de verdeling van de buurtbudgetten. De stadsdeelcommissie heeft hierbij een adviserende rol.
    - Per buurtbudgetronde wordt door het dagelijks bestuur minimaal 60% van het budget ingezet voor processen waaraan iedere bewoner van het stadsdeel kan meedoen. De resterende 40% kan ingezet worden in specifieke buurten of wijken.
    - Binnen model A en B bepalen bewoners middels een stemronde welke (haalbare) activiteiten worden uitgevoerd. Bij model A en B variant 1 doen zij dit via een stemronde. Bewoners verdelen het budget. Zo bepalen zij welke plannen worden gerealiseerd. De plannen die het vaakst zijn gekozen en die binnen het subsidieplafond vallen worden gesubsidieerd. Bij B variant 2 brengen zogenaamde adviesgroepen een zwaarwegend advies uit aan het dagelijks bestuur.
    - Indien het van toepassing zijnde plafond voor model A of model B ontoereikend is om alle niet op grond van artikel 12 geweigerde aanvragen te honoreren, wordt de rangschikking bepaald door het hoogste aantal stemmen van bewoners.
    - Het dagelijks bestuur maakt voorafgaand aan de start van het desbetreffend proces duidelijk welke stappen, spelregels en voorwaarden de aankomende editie (model) van het buurtbudgetproces kent. Deze informatie wordt laagdrempelig en op één plek aangeboden.
    
    Artikel 7 Verdeelsleutel Model C
    1..
    Binnen model C wordt het beschikbare budget door het dagelijks bestuur verdeeld op basis van een onderlinge vergelijking. Alleen aanvragen, bestaande uit een buurtplan inclusief activiteiten, die het best voldoen aan de onder lid 3 van dit artikel benoemde criteria komen voor subsidie in aanmerking. Het dagelijks bestuur bepaald de deelnemende buurt/gebied. De subsidiering kan plaatsvinden in de vorm van afzonderlijke tranches.
    2..
    Indien het van toepassing zijnde subsidieplafond voor model C ontoereikend is om alle niet op grond van artikel 13 geweigerde aanvragen te honoreren, rangschikt het dagelijks bestuur deze aanvragen op een prioriteitenlijst.
    3..
    De rangschikking wordt bepaald op basis van de volgende criteria:
    - De mate waarin het buurtcollectief breed aantoonbaar draagvlak geniet in de buurt. Dit kan bijvoorbeeld met publieke bijeenkomsten, media-uitingen en communicatie gedurende het opstellen van de plannen en uitvoering van de plannen zichtbaar gemaakt kan worden;
    - De mate waarin het buurtcollectief beschikt over organisatorische slagkracht;
    - De mate waarin het buurtcollectief aantoont uit welke behoefte het is ontstaan en hoe zij beogen draagvlak te creëren;
    - De mate waarin het buurtcollectief bijdraagt aan zelforganisatie en samenwerking tussen overige bewoners(collectieven);
    - De mate waarin het buurtplan en de hierin voorgestelde activiteiten breed aantoonbaar draagvlak genieten in de buurt;
    - De mate waarin het buurtplan is opgesteld met betrokkenheid van de buurt;
    - De mate waarin de beoogde handelingskosten voor de uitvoer van het buurtplan in verhouding staan tot het beoogde resultaat (prijs-kwaliteit verhouding);
    - De mate waarin uit het buurtplan de ambitie tot gezamenlijk leren tussen buurtcollectief en stadsdeel (ambtelijk) en tussen buurtcollectief en buurt blijkt;
    4..
    De buurtplannen worden binnen het van toepassing zijnde subsidieplafond gehonoreerd naar de volgorde van de rangschikking.
    5..
    Indien na toepassing van het vierde lid van dit artikel meerdere aanvragen op dezelfde plaats op de prioriteitenlijst worden gerangschikt en door honorering van deze aanvragen het subsidie- of deelplafond wordt overschreden, geeft de stadsdeelcommissie een onderbouwd bindend advies.
    
    Artikel 8 Kenmerken aanvrager
    1..
    Binnen model A en B kan subsidie worden aangevraagd door een bewoner van het stadsdeel van 12 jaar of ouder, bewonersgroep uit het stadsdeel, (vrijwilligers-)organisatie uit het stadsdeel of een ondernemer met sterke, aantoonbare binding met de buurt. Bewoners onder de 18 jaar dienen een toestemming van hun ouders of verzorgers toe te voegen. Indien er een bedrag hoger dan 50.000€ wordt aangevraagd dient de aanvrager een rechtspersoon te zijn.
    2..
    Binnen model C kan subsidie uitsluitend worden aangevraagd door een rechtspersoon. Als sprake is van een samenwerkingsverband dient een van de betrokkenen als penvoerder de aanvraag in namens het samenwerkingsverband en draagt de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de beschikking.
    3..
    Uitgesloten van deelname zijn: Medewerkers van gemeente Amsterdam, raadsleden, stadsdeelcommissieleden, leden dagelijks bestuur stadsdelen en leden van het college van b en w. Familieleden in de eerste graad en partners van de hiervoor benoemde personen zijn eveneens uitgesloten van deelname.
    
    Artikel 9 Bij het plan in te dienen gegevens
    1..
    In aanvulling op artikel 5, tweede lid van de ASA dient het ingediende plan binnen model A en B naast een beschrijving van de activiteiten het volgende te bevatten:
    - Een titel, planning en samenvatting;
    - De uitvoerder van het plan (opties: planindiener zelf, planindiener én gemeente, gemeente of derde partij zoals een stichting of onderneming)
    - Binnen welke termijn wordt het uitgevoerd;
    - Een beschrijving van het uiteindelijke resultaat;
    - Een realistische begroting (inclusief eventuele beheerkosten en een overzicht van de eventuele uren van de bewoner/uitvoerder). Eventuele vergoedingen voor de uitvoer van het plan mogen nooit hoger zijn dan vrijwilligersvergoedingen of een maatschappelijk tarief (maximaal 50€ per uur). Wanneer initiatiefnemers derden of expertise van derden inhuren bij de uitvoer van hun plan geldt een marktconform tarief.
    - Overzicht van mogelijk noodzakelijke (aan te vragen) vergunningen en/of toestemmingen.
    2..
    In aanvulling op artikel 5, tweede lid van de ASA dient het ingediende plan binnen model C naast de gegevens als bedoeld in lid 1 van dit artikel tevens het volgende te bevatten:
    - Inzicht in hoe het bewonerscollectief en buurtplan breed draagvlak genieten in de buurt (wat bijvoorbeeld met publieke bijeenkomsten, media-uitingen en communicatie gedurende het opstellen van de plannen en uitvoering van de plannen zichtbaar gemaakt kan worden).
    - Aantoonbaar voldoende organisatorische slagkracht om de plannen en doelen te realiseren.
    - Een voorstel hoe het bewonerscollectief voorgenomen uitgaven van het buurtbudget voorlegt aan de bewonersgroepen die zij vertegenwoordigen. De budgetten die gaan worden besteed moeten goedgekeurd zijn door het bewonerscollectief.
    - Een voorstel hoe het collectief de relatie met het stadsdeel (ambtelijk) en de buurt wil vormgeven en hoe gezamenlijk leren hierbij een rol speelt.
    - Binnen model C overlegd het buurtcollectief tevens de statuten waaruit blijkt dat het een rechtspersoon betreft en conflictbeslechting en het vier ogen principe geregeld zijn.
    3..
    De eerste keer dat de indiener een subsidie aanvraagt, dient hij een kopie mee te sturen van de bankpas of een recent afschrift van de bankrekening waarop de subsidie kan worden overgemaakt.
    4..
    Als na prioritering (Model C) en/of stemming (Modellen A en B) blijkt dat voor een (buurt)plan subsidie wordt verleend, geldt het ingediende plan als aanvraag.
    
    Artikel 10 Aanvraagtermijn
    Het dagelijks bestuur geeft bij het bekendmaken van de keuze voor het model/mix van modellen ook aan tot wanneer plannen/aanvragen ingediend kunnen worden.
    
    Artikel 11 Haalbaarheidstoets model A en B
    Indien het ingediende plan voldoende draagvlak geniet, zoals bedoel in artikel 12 eerste lid onder a van deze regeling, toetst het dagelijks bestuur of het plan uitvoerbaar en haalbaar is om in geval van Model A en B naar de stemronde door te kunnen gaan. Tijdens de Haalbaarheidstoets moet het plan conform het Beleidskader Buurtbudgetten (minimaal) voldoen aan de volgende voorwaarden:
    - Het plan is uitvoerbaar binnen de wettelijke regelgeving en gemeentelijk beleid;
    - Het plan past binnen de stedenbouwkundige structuur;
    - Er is geen sprake van een religieuze of commerciële activiteit of een activiteit met een politiek doeleinde;
    - Het plan is binnen een redelijke termijn uitvoerbaar (ten minste binnen één tot maximaal twee jaar na toekenning van de subsidie;
    - Er is (indien noodzakelijk) toestemming van de eigenaar van de beoogde locatie;
    - Het is aannemelijk dat het plan beschikt over de noodzakelijke vergunningen ten tijde van de uitvoer;
    - Het plan bevat een realistische begroting (inclusief eventuele beheerkosten en een overzicht van de eventuele uren van de bewoner/uitvoerder);
    - De uitvoerende organisatie/personen beschikken over voldoende capaciteit, kwaliteit.
    - Het plan bevat geen winstoogmerk. Buurtbudgetten zijn geen verdienmodel.
    
    Artikel 12 We
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.