CEF Transport Call

Europese Commissie (CINEA)

Wat is de CEF Transport Call?

De CEF Transport Call is een Europese subsidieregeling van de Connecting Europe Facility voor projecten die het Europese kernvervoersnetwerk (TEN-T) verder ontwikkelen. De regeling financiert voorbereiding en uitvoering van projecten op de onderwerpen spoor, vaarwegen, autonoom rijden, voertuigtelematica en EU-buitengrenzen. Aanvragen loopt via RVO, maar de beoordeling en toekenning gebeurt op Europees niveau.

Wie komt in aanmerking voor de CEF Transport Call?

De regeling is toegankelijk voor:

Je bent gevestigd in de EU
Landelijke regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Europese Commissie (CINEA).
  • Rechtspersonen gevestigd in een EU-lidstaat.
  • Rechtspersonen gevestigd in een derde land dat geassocieerd is met het programma, onder de voorwaarden van de CEF-verordening.
  • Rechtspersonen opgericht onder Unierecht.
  • Internationale organisaties.

Aanvragen worden alleen in behandeling genomen als ze zijn ingediend door een of meer lidstaten, of (met instemming van de betrokken lidstaten) door internationale organisaties, gemeenschappelijke ondernemingen, of publieke of private ondernemingen of instanties, waaronder regionale of lokale overheden.

Natuurlijke personen komen niet in aanmerking.

Rechtspersonen gevestigd in een derde land dat niet geassocieerd is met het programma kunnen bij uitzondering in aanmerking komen als dit onmisbaar is voor het behalen van de doelstellingen van een project van gemeenschappelijk belang.

Voor de financiële en operationele capaciteitstoets geldt een uitzondering voor aanvragers die een lidstaat zijn, een aangrenzend/derde land, een publiekrechtelijk lichaam in een lidstaat (zoals een regionale of lokale overheid), een publiekrechtelijk lichaam of samenwerkingsverband daarvan, of een internationale organisatie.

Waarvoor krijg je subsidie?

Subsidiabel zijn studies en/of werken binnen de volgende onderwerpen, elk met een eigen scope:

Spoor (kernnetwerk)

  • Aanleg/upgrade van grensoverschrijdende verbindingen en ontbrekende schakels.
  • Verbindingen tussen spoor en andere vervoersvormen, vooral binnenvaart en maritiem vervoer (inclusief achterlandverbindingen van havens), en projecten die het spoor- en luchtnetwerk verbinden voor duurzamere lange-afstandsvluchten.
  • Stationsgebouwen worden niet gesteund, met uitzondering van spoorinfrastructuuronderdelen; die moeten als apart werkpakket worden gepresenteerd.

Vaarwegen (kernnetwerk)

  • Opwaardering van vaarwegen en bijbehorende infrastructuur (sluizen, stuwen/dammen) voor stabielere of betere vaarcondities, prestaties, weerbaarheid, duurzaamheid en/of meer capaciteit.
  • Aanleg van nieuwe vaarwegen en bijbehorende infrastructuur (sluizen, stuwen/dammen, bruggen).

Autonoom rijden en voertuigtelematica

  • Inrichten van controlecentra (IT-apparatuur voor het op afstand begeleiden van hoogautomatische voertuigen in onverwachte situaties).
  • Digitale infrastructuur voor nauwkeurige voertuigpositionering en communicatie met de omgeving, ook grensoverschrijdend, met bijzondere aandacht voor infrastructuur die rijgegevens automatisch doorstuurt en incidenten registreert.
  • Waar nodig aanpassing van weginfrastructuur (zoals verlengen van invoegstroken) als aanvulling op digitale infrastructuur.
  • Onderzoek en innovatieactiviteiten (R&I) vallen hier niet onder.

EU-buitengrenzen

  • Werken of studies die het verkeer voor spoor en weg bij grenscontroleposten aan de EU-buitengrens vergemakkelijken, onder meer verbindingen naar grensovergangen en parkeerstroken/ruimtes voor grenscontroles.
  • Voorrang voor opwaardering van bestaande grensovergangen ten behoeve van gecoördineerde bidirectionele controles.

Algemeen (alle onderdelen)

  • Onderhoudsactiviteiten en bijbehorende kosten zijn niet subsidiabel.
  • Kosten gemaakt vóór de datum van indiening van de aanvraag zijn niet subsidiabel.
  • Reeds afgeronde projecten komen niet in aanmerking voor subsidie.
  • Synergetische (nevengeschikte) elementen die horen bij de sectoren energie of digitaal kunnen worden meegefinancierd tot maximaal 20% van de totale subsidiabele kosten van de actie, als ze de sociaaleconomische, klimaat- of milieuvoordelen van het project aanzienlijk verbeteren.
  • Activiteiten voor mitigatie van milieueffecten en biodiversiteitsbehoud, zoals herbebossing ter plaatse of infrastructuuronderdelen voor natuurcontinuïteit of veilige oversteek van dieren (waaronder geluidsschermen), zijn subsidiabel.

Hoeveel subsidie krijg je?

De cofinanciering bedraagt 30% tot 50% per project. Binnen de envelop General envelope geldt daarnaast een gedetailleerdere systematiek:

Onder de General envelope

  • Studies: maximaal 50% van de subsidiabele kosten.
  • Werken: maximaal 30% van de subsidiabele kosten, of 50% voor grensoverschrijdende verbindingen (onder specifieke voorwaarden), voor vaarwegenprojecten, voor projecten op het gebied van nieuwe technologie en innovatie, en voor projecten die de infrastructuur aanpassen voor EU-buitengrenscontroles, of 70% voor projecten in de ultraperifere gebieden van de EU.

Onder de Cohesion envelope

  • Studies: maximaal 85% van de subsidiabele kosten.
  • Werken: maximaal 85% van de subsidiabele kosten.

Onder de Military Mobility envelope

  • Studies: maximaal 50% van de subsidiabele kosten.
  • Werken: maximaal 50% van de subsidiabele kosten.

Maximale subsidie per subsidieovereenkomst

  • Onder de General envelope en Cohesion envelope: maximaal € 30 miljoen bij een project in één lidstaat, maximaal € 70 miljoen bij een project in twee lidstaten, en maximaal € 100 miljoen bij een project in meer dan twee lidstaten.
  • Maximaal € 10 miljoen voor: projecten voor alternatieve brandstofinfrastructuur voor weg- en luchthavensector, projecten voor de Europese maritieme ruimte en binnenhavens, projecten voor aanpassing van infrastructuur voor EU-buitengrenscontroles, en projecten voor digitalisering van wegtransport.
  • Onder de Military Mobility envelope: maximaal € 20 miljoen bij een project in één lidstaat en maximaal € 40 miljoen bij een project in meer dan één lidstaat. Dit bedrag kan bij uitzondering hoger liggen bij projecten met meerdere lidstaten, als de schaal, coördinatiebehoefte of strategische relevantie van het project dit rechtvaardigt.
  • Voor het aanpassen of ombouwen van energiesystemen van binnenvaart- en shortsea-schepen geldt een maximum van € 5 miljoen per schip.

Budget per onderwerp (algemene envelop, reflow call)

  • Spoor en vaarwegen samen: € 350 miljoen.
  • Autonoom rijden en voertuigtelematica: € 20 miljoen.
  • EU-buitengrenzen: € 20 miljoen.
  • Totaal budget van de call: € 390.000.000.

Voor projecten die inkomsten genereren geldt het no-profitbeginsel.

Alle bedragen op een rij

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoort
€ 390.000.000Subsidieplafond

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
202618 jun 20266 okt 2026€ 390 mln-
Openstelling18 jun 20266 okt 2026--

Wat zijn de voorwaarden van de CEF Transport Call?

Voordat je kunt aanvragen, moet je eerst je projectidee laten toetsen bij het ministerie. Alleen met instemming van het ministerie kun je een aanvraag indienen.

Waarop wordt beoordeeld

  1. Maturiteit: gereedheid om op de voorgestelde startdatum te beginnen en op de einddatum af te ronden, status van aanbestedingsprocedures en vergunningen, en financiële beschikbaarheid naast de CEF-bijdrage.
  2. Kwaliteit: soliditeit van het uitvoeringsplan (technisch en financieel), ontwerpaanpak, organisatiestructuur, risicoanalyse, controleprocedures, kwaliteitsmanagement en communicatiestrategie.
  3. Impact: economische, sociale en milieu-impact, inclusief klimaatimpact, onderbouwd door een kosten-batenanalyse of kosteneffectiviteitsanalyse.
  4. Prioriteit en urgentie: aansluiting bij de sectorale beleidsdoelstellingen en -prioriteiten, Europese meerwaarde en mogelijke synergie met andere sectoren.
  5. Katalyserend effect van de Europese steun: effect van de EU-financiering op de realisatie van het project.

Verplichte voortoetsing

  • Het projectideeformulier kan het hele jaar door worden ingediend via het online formulier.
  • Je krijgt binnen 2 weken feedback en een indicatie of het ministerie instemt met de projectaanvraag.

Eisen aan de aanvraag

  • Een aanvraag moet gaan over studies en/of werken.
  • Aanvragen met werken waarvoor een milieueffectrapportage verplicht is, moeten aantonen dat belangrijke stappen van die rapportage zijn afgerond op het moment van aanvraag.
  • Aanvragen met werken moeten een kosten-batenanalyse (CBA) bevatten, behalve bij acties op het gebied van civiel-militair dual-use gebruik. Bij subsidiabele kosten tot € 10 miljoen, of als het project wordt ondersteund door een financiële instelling, mag de CBA in vereenvoudigde vorm worden aangeleverd.
  • Bij een nieuwe fase van een project in aanbouw waarvan eerdere fasen al zijn gesteund onder CEF 1 of CEF 2, mag de eerder ingediende CBA opnieuw worden gebruikt, mits de actie al binnen de scope van die CBA viel en er geen significante wijzigingen zijn die de waarde van de oorspronkelijke CBA aantasten.
  • Bij projecten waarvoor een milieueffectrapportage verplicht is volgens de geldende richtlijn, moet informatie over klimaattoetsing worden aangeleverd, eventueel als samenvatting van de belangrijkste bevindingen over mitigatie- en adaptatiemaatregelen.
  • Bij fysieke uitvoeringswerken moeten de bevoegde gezagen verklaren dat het project geen negatieve effecten heeft op beschermde natuurgebieden of waterlichamen; overige nadelige milieueffecten moeten zijn onderzocht en waar nodig gecompenseerd.

Financiële en operationele capaciteit

  • Aanvragers moeten stabiele en voldoende financieringsbronnen hebben om het project en hun eigen aandeel te kunnen uitvoeren; organisaties die aan meerdere projecten deelnemen moeten voldoende capaciteit hebben voor alle projecten samen.
  • Aanvragers moeten de kennis, kwalificaties en middelen hebben om het project uit te voeren, met voldoende ervaring in projecten van vergelijkbare omvang en aard.

Alleen aanvragen die een vastgestelde drempel halen (vastgelegd per call) worden gerangschikt. De rangschikking wordt bepaald door de scores op de vijf criteria op te tellen. Selectie gebeurt op basis van de beschikbare middelen voor de betreffende call; niet-geselecteerde aanvragen kunnen op een reservelijst komen.

Hoe vraag je de CEF Transport Call aan?

De aanvraag verloopt in twee fasen: eerst een verplichte toetsing van het projectidee, daarna de eigenlijke aanvraag.

Stap 1: projectideeformulier

  • Je vult het online projectideeformulier in. Dit kan het hele jaar door.
  • Je krijgt binnen 2 weken feedback en een indicatie of het ministerie instemt met de projectaanvraag.
  • Alleen met instemming van het ministerie kun je een aanvraag indienen.

Toetsmomenten voor de call

De regeling kent voorafgaand aan de sluiting van de call vaste toetsmomenten waarop RVO documenten wil kunnen inzien:

  • 30 dagen voor de uiterste indiendatum: een 80%-versie van de aanvraag.
  • 2 weken voor de uiterste indiendatum: een nagenoeg definitieve versie van de aanvraag.

Indiening

  • Alleen aanvragen door een of meer lidstaten, of (met instemming van de betrokken lidstaten) door internationale organisaties, gemeenschappelijke ondernemingen, of publieke of private ondernemingen of instanties (waaronder regionale of lokale overheden) zijn geldig.
  • Natuurlijke personen kunnen niet indienen.

Verplichte documenten

  • Kosten-batenanalyse (CBA) bij aanvragen met werken, tenzij het gaat om civiel-militair dual-use projecten; in bepaalde gevallen mag deze vereenvoudigd worden aangeleverd.
  • Informatie over klimaattoetsing (climate proofing), als samenvatting van bevindingen over mitigatie en adaptatie, bij projecten waarvoor een milieueffectrapportage verplicht is.
  • Verklaringen van de bevoegde gezagen (doorgaans provincies, waterschappen of Rijkswaterstaat) over Natura 2000 (Habitatrichtlijn) en de Kaderrichtlijn Water bij fysieke uitvoeringswerken. Voor tracébesluiten is het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat bevoegd gezag, te regelen via het projectideeformulier bij RVO.
  • Documenten voor de financiële en operationele capaciteitscheck, te uploaden in het Participant Register bij de voorbereiding van de subsidieovereenkomst, zoals de winst- en verliesrekening en balans, een ondernemingsplan en een auditrapport van een erkende externe accountant over het laatst afgesloten boekjaar.
  • Voor projecten met financiering via een financiële instelling: bewijs van die financiering; bij financiering in de vorm van schuld moet dit ten minste 10% van de totale investeringskosten van het project bedragen (niet van toepassing bij eigenvermogensfinanciering).

Voor vragen of een gesprek kun je mailen naar rvotent@rvo.nl.

Hoe vraag je CEF Transport Call aan?

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 4 documenten bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over CEF Transport Call. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Europese Commissie (CINEA); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.