Status onbekendOABGemeente · Subsidie

Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2023

Gemeente Delft

Kindercentra in Delft die voorschoolse educatie aanbieden aan doelgroeppeuters (2,5-4 jaar op indicatie van Jeugdgezondheidszorg) en ouders/verzorgers van deze peuters zonder recht op kinderopvangtoeslag.

Ook bekend als OAB, VVE Delft

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling van gemeente Delft voor kindercentra die voorschoolse educatie (VVE) aanbieden aan doelgroeppeuters (2,5-4 jaar) en voor onderwijsachterstandenbeleid. Subsidie wordt verstrekt per lokaal voor VVE-peuterplaatsen en tutoring.

Voor wie is het bedoeld?

Kindercentra in Delft die voorschoolse educatie aanbieden aan doelgroeppeuters (2,5-4 jaar op indicatie van Jeugdgezondheidszorg) en ouders/verzorgers van deze peuters zonder recht op kinderopvangtoeslag.

Kindercentrum

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor VVE-peuterplaatsen in een kindercentrum
  • Ondersteuning voor kindercentra met tutoring voor peuters met ontwikkelingsvragen
  • Gesubsidieerde kinderopvang voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag

Voorwaarden

  • Kindercentrum moet in Delft gevestigd zijn
  • Kindercentrum moet geregistreerd staan in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
  • Voorschoolse educatie moet volgens erkend VVE-programma plaatsvinden
  • Voor bestaande subsidieontvanger: aanvraag uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het jaar
  • Voor nieuwe aanvrager: doorlopende aanvraagmogelijkheid in het lopende subsidiejaar
  • Ouders moeten aantonen geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag via inkomensverklaring

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kindercentrum
Uw rechtsvorm is: Onderwijsinstelling
Uw sector/SBI valt onder: 8891
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Delft.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2023
    Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft houdende subsidieregels omtrent onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen.
    Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Delft;
    Gelet op de Wet kinderopvang, de artikelen 158, 159 en 160 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Delft 2022;
    Besluit vast te stellen de Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2023.
    
    Hoofdstuk Algemene bepalingen
    
    Artikel 1 Begripsomschrijvingen
    Deze subsidieregeling verstaat onder:
    - ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Delft 2024;
    - beleidskader: het beleidskader Onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen Delft 2024-2027;
    - basisschool: een Delftse school waar basisonderwijs wordt gegeven of een speciale school voor basisonderwijs;
    - college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft;
    - doelgroeppeuters: Delftse peuters van 2,5 tot 4 jaar die op indicatie van de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) in aanmerking komen voor VVE;
    - houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en met die onderneming een of meer kindercentra exploiteert die staan vermeld in het LRK;
    - inkomensverklaring: een recente officiële verklaring (voorheen IB60) van de Belastingdienst met daarop de inkomensgegevens van een persoon in een bepaald belastingjaar;
    - kindercentrum: een voorziening waar kinderopvang plaatsvindt, anders dan gastouderopvang, als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang;
    - kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van het Rijk, uitgekeerd via de Belastingdienst aan ouders, bedoeld als bijdrage in de kosten voor de in het LRK geregistreerde kindercentrum;
    - landelijk register kinderopvang (LRK): het landelijk register als bedoeld in artikel 1.47b, eerste lid, van de Wet kinderopvang;
    - lokaalsubsidie: aanvullende subsidie voor een lokaal bij bepaald aantal VVE-peuters, ten behoeve van de inzet van tutoring;
    - OAB-school: een Delftse basisschool die op grond van de samenwerkings- en resultaatafspraken is aangemerkt als OAB-school;
    - lokaal: ruimte waarin voorschoolse educatie wordt gegeven binnen een kindercentrum en die als rekeneenheid dient op basis waarvan subsidie wordt verstrekt;
    - ouders: ouder(s) of verzorger(s) van Delftse (doelgroep)peuters;
    - ouderbijdrage: inkomensafhankelijke bijdrage die ouders betalen voor (een deel van) de uren peuteropvang die zij afnemen als bijdrage in de kosten voor de (VVE-)peuterplaats van hun kind. Voor de berekening wordt de VNG-adviestabel ouderbijdrage peuteropvang gebruikt;
    - pedagogischmedewerker: de persoon van 18 jaar of ouder die werkzaam is bij een kindercentrum, bezoldigd is en belast is met de verzorging, de opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen;
    - Peutermonitor: door het college aangewezen digitaal verantwoordingssysteem om het bereik van doelgroeppeuters te bepalen en per kwartaal inzicht te krijgen in de benodigde subsidie;
    - peuters: in de Basisregistratie van de gemeente Delft ingeschreven kinderen tussen de 2 en 4 jaar;
    - samenwerkings- en resultaatafspraken: de samenwerkings- en resultaatafspraken VVE Delft 2024-2027, die op grond van artikel 160 van de Wet op het primair onderwijs formeel zijn vastgesteld door de gemeente Delft, 3 schoolbesturen en 6 kinderopvangorganisaties;
    - tutoring: een pedagogisch medewerker geeft peuters, die een extra stimulans in de ontwikkeling nodig hebben, naast de groepsactiviteiten extra ondersteuning en oefening;
    - voorschoolse educatie: uitvoering van een door het college gesubsidieerd VVE-programma dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs voor kinderen die nog niet tot een school kunnen worden toegelaten;
    - voorschoolse voorziening: kindercentrum in Delft waar voorschoolse educatie wordt aangeboden en die als zodanig is geregistreerd in het LRK;
    - VVE: voor- en vroegschoolse educatie;
    - VVE-programma: een erkend programma waarin op een gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling wordt gestimuleerd van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek, en sociaal- emotionele ontwikkeling voor zover dit programma is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut (NJI);
    - Wet: Wet kinderopvang.
    
    Artikel 2 Doelstelling subsidieregeling
    Het doel van deze subsidieregeling is het bevorderen van gelijke en optimale ontwikkelkansen voor alle Delftse peuters en basisschool leerlingen door:
    - voldoende en financieel toegankelijk aanbod van kinderopvang voor alle peuters;
    - voldoende en financieel toegankelijk aanbod van kinderopvang met voorschoolse educatie voor doelgroeppeuters;
    - (taal)verrijkingsactiviteiten gericht op het voorkomen of bestrijden van mogelijke onderwijsachterstanden aanvullend op het aanbod voor- en vroegschoolse educatie.
    
    Hoofdstuk 2 Voorschoolse voorzieningen
    
    Artikel 3 Doelgroep
    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een houder ten behoeve van een kindercentrum in Delft.
    
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    1..
    Het college verstrekt uitsluitend subsidie voor een gecombineerd aanbod van peuterplaatsen en VE-peuterplaatsen in een lokaal voor kinderopvang met VVE en ten behoeve van tutoring in een lokaal (lokaalsubsidie).
    2..
    Om in aanmerking te komen voor subsidie voor VE-peuterplaatsen is sprake van:
    - een basisaanbod voor peuters van 2 tot 4 jaar van:minimaal 2 dagdelen verspreid over 2 dagen, enminimaal 320 uur en maximaal 440 uur op jaarbasis, evenredig verspreid over 40 weken.
    - een VVE-aanbod voor doelgroeppeuters van 2,5 tot 4 jaar:van maximaal 6 uur per dag, enminimaal 960 en maximaal 990 uur per anderhalf jaar.
    3..
    Om in aanmerking te komen voor lokaalsubsidie is sprake van gemiddeld minimaal acht doelgroeppeuters per lokaal. Als peildatum voor de beoordeling of aan de eis van gemiddeld minimaal acht doelgroeppeuters wordt voldaan, geldt de peilperiode van 1 september van het jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag tot 1 september van het daaropvolgende kalenderjaar.
    4..
    Indien de peuter in juni of juli 4 jaar wordt en nog niet naar school kan voor de zomervakantie, kan de opvang automatisch verlengd worden tot de eerste dag van de zomervakantie.
    5..
    Indien een peuter een Toelaatbaarheidsverklaring (TLV) heeft voor speciaal (basis) onderwijs maar nog op een wachtlijst staat, kan de peuter de opvang ook op 4-jarige leeftijd vervolgen totdat er plaats is op school.
    
    Artikel 5 Hoogte subsidie
    1..
    De subsidie voor het gecombineerd aanbod van peuterplaatsen en VVE-peuterplaatsen zoals bedoeld in artikel 4 lid 1 bedraagt:
    - De peutertoeslag, zijnde een bedrag per uur per deelnemende peuter waarvan ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. Als maximum uurtarief per (VVE-)peuterplaats wordt het maximale uurtarief kinderopvangtoeslag voor de dagopvang gehanteerd, overeenkomstig het Besluit kinderopvangtoeslag, minus de inkomensafhankelijke ouderbijdrage voor de ouders. Hierbij wordt de indeling in inkomensgroepen van de adviestabel van de VNG gebruikt. Als maximum aantal uur per peuter geldt het aantal uur als bepaald in artikel 4 lid 2 onder a ii. Als maximum aantal uur per doelgroeppeuter geldt het aantal uur als bepaald in artikel 4 lid 2 onder b ii.
    - Compensatie extra uren VVE-aanbod, voor een doelgroeppeuter waarvan de ouders voor kinderopvangtoeslag in aanmerking komen en gebruik maken van het basisaanbod én het VVE-aanbod als bedoeld in artikel 4 lid 1 en 2. Als maximum geldt het maximale uurtarief kinderopvangtoeslag overeenkomstig het Besluit kinderopvangtoeslag voor maximaal 330 uur over anderhalf jaar.
    - Een vast bedrag per maand per doelgroeppeuter. Dit bedrag is in 2026 € 266,46. Het college stelt jaarlijks vóór 1 juli van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar de hoogte van dit bedrag vast. Dit is een vergoeding aan de houder per geplaatste doelgroeppeuter voor de extra werkzaamheden ten behoeve van het VVE-programma.
    2..
    De lokaalsubsidie voor tutoring bedraagt een vast bedrag per lokaal met gemiddeld minimaal acht doelgroeppeuters per jaar die aan het VVE-programma hebben deelgenomen. Dit bedrag is in 2026 maximaal € 14.955,05 per lokaal. Het college stelt jaarlijks vóór 1 juli van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar de hoogte van dit maximale bedrag vast.
    
    Artikel 6 Berekening subsidiebedrag
    Het college berekent het maximale subsidiebedrag per peuter of doelgroeppeuter voor de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 4 lid 1 naar rato van de plaatsingsperiode. Dit doet het college als volgt:
    - peuterplaats: peutertoeslag – ouderbijdrage
    - VVE-peuterplaats: peutertoeslag - ouderbijdrage + VVE-maandbedrag als bedoeld in artikel 5 lid 1 onder c + lokaal subsidie voor tutoring, als bedoeld in artikel 5 lid 2, als bedoeld in artikel 5 lid 2
    Peutertoeslag per (VVE-)peuterplaats: aantal contracturen per jaar van (VVE-)peuters van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, met inachtneming van artikel 4, x landelijk maximum uurtariefwaarbij: het door houder gehanteerde uurtarief van toepassing is als dit lager is dan het maximum uurtarief voor dagopvang/kinderopvangtoeslag
    Ouderbijdrage peuterplaats:som van de door houder gefactureerde individuele ouderbijdrage per jaar van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag / aantal geplaatste peuters en doelgroeppeuters per jaarwaarbij:ouderbijdrage: vastgestelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage per uur x aantal contracturen per jaar
    Ouderbijdrage VVE-peuterplaats:som van de door houder gefactureerde individuele ouderbijdrage per jaar van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag / aantal geplaatste doelgroeppeuters per jaar over 660 uur per anderhalf jaar
    Compensatie extra uren VVE-aanbod: minimaal 300 en maximaal 330 uur x landelijk maximum uurtarief over anderhalf jaarwaarbij houder:300 uur berekent bij totale plaatsing van 960 uur, en 330 uur bij plaatsing van 990 uur, enhet gehanteerde uurtarief toepast als dit lager is dan het maximum uurtarief voor dagopvang/kinderopvangtoeslag
    VVE - maandbedrag: aantal geplaatste doelgroeppeuters op een VVE-peuterplaats per jaar x VVE-maandbedragdoor houder toegepast op doelgroeppeuters vanaf de leeftijd van 2,5 jaar
    
    Artikel 7 Aanvullende verplichtingen van de subsidie ontvanger
    1..
    Naast de verplichtingen op grond van de artikelen 14, 15 ,16 van de ASV, zijn aan de subsidie bedoeld in artikel 4 de volgende verplichtingen verbonden:
    - de houder voldoet aan alle voorschriften voor de basiskwaliteit van kindercentra, gesteld bij of krachtens de wet;
    - de houder voldoet aan de voorschriften gesteld bij of krachtens het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie;
    - de houder voldoet aan alle Delftse eisen en afspraken zoals verwoord in het beleidskader en de verplichtingen op grond van de samenwerkings- en resultaatafspraken;
    - de houder verschaft op verzoek informatie aan het college, de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van Onderwijs of aan andere door het college aangewezen instanties;
    - de houder legt de volgende informatie vast in een dossier en maakt dit toegankelijk voor controle door het college: een ondertekende overeenkomst tussen de ouders en de houder; inkomensverklaringen van de ouders en overige documenten op basis waarvan de toets niet-recht op kinderopvangtoeslag is uitgevoerd en de inschaling van de ouderbijdrage heeft plaatsgevonden; indien van toepassing de verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag;specifiek voor de doelgroeppeuter: een afschrift van de indicatiestelling door de Jeugd Gezondheidszorg;
    - de houder werkt met een integraal ontwikkelingsprogramma dat is opgenomen in de databank Effectieve jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut;
    - de houder maakt gebruik van het kindvolgsysteem KIJK en pedag
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Start van deze pagina
    Skip navigatie, ga direct naar de Inhoud
    De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden
    Tekstgrootte
    —+
    Home
    Particulieren
    Ondernemers
    Overheidsinformatie
    Over deze site
    Contact
    English
    Help
    Sitemap
    Snelzoeken Snelzoeken
    HomeOverheidsinformatieOfficiële bekendmakingen
    Officiële bekendmakingen: Zoeken
    Terug naar bekendmakingen
    Jaargang 2026
    Nr. 323197
    Gepubliceerd op 2026-07-07
    Toon volledige inhoudsopgave
    Aanhef
    Lichaam
    Ondertekening
    Subsidieplafonds en subsidiebedragen onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2027
    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft;
    Gelet op artikel 6, eerste lid, van de Algemene Subsidieverordening gemeente Delft 2024;
    Gelet op de artikelen 4 en 11 van de Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2023;
    Besluit:
    1.
    voor het jaar 2027 een subsidieplafond van € 2.764.417,50 vast te stellen voor VE-peuterplaatsen zoals bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, van de subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2023 (hierna: subsidieregeling);
    2.
    voor het jaar 2027 een subsidieplafond van € 247.174,97 vast te stellen voor lokaalsubsidies als bedoeld in artikel 4, eerste en derde lid, van de subsidieregeling;
    3.
    voor het jaar 2027 de hoogte van het VE-maandbedrag als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder c, van de subsidieregeling vast te stellen op € 275,25 per VE-peuterplaats;
    4.
    voor het jaar 2027 de hoogte van de lokaalsubsidie als bedoeld in artikel 6 van de subsidieregeling vast te stellen op maximaal € 15.656,44 per lokaal;
    5.
    dat de hoogte van de subsidieplafonds genoemd onder 1 en 2 op basis van artikel 11 van de subsidieregeling bekend gemaakt worden in het gemeenteblad en in werking treden de dag na bekendmaking;
    6.
    dat de hoogte van het VVE-maandbedrag genoemd onder 3 en de lokaalsubsidie genoemd onder 4 op basis van artikel 5 van de subsidieregeling bekend gemaakt worden in het gemeenteblad en in werking treden de dag na bekendmaking;
    7.
    te bepalen dat het Subsidieplafonds onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2026, wordt ingetrokken met ingang van inwerkingtreding van dit besluit.
    Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft in de vergadering van 23 juni 2026.
    Burgemeester en wethouders van Delft,
    Inhoudsopgave
    Aanhef
    Lichaam
    Ondertekening
    Acties
    Authentieke versie downloaden (pdf)
    Odt-formaat downloaden
    Xml-formaat downloaden
    Technische informatie
    Permanente link
    E-overheid bouwt mee aan betere dienstverlening met minder regeldruk
    Overheid.nl werkt samen met: Antwoord
    voor Bedrijven | Rijksoverheid.nl
    SnelzoekenInfo
    Snelzoeken
    U kunt dit veld gebruiken om te zoeken op
    –een vrije zoekterm voor het zoeken op tekst (bijvoorbeeld "milieu")
    –een betekenisvolle zoekterm voor het zoeken naar specifieke publicaties (bijvoorbeeld dossiernummer '32123' of 'trb 2009 16').
    U kunt termen combineren door EN te zetten tussen de termen (blg 32123 EN milieu).
    U kunt zoeken op letterlijke tekst door '' om de term te zetten.
    ('appellabele toezeggingen').
    Voor meer mogelijkheden en uitleg verwijzen wij u naar de help-pagina's van Officiële bekendmakingen op overheid.nl
  • Toon brontekst
    Start van deze pagina
    Skip navigatie, ga direct naar de Inhoud
    De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden
    Tekstgrootte
    —+
    Home
    Particulieren
    Ondernemers
    Overheidsinformatie
    Over deze site
    Contact
    English
    Help
    Sitemap
    Snelzoeken Snelzoeken
    HomeOverheidsinformatieOfficiële bekendmakingen
    Officiële bekendmakingen: Zoeken
    Terug naar bekendmakingen
    Jaargang 2026
    Nr. 323384
    Gepubliceerd op 2026-07-07
    Toon volledige inhoudsopgave
    Aanhef
    Lichaam
    Ondertekening
    Bijlage
    Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2026
    Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Delft;
    Gelet op de Wet kinderopvang, de artikelen 158, 159 en 160 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 4 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Delft 2026;
    Besluit vast te stellen de Subsidieregeling onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen gemeente Delft 2026.
    Hoofdstuk Algemene bepalingen
    Artikel 1 Begripsomschrijvingen
    Deze subsidieregeling verstaat onder:
    a.
    ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Delft 2026;
    b.
    beleidskader: het beleidskader Onderwijsachterstandenbeleid en voorschoolse voorzieningen Delft 2024-2027;
    c.
    basisschool: een Delftse school waar basisonderwijs wordt gegeven of een speciale school voor basisonderwijs;
    d.
    college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft;
    e.
    doelgroeppeuters: Delftse peuters van 2,5 tot 4 jaar die op indicatie van de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) in aanmerking komen voor VVE;
    f.
    houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en met die onderneming een of meer kindercentra exploiteert die staan vermeld in het LRK;
    g.
    inkomensverklaring: een recente officiële verklaring (voorheen IB60) van de Belastingdienst met daarop de inkomensgegevens van een persoon in een bepaald belastingjaar;
    h.
    kindercentrum: een voorziening waar kinderopvang plaatsvindt, anders dan gastouderopvang, als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang;
    i.
    kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van het Rijk, uitgekeerd via de Belastingdienst aan ouders, bedoeld als bijdrage in de kosten voor de in het LRK geregistreerde kindercentrum;
    j.
    landelijk register kinderopvang (LRK): het landelijk register als bedoeld in artikel 1.47b, eerste lid, van de Wet kinderopvang;
    k.
    lokaal: ruimte waarin voorschoolse educatie wordt gegeven binnen een kindercentrum en die als rekeneenheid dient op basis waarvan subsidie wordt verstrekt;
    l.
    lokaalsubsidie: aanvullende subsidie voor een lokaal bij een bepaald aantal doelgroeppeuters, ten behoeve van de inzet van tutoring;
    m.
    OAB-school: een Delftse basisschool die op grond van de samenwerkings- en resultaatafspraken is aangemerkt als OAB-school;
    n.
    ouders: ouder(s) of verzorger(s) van Delftse (doelgroep)peuters;
    o.
    ouderbijdrage: inkomensafhankelijke bijdrage die ouders betalen voor (een deel van) de uren peuteropvang die zij afnemen als bijdrage in de kosten voor de (VE-)peuterplaats van hun kind. Voor de berekening wordt de VNG-adviestabel ouderbijdrage peuteropvang gebruikt;
    p.
    pedagogisch professional: de persoon van 18 jaar of ouder die werkzaam is bij een kindercentrum, bezoldigd is en belast is met de verzorging, de opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen;
    q.
    Peutermonitor: door het college aangewezen digitaal verantwoordingssysteem om het bereik van doelgroeppeuters te bepalen en per kwartaal inzicht te krijgen in het verbruik van de verstrekte subsidie;
    r.
    peuters: in de Basisregistratie van de gemeente Delft ingeschreven kinderen tussen de 2 en 4 jaar;
    s.
    samenwerkings- en resultaatafspraken: de samenwerkings- en resultaatafspraken VVE Delft 2024-2027, die op grond van artikel 160 van de Wet op het primair onderwijs formeel zijn vastgesteld door de gemeente Delft, 3 schoolbesturen en 6 kinderopvangorganisaties;
    t.
    tutoring: een pedagogisch professional geeft peuters, die een extra stimulans in de ontwikkeling nodig hebben, naast de groepsactiviteiten extra ondersteuning en oefening;
    u.
    VE: voorschoolse educatie, omvattende de uitvoering van een door het college gesubsidieerd VVE-programma voor het deel dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs voor kinderen die nog niet tot een school kunnen worden toegelaten;
    v.
    voorschoolse voorziening: kindercentrum in Delft waar voorschoolse educatie wordt aangeboden en die als zodanig is geregistreerd in het LRK;
    w.
    VVE: voor- en vroegschoolse educatie als bedoeld in artikel 160 van de Wet op het primair onderwijs;
    x.
    VVE-programma: een erkend programma waarin op een gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling wordt gestimuleerd van kinderen op het gebied van rekenen, taal, motoriek, en sociaal- emotionele ontwikkeling voor zover dit programma is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut (NJI);
    y.
    Wet: Wet kinderopvang.
    Artikel 2 Doelstelling subsidieregeling
    Het doel van deze subsidieregeling is het bevorderen van gelijke en optimale ontwikkelkansen voor alle Delftse peuters en basisschoolleerlingen door:
    a.
    voldoende en financieel toegankelijk aanbod van kinderopvang voor alle peuters;
    b.
    voldoende en financieel toegankelijk aanbod van kinderopvang met VE voor doelgroeppeuters;
    c.
    (taal)verrijkingsactiviteiten gericht op het voorkomen of bestrijden van mogelijke onderwijsachterstanden aanvullend op het aanbod voor- en vroegschoolse educatie.
    Hoofdstuk 2 Voorschoolse voorzieningen
    Artikel 3 Doelgroep
    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een houder ten behoeve van een kindercentrum in Delft.
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    1.
    Het college verstrekt uitsluitend subsidie voor een gecombineerd aanbod van peuterplaatsen en VE-peuterplaatsen in een lokaal voor kinderopvang met VE en ten behoeve van tutoring in een lokaal (lokaalsubsidie).
    2.
    Om in aanmerking te komen voor subsidie voor VE-peuterplaatsen is sprake van:
    a.
    een basisaanbod voor peuters van 2 tot 4 jaar van:
    i.
    minimaal 2 dagdelen verspreid over 2 dagen, en
    ii.
    minimaal 320 uur en maximaal 440 uur op jaarbasis, evenredig verspreid over 40 weken, en
    b.
    een VE-aanbod voor doelgroeppeuters van 2,5 tot 4 jaar:
    i.
    van maximaal 6 uur per dag, en
    ii.
    minimaal 960 en maximaal 990 uur per anderhalf jaar.
    3.
    Om in aanmerking te komen voor lokaalsubsidie is sprake van gemiddeld ten minste acht doelgroeppeuters per lokaal per jaar. Als peildatum voor de beoordeling of aan de eis van gemiddeld ten minste acht doelgroeppeuters wordt voldaan, geldt als peildatum 1 september van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.
    4.
    Indien de peuter in juni of juli 4 jaar wordt en nog niet naar school kan voor de zomervakantie, kan de opvang automatisch verlengd worden tot de eerste dag van de zomervakantie.
    5.
    Indien een peuter een Toelaatbaarheidsverklaring (TLV) heeft voor speciaal (basis) onderwijs maar nog op een wachtlijst staat, kan de peuter de opvang ook op 4-jarige leeftijd vervolgen totdat er plaats is op school.
    Artikel 5 Hoogte subsidie
    1.
    De subsidie voor het gecombineerd aanbod van peuterplaatsen en VE-peuterplaatsen zoals bedoeld in artikel 4 lid 2 bedraagt:
    a.
    de peutertoeslag, zijnde een bedrag per uur per deelnemende peuter waarvan ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. Het maximum uurtarief per (VE-)peuterplaats is gelijk aan de maximale uurprijs kinderopvangtoeslag voor de dagopvang, overeenkomstig het Besluit kinderopvangtoeslag, minus de inkomensafhankelijke ouderbijdrage voor de ouders. Hierbij wordt de indeling in inkomensgroepen van de adviestabel van de VNG gebruikt. Als maximum aantal uur per (doelgroep)peuter geldt het aantal uur als bepaald in artikel 4 lid 2;
    b.
    compensatie extra uren VE-aanbod, voor een doelgroeppeuter waarvan de ouders voor kinderopvangtoeslag in aanmerking komen en gebruik maken van het basisaanbod én het VE-aanbod als bedoeld in artikel 4 lid 2. Als maximum geldt de maximale uurprijs kinderopvangtoeslag overeenkomstig het Besluit kinderopvangtoeslag voor maximaal 330 uur over anderhalf jaar;
    c.
    een vast bedrag per maand per doelgroeppeuter. Dit bedrag is in 2026 € 266,46. Het college stelt jaarlijks vóór 1 juli van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar de hoogte van dit bedrag vast. Dit is een vergoeding aan de houder per geplaatste doelgroeppeuter voor de extra kosten ten behoeve van het VVE-programma.
    2.
    De lokaalsubsidie voor tutoring bedraagt een vast bedrag per lokaal met gemiddeld ten minste acht doelgroeppeuters per jaar die aan het VVE-programma hebben deelgenomen. Dit bedrag is in 2026 maximaal € 14.955,05 per lokaal. Het college stelt jaarlijks vóór 1 juli van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar de hoogte van dit maximale bedrag vast.
    Artikel 6 Berekeningswijze subsidiebedrag
    Het college berekent het maximale subsidiebedrag per peuter of doelgroeppeuter voor de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 4 lid 2 naar rato van de plaatsingsperiode. Dit doet het college als volgt:
    1.
    peuterplaats: peutertoeslag – ouderbijdrage
    2.
    VE-peuterplaats: peutertoeslag - ouderbijdrage + VE-maandbedrag als bedoeld in artikel 5 lid 1 onder c.
    Peutertoeslag per (VE-)peuterplaats:
    aantal contracturen per jaar van (VE-)peuters van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, met inachtneming van artikel 4, x landelijk maximum uurtarief
    waarbij:
    –
    het door houder gehanteerde uurtarief van toepassing is als dit lager is dan het maximum uurtarief voor dagopvang/kinderopvangtoeslag
    Ouderbijdrage peuterplaats:
    som van de door houder gefactureerde individuele ouderbijdrage per jaar van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag / aantal geplaatste peuters en doelgroeppeuters per jaar
    waarbij:
    –
    ouderbijdrage: vastgestelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage per uur x aantal contracturen per jaar
    Ouderbijdrage VE-peuterplaats:
    som van de door houder gefactureerde individuele ouderbijdrage per jaar van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag / aantal geplaatste doelgroeppeuters per jaar over 660 uur per anderhalf jaar
    Compensatie extra uren VE-aanbod:
    minimaal 300 en maximaal 330 uur x landelijk maximum uurtarief over anderhalf jaar
    waarbij houder:
    –
    300 uur berekent bij totale plaatsing van 960 uur, en
    –
    330 uur bij plaatsing van 990 uur, en
    –
    het gehanteerde uurtarief toepast als dit lager is dan het maximum uurtarief voor dagopvang/kinderopvangtoeslag
    VE - maandbedrag:
    aantal geplaatste doelgroeppeuters op een VE-peuterplaats per jaar x VE-maandbedrag door houder toegepast op doelgroeppeuters vanaf de leeftijd van 2,5 jaar
    Artikel 7 Aanvullende verplichtingen van de subsidieontvanger
    1.
    Naast de verplichtingen op grond van de artikelen 14, 15 ,16 van de ASV, zijn aan de subsidie bedoeld in artikel 4 de volgende verplichtingen verbonden:
    a.
    de houder voldoet aan alle voorschriften voor de basiskwaliteit van kindercentra en de basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie gesteld bij of krachtens de wet;
    c.
    de houder voldoet aan alle Delftse eisen en afspraken zoals verwoord in het beleidskader en de verplichtingen op grond van de samenwerkings- en resultaatafspraken;
    d.
    de houder verschaft op verzoek informatie aan het college, de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van Onderwijs of aan andere door het college aangewezen instanties;
    e.
    de houder legt de volgende informatie vast in een dossier en maakt dit toegankelijk voor controle door het college:
    i.
    een ondertekende overeenkomst tussen de ouders en de houder;
    ii.
    inkomensverklaringen van de ouders en overige documenten op basis waarvan de toets niet-recht op kinderopvangtoeslag is uitgevoerd en de inschaling van de ouderbijdrage heeft plaatsgevonden;
    iii.
    indien van toepassing de verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag;
    iv.
    specifiek voor de doelgroeppeuter: een afschrift van de indicatiestelling door de Jeugd Gezondheidszorg;
    f.
    de houder werkt met een 
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.