Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024
Gemeente Zaanstad
Wat is de Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024?
De Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024 regelt subsidie voor activiteiten die onderwijsachterstanden bij kinderen voorkomen en verminderen. De regeling omvat meerdere onderdelen: voorschoolse voorzieningen zoals peuteropvang en voorschoolse educatie, overige voorzieningen zoals inzet van een brugfunctionaris, huurkostencompensatie voor voorschoolse educatie in nieuwbouw, en gelijke kansen initiatieven. Houders van kinderopvang, schoolbesturen en (bij gelijke kansen initiatieven) kinderopvangorganisaties kunnen hiervoor subsidie aanvragen bij de gemeente Zaanstad.
Wie komt in aanmerking voor de Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024?
Waarvoor krijg je subsidie?
Wat subsidiabel is, verschilt per onderdeel:
Voorschoolse voorzieningen (hoofdstuk 2):
- Peuteropvang voor een niet-doelgroeppeuter van een niet-werkende ouder: 320 uur per kindplaats.
- Voorschoolse educatie voor een doelgroeppeuter: voor niet-werkende ouders 640 uur; voor werkende ouders 320 uur (verschil tussen kinderopvangtoeslag-uurtarief en vve-uurtarief) plus nog 320 uur.
- Een dagdeel voorschoolse educatie op A- en B-locaties, bedoeld voor onder meer bijscholing van personeel voor VVE (inclusief vervanging/verlet), aanschaf en onderhoud van een kindvolgsysteem, coaching en ontwikkeling van pedagogisch beleid, taakuren (registratie, warme overdracht), voorbereiding programma, VVE-materiaal en een HBO-coach.
- Extra dagdeelsubsidie voor A-locaties, in te zetten voor onder meer meer taalaanbod, vergroten ouderbetrokkenheid, of signalering en ondersteuning van kinderen met opvallend gedrag.
- Maatwerkvergoeding op C-locaties voor een doelgroeppeuter die peuterspelen gebruikt, met een maximum van 6 kindplaatsen per locatie.
- Activiteiten die bijdragen aan de brede ontwikkeling van jonge kinderen ter voorbereiding op VVE.
- Een vast bedrag voor organisatiekosten.
Overige voorzieningen onderwijsachterstandenbeleid (hoofdstuk 3), voor schoolbesturen: onderwijstijdverlenging en extra leeractiviteiten, activiteiten ter versterking van ouderbetrokkenheid, coördinatie van VVE inclusief professionalisering en doorlopende leerlijn, en inzet van een brugfunctionaris op A-locaties.
Huurkostencompensatie (hoofdstuk 4): een deel van de huurkosten voor het uitvoeren van voorschoolse educatie in een nieuwbouw voorschoolse educatie ruimte in een IKC.
Gelijke kansen initiatieven (hoofdstuk 5): onder meer klassikale kennismaking met de arbeidsmarkt (inclusief vervoerskosten), educatieve uitstapjes gericht op woordenschat, ontwikkelingsgerichte activiteiten aan huis voor kinderen van 0 tot 2 jaar, culturele en expressieve activiteiten, educatieve programma's voor taalvaardigheid en kritisch denken, en inzet van specialistische expertise voor de doorgaande lijn tussen peuteropvang en kleuteronderwijs.
Hoeveel subsidie krijg je?
De bedragen verschillen per onderdeel en worden jaarlijks vastgesteld in het Tarievenblad:
- Dagdeelvergoeding voorschoolse educatie: € 8.162 per dagdeel per jaar op A-locaties en € 5.102 per dagdeel per jaar op B-locaties. C-locaties ontvangen geen dagdeelvergoeding.
- Maatwerkvergoeding op C-locaties: € 2.551 per kind per jaar, met een maximum van € 15.305 per locatie per jaar.
- Organisatiekosten: een vast bedrag van € 12.754 per jaar per organisatie.
- Subsidiebedrag peuterspelen en voorschoolse educatie (niet-werkende ouders): het uurtarief uit het Tarievenblad, minus de inkomensafhankelijke ouderbijdrage voor 2 dagdelen volgens de Ouderbijdragetabel.
- Subsidiebedrag voorschoolse educatie (werkende ouders): het uurtarief plus de compensatie tot het VVE-tarief, zoals vastgesteld in het Tarievenblad.
- Huurkostencompensatie: 50% van de totale huurkosten van vve-locaties zoals afgesproken in de huurovereenkomst, waarbij de huurkosten worden vastgesteld op basis van een kostprijsdekkende vierkante meterprijs.
- Brugfunctionaris: een normbedrag voor 1,0 FTE, jaarlijks geïndexeerd met de gemeentelijke subsidie-index. Het college subsidieert maximaal 0,4 FTE brugfunctionaris per A-locatie en maximaal 50% van de werkelijke FTE-bezetting per locatie.
- Voor niet-bovenbestuurlijke schoolvoorzieningen is een bedrag beschikbaar dat jaarlijks wordt geïndexeerd en verdeeld op basis van de ABC-indeling, leerlingaantal en onderwijsachterstandsscore.
De niet-werkende ouder van een kind op peuterspelen of voorschoolse educatie betaalt zelf een ouderbijdrage aan de houder kinderopvang voor twee dagdelen (maximaal 8 uur), volgens de Ouderbijdragetabel.
Alle subsidie wordt verstrekt onder de voorwaarde dat de gemeenteraad voldoende geld beschikbaar stelt. Bij overschrijding van het subsidieplafond krijgen aanvragen van kinderopvangaanbieders met de meeste doelgroepkinderen voorrang.
Alle bedragen op een rij
| Bedrag | Soort |
|---|---|
| € 15.305 per locatie per jaar | Maximaal |
| € 2.551 per kind per jaar | Per eenheid |
| € 5.102 per dagdeel per jaar | Per eenheid |
| € 8.162 per dagdeel per jaar | Per eenheid |
| € 12.754 per jaar per organisatie | Per eenheid |
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 2026 | - | 1 okt 2025 | - | - |
| 2026 | - | 1 jun 2025 | - | - |
| 2024 | - | 1 okt 2024 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024?
- Voor VVE: begroting met alle inkomsten en uitgaven, afspraken met omliggende scholen over doorlopende leerlijn, samenwerkingsafspraken met Centrum Jong, beschrijving ouderbetrokkenheid
- Voor OKB: activiteitenplan, begroting van kosten en verwachte inkomsten, opgave van andere subsidieaanvragen en/of donaties
- Activiteiten moeten gericht zijn op stimulering van gelijke onderwijskansen
Hoe vraag je de Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024 aan?
Aanvragen gaat via het formulier op de website van de gemeente. De indieningstermijn en het subsidietijdvak verschillen per onderdeel:
- Voorschoolse voorzieningen: houders kinderopvang dienen de aanvraag voor het opvolgende kalenderjaar uiterlijk 1 oktober in. Vereiste gegevens: naam en adres van de houder, de locatie, de periode, de wijze van registratie in het Landelijk Register Kinderopvang met registratienummer en IBAN, een prognose van bezette kindplaatsen en dagdelen VVE, en een organisatieplan (onder meer over groepssamenstelling, ontwikkelvolgsysteem, evaluatie, ouderbetrokkenheid, overdracht naar de basisschool en, afhankelijk van de locatiecategorie, de inzet van extra dagdeelsubsidie of maatwerkvergoeding). De aanvrager moet onderliggende gegevens (zoals een door de ouder ondertekende aanvraag met NAW- en BSN-gegevens, inkomensgegevens, een plaatsingsovereenkomst en eventueel een VVE-indicatie) op verzoek binnen een redelijke termijn beschikbaar kunnen stellen.
- Overige voorzieningen (schoolbesturen): aanvraag voor het opvolgende schooljaar uiterlijk 1 juni, met naam en adres van het schoolbestuur, locatie(s), periode, bankrekeningnummer en een activiteitenplan (activiteiten per locatie, ontwikkelvolging, kwaliteitsontwikkeling, ouderbeleid, samenwerking, overdracht en evaluatie).
- Huurkostencompensatie: aanvraag uiterlijk 1 oktober, met naam en adres van de houder, locatie(s), periode, bankrekeningnummer, een overzicht van het aantal locaties en lokalen, en de huurovereenkomst.
- Gelijke kansen initiatieven: aanvraag voor het opvolgende kalenderjaar uiterlijk 1 oktober, met naam en adres van de aanvrager, locatie(s), periode, bankrekeningnummer en een activiteitenplan (doelstelling en doelgroep, samenwerkingspartners, verwachte impact, begroting en inzet van middelen).
Het college neemt alleen volledige aanvragen in behandeling; bij een onvolledige aanvraag krijg je een hersteltermijn van twee weken. Bij overschrijding van het subsidieplafond voor voorschoolse voorzieningen krijgen aanvragen van kinderopvangaanbieders met de meeste doelgroepkinderen voorrang.
Bij een aanvraag voor VVE moet je onder meer een begroting, afspraken met omliggende scholen over de doorlopende leerlijn, samenwerkingsafspraken met het Centrum Jong en een beschrijving van ouderbetrokkenheid meesturen, plus de checklist VVE. Bij een aanvraag voor Onderwijskansenbeleid gaat het om een activiteitenplan, een begroting met verwachte inkomsten en een opgave van andere subsidieaanvragen en/of donaties.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Het college van burgemeester en wethouders beoordeelt en beslist op de aanvraag. De beslistermijnen verschillen per onderdeel:
- Voor voorschoolse voorzieningen, huurkostencompensatie en gelijke kansen initiatieven beslist het college uiterlijk op 31 december van het jaar voorafgaand aan het subsidietijdvak.
- Voor overige voorzieningen (schoolbesturen) beslist het college binnen 9 weken na ontvangst van de volledige aanvraag.
In alle gevallen kan het college de beslistermijn met maximaal 9 weken verdagen en doet daarvan vóór afloop van de oorspronkelijke termijn mededeling aan de aanvrager.
Tijdens de looptijd gelden verantwoordingsverplichtingen:
- Bij voorschoolse voorzieningen levert de houder kinderopvang uiterlijk 1 juli tijdens de looptijd een beschrijving van de kwaliteitswerkzaamheden, en dient uiterlijk 1 juli na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot vaststelling in, met onder meer een registratie van het aantal gerealiseerde kindplaatsen en inzicht in de verschillende soorten omzet. Vaststelling gebeurt op basis van het gemiddelde aantal bezette kindplaatsen en de werkelijk ontvangen ouderbijdrage.
- Bij overige voorzieningen dient het schoolbestuur uiterlijk 1 november na afloop van het schooljaar een aanvraag tot vaststelling in, met een overzicht van activiteiten en uitgaven, een controleverklaring van een onafhankelijke accountant en een jaarverslag inclusief jaarrekening. Bij subsidie voor een brugfunctionaris komen daar een beschrijving van inzet en bereik, een overzicht van signaleringen en doorverwijzingen en een reflectie op de bijdrage aan het beleid bij.
- Bij huurkostencompensatie dient de houder uiterlijk 1 juli na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot vaststelling in met documenten over de daadwerkelijk gemaakte huurkosten; vaststelling vindt plaats op basis van die werkelijke kosten.
- Bij gelijke kansen initiatieven dient de subsidieontvanger uiterlijk 1 juli na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot vaststelling in.
Bij vaststelling worden de prognoses uit de aanvraag steeds vergeleken met de werkelijke realisatie zoals opgegeven in de verantwoording.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Subsidieregeling Voor- en vroegschoolse voorzieningen en onderwijsachterstandenbeleid Zaanstad 2024zaanstad.nl · gecontroleerd 24 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Gemeente Zaanstad; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.