Subsidieverordening Zorgaanbod Jeugdzorg Fryslân
Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân
Voor aangewezen zorgaanbieders die jeugdzorg uitvoeren in de provincie Fryslân.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieverordening voor aangewezen zorgaanbieders in Fryslân die jeugdzorg uitvoeren via zorgeenheden of experimenten. Subsidie wordt bepaald op basis van door Gedeputeerde Staten vastgestelde tarieven per zorgeenheid. Jaarlijks kan een subsidieplafond worden vastgesteld.
Voor wie is het bedoeld?
Voor aangewezen zorgaanbieders die jeugdzorg uitvoeren in de provincie Fryslân.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor uitvoering van jeugdzorgeenheden
- Financiering van experimenten in jeugdzorg
- Bekostiging van pleegzorg en steunfuncties
Voorwaarden
- Zorgaanbieder moet door Gedeputeerde Staten zijn aangewezen
- Voor zorgeenheden is een indicatiebesluit van Bureau jeugdzorg Fryslân vereist
- Aanvraag moet vóór 1 oktober van het voorafgaande jaar worden ingediend
- Zorgaanbieder moet meerjaren beleidsplan, uitvoeringsplan en begroting indienen
- Verantwoording via activiteitenverslag en financiële rapportage
- Subsidie-egalisatiereserve mag maximaal 10% van jaarlijkse provinciale subsidie bedragen
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Zo vraagt u aan
Zoals beschreven door de verstrekker. Onvolledig? Controleer altijd het officiële loket.
Stappen
- Dien vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidie betrekking heeft een aanvraag in
Benodigde documenten
- Vigerende meerjaren beleidsplan voor de periode waarop de subsidie aanvraag betrekking heeft
- Uitvoeringsplan voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd
- Begroting van baten en lasten voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd
- Gewaarmerkte kopie van de akte van oprichting met statuten (alleen voor niet-rechtspersonen bij eerste aanvraag)
- Gewaarmerkte kopie van inschrijving in het Handelsregister (alleen voor niet-rechtspersonen bij eerste aanvraag)
- Laatst opgestelde balans en resultatenrekening met accountantsverklaring (alleen voor niet-rechtspersonen bij eerste aanvraag)
Aan te leveren gegevens
- De verschillende zorgeenheden waarop de aanvraag betrekking heeft
- Het bedrag waarvoor de zorgaanbieder de verschillende zorgeenheden wil uitvoeren
- De onderscheiden aantallen zorgeenheden waarvoor de zorgaanbieder subsidie aanvraagt
- De locatie(s) waar de zorgeenheden zullen worden uitgevoerd
- Het (post)bankrekeningnummer waarop de subsidie moet worden overgemaakt (alleen voor niet-rechtspersonen bij eerste aanvraag)
Alleen aangewezen zorgaanbieders kunnen subsidie aanvragen. Subsidie voor zorgeenheden wordt alleen verleend wanneer het Bureau jeugdzorg Fryslân een indicatiebesluit heeft vastgesteld.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule I. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsbepalingen II. AANVRAAG OM SUBSIDIE EN VERLENING VAN SUBSIDIE Artikel 2. Subsidiegrondslag Artikel 3. Aanvraag om subsidie Artikel 4. Verlening van subsidie Artikel 5. Weigeringsgrondslagen Artikel 6. Maximale omvang subsidiebijdrage III. VERPLICHTINGEN VAN DE SUBSIDIEONTVANGER Artikel 7. Administratie Artikel 8. Verzekeringen Artikel 9. Reserveringen Artikel 10. Vermogensvorming Artikel 11. Afschrijvingen IV. SUBSIDIEVASTSTELLING Artikel 12. De aanvraag tot vaststelling Artikel 13. De inhoudelijke verantwoording Artikel 14. De financiële verantwoording Artikel 15. Manier van vaststelling van de subsidie Artikel 16. Voorschotbetalingen V. OVERIGE BEPALINGEN Artikel 17. Experimenten Artikel 18. Steunfunctie Artikel 19. Vertrouwenspersoon Artikel 20. Uitvoeringsregeling VI. OVERGANGSREGELING Artikel 21. Overgangsregeling VII. SLOTBEPALINGEN Artikel 22. Hardheidsclausule Artikel 23. Slotbepalingen Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR74672 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR74672/1 sluiten Subsidieverordening Zorgaanbod Jeugdzorg Fryslân Geldend van 01-12-2010 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2010 Intitulé Subsidieverordening Zorgaanbod Jeugdzorg Fryslân SUBSIDIEVERORDENING ZORGAANBOD JEUGDZORG FRYSLÂN I. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. wet: de Wet houdende regeling van de aanspraak op, de toegang tot en de bekostiging van jeugdzorg (Staatsblad 2004 / 306); b. provinciaal beleidskader: het beleidskader, als bedoeld in artikel 31, eerste lid van de wet; c. uitvoeringsprogramma: het uitvoeringsprogramma jeugdzorg, als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de wet; d. zorgaanbieder: een aanbieder van zorg, of zijn rechtsvoorganger of –opvolger, als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder g, van de wet; e. doeluitkering zorgaanbod: een uitkering, als bedoeld in artikel 33, eerste lid onder b, van de wet; f. subsidieplafond: een subsidieplafond, als bedoeld in afdeling 4.2.2 van de Algemene wet bestuursrecht; g. tarief: het door Gedeputeerde Staten vastgestelde bedrag, bedoeld voor de financiering van een zorgeenheid; h. steunfunctie: een steunfunctie, als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder j, van de wet; i. experiment: een experiment, als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder k, van de wet; j. pleegzorg: de pleegzorg als bedoeld in artikel 22, eerste lid van de wet; k. vertrouwenspersoon: een vertrouwenspersoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder w, van de wet; l. uitvoeringsregeling: een door Gedeputeerde Staten vastgestelde Uitvoeringsregeling subsidiëring jeugdzorg; m. activiteitenverslag: het verslag als bedoeld in artikel 4:75 van de Algemene wet bestuursrecht; n. indicatiebesluit: een besluit als bedoeld in artikel 3, derde lid, van de wet; o. Minister: de Minister van Justitie en/of de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport p. Awb: de Algemene wet bestuursrecht; q. zorgeenheid: een eenheid van jeugdzorg waarop op grond van de wet en het besluit jeugdzorgaanspraken , aanspraak bestaat en die door Gedeputeerde Staten als eenheid voor bekostiging van jeugdzorgaanbod is aangewezen; r. Gedeputeerde Staten: het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân. II. AANVRAAG OM SUBSIDIE EN VERLENING VAN SUBSIDIE Artikel 2. Subsidiegrondslag 1. Gedeputeerde staten kunnen uitsluitend subsidie verlenen aan een door hen aangewezen zorgaanbieder. 2. Gedeputeerde Staten kunnen een zorgaanbieder als bedoeld in het eerste lid subsidie verlenen voor het uitvoeren van: a. één of meer zorgeenheden; b. experimenten. 3. De subsidie voor het uitvoeren van een zorgeenheid wordt bepaald op basis van een door Gedeputeerde Staten vastgesteld tarief per zorgeenheid. 4. De subsidie voor het uitvoeren van zorgeenheden als bedoeld in het tweede lid, sub a, wordt alleen verleend wanneer het Bureau jeugdzorg Fryslân voor het uitvoeren hiervan een indicatiebesluit heeft vastgesteld. 5. De op basis van een indicatiebesluit uit te voeren jeugdzorg komt alleen voor subsidie in aanmerking indien er een subsidierelatie bestaat tussen de zorgaanbieder en de provincie waarin de cliënt woonachtig is. 6. Gedeputeerde Staten kunnen afwijken van het in het vijfde lid bepaalde, wanneer zij dit noodzakelijk achten. 7. Afwijkingen als bedoeld in het zesde lid worden in de beschikking tot verlening van subsidie vastgelegd. Artikel 3. Aanvraag om subsidie 1. De zorgaanbieder dient vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidie betrekking heeft een aanvraag om subsidie in. 2. Gedeputeerde Staten kunnen voor deze aanvraag vormvoorschriften vaststellen. 3. In de aanvraag om subsidie wordt tenminste de volgende informatie opgenomen: a. de verschillende zorgeenheden waarop de aanvraag betrekking heeft; b. het bedrag waarvoor de zorgaanbieder de verschillende zorgeenheden wil uitvoeren; c. de onderscheiden aantallen zorgeenheden waarvoor de zorgaanbieder subsidie aanvraagt; d. de locatie(s) waar de zorgeenheden zullen worden uitgevoerd. 4. De aanvraag om subsidie gaat vergezeld van: a. het vigerende meerjaren beleidsplan voor de periode waarop de subsidie aanvraag betrekking heeft; b. een uitvoeringsplan voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd; c. de begroting van baten en lasten voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 5. Wanneer een aanvraag om subsidie onvolledig of niet conform het bepaalde in deze subsidieverordening is ingediend, dan zullen Gedeputeerde Staten , met in achtneming van artikel 4:5 van de Awb, aan de zorgaanbieder verzoeken om aanvullende informatie. 6. Wanneer een zorgaanbieder, niet zijnde een rechtspersoon, voor de eerste keer een subsidie aanvraagt dan gaat de aanvraag om subsidie, onverminderd het bepaalde in het derde en vierde lid, ook vergezeld van: a. een gewaarmerkte kopie van de akte van oprichting van de zorgaanbieder, bevattende haar statuten; b. een gewaarmerkte kopie van haar inschrijving in het Handelsregister, als bedoeld in artikel 2:289 van het Burgerlijk Wetboek; c. de laatst opgestelde balans en resultatenrekening (beide met toelichting), voorzien van een accountantsverklaring; d. het (post)bankrekeningnummer waarop de subsidie moet worden overgemaakt; e. voor Gedeputeerde Staten andere relevante gegevens. 7. Wanneer een zorgaanbieder een natuurlijke persoon is , conform het gestelde in artikel 18, tweede lid, van de wet, die niet eerder een aanvraag om subsidie heeft ingediend, dan kunnen Gedeputeerde Staten nadere regels stellen. Artikel 4. Verlening van subsidie 1. De beschikking tot verlening van subsidie vermeldt in ieder geval: a. de onderscheiden zorgeenheden waarop de subsidie betrekking heeft; b. het tarief per uit te voeren zorgeenheid als bedoeld in artikel 2, derde lid; c. de maximale subsidie voor de uitvoering van de zorgeenheden; d. de manier van verantwoording van de uitgevoerde zorgeenheden; e. de manier waarop de subsidie wordt vastgesteld. 2. Gedeputeerde Staten besluiten uiterlijk 13 weken na ontvangst over een aanvraag om subsidie, die conform de bepalingen van deze verordening is ingediend. 3. Gedeputeerde Staten kunnen bepalen dat van de in het tweede lid genoemde termijn wordt afgeweken. De zorgaanbieder wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld. Artikel 5. Weigeringsgrondslagen 1. Subsidie wordt geweigerd indien de aanvrager niet overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, eerste lid, is aangewezen. 2. Gedeputeerde staten kunnen de subsidie weigeren indien de zorgaanbieder niet voldoet aan de eisen die bij of krachtens de wet aan haar worden gesteld. Artikel 6. Maximale omvang subsidiebijdrage 1. Voor de uitvoering van de bepaling in artikel 2, tweede lid, kunnen Gedeputeerde Staten jaarlijks een subsidieplafond vaststellen. 2. Gedeputeerde Staten vermelden in het uitvoeringsprogramma het maximaal voor de financiering van zorgeenheden beschikbare bedrag. 3. Het totaal van de door Gedeputeerde Staten te verlenen subsidies voor zorgeenheden, bedraagt in geen geval meer dan het in het tweede lid bedoelde bedrag. 4. De subsidie als bedoeld in artikel 4 kan worden aangepast wanneer de doeluitkering wordt aangepast als gevolg van de ontwikkeling van de lonen en/of de prijzen of door overige maatregelen van het Rijk. III. VERPLICHTINGEN VAN DE SUBSIDIEONTVANGER Artikel 7. Administratie 1. De administratie wordt zo gevoerd dat op ieder moment een betrouwbaar beeld ontstaat over het functioneren van de zorgaanbieder op de volgende punten: a. gegevens over de cliënten; b. gegevens over de uitgevoerde zorgeenheden; c. financiële gegevens. 2. Het boekjaar van de zorgaanbieder is gelijk aan het kalenderjaar. 3. Van alle financiële mutaties moeten schriftelijke bewijsstukken en onderbouwingen van berekeningen aanwezig zijn. Artikel 8. Verzekeringen De zorgaanbieder aan wie een subsidie is verleend, zorgt voor een voldoende verzekering tegen de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid, brand, diefstal en andere vergelijkbare risico’s. Artikel 9. Reserveringen 1. Reserveringen kunnen onderdeel zijn van de bedrijfsvoering en kunnen plaatsvinden conform goed gebruik in het economisch verkeer c.q. nadere bepalingen in de Uitvoeringsregeling. 2. Exploitatieoverschotten worden toegevoegd aan een subsidie-egalisatiereserve. 3. Het in een jaar gerealiseerde exploitatietekort, dat resteert na verrekening van de provinciale subsidie, wordt gedekt uit de in lid 2 genoemde reserve. Indien deze reserve niet toereikend is dan dient het resterende tekort in een termijn van maximaal 5 jaren ten laste van de exploitatie te worden afgeschreven. Deze afschrijvingen leiden in beginsel niet tot extra subsidiëring. 4. De subsidie-egalisatiereserve bedraagt maximaal 10 % van de voor dat jaar vastgestelde provinciale subsidie. 5. Gedeputeerde Staten kunnen aanvullende regels stellen over de besteding van de subsidie-egalisatiereserve. Artikel 10. Vermogensvorming 1. Reserves, die met provinciale subsidie zijn opgebouwd mogen alleen worden besteed aan kosten die direct verband houden met de uitoefening van de taken van de zorgaanbieder voor zover deze niet bestreden kunnen worden uit de voor dat jaar verleende subsidie. 2. Wanneer de gesubsidieerde activiteiten worden beëindigd is de zorgaanbieder verplicht het met provinciale subsidie opgebouwde vermogen onmiddellijk terug te betalen aan Gedeputeerde Staten. Artikel 11. Afschrijvingen Afschrijvingslasten vormen een onderdeel van het exploitatieresultaat en worden berekend op basis van de Uitvoeringsregeling of bij het ontbreken daarvan op basis van goed gebruik in het economische verkeer. IV. SUBSIDIEVASTSTELLING Artikel 12. De aanvraag tot vaststelling 1. De zorgaanbieder dient uiterlijk op 1 april van het jaar, volgend op het jaar waarover subsidie is verleend, bij Gedeputeerde Staten een aanvraag in tot vaststelling van de subsidie in te dienen. 2. De aanvraag tot vaststelling gaat vergezeld van een inhoudelijke en financiële verantwoording over de besteding van de subsidie. Artikel 13. De inhoudelijke verantwoording 1. De inhoudelijke verantwoording over de besteding van de subsidie als bedoeld in artikel 12, tweede lid, wordt gegeven in een activiteitenverslag. 2. Het activiteitenverslag bevat tenminste gegevens over de realisatie van het bij de aanvraag om subsidie inge […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.