Subsidieregeling Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG)
Gedeputeerde Staten van de Provincie Groningen
Voor ondernemingen, kennisinstellingen en samenwerkingsverbanden die bijdragen aan kennis- en innovatietrajecten in de waterstofsector in Groningen.
Ook bekend als NPG, Waterstof kennisontwikkeling innovatie
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling van Groningen ter stimulering van kennis- en innovatieactiviteiten op het gebied van waterstof. De regeling beoogt samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven te bevorderen en kennisinstellingen structureel te versterken op het gebied van waterstof.
Voor wie is het bedoeld?
Voor ondernemingen, kennisinstellingen en samenwerkingsverbanden die bijdragen aan kennis- en innovatietrajecten in de waterstofsector in Groningen.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Onderzoeksprojecten en modellering op het gebied van koolstofarme waterstof
- Ontwikkeling van innovatieve technologieën en processen gericht op de waterstofketen
- Versterking van regionale kennisinfrastructuur voor waterstofonderzoek
Voorwaarden
- Minimaal 50% financiële bijdrage van aanvragende partij(en)
- Project moet technisch en organisatorisch haalbaar zijn
- Project moet aantoonbaar bijdragen aan provinciale doelstellingen op het gebied van waterstofontwikkeling en verduurzaming
- Minimaal 70 punten bij beoordeling
- Naleving van staatssteunregels (AGVV en De-minimisverordening)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“De aanvragende partij(en) draagt minimaal 50% bij aan de kosten van het project.”
Toon brontekst
Subsidieregeling Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG) GEDEPUTEERDE STATEN VAN DE PROVINCIE GRONINGEN Overwegende dat: - in het startdocument en het programmakader van het Nationaal Programma Groningen de ambitie is uitgesproken om de energietransitie versnellen en in de provincie Groningen in 2035 voor een groot deel de gebouwde omgeving aardgasvrij te hebben; - Provinciale Staten hebben ingestemd met het uitvoeringsprogramma "Programmalijn Energie 2024-2025"; - in het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2050 de CO2 emissies zijn gereduceerd tot nul; - in De Klimaatagenda Provincie Groningen 2030 is vastgesteld dat we als provincie een waterstofecosysteem willen faciliteren waarin voldoende koolstofarme waterstof beschikbaar is om de Groningse industrie te verduurzamen. Om dit doel te bereiken is het noodzakelijk dat er waterstofketens worden ontwikkeld, zodat er vraag en aanbod van waterstof ontstaat. Daarbij is ook nieuwe kennis en innovatie nodig om nieuwe ontwikkelingen op het gebied van waterstof te faciliteren; - ook in de Economische Visie van de provincie Groningen wordt herkend dat onze provincie aantrekkelijk is als vestgingslocatie voor een waterstofecosysteem. Hierbij wordt ook het uitgangspunt genoemd dat de sector investeert in duurzame inzetbaarheid en scholing, onder andere in een waterstofcampus. Door in te zetten op o.a. kennis en innovatie, willen we ervoor zorgen dat onze bedrijvigheid toekomstbestendig is. Daarbij is het doel om nieuwe verbindingen te leggen, in het bijzonder ook tussen de kennisinstellingen en de bedrijven en in het innovatie ecosysteem als geheel. Deze regeling is opgesteld om ontwikkelingen op het gebied van kennis en innovatie te stimuleren. Gelet op: - titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; - artikel 3 van de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017; - de Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018. Besluiten: Vast te stellen de: Subsidieregeling Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG) Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - Algemene Groepsvrijstellingsverordening of AGVV: Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, laatstelijk gewijzigd bij Verordening EU 2023/1315 van de Commissie van 23 juni 2023. - Awb: Algemene wet bestuursrecht; - De-minimisverordening: Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun; - Duurzaamheid: het gebruik van technologieën, processen en energiebronnen die een significante bijdrage leveren aan de vermindering van milieu- en klimaateffecten, zoals CO₂-reductie, efficiënt gebruik van natuurlijke hulpbronnen en minimalisatie van afvalstromen; - Kaderverordening: Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017; - Onderneming: een eenheid die een economische activiteit uitoefent met rechtspersoonlijkheid en die bijdraagt aan de kennis- en innovatietrajecten in de waterstofsector; - Penvoerder: De partij binnen een samenwerkingsverband die als hoofdaanvrager optreedt bij de subsidieaanvraag. De penvoerder is verantwoordelijk voor de coördinatie, uitvoering en administratieve afhandeling van het project en fungeert als aanspreekpunt voor de subsidieverstrekker; - Procedureregeling: Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018; - Provincie: provincie Groningen; - Samenwerkingsverband: overeengekomen samenwerking die geen rechtspersoonlijkheid bezit, bestaand uit ten minste twee partijen, die is opgericht ten behoeve van de uitvoering van projectactiviteiten die bijdragen aan kennis- en innovatietrajecten in de waterstofsector; - SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Artikel 2 Doel Het doel van de regeling is stimuleren van kennis en innovatie gerelateerde activiteiten op het gebied van waterstof in de provincie Groningen door kennis over waterstof te vergroten, te verspreiden en te borgen in de regio. De regeling beoogt samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven te bevorderen en kennisinstellingen structureel te versterken op het gebied van waterstof. Artikel 3 Doelgroep 1.. Subsidie kan worden aangevraagd door een: - Onderneming; - Kennisinstelling; - Publiekrechtelijke rechtspersoon; - Samenwerkingsverband. 2.. In het geval van een Samenwerkingsverband wordt subsidie aangevraagd door de Penvoerder van het Samenwerkingsverband en draagt het project aantoonbaar de instemming van alle deelnemers van het Samenwerkingsverband. Artikel 4 Subsidievorm Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze regeling subsidies in de vorm van een geldbedrag. Artikel 5 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor experimentele of industriële onderzoeksprojecten (waaronder modellering) op het gebied van koolstofarme waterstof. 2.. Subsidie kan worden verstrekt voor een experimentele of industriële ontwikkeling van innovatieve technologieën en processen gericht op de waterstofketen. 3.. Subsidie kan worden verstrekt voor het opzetten van trainingen en onderwijsprogramma's gericht op waterstof. 4.. Subsidie kan worden verstrekt voor ontwikkeling van stageplekken bij bedrijven actief in de waterstofindustrie. 5.. Subsidie kan worden verstrekt voor investeringen in waterstofonderzoeksfaciliteiten. Artikel 6 Weigeringsgronden Onverminderd de artikelen 4:25 en 4:35 Awb en de artikelen 2.5 en 2.6 van de Procedureregeling wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien: - het project niet past binnen de beleidsdoelstellingen van de provincie zoals weergegeven in de Economische visie en de Klimaatagenda 2030 van de provincie Groningen; - de aanvrager van de subsidie niet behoort tot de in artikel 3 vermelde doelgroep van deze regeling; - het project niet uitvoerbaar of financieel niet haalbaar is binnen de huidig geldende marktomstandigheden; - er geen sprake is van subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 5; - het project niet voldoet aan de in artikel 7 tot en met artikel 8 gestelde criteria en eisen; - subsidieverstrekking tot gevolg zou hebben dat, gelet op artikel 8 van de AGVV, één of meer van de in artikel 4, eerste lid, van de AGVV genoemde aanmeldingsdrempels of de op grond van de AGVV toepasselijke maximale steunintensiteit zou worden overschreden; - het een Onderneming of een deelnemer van het Samenwerkingsverband betreft tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard; - de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat:subsidie verstrekt zou worden aan een Onderneming of een deelnemer van het Samenwerkingsverband die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of;de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in artikel 6 van de AGVV. Artikel 7 Subsidievereisten Om voor subsidie als bedoeld in artikel 5 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: - de aanvrager maakt in de aanvraag aannemelijk dat de te subsidiëren activiteiten zoals genoemd in artikel 5 baten hebben die hoofdzakelijk landen in de provincie Groningen; - het project voldoet aan de randvoorwaarden van Duurzaamheid. Artikel 8 Beoordelingscriteria 1.. Om subsidie te verlenen moet een aanvraag een minimaal aantal punten halen en voldoen aan alle knock out criteria. Het minimale aantal punten verschilt per activiteit: - activiteiten als bedoeld in artikel 5, eerste, tweede en vijfde lid dienen minimaal 70 punten te behalen; - activiteiten als bedoeld in artikel 5, derde lid dienen minimaal 40 punten te behalen; - activiteiten als bedoeld in artikel 5, vierde lid dienen minimaal 23 punten te behalen. 2.. Aanvragen worden beoordeeld op basis van de volgende criteria: - uitvoerbaarheid (knock out)Technische en organisatorische haalbaarheid: Uit de aanvraag moet blijken dat het project technisch haalbaar is. Dit omvat een duidelijke onderbouwing van de technische aanpak, inclusief gebruikte technologieën en processen. Daarnaast moet de organisatorische structuur van het project goed gepland en navolgbaar zijn, met heldere rollen en verantwoordelijkheden.Financiële stabiliteit van projectpartners: In de aanvraag moet navolgbaar worden beargumenteerd dat alle betrokken partners over voldoende financiële middelen en operationele capaciteit beschikken om het project succesvol uit te voeren.Risicobeheersing: De aanvraag moet een gedetailleerde risicobeoordeling bevatten, waarin de belangrijkste risico’s zijn geïdentificeerd. Tevens moet worden onderbouwd welke maatregelen worden genomen om deze risico’s te mitigeren; - relevantie voor beleidsdoelen (knock out)Dit criterium geldt niet voor artikel 5, vierde lid.Aansluiting bij provinciale doelstellingen: Uit de aanvraag moet blijken dat het project concreet bijdraagt aan de beleidsdoelstellingen van de provincie Groningen op het gebied van waterstofkennis en -innovatie. Dit verband moet helder en aantoonbaar worden uitgelegd.En:Impact op regionale ontwikkeling: In de aanvraag moet navolgbaar worden beargumenteerd hoe het project bijdraagt aan de economische en technologische ontwikkeling binnen de provincie Groningen. Hierbij ligt de nadruk op duurzame groei en de versterking van de regionale waterstofsector; - financiële bijdrage (knock out)Eigen bijdrage van de aanvrager: Uit de aanvraag moet blijken dat de aanvrager minimaal 50% van de totale projectkosten (in-kind) cofinanciert. Deze (in-kind) cofinanciering moet duidelijk en aantoonbaar worden onderbouwd in de begroting bij de aanvraag; - innovativiteit (25 punten)Dit criterium geldt niet voor de activiteit als bedoeld in artikel 5, derde en vierde lid.Nieuwheid van de voorgestelde oplossingen: In de aanvraag moet navolgbaar worden aangetoond dat de voorgestelde technologieën, methoden of processen innovatief zijn en een duidelijke vooruitgang vormen ten opzichte van de huidige stand van zaken in de waterstofsector.Originaliteit: De aanvraag moet beargumenteren hoe het project nieuwe kennis, methoden of vaardigheden genereert die waardevol zijn voor de waterstofsector en de bredere energietransitie; - samenwerking en kennisdeling (25 punten)Samenwerkingsverbanden: De aanvraag moet duidelijk maken welke kennisinstellingen en bedrijven betrokken zijn bij het project en hoe deze partijen samenwerken. Het belang en de kwaliteit van deze samenwerking moeten navolgbaar worden beargumenteerd.Kennisoverdracht: Uit de aanvraag moet blijken hoe het project bijdraagt aan kennisdeling, bijvoorbeeld via workshops, publicaties of sector brede platforms. De inzet en impact van deze activiteiten moeten concreet worden beschreven.Stageplaatsen en onderwijs: De aanvraag moet aangeven hoeveel stageplaatsen en/of onderwijsprogramma’s worden ontwikkeld, en welke bijdrage deze leveren aan de ontwikkeling van de benodigde vaardigheden in de sector; - versterking van kennisinstellingen (25 punten) Dit criterium geldt niet voor de activiteit als bedoeld in artikel 5, vierde lid.Versterking van de kennisinfrastructuur: De aanvraag moet aantonen hoe het project bijdraagt aan de verbetering van de kennisinfrastructuur van betrokken kennisinstellingen, bijvoorbeeld door nieuwe faciliteiten of onderzoekscapaciteit te creëren.Ondersteuning van onderwijs en onderzoek: In de aanvraag moet navolgbaar worden beschreven hoe het project bijdraagt aan de versterking van onderwijsprogramma’s en/of wetenschappelijk onderzoek op het gebied van waterstof; - duurzaamheid en lange termijn impact (10 punten) Dit criterium geldt niet voor de activiteit als bedoeld in artikel 5, derde en vierde lid.Milieueffecten: Uit de aanvraag moet blijken hoe het project bijdraagt aan een duurzame energietransitie. Dit omvat een concret […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.