Gesloten

Investeren in groen-economisch herstel

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)

Wat is de Investeren in groen-economisch herstel?

Investeren in groen-economisch herstel is een subsidie van RVO voor landbouwers die investeren in verduurzaming van hun bedrijf, bijvoorbeeld met een plaatsspecifieke spuitmachine of andere investeringen uit een vaste lijst van 38 soorten investeringen in 5 categorieën. De subsidie vergoedt een deel van de investeringskosten, met een hoger percentage voor jonge landbouwers. Bij te veel aanvragen binnen een categorie wordt gerangschikt op duurzaamheid van de investering.

Wie komt in aanmerking voor de Investeren in groen-economisch herstel?

Investeren in groen-economisch herstel is bedoeld voor landbouwers die hun bedrijf duurzamer willen maken. Jonge landbouwers (een bedrijfshoofd jonger dan 41 jaar op het moment van de subsidieaanvraag) komen in aanmerking voor een hoger subsidiepercentage. Dit kan ook als de andere bedrijfshoofden 41 jaar of ouder zijn. Voor jonge landbouwers die geen eenmanszaak zijn, geldt daarnaast een eis van blokkerende en langdurige zeggenschap in het bedrijf, die aangetoond moet worden met bijlagen die passen bij de ondernemingsvorm (maatschap, vof, cv of bv).

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een landbouwbedrijf
Je sector valt onder SBI 01
De definitieve beoordeling ligt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Waarvoor krijg je subsidie?

Je kunt subsidie krijgen voor investeringen uit een vaste lijst van 38 soorten investeringen, verdeeld over 5 categorieën:

  • Categorie A: Precisielandbouw en Smart farming (bijvoorbeeld systemen voor precisiebemesting, precisieberegening of precisiegewasbescherming, zoals een plaatsspecifieke spuitmachine).
  • Categorie B: Digitalisering (bijvoorbeeld digitale voorzieningen voor weidegang, beslissingsondersteunende softwaresystemen, robots voor duurzame bestrijding).
  • Categorie C: Water, droogte, verzilting (bijvoorbeeld peilgestuurde drainage, waterberging en -opvang, stuwen).
  • Categorie D: Duurzame bedrijfsvoering (bijvoorbeeld elektrische voertuigen voor landbouwwerkzaamheden, klimaatbestendige fruitteelt, potstallen).
  • Categorie E: Natuurinclusieve landbouw en kringlooplandbouw (bijvoorbeeld mengteelten zoals strokenteelt, machines tegen bodemverdichting, hooidrooginstallaties).

Per soort investering staat in de lijst met investeringen precies welke kosten wel en niet subsidiabel zijn; dit verschilt sterk per investering. Enkele voorbeelden van uitsluitingen: bij precisiebemesting is de tractor waaraan het systeem wordt gekoppeld niet subsidiabel, bij mestvergisting is een eventuele mestscheidingsinstallatie een aparte investering, en abonnementen op software-updates en servicecontracten zijn bij meerdere digitale investeringen niet subsidiabel (behalve als ze onlosmakelijk verbonden zijn met de investering en noodzakelijk zijn voor het functioneren ervan).

Voor een deel van de investeringen geldt een vaste eenheidsprijs in plaats van de werkelijke kosten, bijvoorbeeld:

  • Fertigatie unit met controller en doseersysteem: € 13.200,-.
  • Drukgecompenseerde fertigatie druppelslang: € 0,71 per meter.
  • Ondergrondse drukgecompenseerde fertigatie druppelslang: € 1,01 per meter.
  • Weerstation inclusief windmeter, regenmeter en sensoren: € 2.180,-.
  • Elektrische heftruck (48V, hefcapaciteit vanaf 2.000 kg, accupakket vanaf 625Ah, inclusief lader): € 29.750,-.
  • Ecoploeg met 7 scharen: € 19.350,-. Met 8 scharen: € 23.400,-. Met 9 of 10 scharen: € 28.000,-.

Voor de investering in een waterbassin voor hemelwateropvang geldt geen vaste eenheidsprijs uit de lijst, maar wordt een vaste prijs (lump sum) bepaald op basis van de door jou opgegeven en door RVO beoordeelde kosten. Vraag je subsidie aan voor dit waterbassin, dan mag je geen subsidie voor een tweede investering aanvragen.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt subsidie over de totale investeringskosten. Het standaardpercentage is 60% van de subsidiabele kosten. Jonge landbouwers (bedrijfshoofd jonger dan 41 jaar) kunnen 75% van de subsidiabele kosten krijgen, ook als andere bedrijfshoofden 41 jaar of ouder zijn.

Bedragen:

  • Minimaal subsidiebedrag per aanvraag: € 25.000. Vraag je voor meerdere investeringen subsidie aan, dan geldt dit minimum voor het totaal.
  • Maximaal subsidiebedrag: € 150.000, ook als dit de som is van meerdere investeringen.
  • Werk je met een eenheidsprijs (vaste prijs per investering), dan geldt geen minimaal subsidiebedrag. Het subsidiepercentage van 60% of 75% wordt berekend over de eenheidsprijs, niet over je werkelijke kosten. Zijn je werkelijke kosten hoger of lager, dan verandert het subsidiebedrag niet.
  • Vraag je subsidie aan voor een investering zonder eenheidsprijs naast een investering met eenheidsprijs, dan moet je totale subsidiebedrag wel minimaal € 25.000 zijn.
  • Voor het waterbassin voor hemelwateropvang geldt een vaste prijs (lump sum) op basis van de beoordeelde kosten in je aanvraag, met hetzelfde percentage van 60% of 75%. Wijzigingen in de werkelijk gemaakte kosten bij vaststelling passen dit bedrag niet aan. Ook hiervoor geldt geen minimaal subsidiebedrag.

Het totale budget wordt in gelijke bedragen verdeeld over de 5 investeringscategorieën.

Wat zijn de voorwaarden van de Investeren in groen-economisch herstel?

De belangrijkste eisen en beoordelingscriteria zijn:

  • Rangschikking op duurzaamheid: is er binnen een investeringscategorie niet genoeg budget voor alle aanvragen, dan worden aanvragen gerangschikt op duurzaamheidsscore. Elke soort investering heeft een vast aantal duurzaamheidspunten (te vinden in de lijst met investeringen). Vraag je voor twee soorten investeringen binnen dezelfde categorie subsidie aan, dan wordt het gemiddelde van beide scores berekend. Vraag je voor investeringen in verschillende categorieën aan, dan wordt de score per categorie apart berekend, omdat het budget ook per categorie is verdeeld. Is er na de rangschikking op duurzaamheid nog budget over, dan wordt met loting bepaald wie nog subsidie kan krijgen.
  • Voor bepaalde investeringen (categorieën C2, C4, D2 en D3) is een vergunning nodig. Deze moet niet al bij de aanvraag aanwezig zijn, maar wel al aangevraagd zijn: je toont dit aan met een bewijs van start van de vergunningsprocedure. De vergunning zelf moet je wel in bezit hebben op het moment dat je vaststelling aanvraagt.
  • Beoordeel je kosten die hoger liggen dan gangbare marktprijzen? Dan moet je dit onderbouwen met bewijs van de leverancier. Zonder onderbouwing worden deze kosten niet als redelijk gezien en krijg je hierover geen subsidie.
  • Wijken je subsidiabele kosten later meer dan 25% af van de kosten waarvoor je subsidie kunt krijgen, dan moet je dit melden als wijziging.
  • Een wijzigingsverzoek mag niet leiden tot een hoger subsidiebedrag dan verleend, en niet tot een duurzaamheidscore die zo laag wordt dat de aanvraag alsnog wordt afgewezen (dit laatste alleen als er niet genoeg budget is binnen de categorie).

Hoe vraag je de Investeren in groen-economisch herstel aan?

Je vraagt de subsidie zelf aan als landbouwer, eventueel via een gemachtigde. Voordat je een opdracht aan een leverancier geeft, moet je eerst de subsidieaanvraag hebben verstuurd; doe je dit eerder, dan krijg je voor die investering geen subsidie.

Verplichte bijlagen bij de aanvraag:

  • Offerte(s) van de investering(en), met alle kosten uitgesplitst per investering. Zijn niet alle kosten in de offerte uitgesplitst, dan geef je in de aanvraag zelf aan voor welke kosten je subsidie aanvraagt.
  • Bewijs van de start van een vergunningsprocedure (zoals een ontvangstbevestiging), als een vergunning verplicht is voor de investering.
  • Bewijs van blokkerende zeggenschap, alleen voor jonge landbouwers die subsidie van 75% aanvragen en geen eenmanszaak zijn. Afhankelijk van de ondernemingsvorm:
  • Maatschap, vof of cv: de meest recente, complete overeenkomst of akte, ondertekend door alle maten of vennoten.
  • Bv: de notariële akte van oprichting met aandelenregister, ondertekend door de notaris, plus de overdracht van aandelen.
  • Eenmanszaak: geen overeenkomst of akte nodig; als het aanvraagformulier toch een bijlage verplicht, kan een KVK-overzicht of desnoods een leeg pdf-document worden geüpload.

Bij hogere kosten dan gangbare marktprijzen stuur je daarnaast bewijs van de leverancier mee met een onderbouwing.

Is er binnen een categorie niet genoeg budget voor alle aanvragen, dan worden aanvragen gerangschikt op duurzaamheidsscore; de meest duurzame aanvragen krijgen voorrang, en bij resterend budget wordt geloot onder de overige aanvragen.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

RVO beoordeelt de aanvragen na de aanvraagperiode, eerst op volledigheid en duidelijkheid, en bij te veel aanvragen binnen een categorie op duurzaamheidsscore. Je krijgt een digitale brief met de beslissing, waarin ook staat hoeveel subsidie je kunt krijgen; ook bij een afwijzing krijg je altijd een beslissing.

Er is geen voorschot of deelbetaling mogelijk: je betaalt de investeringskosten eerst zelf.

Na goedkeuring gelden deze verplichtingen:

  • Je rondt de investering(en) af binnen de door RVO gestelde termijn en vraagt daarna binnen 13 weken na de einddatum van je project vaststelling van de subsidie aan.
  • Belangrijke wijzigingen (in de investering, de looptijd, of onvoorziene situaties, of een afwijking van meer dan 25% in de subsidiabele kosten) geef je zo snel mogelijk door. Dit kan alleen na de beslissing op je aanvraag. RVO beoordeelt een wijzigingsverzoek binnen 8 weken.
  • Na vaststelling geldt een instandhoudingsplicht: je houdt de investering gebruiksklaar, in Nederland en binnen het landbouwbedrijf of bij de jonge landbouwer, tot en met 5 jaar na de subsidievaststelling. Houd je de investering niet (volledig) in stand, dan wordt de subsidie verlaagd over de periode van niet-instandhouding en teruggevorderd. Bij faillissement zonder fraude geldt deze plicht niet.
  • Vervang je een investering, dan moet de vervangende investering minstens even duurzaam zijn; ook dit meld je aan RVO.
  • Geef je een wijziging niet door en blijkt bij vaststelling dat het project niet (op tijd) is uitgevoerd, dan kan naast een lager subsidiebedrag ook een sanctie (extra verlaging) volgen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Investeren in groen-economisch herstel. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.