Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Regeling subsidie peuteropvang en voorschoolse educatie Land van Cuijk 2025

Gemeente Land van Cuijk

Voor kindercentra en aanbieders van voorschoolse educatie in Land van Cuijk die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor kindercentra in Land van Cuijk voor peuteropvang en voorschoolse educatie (VE) voor peuters van 2 tot 4 jaar. Subsidie voor verschillende categorieën peuters (met/zonder kinderopvangtoeslag, met/zonder VVE-indicatie), pedagogische beleidsmedewerkers, zware doelgroep locaties en kleine kernen. Aanvragen uiterlijk 1 december voor het daaropvolgende jaar.

Voor wie is het bedoeld?

Voor kindercentra en aanbieders van voorschoolse educatie in Land van Cuijk die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar.

KindercentrumAanbieder_voorschoolse_educatie

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor peuteropvang zonder kinderopvangtoeslag
  • Subsidie aanvragen voor peuteropvang met kinderopvangtoeslag
  • Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie
  • Subsidie aanvragen voor pedagogische beleidsmedewerker VE
  • Subsidie aanvragen voor zware doelgroep locaties
  • Subsidie aanvragen voor VE in kleine kernen

Voorwaarden

  • Houder moet een kindercentrum exploiteren in gemeente Land van Cuijk
  • Kindercentrum moet opgenomen zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
  • Voor VE: aanbieder moet een gecertificeerde voorschoolse voorziening zijn
  • Voor kleine kernen: maximaal één VE-aanbieder per kern, geen wachtlijsten, aantoonbaar exploitatietekort
  • Peuteropvang zonder KOT: maximaal 8 uur per week, maximaal 40 weken per jaar (320 uur/jaar)
  • Voorschoolse educatie zonder KOT: maximaal 16 uur per week, maximaal 40 weken per jaar (640 uur/jaar)
  • Aanvraag uiterlijk 1 december voor daaropvolgende jaar (kleine kernen: 1 maart)

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kindercentrum of aanbieder_voorschoolse_educatie
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Land van Cuijk.

Zo vraagt u aan

Zoals beschreven door de verstrekker. Onvolledig? Controleer altijd het officiële loket.

Aan te leveren gegevens

  • Aantallen KOT, niet-KOT, VVE indicatie, niet VVE indicatie voor de peilmaand (november)

Aanvragen uiterlijk 1 december voor het daaropvolgende jaar.

Openstellingen en rondes

Er is op dit moment geen open ronde.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Regeling subsidie peuteropvang en voorschoolse educatie Land van Cuijk 2025
    Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Land van Cuijk;
    Gelet op:
    - Titel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht;
    - artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Land van Cuijk 2025;
    Besluit:
    vast te stellen de navolgende regeling subsidie peuteropvang en voorschoolse educatie Land van Cuijk 2025.
    
    Artikel 1 Wat wordt verstaan onder?
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Aanvrager: houder die een kindercentrum exploiteert in de gemeente Land van Cuijk.
    - Aanvraagformulier: aanvraagformulier subsidie peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente Land van Cuijk. In het aanvraagformulier worden de aantallen KOT, niet-KOT, VVE indicatie, niet VVE indicatie voor de peilmaand ingevuld.
    - Aanbieder: de aanbieder van een gecertificeerde voorschoolse voorziening.
    - ASV: de Algemene subsidieverordening Land van Cuijk.
    - Awb: Algemene wet bestuursrecht.
    - College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Land van Cuijk.
    - Doelgroep: peuters in de leeftijd van 2 tot 4 jaar.
    - Doelgroeppeuter: een peuter met een VVE-indicatie afgegeven door de Jeugdgezondheidszorg die een peuteropvangplaats heeft op een gecertificeerde voorschoolse voorziening, die in het LRK is opgenomen en daarin geregistreerd is als dagopvang.
    - JGZ: jeugdgezondheidszorg.
    - Houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een kindercentrum exploiteert.
    - Inkomensverklaring: (voorheen IB60 verklaring) een officiële verklaring van de Belastingdienst met de inkomensgegevens (geregistreerd inkomen) van de ouder over een bepaald belastingjaar.
    - Kindercentrum: een voorziening waar kinderopvang van een kind plaats vindt, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en dat is opgenomen in het landelijk register kinderopvang.
    - Kinderopvang: de opvang van kinderen in de zin van de Wet kinderopvang.
    - KOT: de kinderopvangtoeslag zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang.
    - Kleine kern: een dorp, bestaande uit een woonkern en kerngebied, met minder dan 5000 inwoners.
    - LRK: Landelijk Register Kinderopvang.
    - Niet-KOT: ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag.
    - Normtarief: het landelijke vastgestelde maximale uurtarief voor kinderopvangtoeslag.
    - Opslag: een opslag per uur voor de kwaliteitseisen voor VE die bovenop de wettelijk eisen vanuit de Wet kinderopvang worden gesteld. Dit betekent een gelijk subsidietarief voor peuters met KOT, niet-KOT, VVE indicatie, niet VVE indicatie wanneer ze gebruik maken van hetzelfde kwalitatieve VE-aanbod.
    - Ouder: persoon met ouderlijk gezag.
    - Ouderbijdrage: een inkomensafhankelijke bijdrage die ouders betalen voor de VE- en peuteropvang uren die zij afnemen.
    - Pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie: de HBO coach/pedagogische beleidsmedewerker op de VVE-groep zoals bedoeld in artikel 2a van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
    - Pedagogische medewerker: degene die werkzaam is bij een aanbieder, bezoldigd is en belast is met de verzorging opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen en die voldoet aan de opleidingseisen.
    - Peilmaand: de maand november voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
    - Peuteropvang: een vorm van kinderopvang waar ontwikkelingsgericht aanbod wordt aangeboden aan peuters van 2 tot 4 jaar.
    - Reguliere peuters: kinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar zonder VVE-indicatie.
    - Toezichthouder: de toezichthouder als bedoeld in artikel 1.61 van de Wet kinderopvang.
    - Voorschoolse Educatie (VE): voor kinderen vanaf 2 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin aan de hand van een erkend VVE-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling.
    - VVE-indicatie: indicatie afgegeven door Jeugdgezondheidszorg op basis van de doelgroep definitie Land van Cuijk waaruit blijkt dat het kind, dat deze indicatie krijgt, gebaat is bij en recht heeft op voorschoolse educatie.
    - VE-peuteropvang: kortdurende opvang met voorschoolse educatie in een gecombineerde VE-groep waarin doelgroeppeuters en reguliere peuters een aanbod ontvangen.
    - VE-locatie: een locatie met VE-peuteropvang.
    - VE-uurtarief: het vastgestelde rijksnormtarief voor de kinderopvang plus de opslag voor de VVE kwaliteit die het college per uur betaalt.
    - VNG-adviestabelouderbijdrage peuteropvang: de adviestabel van de VNG die de hoogte bepaalt van de ouderbijdrage op basis van de hoogte van het (gezamenlijke) toetsingsinkomen.
    - Zware doelgroep locatie: een VE-locatie met meer dan 50% doelgroep peuters op locatieniveau. Dit betreft de verhouding op basis van unieke kinderen in november voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
    
    Artikel 2 Waarop is deze subsidieregeling van toepassing?
    Deze subsidieregeling heeft als doel dat peuters gebruik kunnen maken van een kwalitatief hoogwaardig aanbod van peuteropvang en voorschoolse educatie.
    Voor de volgende activiteiten kan subsidie worden aangevraagd:
    - Peuteropvang voor peuters waarvan de ouder(s) géén recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst.
    - Peuteropvang voor peuters waarvan de ouder(s) recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst.
    - Voorschoolse educatie voor peuters waarvan de ouder(s) géén recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst.
    - Voorschoolse educatie voor peuters waarvan de ouder(s) recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst.
    - Pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie.
    - Zware doelgroep voorschoolse educatie.
    - Kleine kernen voorschoolse educatie.
    
    Artikel 3 Wie kan deze subsidie aanvragen?
    De subsidie wordt aangevraagd door de houder van een kindercentrum dat is gevestigd in de gemeente Land van Cuijk en dat is geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang.
    
    Artikel 4 Welke criteria zijn van toepassing?
    
    Artikel 4.1. Peuteropvang voor peuters waarvan de ouder(s) géén recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst
    1..
    Een aanbod aan peuters waarbij het college maximaal 8 uur per week subsidieert, gedurende maximaal 40 weken per jaar tot maximaal 320 uur per jaar.
    2..
    Indien deze peuter een aanbod ontvangt in een gecombineerde peutergroep met VE dan subsidieert het college een opslag per uur voor maximaal 8 uur, gedurende maximaal 40 weken per jaar tot maximaal 320 uur per jaar.
    3..
    De subsidie start met ingang van de datum waarop de peuter start op de peuteropvang.
    4..
    De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de peuteropvang verlaat. Het college kan de mogelijkheid bieden tot verlenging van het VE en peuteraanbod in de zomervakantie na het bereiken van de leeftijd van 4 jaar tot de start op de vroegschool. Verlenging langer dan deze 6 weken is op basis van het advies van het Samenwerkingsverband PO.
    5..
    De subsidie kan ook aangevraagd worden voor een gecombineerde VE-peutergroep (2-4 jaar) in de dagopvang voor de 4 categorie peuters bij artikel 2 sub 1 t/m 4. De maximale groepsgrootte is 16 kinderen.
    
    Artikel 4.2. Peuteropvang voor peuters waarvan de ouder(s) recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst
    1..
    Een aanbod aan peuters in een gecombineerde peutergroep met VE indien deze peuters gebruik maken van hetzelfde kwalitatieve VVE aanbod. Het college subsidieert hiervoor een opslag voor maximaal 8 uur per week, gedurende maximaal 40 weken per jaar tot maximaal 320 uur per jaar.
    2..
    De subsidie start met ingang van de datum waarop de peuter start op de peuteropvang.
    3..
    De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de peuteropvang verlaat. Het college kan de mogelijkheid bieden tot verlenging van het VE en peuteraanbod in de zomervakantie na het bereiken van de leeftijd van 4 jaar tot de start op de vroegschool. Verlenging langer dan deze 6 weken is op basis van het advies van het Samenwerkingsverband PO.
    4..
    De subsidie kan ook aangevraagd worden voor een gecombineerde VE-peutergroep (2-4 jaar) in de dagopvang voor de 4 categorie peuters bij artikel 2 sub 1 t/m 4. De maximale groepsgrootte is 16 kinderen.
    
    Artikel 4.3. Voorschoolse educatie voor peuters waarvan de ouder(s) géén recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst
    1..
    Een aanbod aan peuters waarbij het college maximaal 16 uur per week subsidieert, gedurende maximaal 40 weken tot maximaal 640 uur per jaar.
    2..
    De aanbieder voor de peuteropvang met voorschoolse educatie heeft een gecertificeerde voorschoolse voorziening.
    3..
    Kinderen vanaf 2 jaar komen in aanmerking voor de subsidie.
    4..
    De subsidieaanvraag kan ingediend worden op basis van een VVE indicatie wanneer de peuter een leeftijd van 18 maanden heeft.
    5..
    De subsidie start met ingang van de datum waarop de peuter start op de peuteropvang.
    6..
    De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de peuteropvang verlaat. Het college kan de mogelijkheid bieden tot verlenging van het VE en peuteraanbod in de zomervakantie na het bereiken van de leeftijd van 4 jaar tot de start op de vroegschool. Verlenging langer dan deze 6 weken is op basis van het advies van het Samenwerkingsverband PO.
    7..
    De subsidie kan ook aangevraagd worden voor een gecombineerde VE-peutergroep (2-4 jaar) in de dagopvang voor de 4 categorie peuters bij artikel 2 sub 1 t/m 4. De maximale groepsgrootte is 16 kinderen.
    
    Artikel 4.4. Voorschoolse educatie voor peuters waarvan de ouder(s) recht hebben op kinderopvangtoeslag vanuit de Belastingdienst
    1..
    Een aanbod aan peuters waarbij het college maximaal 16 uur per week subsidieert gedurende maximaal 40 weken tot maximaal 640 uur per jaar;
    2..
    De aanbieder voor de peuteropvang met voorschoolse educatie heeft een gecertificeerde voorschoolse voorziening;
    3..
    Kinderen vanaf 2 jaar komen in aanmerking voor de subsidie.
    4..
    De subsidieaanvraag kan ingediend worden op basis van een VVE indicatie wanneer de peuter een leeftijd van 18 maanden heeft.
    5..
    De subsidie start met ingang van de datum waarop de peuter start op de peuteropvang.
    6..
    De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de peuteropvang verlaat. Het college kan de mogelijkheid bieden tot verlenging van het VE en peuteraanbod in de zomervakantie na het bereiken van de leeftijd van 4 jaar tot de start op de vroegschool. Verlenging langer dan deze 6 weken is op basis van het advies van het Samenwerkingsverband PO.
    7..
    De subsidie kan ook aangevraagd worden voor een gecombineerde VE-peutergroep (2-4 jaar) in de dagopvang voor de 4 categorie peuters bij artikel 2 sub 1 t/m 4. De maximale groepsgrootte is 16 kinderen.
    
    Artikel 4.5. Pedagogische beleidsmedewerker voorschoolse educatie
    1..
    Deze subsidie wordt aangevraagd om de kwaliteit van voorschoolse educatie te verhogen door het uitvoeren van kwaliteit verhogende beleidsmaatregelen en/of coaching van pedagogisch medewerkers.
    2..
    De subsidie wordt verstrekt voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie voor 10 uur per jaar per peuter met VVE-indicatie.
    3..
    De pedagogisch beleidsmedewerker heeft een HBO-opleidingsniveau.
    4..
    Bij de subsidieaanvraag wordt er een schatting gemaakt van het aantal doelgroeppeuters per locatie in de peilmaand, voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
    
    Artikel 4.6. Zware doelgroep voorschoolse educatie
    1..
    Deze subsidie wordt verstrekt wanneer er meer dan 50% doelgroeppeuters op de VE-locaties aanwezig zijn bij een groepsgrootte van 16 kindplaatsen. Dit betreft de verhouding op basis van unieke kinderen in de peilmaand voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
    2..
    Deze subsidie wordt door de locatie met de zware doelgroep ingezet ten behoeve van d
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.