Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028

Gemeente Maastricht

Voor professionele culturele instellingen (stichtingen of verenigingen zonder winstoogmerk) die deel uitmaken van de landelijke culturele basisinfrastructuur en zich inzetten in de professionele kunsten.

Ook bekend als BIS Maastricht

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026 · via subsidies.gemeentemaastricht.nl
Deadline
Doorlopend
aan te vragen
Budget
€ 1,1 mln
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Meerjarige subsidieregeling voor professionele culturele instellingen in Maastricht die deel uitmaken van de landelijke culturele basisinfrastructuur (BIS). Subsidies voor activiteiten in podiumkunsten, musea, beeldende kunst, film, letteren, ontwerp en ondersteunende instellingen. Totaal subsidieplafond € 1.057.352,- per boekjaar (2025-2028).

Voor wie is het bedoeld?

Voor professionele culturele instellingen (stichtingen of verenigingen zonder winstoogmerk) die deel uitmaken van de landelijke culturele basisinfrastructuur en zich inzetten in de professionele kunsten.

Culturele instelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor professionele kunstinstellingen in Maastricht
  • Financiering van podiumkunsten, musea en beeldende kunst
  • Meerjarige subsidie voor culturele instellingen 2025-2028

Voorwaarden

  • Aanvrager moet een professionele culturele instelling zijn (stichting of vereniging zonder winstoogmerk)
  • Inschrijving bij de Kamer van Koophandel vereist
  • Meerjarig bedrijfsplan 2025-2028 met sluitende begroting
  • Onderschrijving van Governance Code Cultuur, Fair Practice Code en Code Diversiteit & Inclusie
  • Aanvraag moet compleet zijn met KvK-uittreksel, bankafschrift en overige documenten
  • Voor ondernemingen: verklaring de-minimissteun vereist
  • Jaarlijkse herhaalde aanvragen voor 2026, 2027 en 2028

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een culturele instelling
Uw rechtsvorm is: Stichting, Vereniging
Uw sector/SBI valt onder: 90.01, 90.02, 90.03
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Maastricht.

Openstellingen en rondes

Ronde 2025-2028Open
Start
4 jul 2025
Sluit
-
Budget
€ 1,1 mln
Verdeling
Wie het eerst komt

Documenten

  • De-minimisverklaring_2024.pdf · 4 pag.
    Toon documenttekst
    1
    Verklaring de-minimissteun
    Wij raden u aan om, voordat u de verklaring invult, eerst de toelichting in de bijlage van dit formulier
    te lezen.
    Verklaring
    Hierbij verklaart ondergetekende, dat aan de hierna genoemde onderneming1
    o geen de-minimissteun is verleend
    - 	Over de periode van 	(begindatum van het kalenderjaar gelegen twee jaar
    vóór de datum van ondertekening van deze verklaring) tot 	(datum van
    ondertekening van deze verklaring) is niet eerder de-minimissteun verleend.
    o beperkte de-minimissteun is verleend
    - Over de periode van (begindatum van het kalenderjaar gelegen twee jaar vóór
    de datum van ondertekening van deze verklaring) tot (datum van
    ondertekening van deze verklaring) is eerder de-minimissteun (in welke vorm of voor welk doel
    ook) verleend tot een bedrag van in totaal €
    Of deze de-minimissteun al daadwerkelijk is uitbetaald, doet niet ter zake. Een kopie van de
    stukken waaruit het verlenen van de steun blijkt, voegt u bij deze verklaring.
    o reeds andere steun voor dezelfde in aanmerking komende kosten is verleend
    - 	Voor dezelfde in aanmerking komende kosten is al staatssteun verleend tot een bedrag van in
    totaal €
    Deze staatssteun is verleend op grond van een vrijstellingsverordening, kaderregeling of een
    besluit van de Commissie d.d.
    Een kopie van de stukken waaruit het verlenen van de staatssteun voor dezelfde in aanmerking
    komende kosten blijkt, voegt u bij deze verklaring.
    Aldus volledig en naar waarheid ingevuld door:
    Bedrijfsnaam:
    Inschrijfnummer KvK:
    Naam functionaris en functie:
    Adres onderneming:
    Postcode en plaatsnaam:
    Datum: 	Handtekening:
    1 Het gaat hierbij om één onderneming. Het kan voorkomen dat twee (of meer) ondernemingen een bepaalde
    band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als één onderneming worden gezien. Zie toelichting.
    -- 1 of 4 --
    2
    Toelichting verklaring de-minimissteun
    Deze toelichting dient als hulpmiddel bij het invullen van de de-minimisverklaring. Aan de toelichting
    kunnen geen rechten worden ontleend. Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13
    december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende
    de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013,L352/1), dan wel de verordeningen
    voor de-minimissteun voor de sectoren landbouw en visserij, dan wel voor compensatie van kosten
    voor het beheer van diensten van algemeen economisch belang (DAEB) zijn bepalend2.
    De de-minimisverordening en staatssteun
    De staatssteunregels in het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (artikel 107 en 108
    VWEU) stellen beperkingen aan overheden als zij steun willen verlenen aan ondernemingen3. Deze de-
    minimisverklaring is nodig voor de overheid4 om na te gaan of het voordeel dat uw onderneming door
    deze de-minimissteun krijgt, past binnen de voorwaarden die de Europese staatssteunregels stellen.
    In de de-minimisverordening heeft de Europese Commissie verklaard dat steunmaatregelen (zoals
    subsidieverlening) tot een bepaalde drempel het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig
    beïnvloeden en de mededinging niet vervalsen en daarom niet beschouwd worden als staatssteun in de
    zin van het VWEU. Deze drempel is gesteld op een bedrag van € 300.000,- (€ 100.000,- voor
    ondernemingen die voor rekening van derden goederenvervoer over de weg verrichten). Voor de
    visserijsector geldt een drempel van € 30.000,-. Voor de landbouwproductiesector is de drempel
    gesteld op € 20.000,-. Dit bedrag geldt per onderneming over een periode van drie kalenderjaren. Steun
    die genoemde drempelbedragen niet overschrijdt, wordt aangemerkt als ‘de-minimissteun’.
    De de-minimisverordening kan gebruikt worden voor kleine, middelgrote of grote ondernemingen.
    Naast ondernemingen in de genoemde sectoren waarvoor een eigen de minimisverordening geldt, is de
    de-minimisverordening (nr. 2023/2831) in bepaalde gevallen niet van toepassing op steun aan
    ondernemingen die actief zijn in de sector verwerking en afzet van landbouwproducten. Ook steun
    voor werkzaamheden die verband houden met de uitvoer naar derde landen of lidstaten en steun die
    afhangt van het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen is uitgezonderd.
    Eén onderneming
    Het de-minimisplafond geldt voor één onderneming. Artikel 2 lid 2 van de de-minimisverordening (nr.
    2023/2831) geeft aan wanneer sprake is van één onderneming. Het kan namelijk voorkomen dat twee
    (of meer) ondernemingen een bepaalde band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als
    één onderneming worden gezien. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het hebben van de meerderheid van
    2 Voor de sector van de primaire productie van landbouwproducten zie Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van
    de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag
    betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector.
    Voor de sector visserij zie Verordening (EU) Nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 inzake de
    toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-
    minimissteun in de visserij- en aquacultuursector.
    Voor DAEB zie Verordening (EU) Nr. 360/2012 van de Commissie van 25 april 2012 betreffende de toepassing
    van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun
    verleend aan diensten van algemeen economisch belang verrichtende ondernemingen.
    3 Een onderneming in Europeesrechtelijke zin is een eenheid die een economische activiteit uitoefent. Een
    economische activiteit is het aanbieden van goederen en diensten op de markt. De rechtsvorm van deze
    eenheid of de wijze waarop zij wordt gefinancierd is hierbij niet van belang. Daarbij kunnen zowel
    privaatrechtelijke als publiekrechtelijke rechtspersonen een onderneming vormen. Dat er geen winstoogmerk
    is (zoals bij een stichting) is niet relevant.
    4 Een overheidsinstantie kan zowel de centrale overheid, de provincie, de gemeente of een waterschap
    betreffen. Het kan ook zo zijn dat een uitvoeringsinstantie bevoegd is om namens hen steun te verlenen.
    -- 2 of 4 --
    3
    de stemrechten van de aandeelhouders van een andere onderneming, het recht om onder meer
    bestuursleden van een andere onderneming te benoemen/ontslaan en het recht een overheersende
    invloed op een andere onderneming uit te oefenen.
    Bedrag van de de-minimissteun
    Door middel van deze verklaring heeft u aan dat met de huidige subsidieverlening voor uw
    onderneming de de-minimisdrempel niet wordt overschreden. U moet daarom nagaan of gedurende
    het lopende en de twee voorafgaande kalenderjaren enige vorm van de-minimissteun door een
    overheidsorganisatie aan uw onderneming is verstrekt. Indien dit het geval is bent u hierover door de
    overheidsinstantie in kennis gesteld. Het gaat dus niet alleen om steun die u heeft ontvangen van een
    gemeente of een ministerie: alle de-minimissteun telt mee. Bij overschrijding van de drempel kan geen
    beroep meer worden gedaan op de de-minimisverordening. Handelen in strijd met de
    staatssteunregels kan in het ergste geval leiden tot terugvordering van de verleende steun!
    De bedragen die dienen te worden gebruikt bij het invullen van de verklaring, zijn brutobedragen vóór
    aftrek van belastingen. Behalve om subsidieverlening kan het daarbij gaan om leningen tegen gunstige
    voorwaarden, de verkoop van grond tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, vrijstellingen,
    verlagingen of kwijtschelding van directe of indirecte belastingen etc. Onder voorwaarden is het
    mogelijk de verordening toe te passen op leningen en garanties die langer dan drie jaren lopen.
    De de-minimissteun wordt geacht te zijn verleend op het tijdstip waarop uw onderneming een
    wettelijke aanspraak op de steun verwerft, ongeacht de datum waarop de de-minimissteun aan de
    onderneming wordt betaald. Dit betekent concreet de datum waarop een besluit tot subsidieverlening
    (of verlening van een voordeel door bijvoorbeeld het aangaan van een lening of garantstelling) aan uw
    onderneming is genomen.
    Samenloop met reguliere staatssteun
    Mogelijk heeft uw onderneming voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige de-
    minimissteun reeds staatssteun ontvangen, die door de Europese Commissie is goedgekeurd of binnen
    het toepassingsgebied van de algemene groepsvrijstellingsverordening5, de
    Landbouwgroepsvrijstellingsverordening6, de Visserijvrijstellingsverordening7, het vrijstellingsbesluit
    over de compensatie van kosten voor het beheer van diensten van algemeen economische belang
    (DAEB)8 valt. Het totaalbedrag van de-minimissteun en deze staatssteun mag dan de maxima niet
    overschrijden die op basis van het relevante besluit van de Europese Commissie of de betreffende
    vrijstellingsverordening zijn toegestaan. Als u twijfelt of bepaalde steun die u hebt ontvangen
    goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheid of
    uitvoeringsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen.
    5 Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op
    grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard
    6 Verordening (EU) Nr. 702/2014 van de Commissie van 25 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun in de
    landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het
    Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard
    7 Verordening (EU) Nr. 1388/2014 van de Commissie van 16 december 2014 waarbij bepaalde categorieën
    steun voor ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en
    aquacultuurproducten, op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de
    Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard
    8 Besluit van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het
    Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de
    openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang
    belaste ondernemingen.
    -- 3 of 4 --
    4
    Het formulier heeft betrekking op drie situaties:
    - uw onderneming heeft gedurende het lopende en de twee voorafgaande kalenderjaren in het geheel
    geen de-minimissteun ontvangen,
    - uw onderneming, heeft gedurende het lopende en de twee voorafgaande kalenderjaren de-
    minimissteun ontvangen. Opgeteld bij het bedrag van de huidige voorgenomen steun wordt echter
    het bedrag van € 300.000,- niet overschreden (respectievelijk € 100.000,-/ € 30.000,-/ € 20.000,-), of
    - uw onderneming, heeft voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige voorgenomen
    steun reeds andere vormen van staatssteun ontvangen.
    Het bewaren van gegevens
    De Europese Commissie kan onrechtmatige steun nog gedurende tien jaar na de verlening
    terugvorderen. De mogelijkheid bestaat dan ook dat de Europese Commissie naderhand bij (de)
    Nederland(se overheidsinstantie) nog informatie opvraagt over hoe de steun is besteed om na te
    kunnen gaan of er wellicht sprake is van onrechtmatige steun. De overheidsinstantie van wie u de
    steun heeft ontvangen kan – indien zij zelf niet over die informatie beschikt - in een dergelijk geval aan
    u vragen om documenten waarmee kan worden aangetoond dat de steun besteed is aan die
    activiteiten waarvoor deze is verleend. Het gaat daarbij dan om documenten die u op grond van de
    algemene administratie- en bewaarverplichting voor ondernemers moet bewaren.9
    9 Artikel 2:10, lid 1, BW (rechtspersonen) en artikel 3:15i BW (ondernemingen en vrije beroepsbeoefenaren).
    -- 4 of 4 --
  • Rapport Subsidieaanvragen landelijke BIS professionele kunst 2025-2028.pdf · 35 pag.
    Toon documenttekst
    Rapport
    adviescommissie
    Subsidieaanvragen landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028
    Gemeente Maastricht
    11 september 2024
    -- 1 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 2
    Inhoudsopgave
    Voorwoord 3
    Inleiding 4
    Proces en beoordeling 5
    Werkwijze 5
    Adviescommissie 5
    Beoordeling 5
    Beoordelingscriteria 6
    Beoordelingswijze 8
    Overzicht 9
    Stichting Marres, huis voor hedendaagse kunst 11
    Stichting Nederlandse Dansdagen 14
    Stichting Opera Zuid 17
    Stichting philharmonie zuidnederland 20
    Stichting Provinciaal Museum Limburg (Het Bonnefantenmuseum) 23
    Stichting SALLY Dansgezelschap Maastricht 26
    Stichting Toneelgroep Maastricht 29
    Stichting Van Eyck 32
    -- 2 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 3
    Voorwoord
    Voor de cultuurplanperiode 2025-2028 heeft de gemeente Maastricht een nieuwe
    subsidiestructuur ontwikkeld voor de professionele kunsten. Onderdeel daarvan zijn 2
    meerjarige subsidieregelingen. Er is een ambtelijke adviescommissie (hierna commissie)
    ingesteld om de gemeente te adviseren over de ingediende aanvragen voor meerjarige
    subsidie in 2025-2028. De commissie was belast met de beoordeling van deze aanvragen
    en heeft zich hierbij gebaseerd op de inhoud van de meerjarige bedrijfsplannen van de
    aanvragers. Deze zijn getoetst aan de hand van de vastgestelde beoordelingscriteria.
    Dit rapport gaat over de Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht
    2025-20281 (hierna BIS-regeling). Door middel van dit rapport geeft de commissie haar
    advies over de ingediende meerjarige subsidieaanvragen aan het college van
    burgemeester en wethouders van Maastricht. De conclusies van de commissie komen tot
    uitdrukking in onderbouwde adviezen. Tijdens het toetsen van de aanvragen is zij integer,
    deskundig en zorgvuldig te werk gegaan. Naar mening van de commissie is zij tot een
    weloverwogen en gedegen advies gekomen.
    De commissie heeft waardering voor de passie, ambitie en gedrevenheid waarmee
    aanvragers binnen de BIS-regeling zich inspannen voor een relevant en hoogwaardig
    aanbod. Dat is ook terug te zien in de hoge waardering van de commissie in relatie tot de
    onderscheidende aard, artistieke eigenheid en maatschappelijke waarde van de
    aanvragers. In potentie kunnen zij in nog grotere mate bijdragen aan he t versterken en
    bestendigen van het culturele ecos ysteem van Maastricht. De commissie maakt zich wel
    zorgen over de financiële en organisatorische kwetsbaarheid van veel aanvragers. Zij
    merkt op dat het waarborgen van de continuïteit voor de meeste een (grote) uitdaging is.
    De commissie wil dit als punt van aandacht meegeven aan de gemeente. In relatie tot het
    lokale culturele veld spelen deze aanvragers namelijk een grote rol. Het is zodoende van
    belang dat zij goed toegerust zijn (en blijven) op de toekom st.
    De commissie vertrouwt erop dat bij besluitvorming over de meerjarige subsidie -
    verstrekkingen in het kader van de cultuurplanperiode 2025 -2028 het college van
    burgemeester en wethouders van Maastricht rekening ho udt met het advies van de
    commissie.
    Adviescommissie
    1 Zie: http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR716326
    -- 3 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 4
    Inleiding
    BIS-regeling
    De BIS-regeling is gericht op de professionele culturele instellingen die door de
    Rijksoverheid in de cultuurplanperiode 2021 -2024 gefinancierd worden vanuit het
    landelijke culturele subsidiestelsel en daarmee behoren tot de landelijke culturele
    basisinfrastructuur (BIS2). Deze regeling doelt op het versterken van het culturele
    ecosysteem van de professionele kunsten in Maastricht. Subsidie kan uitsluitend worden
    verstrekt voor activiteiten die aansluiten bij een van de volgende functies:
     symfonieorkest
     operagezelschap
     theatergezelschap
     postacademische instelling (beeldende kunst)
     presentatie-instelling (beeldende kunst)
     jeugdpodiumkunsten (dans)
     festival (dans)
     regionaal museum
    Kaders
    Binnen de BIS-regeling is er ruimte om 8 instellingen meerjarig te financieren in de
    periode 2025-2028. Het totale subsidieplafond per boekjaar bedraagt € 1.057.352 (in de
    boekjaren 2025 en 2026 wordt dit subsidieplafond jaarlijks verhoogd met € 200.000 ten
    behoeve van de functie festival (dans)). Het beschikbare budget en het maximale aantal
    subsidieverstrekkingen is leidend. Het uitgangspunt van de gemeente Maastricht is om het
    totale subsidieplafond per boekjaar volledig te benutten.
    2 Vierjarig subsidieverlening van de Rijksoverheid aan professionele culturele instellingen op het gebied van: podiumkunsten, musea,
    beeldende kunst, film, letteren, ontwerp, ontwikkeling & vernieuwing en ondersteunende instellingen (http://www.cultuursubsidie.nl/).
    -- 4 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 5
    Proces en beoordeling
    Werkwijze
    Op donderdag 29 februari 2024 werd de BIS-regeling opengesteld. Maandag 29 april 2024
    om 13u sloot de indientermijn. In totaal werden 8 meerjarige aanvragen ingediend. Na het
    sluiten van de deadline werd gecontroleerd of de aanvragen voor meerjarige subsidie
    voldeden aan de voorwaarden en indienvereisten. De aanvragen werden vervolgens ter
    beoordeling voorgelegd aan een commissie. In juni 2024 kwam de commissie op
    verschillende momenten bijeen om de aanvragen zorgvuldig te beoordelen. Bij het
    samenvatten van haar conclusies en het uitschrij ven van de adviezen is de commissie
    bijgestaan en ondersteund door de heer S. de Gr auw en mevrouw N. Scholtens
    (werkzaam bij adviesbureau Cultuurslagers). Zij waren echter niet betrokken bij het
    beoordelingsproces.
    Adviescommissie
    Zoals bepaald in de BIS-regeling bestond de commissie uit (ten minste drie) medewerkers
    van de gemeente Maastricht werkzaam binnen de beleidsafdeling Economie & Cultuur. Zij
    werden bijgestaan door een externe voorzitter, welke ook inhoudelijk deelnam aan het
    beoordelingsproces. De commissie was als volgt samengesteld: mevrouw R. Giebels
    (externe voorzitter), mevrouw G. Haasen, mevrouw S. Pierik, mevrouw M. Pinckers en de
    heer M. Saalmink.
    Mevrouw R. Giebels is sinds 2000 zelfstandige ondernemer in het culturele en creatieve
    veld. In die hoedanigheid heeft ze vele verschillende facetten van de sector gezien,
    geadviseerd, begeleid en gemanaged. Zowel op organisatorisch vlak als beleidsmatig.
    Haar rol als docent en werk met jonge mensen bij onder andere Hogeschool voor de
    Kunsten Utrecht vormt een mooie rode draad in haar werk. En als adviseur en pionier is
    ze vaak betrokken bij de ontwikkeling en uitvoering van verschillende (meerjarige)
    subsidieregelingen; zowel bij landelijke fondsen (o.a. Fonds Podiumkunsten), provinciale
    regelingen (o.a. Cultuurfonds Brabant C) als op gemeentelijk niveau (o.a. Rotterdam en
    Amsterdam). Daarbinnen heeft ze ervaring in de rol van adviseur, secretaris, vicevoorzitter
    en voorzitter.
    Beoordeling
    Het was de taak van de commissie om te beoordelen in hoeverre aanvragers in hun
    meerjarig bedrijfsplan 2025-2028 een concrete inhoudelijke beschrijving hadden
    opgenomen die inzicht geeft in de wijze waarop wordt voldaan aan de omschrijving en
    aandachtspunten van de vijf beoordelingscriteria. Bij het formuleren van haar advies hield
    de commissie rekening met de gestelde kaders.
    -- 5 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 6
    Beoordelingscriteria
    Criterium 1 – Relevantie
    De aanvrager dient in relatie tot het lokale culturele veld voldoende onderscheidend van
    aard te zijn en haar aanbod aan activiteiten moeten zowel artistiek -inhoudelijk als
    sociaal-maatschappelijk relevant en van betekenis te zijn.
    Aandachtspunten bij het beoordelen van dit criterium zijn:
     de beschrijving van de missie en visie van de aanvrager in relatie tot haar
    culturele profiel, artistieke eigenheid, beoogde maatschappelijke waarde en
    onderscheidende karakter.
     de wijze waarop de aanvrager denkt de artistieke inhoud en opzet van de
    activiteiten omschreven in het meerjarig bedrijfsplan actueel, relevant en
    aangesloten te houden op hedendaagse ontwikkelingen.
     de mate waarin en de wijze waarop de aanvrager middels artistiek-inhoudelijke
    activiteiten maatschappelijke betekenis wil creëren en/of een bijdrage wil leveren
    aan lokale sociaal-maatschappelijke vraagstukken.
     de mate waarin de aard van de instelling en de activiteiten omschreven in het
    meerjarig bedrijfsplan aansluiten bij de functiekeuze.
    Criterium 2 – Betekenis voor de stad
    De aanvrager dient zich in te spannen om middels haar activiteiten een bijdrage te
    leveren aan het vergoten van de toegankelijkheid, bereikbaarheid, herkenbaarheid en
    zichtbaarheid van het cultuuraanbod in Maastricht en zich in zekere mate te verhouden
    tot wat er in de stad speelt en leeft.
    Aandachtspunten bij het beoordelen van dit criterium zijn:
     de ambities van de aanvrager om vanuit de eigen context het potentieel van de
    stad te benutten, meer naar buiten te treden, ruimte te geven aan
    cultuurinitiatieven dichtbij de mensen (in en vanuit de wijken) en cultuuraanbod
    laagdrempelig, bereikbaar en makkelijk toegankelijk te maken.
     de mate waarin de activiteiten omschreven in het meerjarig bedrijfsplan een
    duurzaam karakter hebben en een blijvende impact op en zichtbaarheid in
    Maastricht teweegbrengen.
     de mate waarin en de wijze waarop de activiteiten omschreven in het meerjarig
    bedrijfsplan zich aantoonbaar verhouden tot de stad Maastricht, lokaal
    herkenbaar zijn en gericht zijn op en ten goede komen aan haar inwoners en
    bezoekers.
     de (haalbaarheid van de) doelstellingen die de aanvrager voor zichzelf
    formuleert met betrekking tot het (actief) betrekken van inwoners va n Maastricht
    die nu nog niet of onvoldoende worden bereikt.
    -- 6 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 7
    Criterium 3 – Investeren in jeugd
    Van de aanvrager wordt verwacht dat zij zich vanuit de eigen context inspant om haar
    aanbod aan activiteiten te ontsluiten voor een breed publiek, daarbij wordt nadrukkelijk
    gevraagd de aandacht te verbreden naar de Maastrichtse jeugd – oftewel personen
    tussen de 0 en 27 jaar.
    Aandachtspunten bij het beoordelen van dit criterium zijn:
     de (vernieuwende) wijze waarop de aanvrager zich inspant om jeugd in
    aanraking te brengen met en/of actief te betrekken bij de activiteiten omschreven
    in het meerjarig bedrijfsplan.
     de manier waarop de aanvrager en de activiteiten omschreven in het meerjarig
    bedrijfsplan organisatorisch en (artistiek -)inhoudelijk aansluiten bij de leefwereld
    van de jeugd.
     de mate waarin en de wijze waarop de aanvrager aandacht besteedt aan
    cultuureducatie en/of talentontwikkeling, en de samenwerking met scholen,
    opleidingen en buitenschoolse aanbieders.
     de wijze waarop de aanvrager actieve betrokkenheid, co-creatie en/of
    participatie van het brede publiek en/of deelnemers realiseert.
    Criterium 4 – Meerwaarde voor het culturele ecosysteem
    De aard en de activiteiten en de rol van de aanvrager dienen bij te dragen aan het
    versterken en bestendigen van het culturele ecosysteem van Maastricht.
    Aandachtspunten bij het beoordelen van dit criterium zijn:
     de beschrijving van de rol die de aanvrager vervult binnen het lokale en/of
    regionale culturele ecosysteem en de toegevoegde waarde daarvan .
     de mate waarin en de wijze waarop de aanvrager en de activiteiten omschreven
    in het meerjarig bedrijfsplan bijdragen aan het versterken en bestendigen van
    het culturele ecosysteem van Maastricht.
     de wijze waarop en mate waarin er sprake is van wederkerig e samenwerking met
    andere lokale partijen, zowel binnen als buiten het culturele ecosysteem.
     de mate waarin opgebouwde kennis en ervaring van de aanvrager
    overdraagbaar is en als voorbeeld of inspiratie kan dienen voor andere partijen
    binnen het culturele ecosysteem.
    Criterium 5 – Gezonde bedrijfsvoering
    Een aanvrager moet bedrijfsmatig en financieel op orde zijn, beschikken over
    professionele organisatiekracht en (financiële) continuïteit kunnen waarborgen.
    Aandachtspunten bij het beoordelen van dit cri terium zijn:
     de organisatorische kwaliteit en de aanwezigheid van zakelijke kennis als basis
    voor het realiseren van de activiteiten omschreven in het meerjarig bedrijfsplan.
    -- 7 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 8
     de uitvoerbaarheid van het meerjarig bedrijfsplan in werkwijze, planning,
    personele organisatie en omvang van de organisatie (en eventuele externe
    uitvoerenden).
     de financiële uitgangspositie van de aanvrager en de mate waarin de
    meerjarenbegroting inclusief het dekkingsplan inzichtelijk, realistisch en passend
    is bij de activiteiten omschreven in het meerjarig bedrijfsplan.
     de haalbaarheid van een passende financieringsmix en de visie van de
    aanvrager op het omgaan met risico’s zoals tegenvallende inkomsten.
     de omschrijving waaruit blijkt dat de aanvrager de Governance Code Cultuur, de
    Fair Practice Code en de Code Diversiteit & Inclusie onderschrijft en binnen de
    eigen mogelijkheden toepast.
    Beoordelingswijze
    Per criterium heeft de commissie een beoordeling gegeven die is vertaald in een
    waardering. Er werd gebruik gemaakt van de cijfers tussen 1 (onvoldoende) en 20 (zeer
    goed) en conform onderstaande toelichting toegepast. Een aanvraag kon zodoende
    maximaal met 100 punten worden beo ordeeld. Alleen aanvragen die op elk van de criteria
    zijn beoordeeld met ten minste een voldoende (12 punten) komen voor subsidie in
    aanmerking.
    Waardering Cijfer Toelichting
    Zeer goed 20 Positief; er zijn geen punten van kritiek.
    Goed 18 Positief; er zijn bijna geen punten van kritiek.
    Ruim voldoende 14 Positief; al zijn er ook enkele punten van kritiek.
    Voldoende 12 Al met al positief; er zijn meerdere punten van kritiek maar
    de positieve elementen hebben nipt de overhand.
    Zwak 6 Onder de maat; er zijn enkele positieve elementen maar de
    punten van kritiek hebben de overhand.
    Onvoldoende 1 Er zijn (nagenoeg) geen positieve elementen te benoemen.
    -- 8 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 9
    Overzicht
    Samenvattend
    Alle 8 in Maastricht gehuisveste professionele culturele instellingen, die deel uitmaken van
    de landelijke culturele BIS in de cultuurplanperiode 2021 -2024, hebben een aanvraag
    ingediend corresponderend aan hun functie. Er is geen sprake van (onderlinge)
    concurrentie. Een aanvraag die aan de voorwaarden en criteria voldoet komt voor subsidie
    in aanmerking. De commissie concludeert dat dat voor alle aanvragen het geval is. De
    commissie adviseert het college van burgemeester en wethouders van Maastricht dan ook
    om alle 8 aanvragen te honoreren en de maximale beschikbare subsidiebedragen voor
    desbetreffende functies toe te kennen. Voor de individuele beoordelingen alsook het
    overzicht hierbeneden zijn de aanvragers vermeld op alfabetisch e volgorde op basis van
    hun statutaire naam.
    Aanvrager
    functie | subsidiebedrag per boekjaar
    Puntentotaal
    Stichting Marres, huis voor hedendaagse cultuur
    presentatie-instelling (beeldende kunst) | € 186.939
    78
    Stichting Nederlandse Dansdagen
    festival (dans) | € 296.194 (2025-2026) € 96.194 (2027-2028)
    82
    Stichting Opera Zuid
    operagezelschap | € 152.183
    80
    Stichting philharmonie zuidnederland
    symfonieorkest | € 243.429
    80
    Stichting Provinciaal Museum Limburg (Het Bonnefantenmuseum)
    regionaal museum | € 30.000
    82
    Stichting SALLY Dansgezelschap Maastricht
    jeugdpodiumkunsten (dans) | € 81.162
    78
    Stichting Toneelgroep Maastricht
    theatergezelschap | € 181.352
    80
    Stichting Van Eyck
    postacademische instelling (beeldende kunst ) | € 86.093
    72
    -- 9 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 10
    Schrijf hier
    een hoofdstuk
    Beoordeling
    aanvragen
    -- 10 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 11
    Stichting Marres, huis voor
    hedendaagse kunst
    Functie presentatie-instelling (beeldende kunst)
    Aangevraagd subsidiebedrag € 186.393 per boekjaar
    Maximale subsidiebedrag € 186.393 per boekjaar
    Advies honoreren
    Stichting Marres, huis voor hedendaagse kunst (hierna Marres) onderzoekt, bevraagt en
    toont de rijkdom van hedendaagse kunst aan de hand van tentoonstellingen, geflankeerd
    door een publieks- en educatieprogramma. Marres maakt jaarlijks vier tot vijf
    tentoonstellingen. De visie van Marres is om met de internationale beeldende kunst als
    vertrekpunt, samen te werken met kunstenaars wiens werk zich bevindt op het
    grensgebied van andere kunstdisciplines, zoals dans, performance, literatuur en muziek.
    Marres richt zich op de doelgroepen jongeren, thematisch belangstellenden,
    cultuurprofessionals en -liefhebbers en nieuw publiek.
    Met de aangevraagde subsidie wenst Marres in 2025 -2028 haar programma op basis van
    drie pijlers vorm te geven: integrale installaties, talentontwikkeling en publieksparticipatie.
    Binnen de pijlers is er ruimte om verrassende projecten te ontwikkelen.
    Beoordeling aanvraag
    De commissie beoordeelt de relevantie van Marres als goed (18 punten). Marres heeft een
    eigen profiel en een sterke verbondenheid met maatschappelijke thema’s. Het bedrijfsplan
    geeft een helder beeld van het programma voor de komende jaren. De commissie vindt de
    focus op zintuiglijke waarneming een interessante en toegankelijke lijn waarmee alle
    programmaonderdelen verbonden kunnen worden. Ook vindt de commissie het bijzonder
    dat bij verandering van tentoonstellingen en activiteiten het gehele gebouw als het ware
    een transformatie ondergaat. De organisatie creëer t aan de hand van de integrale
    installaties nieuwe belevingswerelden waarbinnen het publiek op een participatieve manier
    zijn weg kan zoeken. De aandachtspunten voor de organisatie zijn volgens de commissie
    om een toegankelijker verhaal te creëren waarmee meer bereik gegenereerd kan worden.
    Daarnaast kan de zichtbaarheid van de organisatie nog vergroten: als geheel, in de
    participatieve projecten en in de interactie met de buitenruimte.
    De betekenis voor de stad beoordeelt de commissie als ruim voldoende ( 14 punten). De
    commissie merkt de ontwikkeling van de organisatie om zich meer open te stellen voor de
    stad op. Zo juicht de commissie onder meer de gratis openstelling op vrijdagavond met
    speciale activiteiten en de rondleidingen in het Maastrichts dialec t toe. Ook de
    -- 11 of 35 --
    Rapport adviescommissie | 11 september 2024 12
    samenwerking met Stichting Met je hart en het COA vindt de commissie positief, alhoewel
    dit meer zichtbaarheid mag krijgen. Duurzaamheid is zeer goed in acht genomen, zowel
    met de langdurige vooruitblik en de materiaalkeuze voor de tentoonste llingen. Volgens de
    commissie kan de stad een activistische en speelse organisatie met een eigen plek in het
    landelijke culturele veld als Marres goed gebruiken. Daarentegen vindt de commissie dat
    de interactie met de stad, met name wat betreft de buitenla ndse kunstenaars, beter kan.
    Het belangrijkste aandachtspunt is om de zichtbaarheid van Marres in de wijken en de
    stad te versterken. Ook het hoge abstractieniveau houdt de toegankelijkheid en de dialoog
    in potentie tegen.
    De investering in jeugd beoordeelt de commissie als goed (18 punten). De organisatie
    heeft een brede aanpak op het gebied van cultuureducatie. Via het programma Extended
    maken jongeren van 14 tot 21 jaar van het vmbo tot wo kennis met hedendaagse kunst.
    Verder is er een sterke connectie met de basisscholen en werkt de organisatie samen met
    scholen vanuit het speciaal onderwijs, waar het aanbod van Marres door de zintuigelijke
    insteek goed op aansluit. De commissie vindt het positief dat er nadrukkelijke aandacht is
    voor het actief betrekken van de docenten via inspiratiebijeenkomsten. Ook kunnen jonge
    mensen met bestuurlijke ambities een plek krijgen in de organisatie. Verder wordt
    talentontwikkeling op een actieve manier, met lokale impact, benaderd via de projecten
    Currents, Rooms en de Limburg Biënnale. De commissie vindt het positief dat de
    organisatie aandacht heeft voor de humuslaag van kunstenaars die minder zichtbaar zijn,
    maar zou graag zien dat meer talent dicht bij huis gezocht en gecoacht wordt. Ook
    adviseert zij om een bredere doelgroep jongeren (dan nu wordt bereikt) deelgenoot te
    maken via de aanpak van Extended en Currents.
    De meerwaarde voor het culturele ecosysteem beoordeelt de 
    
    […tekst ingekort]

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Voor subsidiabele activiteiten zoals bedoeld in artikel 3 bedraagt het subsidieplafond in totaal per boekjaar € 1.057.352,-.
Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028
  • Toon brontekst
    Overslaan en naar de inhoud gaan Menu Zoeken Subsidie aanvragen Lees de subsidieregeling Mijn loket Besluiten bekend De besluiten over de meerjarige subsidieaanvragen in het kader van de Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028 zijn bekend. Lees meer hierover bij het onderdeel ‘Besluit’ onderaan deze pagina. Voor wie? De subsidie is bedoeld voor professionele culturele instellingen, zijnde een privaatrechtelijke rechtspersoon (stichting of vereniging) zonder winstoogmerk met volledige rechtsbevoegdheid: die binnen de infrastructuur van de professionele kunst in Maastricht een rol vervult die overeenkomt met de functie op basis waarvan aan desbetreffende instelling na een positieve beoordeling door de Raad van Cultuur subsidie is verstrekt vanuit de BIS 2021-2024; die een duidelijke relatie heeft met de Gemeente Maastricht op basis van vestiging en/of werkterrein; die structureel en jaarlijks culturele activiteiten uitvoert die gericht zijn op en ten goede komen aan de Gemeente Maastricht, haar inwoners en bezoekers; die op het moment van het indienen van de aanvraag ten minste twee jaar onafgebroken ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel. Waarvoor? De subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die aansluiten bij één van de volgende functies: functie symfonieorkest; functie operagezelschap; functie theatergezelschap; functie postacademische instelling (beeldende kunst); functie presentatie-instelling (beeldende kunst); functie jeugdpodiumkunsten (dans); functie festival (dans); functie regionaal museum. Voorwaarden Voorwaarden om een subsidie te kunnen krijgen zijn onder andere: Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor een samenhangend geheel van activiteiten: op het gebied van professionele kunst; die primair een artistiek-inhoudelijk karakter hebben; die in voldoende mate gericht zijn op en ten goede komen aan de Gemeente Maastricht, haar inwoners en bezoekers; die gerealiseerd worden in de periode 2025 tot en met 2028; die onderling verbonden zijn of logischerwijs aan elkaar relateren; die bijdragen aan het realiseren van de cultuurvisie van de Gemeente Maastricht ‘Cultuur maakt Maastricht, Maastricht maakt cultuur’. Per aanvrager kan slechts één subsidieaanvraag per jaar worden ingediend en deze subsidieaanvraag kan slechts betrekking hebben op één van de eerder genoemde functies. Vraagt u vaker een subsidie aan? Dan krijgt u eenmalig de kans om aan te geven welke subsidieaanvraag of -aanvragen u intrekt. Als u die vraag niet beantwoord, zijn wij genoodzaakt om alle subsidieaanvragen af te wijzen. Een meerjarige subsidie wordt aangevraagd voor een periode van maximaal 4 jaar, zijnde de boekjaren 2025 tot en met 2028. Voor de boekjaren 2026, 2027 en 2028 dient een herhaalde subsidieaanvraag ingediend te worden. Wanneer uiterlijk indienen? Meerjarige subsidieaanvragen moesten uiterlijk 29 april 2024 om 13:00 uur zijn ingediend. De herhaalde subsidieaanvragen voor de boekjaren 2026, 2027 en 2028 moeten uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft zijn ingediend. Deze worden alleen in behandeling genomen indien aan de aanvrager een meerjarige subsidie is verleend voor de jaren 2025 tot en met 2028. Te laat ingediend Kosten die vóór de indiening van de aanvraag zijn gemaakt zijn niet subsidiabel en een te laat ingediende aanvraag wordt niet in behandeling genomen. Hoogte van de subsidie Een subsidie bedraagt per boekjaar maximaal: € 243.429,- voor de functie symfonieorkest; € 152.183,- voor de functie operagezelschap; € 181.352,- voor de functie theatergezelschap; € 86.093,- voor de functie postacademische instelling (beeldende kunst); € 186.939,- voor de functie presentatie-instelling (beeldende kunst); € 81.162,- voor de functie jeugdpodiumkunsten (dans); € 96.194,- voor de functie festival (dans); € 30.000,- voor de functie regionaal museum. Het maximale subsidiebedrag voor de functie festival (dans) wordt in de boekjaren 2025 en 2026 jaarlijks verhoogd met € 200.000,-. Het maximale subsidiebedrag voor de functie operagezelschap wordt in boekjaar 2025 eenmalig verhoogd met € 100.000,- (bij besluit van 24 juni 2025). Jaarlijks kan er een indexering van het subsidiebedrag plaatsvinden. Meesturen? Bij een meerjarige subsidieaanvraag moesten onderstaande gegevens meegestuurd worden: Het digitale aanvraagformulier van de Gemeente Maastricht; Een recent (op het moment van aanvraag niet ouder dan 6 maanden) uittreksel van de Kamer van Koophandel; Een kopie van een recent (op het moment van aanvraag niet ouder dan 6 maanden) bankafschrift waarop, ter verificatie van het bankrekeningnummer van de aanvrager, het rekeningnummer, de naam van de instelling en de datum zichtbaar zijn; Indien de aanvrager een onderneming is: een ingevulde verklaring de-minimissteun; Een meerjarig bedrijfsplan 2025-2028 (zie artikel 8 voor de inhoud); Indien u voor de eerste keer subsidie aanvraagt: een exemplaar van de oprichtingsakte of de statuten en het jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar. Opnieuw indienen aanvraag voor 2026, 2027 en 2028 Voor de boekjaren 2026, 2027 en 2028 moet een herhaalde subsidieaanvraag ingediend worden door de aanvragers aan wie een meerjarige subsidie is verleend voor de jaren 2025 tot en met 2028 (zie artikel 12 voor de voorwaarden). Besluit De besluiten over de meerjarige subsidieaanvragen in het kader van de Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028 zijn bekend. Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht heeft de adviezen van de adviescommissie, die belast was met de beoordeling van de meerjarige subsidieaanvragen, integraal overgenomen. Download het rapport Rapport Subsidieaanvragen landelijke BIS professionele kunst 2025-2028.pdf PDF 0.7 mb Samenvattend Alle 8 in Maastricht gehuisveste professionele culturele instellingen, die deel uitmaken van de landelijke culturele BIS in de cultuurplanperiode 2021-2024, hebben een meerjarige subsidieaanvraag ingediend corresponderend aan hun functie. Er is geen sprake van (onderlinge) concurrentie. Een aanvraag die aan de voorwaarden en criteria voldoet komt voor subsidie in aanmerking. De adviescommissie concludeert dat dat voor alle aanvragen het geval is. Haar advies is dan ook om alle 8 aanvragen te honoreren en de maximale beschikbare subsidiebedragen voor desbetreffende functies toe te kennen. Het college heeft ingestemd met dit advies. De volgende culturele instellingen ontvangen in de periode 2025-2028 zodoende meerjarige subsidie van de gemeente Maastricht. functie symfonieorkest: Stichting philharmonie zuidnederland functie operagezelschap: Stichting Opera Zuid functie theatergezelschap: Stichting Toneelgroep Maastricht functie postacademische instelling (beeldende kunst): Stichting Van Eyck functie presentatie-instelling (beeldende kunst): Stichting Marres, huis voor hedendaagse cultuur functie jeugdpodiumkunsten (dans): Stichting SALLY Dansgezelschap Maastricht functie festival (dans): Stichting Nederlandse Dansdagen functie regionaal museum: Stichting Provinciaal Museum Limburg (Het Bonnefantenmuseum) Contact Heeft u inhoudelijke vragen? Neem dan contact op met de beleidsafdeling via cultuur [at] maastricht.nl (cultuur[at]maastricht[dot]nl). Heeft u liever telefonisch contact? Vermeld dan uw telefoonnummer in het e-mailbericht. Wij bellen u dan terug. Heeft u vragen over de procedure? Dan kunt u contact opnemen met de subsidieverlener Victor Pilich via (06) 21 95 74 25 of victor.pilich [at] maastricht.nl (victor[dot]pilich[at]maastricht[dot]nl).
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028
    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maastricht, overwegende dat: het gemeentebestuur het culturele ecosysteem van de professionele kunsten in de stad, waaronder de in Maastricht gehuisveste professionele culturele instellingen die deel uitmaken van de landelijke culturele basisinfrastructuur (BIS), wil versterken door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen; gelet op de Algemene subsidieverordening 2020 Maastricht en de cultuurvisie van de gemeente Maastricht ‘Cultuur maakt Maastricht, Maastricht maakt cultuur’; besluit vast te stellen de Subsidieregeling landelijke BIS professionele kunst Maastricht 2025-2028.
    
    Artikel 1. Definities
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - adviescommissie: een ambtelijke adviescommissie bestaande uit tenminste drie medewerkers van de gemeente Maastricht werkzaam binnen de beleidsafdeling Economie & Cultuur;
    - ASV: de Algemene subsidieverordening 2020 Maastricht;
    - Awb: de Algemene wet bestuursrecht;
    - BIS: de landelijke culturele basisinfrastructuur (BIS) ofwel het landelijke culturele subsidiestelsel. Het is een vierjarig subsidieverlening van de Rijksoverheid aan professionele culturele instellingen op het gebied van: podiumkunsten, musea, beeldende kunst, film, letteren, ontwerp, ontwikkeling & vernieuwing en ondersteunende instellingen (http://www.cultuursubsidie.nl/);
    - boekjaar: een kalenderjaar, lopende van 1 januari tot en met 31 december;
    - Code Diversiteit & Inclusie: een gedragscode van, voor en door de Nederlandse culturele en creatieve sector over diversiteit en inclusie. De code is een instrument van zelfregulering met als doel dat de culturele en creatieve sector de brede diversiteit van de Nederlandse samenleving representeert (http://codedi.nl/);
    - college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maastricht;
    - cultureel ecosysteem: het geheel van onderling verbonden netwerken in het cultuur- en kunstenveld waarin cultuurmakers en culturele instellingen in verwevenheid nauw met elkaar samenwerken en op zichzelf een volledig toegeruste habitat vormen waarin alle betrokkenen goed kunnen functioneren;
    - cultuurmakers: professionele kunstbeoefenaars die beroepsmatig activiteiten ontplooien die behoren tot de professionele kunst;
    - cultuurvisie: het document ‘Cultuur maakt Maastricht, Maastricht maakt cultuur’ zoals op 26 november 2019 vastgesteld door de gemeenteraad van Maastricht;
    - Fair Practice Code: gedragscode voor ondernemen en werken in kunst, cultuur en creatieve industrie gericht op een toekomstbestendige arbeidsmarkt en beroepspraktijk (http://fairpracticecode.nl/nl);
    - Governance Code Cultuur: instrument voor goed bestuur en toezicht in de cultuursector dat het gehele besturingsproces omvat: beleid, uitvoering, toezicht en verantwoording (http://www.governancecodecultuur.nl);
    - jeugd: personen tussen de 0 en 27 jaar;
    - onderneming: iedere eenheid, ongeachte haar rechtsvorm of wijze van financiering, die een economische activiteit uitoefent;
    - professionele culturele instelling: een privaatrechtelijke rechtspersoon (stichting of vereniging) zonder winstoogmerk met volledige rechtsbevoegdheid die zich inzet binnen de professionele kunst en/of cultuursector en zich als zodanig heeft kenbaar gemaakt bij de inschrijving bij de Kamer van Koophandel;
    - professionele kunst: activiteiten op het brede gebied van de kunsten (waaronder architectuur, beeldende kunst en vormgeving, letteren, podiumkunsten, design, film, mode en cross-overs tussen deze disciplines) beroepsmatig beoefend door personen die over professionele vaardigheden beschikken;
    - subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies krachtens een bepaald wettelijk voorschrift.
    
    Artikel 2. Toepassingsbereik
    Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van meerjarige subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.
    
    Artikel 3. Activiteiten
    1..
    Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die aansluiten bij een van de volgende functies:
    - functie symfonieorkest;
    - functie operagezelschap;
    - functie theatergezelschap;
    - functie postacademische instelling (beeldende kunst);
    - functie presentatie-instelling (beeldende kunst);
    - functie jeugdpodiumkunsten (dans);
    - functie festival (dans);
    - functie regionaal museum.
    2..
    Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor een samenhangend geheel van activiteiten:
    - op het gebied van professionele kunst;
    - die primair een artistiek-inhoudelijk karakter hebben;
    - die in voldoende mate gericht zijn op en ten goede komen aan de gemeente Maastricht, haar inwoners en bezoekers;
    - die gerealiseerd worden in de periode 2025 tot en met 2028;
    - die onderling verbonden zijn of logischerwijs aan elkaar relateren;
    - die bijdragen aan het realiseren van de cultuurvisie van de gemeente Maastricht ‘Cultuur maakt Maastricht, Maastricht maakt cultuur’.
    3..
    Per aanvrager kan slechts één subsidieaanvraag per jaar worden ingediend en deze subsidieaanvraag kan slechts betrekking hebben op één van de functies zoals opgenomen in artikel 3 lid 1.
    4..
    Indien een aanvrager meer dan één subsidieaanvraag heeft ingediend, wordt eenmalig de gelegenheid gegeven om aan te geven welke aanvraag/aanvragen wordt/worden ingetrokken.
    5..
    Indien geen gevolg wordt gegeven aan het verzoek zoals in artikel 3 lid 4 is opgenomen, dan worden alle ingediende aanvragen afgewezen.
    
    Artikel 4. Doelgroep
    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een professionele culturele instelling, zijnde een privaatrechtelijke rechtspersoon (stichting of vereniging) zonder winstoogmerk met volledige rechtsbevoegdheid:
    - die binnen de infrastructuur van de professionele kunst in Maastricht een rol vervult die overeenkomt met de functie op basis waarvan aan desbetreffende instelling na een positieve beoordeling door de Raad van Cultuur subsidie is verstrekt vanuit de BIS 2021-2024, zoals bedoeld in artikel 3 lid 1;
    - die een duidelijke relatie heeft met de gemeente Maastricht op basis van vestiging en/of werkterrein;
    - die structureel en jaarlijks culturele activiteiten uitvoert die gericht zijn op en ten goede komen aan de gemeente Maastricht, haar inwoners en bezoekers;
    - die op het moment van het indienen van de aanvraag ten minste twee jaar onafgebroken ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel.
    
    Artikel 5. Subsidieplafond
    1..
    Voor subsidiabele activiteiten zoals bedoeld in artikel 3 bedraagt het subsidieplafond in totaal per boekjaar € 1.057.352,-.
    2..
    Het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 wordt in de boekjaren 2025 en 2026 jaarlijks verhoogd met € 200.000,- ten behoeve van de functie festival (dans) zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 aanhef en onder g.
    3..
    Wijzigingen in de hoogte en verdeling van het subsidieplafond, behoudens wijzigingen als gevolg van jaarlijkse loon- en prijsindexeringen, worden door het college vastgesteld en bekendgemaakt.
    4..
    Jaarlijks kan er een indexering van het subsidieplafond plaatsvinden;
    5..
    Het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 wordt in het boekjaar 2025 eenmalig verhoogd met € 100.000,- ten behoeve van de functie operagezelschap zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 aanhef en onder b.
    
    Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
    1..
    Voor subsidie komen uitsluitend de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 3.
    2..
    Niet voor subsidie in aanmerking komen kosten die door de subsidieontvanger zijn gemaakt vóór indiening van de aanvraag.
    
    Artikel 7. Hoogte van de subsidie
    1..
    Een subsidie bedraagt per boekjaar maximaal:
    - € 243.429,- voor de functie symfonieorkest;
    - € 152.183,- voor de functie operagezelschap;
    - € 181.352,- voor de functie theatergezelschap;
    - € 86.093,- voor de functie postacademische instelling (beeldende kunst);
    - € 186.939,- voor de functie presentatie-instelling (beeldende kunst);
    - € 81.162,- voor de functie jeugdpodiumkunsten (dans);
    - € 96.194,- voor de functie festival (dans);
    - € 30.000,- voor de functie regionaal museum.
    2..
    Het maximale subsidiebedrag voor de functie festival (dans), zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 aanhef en onder g, wordt in de boekjaren 2025 en 2026 jaarlijks verhoogd met € 200.000,-.
    3..
    Jaarlijks kan er een indexering van het subsidiebedrag plaatsvinden;
    4..
    Het maximale subsidiebedrag voor de functie operagezelschap, zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 aanhef en onder b, wordt in boekjaar 2025 eenmalig verhoogd met € 100.000,-.
    
    Artikel 8. Aanvraag
    1..
    Een meerjarige subsidie wordt aangevraagd voor een periode van maximaal 4 jaar, zijnde de boekjaren 2025 tot en met 2028.
    2..
    Een aanvraag voor een meerjarige subsidie voor de periode 2025-2028 wordt ingediend met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier op de gemeentelijke website: http://www.gemeentemaastricht.nl/.
    3..
    Voor de boekjaren 2026, 2027 en 2028 dient er een herhaalde subsidieaanvraag ingediend te worden.
    4..
    Een aanvraag voor meerjarige subsidie moet ten minste de volgende documenten bevatten:
    - een recent (op het moment van aanvraag niet ouder dan 6 maanden) uittreksel van de Kamer van Koophandel;
    - een kopie van een recent (op het moment van aanvraag niet ouder dan 6 maanden) bankafschrift waarop, ter verificatie van het bankrekeningnummer van de aanvrager, het rekeningnummer, de naam van de instelling en de datum zichtbaar zijn;
    - indien de aanvrager een onderneming is: een ingevulde verklaring de-minimissteun;
    - een meerjarig bedrijfsplan 2025-2028 bestaande uit:algemene instellingsgegevens;een omschrijving waaruit blijkt dat de aanvrager tot de doelgroep behoort, zoals bedoeld in artikel 4;een onderbouwing van de functiekeuze op basis waarvan de aanvrager subsidie aanvraagt, zoals bedoeld in artikel 3 lid 1;een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen;een toelichting op verwachte bezoekers-/deelnemersaantallen en publieksbereik;een concrete inhoudelijke beschrijving die inzicht geeft in de wijze waarop de aanvrager voldoet aan de omschrijving en aandachtspunten van de vijf beoordelingscriteria: (1) relevantie, (2) betekenis voor de stad, (3) investeren in jeugd, (4) meerwaarde voor het culturele ecosysteem en (5) gezonde bedrijfsvoering, zoals beschreven in bijlage 1;een sluitende meerjarenbegroting 2025-2028 waarin alle (verwachte) inkomsten en uitgaven inzichtelijk worden weergegeven en waaruit blijkt dat de meerjarige subsidie van de gemeente Maastricht noodzakelijk is;de stand van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag;een omschrijving waaruit blijkt dat de aanvrager over professionele organisatiekracht beschikt en (financiële) continuïteit kan waarborgen;een omschrijving waaruit blijkt dat de aanvrager de Governance Code Cultuur, de Fair Practice Code en de Code Diversiteit & Inclusie onderschrijft en toepast;een concreet uitgewerkt inhoudelijk jaarplan en bijbehorende sluitende jaarbegroting voor het boekjaar 2025.
    5..
    De herhaalde subsidieaanvragen zoals bedoeld in artikel 8 lid 3 bevatten een concretisering en actualisering, zowel financieel als inhoudelijk, van het meerjarige bedrijfsplan 2025-2028 gericht op het desbetreffende jaar.
    6..
    Een herhaalde subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier op de gemeentelijke website: http://www.gemeentemaastricht.nl/.
    
    Artikel 9. Beoordelingscriteria
    1..
    Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
    - Relevantie;
    - Betekenis voor de stad;
    - Investeren in jeugd;
    - Meerwaarde voor het culturele ecosysteem;
    - Gezonde bedrijfsvoering.
    2..
    In bijlage 1 en 2 van deze regeling zijn de criteria en de wijze waarop de adviescommissie de criteria weegt, uitgewerkt.
    
    Artikel 10.
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.