Natuurschoonwet 1928
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en Ministerie van Financiën
Wat is de Natuurschoonwet 1928?
De Natuurschoonwet 1928 (NSW) regelt de rangschikking van landgoederen, waardoor eigenaren, vruchtgebruikers of erfpachters belastingvoordelen krijgen om hun landgoed makkelijker in stand te houden. Een landgoed dat is gerangschikt onder de NSW geldt ook voor de Belastingdienst als landgoed, wat gevolgen heeft voor bijvoorbeeld de belastingaangifte en de WOZ-waardevaststelling. De rangschikking kan ook worden aangevraagd samen met de eigenaar van een aangrenzend landgoed (samenwerkrangschikking) of aansluitend op een al gerangschikt landgoed (aanleunrangschikking).
Wie komt in aanmerking voor de Natuurschoonwet 1928?
De NSW-rangschikking kunt u aanvragen als u eigenaar, vruchtgebruiker of erfpachter bent van een landgoed. Dit kan ook samen met de eigenaar van een aangrenzend landgoed (samenwerkrangschikking) of als aansluiting op een landgoed dat al is gerangschikt (aanleunrangschikking). Bij een landgoed kleiner dan vijf hectare dat via een aanleun- of samenwerkrangschikking wordt aangevraagd, moet u de historische samenhang aantonen met het aangrenzende landgoed. Is uw landgoed één hectare of kleiner, dan moet u de nauwe historische band aantonen tussen de opstal op uw landgoed (gebouwd vóór 1950) en het andere landgoed.
Waarvoor geldt de Natuurschoonwet 1928?
De NSW-rangschikking zelf is geen subsidie in geld, maar geeft toegang tot fiscale faciliteiten voor het in stand houden van een landgoed. De rangschikking geldt voor de terreinen en opstallen die u opgeeft, ingedeeld naar terreinsoort:
- Bossen en houtopstanden zonder hoge cultuur- of natuurwaarden (bijvoorbeeld opgaand bos, snelgroeiend bos, boomweide, kleine kapvlakten)
- Bossen en houtopstanden met hoge natuurwaarden (zoals eiken-beukenbossen, struweelachtige bossen, bron- en moerasbossen)
- Bossen en houtopstanden met hoge cultuurwaarden (historische parken en tuinen van vóór 1900, structuurbepalende lanen, hoogstamboomgaarden, hakhout en hakgrienden met een hakcyclus van drie jaar of meer)
- Landbouwterreinen (bouwland, tuinbouwland, grasland, scharrelterreinen, laagstamboomgaarden, kerstboomteelten, kweekgoed, snijgriend, volkstuinen)
- Natuurterreinen (onder meer rivieren, beken, stilstaande wateren, moerassen, heiden, duinen, schorren, schraalgraslanden)
- Overige terreinen (dagrecreatieterreinen, golfterreinen, kampeerterreinen, parkeerterreinen, erven en tuinen)
- Water (waterpartijen die niet onder andere terreinsoorten vallen)
Opstallen met een nokhoogte van minder dan 2 meter boven het maaiveld (zoals garages, schuurtjes, plantenkasjes voor privégebruik, hondenhokken) hoeft u niet aan te geven, behalve als deze van cultuurhistorisch belang zijn (zoals bakhuisjes). Kapvlakten groter dan 0,5 hectare mogen afzonderlijk niet groter zijn dan 15% van de met houtopstanden bezette oppervlakte, met een maximum van 5 hectare. Heeft u nog niet genoeg houtopstanden of natuurterreinen, dan kunt u met een Plan voor beplanting aangeven dat u deze binnen drie jaar na rangschikking aanplant.
Hoeveel subsidie krijg je?
Afhankelijk van het soort landgoed moet de totale oppervlakte van uw landgoed voor minimaal 30% of 50% bestaan uit houtopstanden (bos) of natuurterreinen, waarbij een combinatie van bos en natuur ook mogelijk is. Ligt er op uw landgoed een golfbaan, dan moet die golfbaan (in afwijking van de rest van het landgoed) voor minimaal 50% uit houtopstanden of natuurterreinen bestaan. Voor dit percentage mag u alleen natuurterreinen meetellen die zelfstandig, of met direct daaraan grenzende houtopstanden, een aaneengesloten oppervlakte hebben van minimaal 0,5 hectare. Bij openstelling van uw landgoed voor publiek mag u maximaal 15% van het NSW-gerangschikte landgoed (met een beperkte bufferzone) tijdelijk of permanent afsluiten voor bijzondere natuurwetenschappelijke of cultuurhistorische waarden.
Wat zijn de voorwaarden van de Natuurschoonwet 1928?
Voor een samenwerkrangschikking geldt dat beide landgoederen nog niet eerder gerangschikt mogen zijn en gezamenlijk een oppervlakte van minimaal vijf hectare moeten hebben, naast het voldoen aan alle overige voorwaarden. Bij deze rangschikking geldt dat afwijzing van rangschikking van één van de landgoederen ook kan leiden tot afwijzing van het verzoek voor het andere landgoed.
Wilt u uw landgoed openstellen voor publiek, dan gelden extra regels over onder meer de minimale oppervlakte, wegen, paden, bebording en afsluiting. De wegen en paden die voor wandelaars toegankelijk zijn, moeten gelijkmatig over het landgoed zijn verdeeld; dit is niet het geval als meer dan de helft van de minimaal vereiste lengte aan paden en wegen aan de rand van het landgoed ligt. Ligt uw landgoed in de buurt van een stad, of kan intensieve betreding het landgoed schaden, dan mag u het openstellen op vertoon van toegangskaarten die gratis of tegen een geringe toegangsprijs verkrijgbaar zijn in de directe omgeving.
Heeft uw landgoed meerdere eigenaren en wilt u alles door één persoon laten regelen, dan is een machtiging nodig via het formulier Melding Machtiging Natuurschoonwet 1928, dat door elke eigenaar wordt ondertekend.
Hoe vraag je de Natuurschoonwet 1928 aan?
U vraagt de NSW-rangschikking aan met het digitale formulier Rangschikking van uw landgoed aanvragen op Mijn RVO, in te loggen met DigiD (particulier, met sms-code of de DigiD-app) of eHerkenning niveau 2+ of hoger (ondernemer). U kunt dit zelf doen of iemand machtigen.
U stuurt altijd de volgende bijlagen mee:
- Beschrijving van de geschiedenis van het landgoed
- Topografische terreinkaart (schaal 1:10.000, in grijs zonder tekst; bij een landgoed kleiner dan vijf hectare mag u een kadastrale kaart als basis gebruiken)
- Opgave Terreinen en opstallen (ingevuld en ondertekend door u)
- Kadastrale uittreksels (eigendomsinformatie)
- Kadastrale kaarten
- Overzicht kadastrale percelen en afmetingen
Afhankelijk van uw situatie stuurt u daarnaast mee:
- Melding Machtiging Natuurschoonwet 1928 (ondertekend door elke eigenaar en de gemachtigde), als u iemand machtigt om alles voor u te regelen
- Bewijs van de nauwe historische band tussen de landgoederen
- Gezamenlijke verklaring samenwerkrangschikking (ondertekend door de eigenaren of gemachtigden van beide landgoederen), bij een samenwerkrangschikking
- Document over de aanleg van de buitenplaats van vóór 1900
- Besluit aanwijzen Rijksmonument
- Kleurenfoto's van de opstallen
- Plan voor beplanting (ondertekend door u), als u nog houtopstanden gaat aanplanten om aan de voorwaarden te voldoen
- Uitleg omzoming landbouwterreinen door natuur
- Openstellings-situatiekaart en eventueel bijzondere voorwaarden bij openstelling, als u uw landgoed wilt openstellen voor publiek
Heeft uw landgoed meerdere eigenaren en machtigt u iemand die geen eigenaar is (bijvoorbeeld een rentmeester), dan moet eerst één eigenaar zich registreren bij RVO en deze persoon digitaal machtigen; de overige eigenaren machtigen vervolgens de geregistreerde eigenaar of de rentmeester met het formulier Melding Machtiging Natuurschoonwet 1928.
Is uw landgoed al gerangschikt en wilt u een wijziging doorgeven, bijvoorbeeld een perceel toevoegen, dan gebruikt u het digitale formulier Wijziging NSW-rangschikking van uw landgoed, met nieuwe kaarten en een aangepaste Opgave Terreinen en opstallen.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
RVO beoordeelt uw aanvraag samen met de Belastingdienst en de provincie en heeft hiervoor 16 weken de tijd. Mist RVO informatie, dan wordt contact met u opgenomen; na aanvulling van de aanvraag loopt de behandeling door, waardoor de beoordeling langer dan 16 weken kan duren. Tijdens de beoordelingsperiode bezoekt een medewerker van de Belastingdienst of de provincie mogelijk uw landgoed; u kunt dan uitleg geven over uw aanvraag, en kleine onvolkomenheden kunnen soms binnen een afgesproken periode worden hersteld, wat de doorlooptijd eveneens kan verlengen. Na het bezoek en een eventuele herstelperiode geven de Belastingdienst en de provincie advies, waarna RVO namens de ministeries van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en van Financiën een besluit neemt in de vorm van een beschikking.
Zolang uw landgoed onder de NSW is gerangschikt, moet u zich aan de voorwaarden blijven houden: u moet het landgoed in stand houden (instandhoudingseis) en in sommige situaties ook in bezit houden (bezitseis). De Belastingdienst en de provincies kunnen hierop controleren. Voldoet u niet meer aan de voorwaarden, dan meldt de Belastingdienst dit aan RVO en kan uw landgoed geheel of gedeeltelijk worden onttrokken aan de werking van de NSW; de Belastingdienst kan het eerder genoten belastingvoordeel dan met terugwerkende kracht invorderen of naheffen. Verandert er iets aan uw landgoed dat gevolgen kan hebben voor de rangschikking, zoals een wijziging van kadastrale percelen of van de gerangschikte terreinen of gebouwen, dan geeft u dit door aan RVO.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 6 documenten bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Opgave -Terreinen-en-opstallenDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
Leeg formulier waarop je een overzicht geeft van alle terreinen en opstallen op je landgoed met oppervlakte, terreintype en kenmerken, en dat je altijd meestuurt met je aanvraag.
- Rangschikking-als-landgoed-WerkboekDownloadPDF · 14 pagina'sAanbevolen
Werkboek dat stap voor stap uitlegt hoe je de aanvraag en alle bijlagen voor de NSW-rangschikking voorbereidt en invult.
- Melding-Machtiging-Natuurschoonwet-1928DownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Formulier waarmee mede-eigenaren van een landgoed één persoon machtigen om de NSW-zaken voor hen te regelen, te ondertekenen door elke eigenaar en mee te sturen bij de aanvraag als er meerdere eigenaren zijn.
- Opgave-Gezamenlijke-verklaring-bij-samenwerkrangschikking-NSWDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Formulier waarin alle betrokken eigenaren gezamenlijk verklaren dat ze een samenwerkrangschikking aanvragen, te ondertekenen door alle eigenaren van beide landgoederen.
- Voorbeeld-Opgave-Terreinen-en-opstallenDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Ingevuld voorbeeld van de Opgave Terreinen en opstallen dat je helpt bij het correct invullen van je eigen opgave.
- Opgave Plan voor beplantingDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Formulier waarmee je laat zien hoe je binnen 3 jaar voldoende houtopstanden (bos) aanplant als je landgoed daar nu nog niet aan voldoet, nodig als je nog niet genoeg bos of natuurterrein hebt.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Natuurschoonwet 1928. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Natuurschoonwet 1928 (NSW): Rangschikking aanvragenrvo.nl · gecontroleerd 24 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en Ministerie van Financiën; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.