Subsidieregeling Energiefonds Overijssel 2024
Gedeputeerde Staten Overijssel
Voor ondernemingen, instellingen en financiële intermediairs die energieprojecten uitvoeren gericht op energie-efficiëntie of hernieuwbare energie.
Ook bekend als Energiefonds Overijssel
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling voor energieprojecten in Overijssel, gericht op energie-efficiëntie en hernieuwbare energie. Financiering via geldleningen, garanties en directe subsidies voor bedrijven en instellingen. Minimale subsidie €500.000 per aanvraag.
Voor wie is het bedoeld?
Voor ondernemingen, instellingen en financiële intermediairs die energieprojecten uitvoeren gericht op energie-efficiëntie of hernieuwbare energie.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Financiering van energiebesparingsmaatregelen in bestaande gebouwen
- Investeringen in hernieuwbare energiebronnen
- Renovatie van bedrijfsruimten voor energie-efficiëntie
- Energieprestatiecontracten en geldleningen via intermediairs
Voorwaarden
- Energieprestatieverbetering minimaal 20% voor renovatie bestaande gebouwen of 10% voor gerichte renovatiemaatregelen/nieuwe gebouwen
- Geen stapeling met andere provinciale subsidies (Ubs, Algemene subsidieverordening Overijssel 2005)
- Geen steun voor visserij, aquacultuur, kolenmijnbouw, kernenergie of ondernemingen in moeilijkheden
- Aanvrager mag niet onder Europese terugvorderingsbevel staan
- Activiteiten mogen niet zijn aangevangen op moment van aanvraag
- Ratingverklaring vereist (tenzij special purpose vehicle zonder kredietverleden)
- Financiële, technische, duurzaamheids-, fiscale en juridische due diligence documentatie verplicht
- Looptijd geldlening/garantie maximaal 10 jaar
- Mede-investering commerciële verstrekkers minimaal 30% voor bepaalde projecttypen
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Subsidieregeling Energiefonds Overijssel 2024 Hoofdstuk 1: Algemeen Paragraaf 1.1: Algemene bepalingen Artikel 1.1.1: Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - Adviescommissie: door Gedeputeerde Staten bij besluit d.d. 13 november 2012 ingestelde commissie; - AGVV: de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (EG) nr. 651/2014, Pb L187/1 van de Europese Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard, of diens opvolger; - Awb: de Algemene wet bestuursrecht; - bank: een bank zoals gedefinieerd in de Wet op het financieel toezicht of een aan een bank gelieerd beleggingsfonds, al dan niet via een beheerder, zoals gedefinieerd in de Wet op het financieel toezicht waarbij de bank of het beleggingsfonds handelt op grond van een vergunning van de Autoriteit Financiële Markten; - basispunten: basispunten als bedoeld in de Mededeling-garanties en Mededeling-rentepercentages. 100 basispunten is gelijk aan 1%. - BW: het Burgerlijk Wetboek; - circulaire projecten: proposities met een C02-impact door toepassing van circulariteit of inzet van duurzamere grond- en brandstoffen in bijvoorbeeld de bouw, food en agri, fashion en mobiliteit; - concern: een groep als bedoeld in artikel 2:24b BW die gericht is op een duurzame deelneming aan het economische verkeer en waartoe de aanvrager behoort; - enablers: technologieën zonder CO2-impact, die van belang zijn voor de energietransitie. Bijvoorbeeld hybride technologieën die fossiele brandstoffen gebruiken en op termijn overschakelen op schone brandstoffen; - energieproject: een project waarbij één of meer maatregelen worden genomen als bedoeld in Hoofdstuk 2 van deze regeling; - EU-norm:een verplichte EU-norm waarbij de op milieugebied te bereiken normen per onderneming zijn vastgesteld, ofde verplichting op grond van Richtlijn 2010/75/EU om de beste beschikbare technieken (BBT) te gebruiken en ervoor te zorgen dat de emissieniveaus van verontreinigende stoffen niet hoger zijn dan bij de toepassing van de BBT is. Voor de gevallen waarin de met de BBT geassocieerde emissieniveaus zijn bepaald in uitvoeringshandelingen die op grond van Richtlijn 2010/75/EU zijn vastgesteld, zullen die niveaus gelden. Wanneer die niveaus als een bandbreedte zijn geformuleerd, zal de grens waar de BBT het eerst wordt bereikt, van toepassing zijn; - garantie: de overeenkomst tussen Energiefonds Overijssel II B.V. en de bank betreffende de zekerheid tot aflossing van het krediet dat de aanvrager van de garantie ten aanzien van het energieproject van de bank heeft verkregen; - Gedeputeerde Staten: het college van Gedeputeerde Staten van provincie Overijssel; - grote onderneming: een onderneming die niet onder de definitie van middelgrote- en/of kleine onderneming valt; - kleine onderneming: een onderneming in de zin van Bijlage I van de AGVV, met minder dan 50 werknemers en met een jaaromzet of een jaarlijks balanstotaal van maximaal € 10 miljoen. Een onderneming wordt niet als een kleine onderneming aangemerkt indien één of meer overheidsinstanties, gezamenlijk of afzonderlijk, direct of indirect zeggenschap hebben over 25% of meer van het kapitaal of de stemrechten, behoudens de in artikel 3, tweede lid, tweede alinea van Bijlage I van de AGVV bedoelde gevallen; - krediet: krediet dat de aanvrager van de garantie van de bank heeft gekregen voor het uitvoeren van een energieproject; - lokaal energie-initiatief: een collectief van inwoners en eventueel lokale organisaties of lokale bedrijven met als doel om projecten uit te voeren die bijdragen aan de energietransitie in Overijssel; - maatschappelijk rendement: de als gevolg van de door de ontvangen subsidie gerealiseerde energie-efficiëntie c.q. opwekking van hernieuwbare energie c.q. verhoogde circulariteit en de als gevolg van de door de ontvangen subsidie gecreëerde arbeidsplaatsen gezamenlijk; - Mededeling-garanties: Mededeling van de Europese Commissie betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van garanties (Pb. 2008, C155/10) en de rectificatie van de Commissie daarop zoals gepubliceerd in Pb. 2008, C244/32, of diens opvolger; - Mededeling-rentepercentages: Mededeling van de Commissie over de herziening van de methode waarmee de referentie- en disconteringspercentages worden vastgesteld (Pb. 2008, C14/6), of diens opvolger; - medeoverheden: gemeenten, waterschappen, andere provincies en rijksoverheid; - middelgrote onderneming: een onderneming in de zin van Bijlage I van de AGVV, met minder dan 250 werknemers en met een jaaromzet van maximaal € 50 miljoen of een balanstotaal van maximaal € 43 miljoen. Een onderneming wordt niet als een middelgrote onderneming aangemerkt indien één of meer overheidsinstanties, gezamenlijk of afzonderlijk, direct of indirect zeggenschap hebben over 25% of meer van het kapitaal of de stemrechten, behoudens de in artikel 3, tweede lid, tweede alinea van Bijlage I van de AGVV bedoelde gevallen; - moedermaatschappij: de nauwst met een aanvrager verbonden rechtspersoon ten aanzien van wie een ratingverklaring is of kan worden afgegeven; - onderneming: iedere entiteit, ongeacht haar rechtsvorm, die een economische activiteit uitoefent. Een concern wordt als één onderneming aangemerkt; - onderneming in moeilijkheden: een onderneming ten aanzien waarvan zich ten minste één van de omstandigheden voordoet als bedoeld in artikel 2 lid 18 van de AGVV; - premiekorting: de korting op de premie ten opzichte van de marktconforme premie. De marktconforme premie wordt berekend volgens de safe-harbour premies zoals opgenomen in paragraaf 3.3 van de Mededeling-garanties; - projectplan: een inhoudelijk werkplan waarin onder andere een beschrijving c.q. gemotiveerde inschatting van de door de ontvangen subsidie te verwachten energie-efficiëntie c.q. toename van hernieuwbare energie c.q. verhoogde circulariteit is opgenomen; - provincie: de publiekrechtelijke rechtspersoon provincie Overijssel; - Raad van Commissarissen: de Raad van Commissarissen van Energiefonds Overijssel I B.V.; - ratingverklaring: een door GS geaccepteerde verklaring waaruit de rating van de aanvrager van een subsidie blijkt conform de Mededeling-rentepercentages en Mededeling-garanties, dan wel van diens moedermaatschappij, indien de aanvrager geen rating heeft of kan verkrijgen vanwege het ontbreken van een kredietverleden; - rentekorting: de korting op rente ten opzichte van de marktconforme rente. De marktconforme rente wordt berekend volgens de methode in de Mededeling-rentepercentages; - subsidie: een subsidie als bedoeld in artikel 4:21 Awb, die voor een bepaalde termijn wordt verstrekt; - steun: staatssteun waarbij wordt voldaan aan de vijf cumulatieve criteria zoals benoemd in artikel 107 lid 1 VWEU. Voor een geldlening bestaat de steun uit de rentekorting en voor een garantie bestaat de steun uit de premiekorting; - Ubs: Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022; - VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Artikel 1.1.2: Uitvoering regeling De uitvoering van deze subsidieregeling is door Gedeputeerde Staten gemandateerd aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Energiefonds Overijssel II B.V. Artikel 1.1.3: Vorm van de subsidie Gedeputeerde Staten kunnen aan een onderneming op aanvraag subsidie verlenen in de vorm van een geldlening of een garantie. Artikel 1.1.4: Subsidiabele activiteiten 1.. In hoofdstuk 2 staat welke activiteiten voor subsidie in aanmerking komen en welke voorwaarden daarbij gelden. 2.. De activiteiten waarvoor subsidie wordt ontvangen vinden plaats in Overijssel. Als dat niet het geval is, zijn de effecten van de activiteit helemaal of voor het grootste deel merkbaar in Overijssel. Artikel 1.1.5: Strategische investeringen 1.. Gedeputeerde Staten kunnen bij uitzondering ook een geldlening of garantie verstrekken voor een strategische investering. Maximaal 10% van het fondsvermogen is beschikbaar voor strategische investeringen. 2.. Strategische investeringen zijn investeringen: - waarvoor de te verlenen subsidie tussen € 50.000,- en € 1.000.000,- ligt. Dit is een afwijking van artikel 1.1.9 lid 3; - in bedrijven buiten de provincie Overijssel, met in achtneming van artikel 1.1.4 lid 2; - in circulaire projecten; of - in enablers. 3.. Strategische investeringen, met uitzondering van strategische investeringen als bedoeld in lid 2 sub a, worden alleen verleend indien de Raad van Commissarissen vooraf goedkeuring heeft verleend. Artikel 1.1.6: De aanvrager 1.. De aanvrager van een geldlening is een onderneming. 2.. De aanvrager van een garantie is een kleine of middelgrote onderneming. Artikel 1.1.7: Subsidiabele kosten 1.. Als subsidiabele kosten worden beschouwd de in aanmerking komende kosten zoals bepaald in hoofdstuk 2. 2.. Kosten zijn slechts subsidiabel voor zover deze: - toerekenbaar zijn: de kosten houden direct verband met de subsidiabele activiteit; - aantoonbaar zijn: de aanvrager kan de kosten uitleggen en bewijzen met bijvoorbeeld offertes, facturen of betaalbewijzen. Artikel 1.1.8: Kosten die niet voor subsidie in aanmerking komen Tot de subsidiabele kosten behoren in ieder geval niet: - kosten die anderszins al vergoed zijn door de provincie of andere publiekrechtelijke rechtspersonen of openbare lichamen, daaraan gelieerde instellingen of de Europese Commissie. - investeringen voor activiteiten die aanvrager verplicht is te doen op grond van een wettelijke plicht, waaronder een EU-norm; - kosten die gemaakt worden ten behoeve van het aanvragen van de subsidie voor het energieproject, waaronder kosten voor het inhuren van een subsidieadviesbureau of andere subsidiebemiddelaar; - administratieve kosten die gemaakt worden ten behoeve van het energieproject; - boetes en gerechtskosten; - debetrente; - vergoedingen voor de inzet van uren van vrijwilligers; - gangbare apparaatkosten van medeoverheden, tenzij de aanvrager kan aantonen dat deze kosten specifiek worden gemaakt ten behoeve van de subsidiabele activiteit en anders niet zouden zijn gemaakt. Artikel 1.1.9: Hoogte van de subsidie 1.. Een geldlening bedraagt maximaal 100% van de in aanmerking komende kosten. 2.. Een garantie bedraagt maximaal 80% van het krediet. 3.. De subsidie is minimaal € 1.000.000,- per energieproject. Bij het berekenen van het subsidiebedrag worden alle aanvragen betrokken die aanvrager op dezelfde dag op grond van deze regeling heeft ingediend. 4.. De totale investering in een energieproject is niet hoger dan € 20.000.000,-. De totale investering wordt berekend door het op basis van deze regeling te verlenen subsidiebedrag en de investering op basis van het Investeringsreglement Energiefonds Overijssel I B.V. bij elkaar op te tellen. Gedeputeerde Staten kunnen Provinciale Staten van Overijssel toestemming vragen om hiervan af te wijken. 5.. De totale steun die de aanvrager met betrekking tot dezelfde – elkaar geheel of gedeeltelijk overlappende – in aanmerking komende kosten geniet, is maximaal € 20.000.000,-, ongeacht of deze steun door het Rijk, andere publiekrechtelijke rechtspersonen of openbare lichamen dan wel de daaraan gelieerde instellingen is verstrekt. 6.. De bij subsidie gehanteerde bedragen worden naar boven afgerond op ééntallen. Artikel 1.1.10: Subsidieplafond 1.. Gedeputeerde Staten stellen jaarlijks een subsidieplafond als bedoeld in artikel 4:25 Awb vast. 2.. Het subsidieplafond wordt verdeeld in volgorde van ontvangst van de complete subsidieaanvraag. De compleetheid wordt bepaald op datum en tijdstip van de ontvangst van de aanvraag. 3.. Als bij het bereiken van het subsidieplafond de volgorde van ontvangst niet met zekerheid kan worden vastgesteld, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van prioritering op basis van de hoogst verwachte energie-efficiëntie c […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.