Regeling groenprojecten

RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)

Wat is de Regeling groenprojecten?

De Regeling Groenprojecten is een lening met rentekorting voor ondernemers en projectbeheerders die investeren in een duurzaam project. Via de bank of beleggingsinstelling vraag je een groenverklaring aan bij RVO; met die verklaring kan een erkend groenfonds een lening verstrekken tegen een lagere rente dan de markt. De regeling geldt voor projecten in 7 brede categorieën, van duurzame energie en duurzaam bouwen tot klimaatadaptatie.

Wie komt in aanmerking voor de Regeling groenprojecten?

De regeling Groenprojecten richt zich op twee groepen.

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderneming of landbouwbedrijf of particulier
Bedrijfsgrootte: mkb, groot
Je sector valt onder SBI 01.1, 01.2, 01.3, 01.4, 01.5, 5011, 5012, 4923
De definitieve beoordeling ligt bij RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland).

Ondernemers en projectbeheerders die investeren in een duurzaam project en daarvoor geld willen lenen. Zij vragen niet zelf rechtstreeks aan bij RVO, maar altijd via hun bank of beleggingsinstelling.

Banken en beleggingsinstellingen met een fonds dat de overheid erkent als groene instelling (een groenfonds). Zij kunnen namens hun klant de groenverklaring aanvragen.

Het project waarvoor de groenverklaring wordt aangevraagd, moet passen in een van de 7 brede projectcategorieën van de regeling (Natuur, Duurzame landbouw, Circulaire economie, Duurzame energie, Duurzaam bouwen, Duurzame mobiliteit, Klimaatadaptatie) en voldoen aan de voorwaarden van de subcategorie waaronder het valt.

Valt het project onder de landbouwsector, dan moet het worden uitgevoerd samen met een kleine, middelgrote of micro-onderneming (zoals gedefinieerd in bijlage 1 van de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening).

Het project moet daarnaast voldoen aan de eisen van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening, de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening of de Visserij Groepsvrijstellingsverordening, met de maximaal toegestane steun meegerekend.

Waarvoor geldt de Regeling groenprojecten?

De groenverklaring is bedoeld voor investeringen in een duurzaam project binnen een van de 7 projectcategorieën van de regeling: Natuur, Duurzame landbouw, Circulaire economie, Duurzame energie, Duurzaam bouwen, Duurzame mobiliteit en Klimaatadaptatie. Elke categorie kent eigen subcategorieën met eigen eisen. Enkele voorbeelden van de rekenregels per subcategorie:

  • Nieuwbouw woningen (categorie 5.1): € 150.000 per woning (subcategorie a en c) of € 75.000 per woning (subcategorie b).
  • Herbestemming tot woningen (categorie 5.2): € 1.250 per m² bruto vloeroppervlak met woonbestemming, tot maximaal € 125.000 per gerealiseerde woning.
  • Renovatie woningen door eigenaar of derden (categorie 5.3/5.4): van € 25.000 tot € 100.000 per woning, afhankelijk van het verbeteringsniveau van de energie-index (bij een Rijks- of gemeentemonument: van € 45.000 tot € 150.000 per woning).
  • Nieuwbouw utiliteitsgebouwen (categorie 5.5): van € 600 tot € 1.500 per m² bruto vloeroppervlak, afhankelijk van de subcategorie (bij maatschappelijk vastgoed: van € 800 tot € 1.800 per m²).
  • Renovatie utiliteitsgebouwen (categorie 5.6): van € 300 tot € 750 per m² bruto vloeroppervlak, afhankelijk van de subcategorie (bij een Rijks- of gemeentelijk monument of maatschappelijk vastgoed: van € 450 tot € 1.000 per m²).
  • Nieuwbouw gebouwen met industriefunctie (categorie 5.7): € 600 per m² bruto vloeroppervlak.

Voor de meeste categorieën gelden daarnaast eisen op basis van BENG-berekening, MPG-score of een duurzaamheidscertificaat (BREEAM-NL, GPR Gebouw of LEED). Bij alle bouwcategorieën geldt de voorwaarde dat alleen hout wordt gebruikt met een certificaat waarbij de aannemer is aangesloten.

Heeft het project al subsidie ontvangen voor de aanschaf of investering, dan wordt dat subsidiebedrag verrekend met het groen te verklaren bedrag (het projectvermogen), omdat het gesubsidieerde deel niet meer gefinancierd hoeft te worden.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt geen subsidie in de vorm van een gift, maar een lening met rentekorting via een erkend groenfonds. De steun bestaat uit het verschil tussen de markrente en de lagere rente op de groenlening, berekend over de hele looptijd van de groenverklaring en contant gemaakt naar de waarde op het moment van toekenning. Het steunpercentage en de bijbehorende contante waarde worden berekend volgens de beleidsregel berekening steunpercentage regeling Groenprojecten; hiervoor is een rekentool beschikbaar.

Het maximale bedrag is € 200.000.

Verder geldt:

  • Het projectvermogen moet € 25.000 of meer zijn.
  • De maximaal toegestane staatssteun (met de groenverklaring meegerekend) mag niet worden overschreden, zoals bepaald in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening, de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening of de Visserij Groepsvrijstellingsverordening.
  • Is er al subsidie ontvangen voor de aanschaf of investering, dan wordt dat bedrag verrekend met het groen te verklaren projectvermogen.
  • Per bouwcategorie en subcategorie geldt een eigen maximaal bedrag per m² bruto vloeroppervlak of per woning (zie "Waarvoor krijg je subsidie?").

Wat zijn de voorwaarden van de Regeling groenprojecten?

Naast de categoriespecifieke eisen gelden voor elk project deze algemene voorwaarden:

  • Het project is nieuw: een project waarmee minimaal 6 maanden voor de dag van de aanvraag al is gestart met de uitvoering, komt niet in aanmerking.
  • Voor het project is nog geen groenverklaring afgegeven.
  • Het projectvermogen is € 25.000 of meer.
  • Het is zinvol dat het project een eigen rendement heeft (subsidies van overheden tellen hierin mee), in verhouding tot het risico, en zodanig dat het project zonder de groenverklaring niet tot stand kan komen.
  • Er staat geen bevel tot terugvordering uit voor het bedrijf.
  • Het bedrijf is niet in moeilijkheden, zoals bedoeld in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening of de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening.
  • Bij projecten in de landbouwsector: uitvoering samen met een kleine, middelgrote of micro-onderneming.
  • Voldoen aan de eisen van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening, de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening of de Visserij Groepsvrijstellingsverordening, met de maximaal toegestane steun meegerekend.

Bij bouwprojecten geldt bovendien de voorwaarde over duurzaam geproduceerd hout: de aannemer mag alleen hout gebruiken met hetzelfde certificaat waarbij hij is aangesloten (bijvoorbeeld uitsluitend FSC-hout bij een FSC-certificaat).

Hoe vraag je de Regeling groenprojecten aan?

Een ondernemer of projectbeheerder kan niet rechtstreeks bij RVO een groenverklaring aanvragen. De aanvraag verloopt altijd via een bank of beleggingsinstelling met een erkend groenfonds: dat groenfonds vraagt de groenverklaring voor de klant aan bij RVO.

De bank of het groenfonds logt hiervoor in met eHerkenning, minimaal niveau 3 met machtiging RVO-diensten op niveau eH3.

Welke stukken nodig zijn, verschilt per projectcategorie. Vrijwel altijd zijn dit:

  • Offertes, opdrachten en/of facturen ter onderbouwing van het projectvermogen.
  • Documentatie ter onderbouwing van de startdatum.
  • Aangevraagde of toegekende subsidies (vermelding daarvan).

Bij bouwprojecten komen daar doorgaans bij:

  • Een korte beschrijving van het project.
  • Een tijdsplanning van start werkzaamheden tot oplevering.
  • De omgevingsvergunning of de aanvraag daarvan.
  • Het (definitieve) bouwkundige en installatietechnische bestek.
  • Situatietekening(en).
  • Onderbouwing van het bruto vloeroppervlak (BVO).
  • Een BENG-berekening (bepalingsmethode NTA 8800) of MPG-berekening, of de aanmelding en voorlopige toetsing voor de duurzame bouw maatlatmethodiek, afhankelijk van de subcategorie.
  • Een aannemersovereenkomst met de (hoofd)aannemer, inclusief eventuele begroting.
  • Het duurzaam hout-certificaat van de aannemer en documentatie over waar en hoeveel hout gebruikt wordt.

Bij projecten voor voertuigen, vaartuigen, laad- en tankinfrastructuur of vergelijkbare technische installaties is vaak alleen een beschrijving van het voertuig of systeem aan de hand van de regelingseisen nodig, als dit niet al voldoende uit de offertes blijkt.

Bij twijfel of een project aan de voorwaarden voldoet, kan voorafgaand aan de aanvraag contact worden opgenomen met RVO.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

RVO beoordeelt de aanvraag namens de minister van Infrastructuur en Waterstaat. De beoordeling van projecten in alle projectcategorieën duurt gemiddeld 8 weken; RVO streeft ernaar de groenverklaring binnen 8 weken af te geven.

Na een positieve beoordeling geeft RVO de groenverklaring af aan het groenfonds. De ondernemer of projectbeheerder ontvangt hiervan als afschrift een kopie. Met de groenverklaring kan het groenfonds de lening tegen lagere rente verstrekken.

De groenverklaring is voor de meeste projecten 10 jaar geldig.

Verandert de uitvoering van het project, dan meldt de ondernemer of projectbeheerder dit aan het groenfonds. RVO controleert projecten steekproefsgewijs op naleving van de voorwaarden, waaronder bij bouwprojecten de eisen aan duurzaam geproduceerd hout: hiervoor is het belangrijk een administratie bij te houden van het gebruikte hout.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 4 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Regeling groenprojecten. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.