Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Inclusie en preventie Sociaal Domein gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026

Gemeente Utrechtse Heuvelrug

Voor organisaties (maatschappelijke organisaties, vrijwilligersorganisaties) die activiteiten uitvoeren gericht op inclusie, preventie en versterking van de sociale basis in het sociaal domein.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Eerstvolgende deadline
1 sep 2026
nog 8 weken

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor activiteiten gericht op inclusie, preventie en versterking van de sociale basis in het sociaal domein van gemeente Utrechtse Heuvelrug. Gericht op organisaties die activiteiten uitvoeren ter voorkoming van individuele maatwerkvoorzieningen en versterking van de sociale cohesie. Subsidieplafond wordt jaarlijks vastgesteld.

Voor wie is het bedoeld?

Voor organisaties (maatschappelijke organisaties, vrijwilligersorganisaties) die activiteiten uitvoeren gericht op inclusie, preventie en versterking van de sociale basis in het sociaal domein.

Maatschappelijke_organisatieVrijwilligersorganisatie

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor activiteiten gericht op inclusie en preventie in het sociaal domein
  • Financiering voor activiteiten die de sociale basis versterken
  • Ondersteuning voor organisaties die maatwerkvoorzieningen willen vervangen of voorkomen

Voorwaarden

  • Subsidie hoger dan € 25.000 per jaar
  • Maximaal vier achtereenvolgende jaren
  • Aanvraag dient schriftelijk of digitaal ingediend te worden tussen 1 augustus en 1 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft
  • Aanvrager dient een activiteitenplan en begroting in te dienen
  • Aanvrager dient aandacht te besteden aan diversiteit en inclusie, inzet van ervaringsdeskundigheid en positieve gezondheid
  • Aanvrager dient een impactanalyse in te dienen met wijze van monitoring
  • Actuele VOG vereist voor stagiairs, vrijwilligers en beroepskrachten

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een maatschappelijke_organisatie of vrijwilligersorganisatie
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Utrechtse Heuvelrug.

Openstellingen en rondes

Ronde 2026Open
Start
1 aug 2026
Sluit
1 sep 2026
Budget
-
Verdeling
Tender

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Inclusie en preventie Sociaal Domein gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
    Burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug;
    Gelet op artikel 4 van de Algemene subsidieverordening gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
    Gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 16 juli 2020 over de visie ‘Samen Leven, Samen Doen, Herijking beleidskeuzen sociaal domein’ en de op 3 juli 2023 vastgestelde uitvoeringsagenda 2023-2025
    gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 5 juni 2025 over de gezondheidsnota Gezond en vitaal in Utrechtse Heuvelrug 2025-2028
    gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 24 oktober 2024 over de regionale inkoopvisie Regionale Inkoopkoers Jeugd en Wmo, Versterken van het gewone leven, maart 2025
    gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 21 maart 2024 over de beleidsnota Samen Vooruit, minimabeleid Utrechtse Heuvelrug
    Besluit vast te stellen de volgende subsidieregeling:
    Subsidieregeling Inclusie en preventie Sociaal Domein gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
    
    Artikel 1 Begripsomschrijvingen
    - Actuele VOG: een VOG die niet ouder is dan vijf jaar en niet eerder is afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip waarop de stagiair, vrijwilliger of beroepskracht voor de organisatie ging werken.
    - Algemene voorziening: voorziening als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo 2015 en/ of een jeugdhulpvoorziening die vrij toegankelijk is zonder voorafgaand diepgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de jeugdige of zijn ouders;
    - Asv: de Algemene subsidieverordening gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026;
    - College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrechtse Heuvelrug;
    - Dorp: de gemeente heeft zeven dorpen, te weten: Amerongen, Doorn, Driebergen-Rijsenburg, Leersum, Maarn, Maarsbergen en Overberg;
    - Diversiteit: de erkenning en herkenning van de verschillen tussen mensen en de acceptatie en het respect daarvoor;
    - Ervaringsdeskundige, volgens de definitie van Movisie: iemand die geleerd heeft van zijn ervaringen met een aandoening, ontwrichtende situatie en hoe je daarmee omgaat en deze ook gebruikt als bron van kennis om daarmee anderen verder te helpen. Ervaringsdeskundigheid wordt onder meer ingezet in de de ggz, jeugdzorg, maatschappelijke zorg, mantelzorg, cliëntondersteuning in de Wmo, bestaanszekerheid en vluchtelingencentra. Ervaringskennis, als die wordt ingezet als kennisbron, naast vakkennis en wetenschappelijke kennis, kan organisaties enorm helpen bij het realiseren van hun doelen;
    - Inclusie: de insluiting van inwoners van alle identiteiten – zichtbaar of niet – bij activiteiten waarbij zij zich veilig en gerespecteerd kunnen voelen en zonder voorbehoud kunnen participeren;
    - Impactanalyse: een onderbouwing waarin een aanvrager aantoonbaar inzichtelijk maakt wat het beoogde maatschappelijke effect is van een activiteit of project op de lokale samenleving, specifiek gericht op het versterken van de sociale basis. Het gaat hierbij om meer dan alleen aantallen of output; de nadruk ligt op verandering en verbetering in het leven van inwoners;
    - Positieve gezondheid: een benadering binnen de gezondheidszorg die niet de ziekte, maar een betekenisvol leven van mensen centraal stelt. De nadruk ligt op de veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens en niet op de beperkingen of ziekte zelf;
    - Sociale basis, volgens de definitie van Movisie: Het geheel van informele sociale verbanden (buurten, groepen, verenigingen, netwerken, gezinnen) van mensen, aangevuld en ondersteund vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen. Zij maken het mogelijk dat inwoners de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert. In de sociale basis gaat het om het versterken van eigenaarschap, zeggenschap en eigen regie van inwoners;
    - “Tender” methode: Alle volledige subsidieaanvragen worden opgespaard tot de sluitingsdatum. De subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde criteria.
    - Wet: de Algemene wet bestuursrecht.
    
    Artikel 2. Toepassingsbereik
    1..
    Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten, voor een periode van maximaal vier achtereenvolgende jaren.
    2..
    Deze subsidieregeling is van toepassing op subsidies hoger dan € 25.000 per jaar.
    
    Artikel 3 Doel van de regeling
    Doel van de subsidieregeling is om activiteiten te stimuleren die bijdragen aan het versterken van de sociale basis en het versterken van het gewone leven:
    - Fijn en veilig opvoeden en opgroeien mogelijk maken
    - Waardig ouder worden meer mogelijk maken
    - Inclusie: iedereen kan meedoen
    - Bestaanszekerheid behouden en versterken
    - Gezond leven en bewegen makkelijker maken
    - Sociale samenhang en leefbaarheid in de dorpen versterken
    
    Artikel 4 Activiteiten
    Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten in de Utrechtse Heuvelrug die er op gericht zijn dat (kwetsbare) inwoners zelfstandig(er) kunnen blijven meedoen door de inzet van algemene of collectieve voorzieningen.
    Hieronder wordt activiteiten verstaan die een alternatieve vorm van passende zorg en ondersteuning bieden, waardoor een individuele maatwerkvoorziening niet of in mindere mate nodig is en/of bijdragen aan het makkelijker meedoen in de samenleving.
    Preventieve activiteiten vinden zoveel mogelijk plaats met gebruikmaking van de volgende methoden:
    - Vroegtijdige ondersteuning inzetten bij potentieel ontwrichtende levensgebeurtenissen
    - Vindplaatsgericht werken
    - Stress-sensitief werken
    Samenwerking of afstemming met Stichting Sociale Dorpsteams Utrechtse Heuvelrug is een voorwaarde.
    
    Artikel 5 Doelgroep
    De regeling is van toepassing op rechtspersonen die actief zijn binnen de gemeente Utrechtse Heuvelrug en aantoonbaar bijdragen aan de ambitie van het versterken van de sociale basis in Utrechtse Heuvelrug.
    - Voor alle organisaties en natuurlijke personen die werken met jeugdigen of kwetsbare inwoners, geldt dat vrijwilligers in het bezit dienen te zijn van een verklaring omtrent het gedrag (vog). Zij kunnen die gratis aanvragen via gratisvog.nl. Ook eventuele beroepskrachten dienen in het bezit te zijn van een vog.
    - Het college kan van deze bepaling afwijken op basis van de volgende gronden:Als de stagiair, vrijwilliger of beroepskracht zonder VOG wel ingezet wordt bij contacten met kwetsbare personen vanwege een specifieke deskundigheid. Bijvoorbeeld voor een ervaringsdeskundige waarvoor de VOG aanvraag is of zal worden afgewezen, kan de organisatie een uitzondering maken op de VOG-plicht.Als het hebben van een VOG bij werkzaamheden niet nodig is. Bijvoorbeeld omdat de stagiair, vrijwilliger of beroepskracht niet of niet direct in aanraking komt met kwetsbare personen. Dit kan zijn bij publiciteitsactiviteiten of activiteiten in een (grote) groep.
    - Voor personen waarvoor een uitzondering wordt gemaakt op het beschikken over een VOG, op grond van lid 2 onder a maakt de organisatie een analyse. Uit de analyse blijkt:waarom de stagiair of vrijwilliger ingezet wordt ondanks de afwezigheid van de VOG en welke afweging is gemaakt;wat het risico voor kwetsbare personen is bij de inzet van de stagiair of vrijwilliger waarvoor de organisatie een uitzondering op de VOG-plicht toelaat;of en welke preventieve maatregelen de organisatie neemt om risico voor kwetsbare personen uit te sluiten.
    - Indien aanvrager naar oordeel van het college voldoende kan onderbouwen waarom niet voldaan kan worden aan lid 2, kan het hiervoor onder voorwaarden toestemming voor worden gegeven.
    
    Artikel 6 Hoogte van de subsidie
    Kosten die voor subsidie in aanmerking komen:
    - Activiteitenkosten, kosten voor het organiseren van activiteiten.
    - Loonkosten van professionals die zich richten op begeleiden, coördineren, werven, matchen van vrijwilligers en afstemming en samenwerking met partners.
    - Kosten voor scholing en training van professionals en vrijwilligers, activiteitenkosten voor zover deze noodzakelijk zijn voor het ondersteunen en begeleiden van de vrijwilligers en waardering van vrijwilligers voor zover het gaat om kleine attenties en compensatie van gemaakte onkosten.
    - Overheadkosten, bijvoorbeeld algemene kosten voor de organisatie, zoals administratie en kantoorhuur voor backoffice activiteiten.
    - Vrijwilligersvergoedingen, dat betreft onkosten die vrijwilligers maken die direct verbonden zijn aan de inzet voor de activiteit.
    - Communicatiekosten, enkel lokaal en ter ondersteuning van de subsidieactiviteiten.
    - Redelijke kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteit.
    - Voor artikel 4 categorie 2 (Vervangen of voorkomen van individuele maatwerkvoorzieningen) geldt aanvullend dat subsidiabele kosten zijn:De kosten van de huur.Organisatie-en exploitatiekosten die gemaakt moeten worden;Loonkosten van professionals die de werkzaamheden uitvoeren zoals beschreven bij de activiteit.
    - De kosten zoals beschreven onder 1 tot en met 8 worden jaarlijks geïndexeerd op basis van het HICP indexcijfer. Dit zal in 2028 voor het eerst gebeuren.
    
    Artikel 7. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud
    1..
    Overeenkomstig artikel 6 uit de Asv stelt het college een subsidieplafond vast voor deze subsidieregeling, onder voorwaarde dat voldoende middelen in de begroting beschikbaar worden gesteld.
    2..
    Er kunnen deelsubsidieplafonds worden vastgesteld.
    
    Artikel 8. Wijze van verdeling
    1..
    Indien het subsidieplafond wordt bereikt, vindt verstrekking van subsidie plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
    2..
    Bij de rangschikking van de aanvragen, zoals beschreven in lid 1, kent het college punten toe aan de hand van het beoordelingskader in artikel 9.
    3..
    Indien er eerder meerjarige subsidies zijn verleend, wordt het subsidieplafond verminderd met het totaalbedrag aan al verleende subsidies.
    4..
    Het college kan besluiten een deel van het beschikbare budget, binnen het subsidieplafond, te reserveren. Dit gebeurt als voor een bepaalde doelgroep of een bepaald aanbod onvoldoende aanvragen kunnen worden gehonoreerd. Via een tender vraagt het college dan om nieuwe aanvragen. Daarbij wordt aangegeven welke ruimte er binnen het subsidieplafond nog is. Het college kan, in afwijking of aanvulling van het beoordelingskader in artikel 9, criteria stellen voor deze tender.
    5..
    Indien deelsubsidieplafonds worden ingesteld, publiceert het college daarbij ook de wijze van verdeling binnen de deelsubsidieplafonds.
    
    Artikel 9. Beoordelingskader
    Op grond van onderstaand beoordelingskader worden punten toegekend. Alle criteria wegen even zwaar, binnen de verschillende onderdelen.
    - Het totaal aan verkregen punten (maximaal 80) van het onderdeel Sociale basis weegt in totaal voor 65% mee in de eindscore.
    - Het totaal aan verkregen punten van het onderdeel Resultaten (maximaal 30) weegt in totaal voor 20% mee in de eindscore.
    - Het totaal aan verkregen punten van het onderdeel Kwaliteit (maximaal 20) weegt in totaal voor 15% mee in de eindscore.
    Aan elke aanvraag wordt een aantal punten toegekend, op basis van bovenstaande. Dit wordt berekend op basis van de volgende formule:
    Totaal aantal punten = Totaal Sociale basis * 0,65 + Totaal Resultaten * 0,2 + Totaal Kwaliteit * 0,15
    Criteria | Score
    Sociale basis 65%
    1. In het activiteitenplan overtuigt de aanvrager dat gewerkt wordt op basis van de in artikel 10.2.b benoemde elementen. De inzet van ervaringsdeskundigheid weegt daarbij het zwaarst. | Schaal 0 – 10
    2. In het activiteitenplan overtuigt de aanvrager aan welke doelstelling(en) van de subsidieregeling het aanbod bijdraagt (artikel 3)? | Schaal 0-10
    3. In het activiteitenplan overtuigt de aanvrager met welke methodieken wordt gewerkt, een of meer zoals genoemd in artikel 4 en/ of andere methodieken | Schaal 0-10
    4. 
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.