Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG)

Nationaal Programma Groningen (NPG) en Provincie Groningen

Wat is de Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG)?

Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG) is een subsidie van het Nationaal Programma Groningen en de provincie Groningen voor projecten die kennis over waterstof ontwikkelen, delen en vasthouden in de provincie Groningen. De regeling stimuleert onder meer onderzoek naar koolstofarme waterstof, ontwikkeling van nieuwe technologieën, trainingen en onderwijsprogramma's, stageplekken en investeringen in onderzoeksfaciliteiten. Aanvragers krijgen tot 50% van de subsidiabele kosten vergoed, met een maximum per project.

Wie komt in aanmerking voor de Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG)?

De regeling richt zich op partijen die actief zijn in de provincie Groningen. Subsidie kan worden aangevraagd door:

Je bent actief in Groningen
Regionale regeling.
Je bent een onderneming of kennisinstelling of overheid of samenwerkingsverband
De definitieve beoordeling ligt bij Nationaal Programma Groningen (NPG) en Provincie Groningen.
  • een onderneming
  • een kennisinstelling
  • een publiekrechtelijke rechtspersoon
  • een samenwerkingsverband

Bij een samenwerkingsverband vraagt de penvoerder de subsidie aan namens het verband, en moet het project aantoonbaar de instemming hebben van alle deelnemers. Samenwerking tussen kennisinstellingen en bedrijven wordt door de regeling belangrijk gevonden en gestimuleerd. De aanvrager moet aannemelijk maken dat de baten van de activiteiten hoofdzakelijk in de provincie Groningen landen.

Waarvoor krijg je subsidie?

Je kunt subsidie krijgen voor vijf soorten activiteiten:

  • Experimentele of industriële onderzoeksprojecten (waaronder modellering) op het gebied van koolstofarme waterstof, zoals modellering van productieprocessen, onderzoek naar membranen voor elektrolyzers of procesoptimalisatie.
  • Experimentele of industriële ontwikkeling van innovatieve technologieën en processen in de waterstofketen, zoals brandstofcellen of pijpleidingtechnologie.
  • Het opzetten van trainingen en onderwijsprogramma's gericht op waterstof, zoals trainingsprogramma's voor operators, leermodules voor mbo/hbo/wo of bij- en nascholing.
  • De ontwikkeling van stageplekken bij bedrijven die actief zijn in de waterstofindustrie.
  • Investeringen in waterstofonderzoeksfaciliteiten, zoals de bouw of renovatie van laboratoria of de aanschaf van apparatuur zoals elektrolyzers of testopstellingen.

Subsidiabele kosten, per activiteit gekoppeld aan een artikel van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV):

  • Voor onderzoek en ontwikkeling (activiteit 1 en 2): kosten zoals genoemd in artikel 25 of 49 AGVV.
  • Voor trainingen en stageplekken (activiteit 3 en 4): kosten zoals genoemd in artikel 31 AGVV.
  • Voor investeringen in onderzoeksfaciliteiten (activiteit 5): kosten zoals genoemd in artikel 26 AGVV.
  • Loonkosten voor activiteiten die direct verbonden zijn aan de subsidiabele activiteit, vastgesteld met de Integrale Kostensystematiek of de Handleiding Overheidstarieven.

Niet subsidiabel zijn in ieder geval:

  • algemene overheadkosten
  • marketing- en promotiekosten
  • advies- en consultantkosten zonder directe projectrelevantie
  • reiskosten
  • boetes, juridische kosten en schadevergoeding
  • exploitatiekosten zonder directe projectrelevantie
  • kosten voor educatie of trainingen die niet direct verband houden met het project of niet noodzakelijk zijn om de projectdoelen te halen

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie bedraagt in alle gevallen maximaal 50% van de subsidiabele kosten, tot een maximum van € 2.500.000 per project. Dit maximum geldt ook als de staatssteunregels een hoger percentage of bedrag zouden toestaan.

De aanvrager moet zelf minimaal 50% van de totale projectkosten (in-kind) cofinancieren; dit is een knock-outcriterium en moet aantoonbaar worden onderbouwd in de begroting.

De precieze hoogte van de subsidie wordt daarnaast berekend aan de hand van het toepasselijke AGVV-artikel (25, 26, 31 of 49) dat bij de activiteit past.

Alle bedragen op een rij

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoortGeldt voor
50%Percentagevan de totale projectkosten
€ 2.500.000Maximaal

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
2028-1 jul 2028€ 9,9 mln-
Openstelling-1 jul 2028--

Wat zijn de voorwaarden van de Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG)?

Voor toekenning moet een aanvraag voldoen aan alle knock-outcriteria en een minimumaantal punten behalen. Het minimum verschilt per activiteit:

Hier val je op af

Uitvoerbaarheid: technische en organisatorische haalbaarheid, financiële stabiliteit van projectpartners en een gedegen risicobeoordeling met mitigerende maatregelen.
Relevantie voor beleidsdoelen (geldt niet voor stageplekken): aansluiting bij de provinciale doelstellingen op waterstofgebied en impact op de regionale ontwikkeling.
Financiële bijdrage: de aanvrager cofinanciert minimaal 50% van de totale projectkosten (in-kind), aantoonbaar onderbouwd in de begroting.

Waarop wordt beoordeeld

  1. Innovativiteit (25 punten, geldt niet voor trainingen en stageplekken)
  2. Samenwerking en kennisdeling (25 punten)
  3. Versterking van kennisinstellingen (25 punten, geldt niet voor stageplekken)
  4. Duurzaamheid en lange termijn impact (10 punten, geldt niet voor trainingen en stageplekken)
  5. Toegevoegde waarde voor de waterstofsector (10 punten, geldt niet voor trainingen en stageplekken)
  6. Integraliteit en samenhang (5 punten, geldt niet voor trainingen)
  • Onderzoeksprojecten, technologieontwikkeling en investeringen in onderzoeksfaciliteiten: minimaal 70 punten (van de 100).
  • Trainingen en onderwijsprogramma's: minimaal 40 punten (van de 50).
  • Ontwikkeling van stageplekken: minimaal 23 punten (van de 30).

Verder geldt: je start je project uiterlijk binnen een jaar na goedkeuring van de aanvraag en rondt het binnen vier jaar af. Je mag nog niet gestart zijn met het project op het moment van aanvragen. Het project moet voldoen aan de randvoorwaarde van duurzaamheid: het gebruik van technologieën, processen en energiebronnen die significant bijdragen aan vermindering van milieu- en klimaateffecten.

Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van volledige aanvragen. Dreigt het subsidieplafond op één dag te worden overschreden, dan wordt tussen de op die dag binnengekomen volledige aanvragen geloot.

Hoe vraag je de Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG) aan?

Je vraagt de subsidie aan via het eLoket van SNN, met eHerkenning of een eLoket-account. In het eLoket doorloop je negen stappen: quickscan, verdiepende vragen, projectinformatie, NAW-gegevens, deskundigen, begroting, bijlagen, controleren en bevestigen, en indienen. Na indiening ontvang je een bevestiging per e-mail.

Bij een samenwerkingsverband vraagt de penvoerder de subsidie aan namens het verband; het project moet de instemming hebben van alle deelnemers.

Verplichte onderdelen van de aanvraag zijn onder meer:

  • Een projectplan, opgesteld volgens het format dat past bij de activiteit waarvoor je subsidie aanvraagt (er is een apart format per activiteit).
  • Een begroting, ingevuld volgens het bijpassende format begroting.
  • Bewijs van rechtsgeldige ondertekening (bijvoorbeeld een KvK-uittreksel, statuten of intern autorisatieschema).
  • Een mkb-verklaring.
  • Een verklaring financiële moeilijkheden, fysiek ondertekend met pen door de tekenbevoegde persoon of personen.
  • De (geconsolideerde) jaarrekening van het voorafgaande boekjaar; bestaat de onderneming korter dan drie jaar, dan een openingsbalans of aangifte inkomstenbelasting.
  • Een samenwerkingsovereenkomst (indien van toepassing), met daarin de rollen, verantwoordelijkheden en financiële bijdragen van alle partners.
  • Het formulier "Gegevens samenwerkingspartner" per samenwerkingspartner (indien van toepassing), fysiek ondertekend met pen door de tekenbevoegde persoon of personen.
  • Een ingevulde staatssteunanalyse op het juiste AGVV-artikel (artikel 25 of 49 voor onderzoek/ontwikkeling, artikel 31 voor trainingen/stageplekken, artikel 26 voor investeringen), als aparte bijlage.
  • Een plan voor kennisdeling en evaluatie, als aparte bijlage, met daarin de evaluatiewijze, doelstellingen, de manier van kennisdeling en de rol van samenwerkingspartners.
  • Een businesscase, als aparte bijlage, met een investerings- en exploitatiebegroting per kalenderjaar, het geplande investeringsbesluit, de financieringsstructuur, een specificatie van andere aangevraagde of toegekende subsidies, en onderbouwing dat je (en de samenwerkende partijen) minimaal 50% van de projectkosten zelf financiert.
  • Offertes voor externe kosten.

Afhankelijk van de situatie kunnen ook nodig zijn: de juridische organisatiestructuur (bij verbonden of partnerondernemingen), een IKS-verklaring (bij gebruik van het IKS-tarief voor loonkosten), ondertekening penvoerder, een machtigingsformulier intermediair, een kopie van beschikkingen van een aanvraag bij een andere instantie, een instemmingsverklaring (bij kosten van een verbonden of partneronderneming) en een kopie bankafschrift (als er geen naam-IBAN match is). Formulieren die fysiek ondertekend moeten worden, onderteken je met pen; digitale handtekeningen worden niet geaccepteerd.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

SNN voert de regeling uit namens Nationaal Programma Groningen en Provincie Groningen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 27 documenten bij deze regeling, waarvan er 18 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 19 andere bestanden in het dossier.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Waterstof kennisontwikkeling en innovatie (NPG). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Nationaal Programma Groningen (NPG) en Provincie Groningen; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.