Subsidieregeling Gelijke kansen voor kinderen tot en met het primair onderwijs Zwolle 2023
Gemeente Zwolle
Voor kinderopvangorganisaties (kindcentra, gastouderbureaus) en onderwijsinstellingen die opvang en ondersteuning bieden aan peuters en kinderen tot en met het primair onderwijs in Zwolle, met prioriteit voor kinderen van ouders met lage inkomens, ouders met een sociaal medische indicatie, of kinderen met een indicatie voor voorschoolse educatie.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling van gemeente Zwolle ter ondersteuning van kinderopvang en voorschoolse educatie voor peuters en kinderen in het primair onderwijs, gericht op het voorkomen en terugdringen van onderwijsachterstanden. Doelgroep: kinderen tot en met het primair onderwijs in Zwolle, met nadruk op peuters en kinderen van ouders met lage inkomens of sociale medische indicatie. Subsidie varieert per activiteit, van € 1,56 per uur toeslag tot € 10.080 per locatie.
Voor wie is het bedoeld?
Voor kinderopvangorganisaties (kindcentra, gastouderbureaus) en onderwijsinstellingen die opvang en ondersteuning bieden aan peuters en kinderen tot en met het primair onderwijs in Zwolle, met prioriteit voor kinderen van ouders met lage inkomens, ouders met een sociaal medische indicatie, of kinderen met een indicatie voor voorschoolse educatie.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor peuteropvang met taalstimulering
- Financiering van voorschoolse educatie voor kinderen met ontwikkelingsvragen
- Ondersteuning van kinderopvang voor kinderen van ouders met lage inkomens
- Financiering van pedagogische ondersteuning en thuisbezoeken
Voorwaarden
- Kindcentra en gastouderbureaus moeten in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerd zijn
- Voor VE peuteropvang moet voldaan worden aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
- Activiteiten mogen niet binnen een wettelijke verplichting van de aanvrager vallen
- Activiteiten mogen niet gericht zijn op geïndiceerde zorg
- Activiteiten moeten daadwerkelijk bijdragen aan terugdringen of voorkomen van onderwijsachterstanden
- Geen dubbele financiering van dezelfde activiteit door gemeente Zwolle
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“Subsidie varieert per activiteit, van € 1,56 per uur toeslag tot € 10.080 per locatie.”
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Paragraaf 1: Algemeen Artikel 1.1 Algemene definities Artikel 1.2 Toepasselijkheid ASV 2022 Paragraaf 2. Peuteropvang, voorschoolse educatie en kinderopvang Artikel 2.1 Definities Artikel 2.2 Doel Artikel 2.3 Subsidievorm Artikel 2.4 Aanvrager Artikel 2.5 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.6 Subsidiecriteria Artikel 2.7 Subsidiehoogte Artikel 2.8 Bevoorschotting Artikel 2.9 Indieningsvereisten Artikel 2.10 Aanvraagtermijn Artikel 2.11 Verplichtingen Artikel 2.12 Verantwoording Paragraaf 3: Gelijke onderwijskansen Artikel 3.1 Algemene definities Artikel 3.2 Doel Artikel 3.3 Subsidie vorm Artikel 3.4 Aanvrager Artikel 3.5 Subsidiabele activiteiten Artikel 3.6 Weigeringsgronden Artikel 3.7 Subsidiabele kosten Artikel 3.8 Niet subsidiabele kosten Artikel 3.9 Subsidiehoogte Artikel 3.10 Subsidieplafond Artikel 3.11 Wijze van verdeling Artikel 3.12 Aanvraagtermijn Artikel 3.13 Beslistermijn Artikel 3.14 Verplichtingen Artikel 3.15 Verantwoording Paragraaf 4. Slotbepalingen Artikel 4.1 Inwerkingtreding en citeertitel Ondertekening Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR702029 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR702029/3 sluiten Subsidieregeling Gelijke kansen voor kinderen tot en met het primair onderwijs Zwolle 2023 Geldend van 01-01-2026 t/m heden Intitulé Subsidieregeling Gelijke kansen voor kinderen tot en met het primair onderwijs Zwolle 2023 Besluit van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle tot vaststelling van de Subsidieregeling Gelijke kansen voor kinderen Zwolle 2023 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle; overwegende dat het gemeentebestuur wil dat alle kinderen zoveel mogelijk gelijke onderwijskansen hebben en onderwijsachterstanden wil voorkomen; overwegende dat sommige peuters en kinderen in de primair onderwijsleeftijd daartoe extra ondersteuning nodig hebben; overwegende dat het gemeentebestuur wil dat alle kinderen in de gemeente Zwolle zoveel mogelijk gelijke kansen hebben en hun capaciteiten kunnen benutten om het maximale uit zichzelf te kunnen halen; overwegende dat het belangrijk is dat ouders betrokken worden bij de taal- en bredere ontwikkeling van hun kind; overwegende dat ondersteuning hiervoor nodig kan zijn en dat dat het verstrekken van subsidies hieraan bijdraagt; gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Zwolle 2022; besluit vast te stellen de Subsidieregeling Gelijke kansen voor kinderen tot en met het primair onderwijs Zwolle 2023. Paragraaf 1: Algemeen Artikel 1.1 Algemene definities In deze regeling wordt verstaan onder: a. ASV 2022: Algemene subsidieverordening Zwolle 2022. Artikel 1.2 Toepasselijkheid ASV 2022 De ASV 2022 is van toepassing, tenzij daarvan in deze subsidieregeling nadrukkelijk wordt afgeweken. Paragraaf 2. Peuteropvang, voorschoolse educatie en kinderopvang Artikel 2.1 Definities In deze paragraaf wordt verstaan onder: a. beleidsregel: beleidsregel indicatie SMI en doelgroepouder kinderopvang Zwolle 2025; b. doelgroepouder: doelgroepouder als bedoeld in artikel 4 van de beleidsregel; c. doelgroeppeuter: peuter met een indicatie voor voorschoolse educatie (VE) van de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) IJsselland; d. gastouderbureau: in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerd gastouderbureau, bedoeld in artikel 1.46, tweede lid, van de Wet Kinderopvang; e. kindcentrum: in het LRK geregistreerd kindcentrum, bedoeld in artikel 1.46, tweede lid, van de Wet Kinderopvang, welke peuteropvang, VE peuteropvang of kinderopvang aanbiedt, gevestigd in, of met een vestiging in, Zwolle; f. kind: kind woonachtig in de gemeente Zwolle in de leeftijd totdat het uitstroomt uit het primair onderwijs; g. kinderopvang: bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint; h. kinderopvang doelgroepouder: kinderopvang van een kind van een doelgroepouder; i. kinderopvang SMI: kinderopvang van een kind van een ouder met een SMI; j. kinderopvangtoeslag: tegemoetkoming van het Rijk als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder h, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen in de kosten van kinderopvang, gebaseerd op Bijlage I Kinderopvangtoeslagtabel van het Besluit kinderopvangtoeslag; k. mentor: pedagogisch medewerker die werkt in de groep van de peuter in het kindcentrum waarmee de ouders de ontwikkeling en het welzijn van de peuter bespreken; l. ouderbijdrage: inkomensafhankelijke financiële bijdrage die ouders moeten betalen voor de afname van kinderopvang. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald aan de hand van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst; m. pedagogisch medewerker: medewerker die verantwoordelijk is voor de dagelijkse opvang, ontwikkeling en verzorging van een groep kinderen in een kindcentrum en voldoet aan de bepalingen op basis van de CAO Kinderopvang; n. peuter: kind in de leeftijd van 2 jaar tot het moment dat het kind naar het primair onderwijs uitstroomt; o. peuteropvang: opvang van een peuter waarbij een gestructureerd programma gericht op ontwikkelingsstimulering en ter voorbereiding op de basisschool wordt aangeboden volgens de Wet Kinderopvang; p. SMI: sociaal medische indicatie van een ouder conform de beleidsregel; q. toetsingsinkomen: inkomen of gezamenlijk inkomen van een of meer ouder(s), als bedoeld in artikel 8 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen; zoals door de belastingdienst wordt gebruikt om het recht op kinderopvangtoeslag te berekenen; r. VE peuteropvang: opvang van een doelgroeppeuter met een programma van voorschoolse educatie, waarbij op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling wordt gestimuleerd op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling conform het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie; s. maximum uurprijs: maximaal voor tegemoetkoming van de gemeente in aanmerking komende prijs per zestig minuten geboden opvang overeenkomstig artikel 4 van het Besluit kinderopvangtoeslag. Artikel 2.2 Doel Deze subsidieparagraaf heeft als doel het bieden en bevorderen van een kwalitatief hoogwaardig aanbod van (VE) peuteropvang, voorschoolse educatie en kinderopvang om op die manier de doorgaande ontwikkellijn van (doelgroep)peuters en kinderen binnen het primair onderwijs te bevorderen. Artikel 2.3 Subsidievorm Subsidie wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. Artikel 2.4 Aanvrager 1. Subsidie wordt verstrekt aan een kindcentrum. 2. In aanvulling op het voorgaande lid kan subsidie als bedoeld in artikel 2.5, onder c en d, ook worden verstrekt aan een gastouderbureau. Artikel 2.5 Subsidiabele activiteiten Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor: a. peuteropvang; b. VE peuteropvang; c. kinderopvang SMI; d. kinderopvang doelgroepouder; e. de extra inzet van een pedagogisch medewerker op HBO werk- en denkniveau voor een doelgroeppeuter; f. het bieden van extra ondersteuning aan een groep doelgroeppeuters; g. het thuis bezoeken van doelgroeppeuters door de mentor. Artikel 2.6 Subsidiecriteria 1. Indien er sprake is van een aanvraag door een gastouderbureau vindt de kinderopvang SMI of kinderopvang doelgroepouder plaats bij een gastouder met een woonadres in de gemeente Zwolle. 2. Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2.5, sub b, e tot en met g in aanmerking te komen voldoet aanvrager aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 3. In aanvulling op lid 1 geldt voor een subsidie als bedoeld in artikel 2.5 sub e dat wordt voldaan aan het vereiste dat de inzet maximaal 10 uur per doelgroeppeuter per kalenderjaar bedraagt. Artikel 2.7 Subsidiehoogte 1. De hoogte van de subsidie bedraagt voor de in artikel 2.5 sub a genoemde activiteit: a. voor een peuter waarvan de ouder recht heeft op kinderopvangtoeslag een toeslag van € 1,56 per uur over maximaal 640 uren; b. voor een peuter waarvan de ouder geen recht heeft op kinderopvangtoeslag de hoogte van de fictieve berekening van de kinderopvangtoeslag met een toeslag van € 1,56 per uur over maximaal 640 uren. 2. De hoogte van de subsidie bedraagt voor de in artikel 2.5 sub b genoemde activiteit: a. voor een doelgroeppeuter waarvan de ouder recht heeft op kinderopvangtoeslag: i. over de eerste maximaal 640 uren: een toeslag van € 1,56 per uur; ii. over de volgende maximaal 640 uren: de ouderbijdrage tot de maximum uurprijs met een toeslag van € 1,56 per uur; b. voor een doelgroeppeuter waarvan de ouder geen recht heeft op kinderopvangtoeslag: i. over de eerste maximaal 640 uren de hoogte van de fictieve berekening van de kinderopvangtoeslag met een toeslag van € 1,56 per uur; ii. over de volgende maximaal 640 uren de maximum uurprijs met een toeslag van € 1,56 per uur. 3. De hoogte van de subsidie bedraagt voor de in artikel 2.5 sub c genoemde activiteit de hoogte van de fictieve berekening van de kinderopvangtoeslag. 4. De hoogte van de subsidie bedraagt voor de in artikel 2.5 sub d genoemde activiteit: a. de ouderbijdrage, waarbij wordt uitgegaan van de maximum uurprijs, voor zover de doelgroepouder recht heeft op kinderopvangtoeslag conform de laagste trede van de kinderopvangtoeslagtabel, als opgenomen in bijlage I van het Besluit kinderopvangtoeslag; b. voor een kind waarvan de doelgroepouder behoort tot de groep, bedoeld in artikel 4, onder f van de beleidsregel 100% van de maximum uurprijs; c. € 0 voor een kind waarvan de doelgroepouder een toetsingsinkomen hoger dan de laagste trede van de belastingdienst heeft. 5. Voor de in artikel 2.5 sub e genoemde activiteit bedraagt de subsidie de loonkosten behorend bij de CAO Kinderopvang schaal 9 trede 35, voor zover die bestaan uit brutoloon, vakantiegeld, 13e maand en de wettelijk verplichte werknemersverzekeringen en -premies voor de werkgever over maximaal 10 uur per kalenderjaar per doelgroeppeuter. 6. De hoogte van de subsidie bedraagt voor de in artikel 2.5 sub f genoemde activiteit € 10.080,00 per locatie van een kindcentrum. 7. Voor de in artikel 2.5 sub g genoemde activiteit bedraagt de subsidie de loonkosten behorend bij de CAO Kinderopvang schaal 6 trede 23, voor zover die bestaan uit brutoloon, vakantiegeld, 13e maand en de wettelijk verplichte werknemersverzekeringen en -premies voor de werkgever over maximaal één uur per thuisbezoek. Artikel 2.8 Bevoorschotting In afwijking van artikel 14 van de ASV 2022 bedraagt het voorschot 100% van het verleende subsidiebedrag. Artikel 2.9 Indieningsvereisten 1. In afwijking van artikel 9 van de ASV 2022 wordt een aanvraag voor subsidie ingediend middels het door burgemeester en wethouders vastgestelde aanvraagformulier. 2. In aanvulling op het voorgaande lid wordt tevens een volledig ingevuld door burgemeester en wethouders vastgesteld formulier Aanvraag Peuteropvang, Voorschoolse Educatie en Kinderopvang bij de aanvraag gevoegd. 3. Bij een subsidieaanvraag voor de activiteit als bedoeld in artikel 2.5, sub f wordt in aanvulling op voorgaande leden tevens een activiteitenplan bijgevoegd. Artikel 2.10 Aanvraagtermijn In afwijking van artikel 10, tweede lid van de ASV 2022 worden subsidieaanvragen voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.5 ingediend in de periode van 1 september tot en met 31 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekki […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.