DEI+: Waterstof en groene chemie
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)
Wat is de DEI+: Waterstof en groene chemie?
DEI+: Waterstof en groene chemie is een subsidie van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voor bedrijven die een innovatieve techniek op het gebied van waterstof en groene chemie testen of demonstreren. Het gaat om pilotprojecten, demonstratieprojecten en test- en experimenteerinfrastructuurprojecten die bijdragen aan versneld en veilig gebruik van waterstof, met als doel minder CO2-uitstoot in Nederland. De regeling maakt onderdeel uit van de bredere Demonstratie Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+) en wordt gefinancierd vanuit het Nationaal Groeifondsprogramma GroenvermogenNL.
Wie komt in aanmerking voor de DEI+: Waterstof en groene chemie?
Deze subsidie is bedoeld voor bedrijven in Nederland, Bonaire, Sint Eustatius of Saba die werken aan een pilot, demonstratie of test- en experimenteerinfrastructuurproject op het gebied van waterstof en groene chemie, met als doel minder CO2-uitstoot in Nederland.
- U kunt aanvragen als individuele onderneming die voor eigen rekening en risico een project uitvoert, of als deelnemer in een samenwerkingsverband met minimaal één onderneming.
- Provincies en gemeentes mogen meedoen in een project, maar ontvangen zelf geen subsidie.
- Waterschappen kunnen onder bepaalde voorwaarden wel subsidie ontvangen.
- Uw project moet passen binnen een van de subthema's van Waterstof en groene chemie: transport en opslag van waterstof(dragers) met conversiestap, gebruik van waterstof als brandstof in de industrie, gebruik van groene waterstof (met of zonder CO2) als grondstof voor e-fuels of verduurzaming van chemische processen, elektrochemische omzetting van CO2 naar CO en basischemicaliën (alleen pilotprojecten), plasmatechnologie voor productie van waterstof en basischemicaliën (alleen pilotprojecten), of productie van waterstof via waterelektrolyse met randvoorwaardelijke innovaties, of bouw/upgrade van test- en experimenteerinfrastructuur.
Waarvoor krijg je subsidie?
U krijgt subsidie voor pilotprojecten, demonstratieprojecten en test- en experimenteerinfrastructuurprojecten binnen het thema waterstof en groene chemie. Concreet gaat het om:
- Transport en opslag van waterstof(dragers) met conversiestap (omzetting van waterstof naar waterstofdragers en terug).
- Gebruik van waterstof als brandstof in de industrie.
- Gebruik van groene waterstof (met of zonder CO2) als grondstof voor e-fuels of voor verduurzaming van chemische processen in de industrie.
- Elektrochemische omzetting van CO2 naar CO en basischemicaliën (alleen als pilotproject).
- Inzet van plasmatechnologie voor productie van waterstof en basischemicaliën (alleen als pilotproject).
- Productie van waterstof via waterelektrolyse met duurzaam opgewekte elektriciteit, inclusief randvoorwaardelijke innovaties rond de elektrolyser (zoals vermogens-, elektronica-, sensoren-, koeling- en gas- en waterzuiveringstechnologie).
- Bouwen of upgraden van test- en experimenteerinfrastructuur voor het testen van innovatieve waterstoftechnologie.
Subsidiabele kostensoorten bij pilotprojecten (naar keuze een van drie systematieken):
- Loonkosten-plus-vaste-opslag: directe loonkosten plus een opslag van 50% over de directe loonkosten voor overhead, plus apparatuurkosten (afschrijving, minimaal 5 jaar), materialen en kosten van derden.
- Vaste-uurtarief-systematiek: een vast uurtarief van € 80 per gewerkt uur, plus apparatuur-, materiaal- en derdenkosten.
- Integrale kostensystematiek (IKS): loonkosten via het IKS-tarief van de functiegroep, plus aan derden betaalde kosten die geen deel uitmaken van het IKS-tarief.
Bij demonstratieprojecten gaat het om investeringskosten in materiële en eventueel immateriële activa (extra investeringskosten ten opzichte van een referentie-investering, afhankelijk van het toepasselijke AGVV-artikel). Bij test- en experimenteerinfrastructuurprojecten zijn de investeringskosten in materiële en immateriële activa subsidiabel; exploitatiekosten zijn niet subsidiabel.
Niet subsidiabel zijn onder andere: kosten voor een controleverklaring, binnenlandse reiskosten, financieringskosten, administratief projectmanagement, kennisverspreiding en onvoorziene kosten (contingency).
U krijgt geen subsidie voor: transport en opslag van fossiele waterstof(dragers), productie van waterstof uit aardgas met CO2-afvang (blauwe waterstof), productie van waterstof uit biomassa of afval, infrastructuur voor waterstoftanks, projecten gericht op verduurzaming van de gebouwde omgeving.
Hoeveel subsidie krijg je?
De maximale subsidie per project bedraagt € 30.000.000 voor een demonstratieproject en € 25.000.000 voor een pilotproject of test- en experimenteerinfrastructuurproject.
- Pilotproject (experimentele ontwikkeling, artikel 25 AGVV): 25% van de subsidiabele kosten voor ondernemingen, 80% voor onderzoeksorganisaties.
- Test- en experimenteerinfrastructuurproject (artikel 26bis AGVV): 25% van de subsidiabele kosten (geen verhoogd percentage voor onderzoeksorganisaties).
- Demonstratieproject waarbij de elektrolyser zowel hernieuwbare als niet-hernieuwbare waterstof produceert of alleen niet-hernieuwbare waterstof (artikel 36 AGVV): 40% van de extra investeringskosten ten opzichte van de referentiesituatie; 20% als u geen nulscenario vaststelt.
- Demonstratieproject in hernieuwbare energie/hernieuwbare waterstofproductie (artikel 41 AGVV): 45% van de totale investeringskosten; voor overige onder dit artikel vallende investeringen (zoals opslag of specifieke infrastructuur) 30% van de totale investeringskosten.
- Voor alle projecttypen geldt een opslag van 10 procentpunt voor middelgrote ondernemingen en 20 procentpunt voor kleine ondernemingen.
- Voor demonstratieprojecten onder artikel 36 AGVV geldt daarnaast een opslag van 5 procentpunt voor middelgrote en 10 procentpunt voor kleine ondernemingen (als geen nulscenario wordt vastgesteld).
Het eigen aandeel is het deel van de projectkosten waarvoor u geen subsidie ontvangt; u moet aannemelijk maken dat u dit deel kunt financieren, bijvoorbeeld met eigen middelen, een garantieverklaring of overeenkomsten met externe financiers.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| Openstelling | 27 jan 2026 | 30 jul 2026 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de DEI+: Waterstof en groene chemie?
Uw aanvraag moet aan een aantal kernvoorwaarden voldoen, anders wordt deze afgewezen.
- Uw project past binnen de beschrijving van de subthema's van Waterstof en groene chemie.
- U voert een pilot-, demonstratie- of test- en experimenteerinfrastructuurproject uit; een project valt in precies één van deze categorieën.
- Uw project zorgt voor minder CO2-uitstoot in Nederland binnen 10 jaar na de start van het project.
- Uw project duurt maximaal 4 jaar.
- U start met de uitvoering binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking.
- U start, gaat geen verplichtingen aan en maakt geen kosten vóór het indienen van de aanvraag.
- U voert het project voor eigen rekening en op eigen risico uit.
- In uw project maakt minstens één onderneming kosten.
- Uw project is technisch en economisch haalbaar; u onderbouwt de werking van de techniek en de slaagkans in de Nederlandse markt met marktkennis, bronnen en argumenten.
- Uw onderneming is niet in moeilijkheden zoals bedoeld in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening.
- Bij indiening moet voldoende zeker zijn dat de financiering van uw eigen aandeel in de projectkosten rondkomt.
- Als een onderzoeksorganisatie deelneemt, moet er vóór de start van het project een getekende samenwerkingsovereenkomst zijn met afspraken over kostenbijdrage, risico's, resultaten en intellectuele eigendom.
Beoordeling gebeurt op volgorde van binnenkomst, niet op vergelijkende kwaliteit. Afwijzingsgronden die specifiek voor dit thema relevant zijn, zijn onder meer: het project past niet in de themabeschrijving, onvoldoende vertrouwen in financiering of technische/economische haalbaarheid, onvoldoende vernieuwing (bij pilotprojecten geldt de internationale stand van de techniek als maatstaf, bij demonstratieprojecten de Nederlandse stand van de techniek), onvoldoende bijdrage aan CO2-reductie, en (bij gebruik van de vaste-uurtarief-systematiek) het financieren van de eigen bijdrage uit de subsidie voor projecturen.
Hoe vraag je de DEI+: Waterstof en groene chemie aan?
De aanvraag verloopt in vijf stappen.
- U kunt eerst een projectideeformulier invullen om advies te krijgen of uw project aansluit bij de regeling.
- U dient de subsidieaanvraag in via het eLoket met een eHerkenningsmiddel van minimaal betrouwbaarheidsniveau 3.
- RVO controleert of de aanvraag volledig is; bij een tijdige, niet-complete aanvraag krijgt u de kans om aan te vullen.
- RVO beoordeelt de aanvraag op volgorde van binnenkomst, waarbij de datum van complete aanvraag telt.
- U ontvangt schriftelijk uitsluitsel over toekenning of afwijzing.
Bij een samenwerkingsverband dient één penvoerder de aanvraag in; een intermediair kan indienen met een machtiging van de penvoerder als bijlage.
Verplichte onderdelen van de aanvraag:
- Het aanvraagformulier, digitaal ondertekend met eHerkenning door de aanvrager of intermediair.
- Bijlage 1: deelnemersformulier (aanmelding en machtiging), ondertekend door elke deelnemer bij een samenwerkingsverband.
- Bijlage 2: projectplan.
- Bijlage 3: begroting.
- Bijlage 4: financieringsplan (onderdeel van projectplan en begroting).
- Bijlage 5: exploitatieberekening, voor demonstratieprojecten en voor pilotprojecten waarbij de installatie na afloop in gebruik blijft.
- Bijlage 6: plan voor kennisverspreiding.
- Bijlage 7: de-minimisverklaring, indien van toepassing.
- Bijlage 8: verklaring 'geen onderneming in moeilijkheden', inclusief beslisschema, meest recente (geconsolideerde) jaarcijfers en organogrammen (inclusief aandelenverhouding) van de deelnemers.
- Bijlage 9: overige bijlagen.
Voor de financiering van het eigen aandeel moet u bewijsstukken meesturen, zoals een jaarrekening, bankafschrift of intentieverklaringen van financiers.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
RVO beoordeelt de aanvragen op volgorde van binnenkomst, waarbij de datum telt waarop de aanvraag compleet is. De beoordelingstermijn is 8 weken nadat de aanvraag compleet is; deze termijn kan met 8 weken worden verlengd. Als het project aan de voorwaarden voldoet en er geen afwijzingsgronden van toepassing zijn, krijgt u subsidie zolang er budget beschikbaar is.
Tijdens de looptijd gelden onder meer de volgende verplichtingen:
- U start de uitvoering binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking.
- Als een onderzoeksorganisatie deelneemt, moet de getekende samenwerkingsovereenkomst tijdig worden aangeleverd; ontbreekt deze, dan wordt de aanvraag afgewezen of kan RVO de betaling van voorschotten opschorten en uiteindelijk het project stopzetten en de subsidie vaststellen, met terugvordering van verleende voorschotten.
- Voor het subthema 'Productie van waterstof' gelden aanvullende verplichtingen bij het indienen van de aanvraag en bij subsidievaststelling en tot 5 jaar daarna, om te waarborgen dat het project daadwerkelijk bijdraagt aan CO2-reductie. Voor blijvende waterstofproductie-installaties kunt u in plaats van de bestaande verplichtingen ook aantonen dat u een gecertificeerde installatie heeft via een goedgekeurd vrijwillig certificeringsschema.
Na uw aanvraag kunt u via het eLoket de status van uw aanvraag bekijken, de voortgang van uw project doorgeven, wijzigingen in uw project doorgeven en de vaststelling van uw subsidie aanvragen.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Handleiding DEIDownloadPDF · 48 pagina's
Vraag het dossier
Stel een vraag over DEI+: Waterstof en groene chemie. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- DEI+: Waterstof en groene chemiervo.nl · gecontroleerd 7 sep 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.