Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe
Rijksoverheid (specifieke uitkering) en Gedeputeerde Staten van Drenthe
Wat is de Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe?
De Subsidie Maatregel Gebiedsgerichte Beëindiging veehouderijlocaties Drenthe (MGB Drenthe) ondersteunt veehouders die hun bedrijf volledig en blijvend willen sluiten. De subsidie compenseert het waardeverlies van productierechten en productiecapaciteit en de kosten die aan de sluiting verbonden zijn, met als doel de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden blijvend te verminderen. De regeling is bedoeld voor veehouderijlocaties binnen een door de provincie aangewezen gebied rond Natura 2000-gebieden of beekdalen.
Wie komt in aanmerking voor de Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe?
De subsidie is bedoeld voor veehouders (veehouderijondernemingen) die willen stoppen met het houden van landbouwhuisdieren op hun bedrijf. Een veehouder kan een natuurlijke persoon, een rechtspersoon of een samenwerkingsverband van natuurlijke personen of rechtspersonen zijn die een veehouderijonderneming drijft.
Om in aanmerking te komen geldt onder meer:
- De veehouderijlocatie moet liggen binnen een door de provincie aangewezen gebied: binnen een straal van 2,5 kilometer rondom een Natura 2000-gebied of een beekdal (de regeling noemt daarnaast ook veenweidegebied en zandgrond als mogelijke gebiedstypen; het geografische gebied en de afstand worden per openstelling vastgesteld). Ligt een locatie voor een deel binnen het aangewezen gebied, dan kan deze alsnog in aanmerking komen.
- Er moeten, minimaal 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag, onafgebroken dieren op de locatie zijn gehouden (op bedrijfseconomisch gangbare wijze), anders wordt de subsidie geweigerd.
- De veehouderijlocatie moet volledig en onomkeerbaar worden gesloten.
- De sluiting moet leiden tot een reductie van de stikstofemissie van minimaal 250 kilogram ammoniak per kalenderjaar (bij het houden van vleesrunderen of melkvee, eventueel gecombineerd met maximaal 25 landbouwhuisdieren van een andere diercategorie) of minimaal 750 kilogram ammoniak per kalenderjaar (bij uitsluitend andere landbouwhuisdieren dan vleesrunderen of melkvee, of bij vleesrunderen/melkvee gecombineerd met meer dan 25 landbouwhuisdieren van een andere diercategorie).
- PAS-melders die zijn aangemeld voor het legalisatieprogramma en aan de vereisten daarvan voldoen, kunnen ook gebruikmaken van de regeling; hiervoor is een apart budget gereserveerd.
De subsidie wordt geweigerd in een aantal situaties, waaronder als de veehouder zich al heeft verplicht of al is begonnen met het sluiten van de locatie, als vrijkomende stikstofruimte al is of wordt ingezet voor extern salderen, bij faillissement, surseance of schuldsanering, of als de onderneming niet voldoet aan de geldende Unienormen of wettelijke vereisten voor het drijven van een veehouderijonderneming.
Waarvoor krijg je subsidie?
Je krijgt subsidie voor de volledige en onomkeerbare sluiting van een veehouderijlocatie. Subsidiabel zijn de volgende kostensoorten, elk met een eigen vergoeding:
- Waardeverlies van het te laten vervallen productierecht: 100% van de waarde, vastgesteld op basis van taxatie, voor zover het productierecht niet meer bedraagt dan nodig is voor het aantal dieren dat gemiddeld in het referentiejaar op de locatie werd gehouden.
- Waardeverlies van de stilgelegde productiecapaciteit (gebouwen en voorzieningen voor het houden van vee): 100% van het waardeverlies, vastgesteld door twee onafhankelijke taxateurs gezamenlijk.
- Sloopkosten voor het volledig afbreken en verwijderen van de productiecapaciteit: 100% van de kosten, mits de opdracht op marktconforme wijze is verleend (in beginsel op basis van meerdere offertes, met de beste prijs-kwaliteitverhouding).
- Legeskosten voor vergunningen en planologische procedures die direct verbonden zijn met de sluiting: 100% van de kosten.
- Advieskosten die direct verbonden zijn met de sluiting (bijvoorbeeld van een accountant, fiscalist of bedrijfseconomisch deskundige): 100% van de kosten, met een maximum van € 5.000 per veehouderijonderneming. De adviseur moet onafhankelijk en gediplomeerd zijn, ingeschreven staan in het handelsregister, aantoonbare kennis van het onderwerp hebben, en opgenomen zijn in het bedrijfsadviseringssysteem (BAS-register). Het advies moet eenmalig zijn, uitsluitend betrekking hebben op de sluiting en mag niet tot de gewone bedrijfsuitgaven horen.
Niet subsidiabel zijn:
- kosten die zijn gemaakt vóór het indienen van de subsidieaanvraag;
- verrekenbare of compensabele btw.
Ontvangt de veehouder geld voor materialen die bij de sloop vrijkomen en worden vervreemd, dan wordt dit verrekend met de subsidie voor de sloopkosten. Alle kosten moeten redelijk zijn, direct verbonden zijn met de sluiting en voldoen aan de eisen van het landbouwsteunkader.
Hoeveel subsidie krijg je?
De subsidie bedraagt in beginsel 100% van de subsidiabele kosten, met één uitzondering:
- Waardeverlies productierecht: 100% van de getaxeerde waarde.
- Waardeverlies productiecapaciteit: 100% van het getaxeerde waardeverlies.
- Sloopkosten: 100% van de kosten (bij marktconforme opdrachtverlening).
- Legeskosten: 100% van de kosten.
- Advieskosten: 100% van de kosten, met een maximum van € 5.000 per veehouderijonderneming.
Is er al eerder door een ander bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie verstrekt voor dezelfde kosten, dan wordt het subsidiebedrag zo vastgesteld dat het totaal niet meer bedraagt dan wat op grond van deze regeling zou kunnen worden verstrekt, en ook niet meer dan is toegestaan volgens de toepasselijke Europese steunkaders.
Alle bedragen op een rij
| Bedrag | Soort |
|---|---|
| € 5.000 | Maximaal |
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| Openstelling | 1 jul 2025 | 1 okt 2029 | - | - |
| 2026-2029 | - | 31 jan 2027 | - | - |
| Openstelling | - | 31 jan 2027 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe?
De belangrijkste voorwaarden voor een geslaagde aanvraag zijn:
- De vermindering van stikstofemissie door de sluiting moet boven de geldende drempelwaarde liggen (250 of 750 kilogram ammoniak per kalenderjaar, afhankelijk van de diercategorie).
- Er moeten minimaal 5 jaar onafgebroken dieren op de locatie zijn gehouden op bedrijfseconomisch gangbare wijze voorafgaand aan de aanvraag.
- De veehouder mag niet op een andere locatie een nieuw veehouderijbedrijf starten of een bestaand bedrijf overnemen met dezelfde diersoorten (doorstartverbod), behalve op een locatie waar hij ten tijde van de aanvraag al dezelfde diersoorten met productierecht hield.
- De locatie moet beschikken over geldige vergunningen.
- De veehouder mag de vrijkomende stikstofruimte niet (hebben) ingezet voor extern salderen ten behoeve van andere activiteiten.
- De veehouderijonderneming mag niet failliet zijn, geen surseance van betaling hebben of onder de schuldsaneringsregeling vallen, en mag geen onderneming in moeilijkheden zijn zoals gedefinieerd in het landbouwsteunkader.
- De activiteiten moeten voldoende bijdragen aan de doelstellingen van de subsidie.
- De onderneming mag niet artikel 19, eerste lid, artikel 20, eerste lid, of artikel 21b, eerste lid, van de Meststoffenwet hebben overtreden.
Het beschikbare budget wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. Komen aanvragen gelijktijdig binnen en zou toewijzing tot overschrijding van het subsidieplafond leiden, dan wordt geloot.
Hoe vraag je de Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe aan?
Je dient de aanvraag schriftelijk en ondertekend in via het elektronische aanvraagformulier van de provincie, met DigiD of eHerkenning, vergezeld van de vereiste bijlagen. Aanvragen worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst.
Bij de aanvraag lever je onder meer aan:
- de locatie (adres of GPS-coördinaten);
- het gemiddeld aantal landbouwhuisdieren dat twee kalenderjaren voorafgaand aan de aanvraag op de locatie werd gehouden (het referentiejaar), aan te tonen met bijvoorbeeld veesaldokaarten en stallijsten (de gecombineerde opgave is hiervoor niet voldoende);
- het toegepaste huisvestingssysteem;
- indien van toepassing: het aantal productierechten, eventueel uitgesplitst naar locatie;
- de geldende milieu- en/of natuurvergunning (als upload);
- het onderliggende bestemmingsplan (als upload).
De provincie kan aanvullende gegevens vragen. Na goedkeuring van de aanvraag laat de provincie een taxatie uitvoeren door twee onafhankelijke taxateurs, die zijn ingeschreven bij de Kamer Landelijk en Agrarisch Vastgoed van het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs. Deze taxatie bepaalt de waarde van het productierecht en de productiecapaciteit op basis van de marktwaarde op de datum van indiening van de aanvraag.
Onderdeel van het traject is verder de verplicht te sluiten modelovereenkomst, die zowel de veehouder als de provincie ondertekenen. Hierin verbindt de veehouder zich onder meer om geen landbouwhuisdieren meer te houden op de locatie, dit ook te borgen bij overdracht (kettingbeding), een kwalitatieve verplichting hierover in te schrijven in de openbare registers, en niet op een andere locatie dezelfde diersoorten te gaan houden.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Gedeputeerde Staten beoordelen de aanvraag en beslissen binnen 22 weken nadat de aanvraag is ingediend. Deze termijn is nodig omdat de noodzakelijke taxatie(s) moeten worden uitgevoerd. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) ondersteunt de provincie bij de beoordeling, onder meer door te controleren of de aangeleverde dieraantallen juist zijn en het gemiddeld gehouden aantal dieren in het referentiejaar vast te stellen.
De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat binnen 6 maanden na subsidieverlening een overeenkomst met de provincie wordt gesloten (met een kwalitatieve verplichting die notarieel wordt vastgelegd en ingeschreven in de openbare registers). Wordt deze overeenkomst niet binnen de gestelde termijn gesloten, dan vervalt de subsidieverlening van rechtswege en wordt de subsidie teruggevorderd.
Na subsidieverlening gelden onder meer de volgende verplichtingen, met bijbehorende termijnen:
- uiterlijk 12 maanden na subsidieverlening: geen landbouwhuisdieren meer houden op de locatie, en dierlijke meststoffen verwijderen (met uitzondering van de bezinklaag in mestkelders, die bij sloop van de mestkelder wordt verwijderd);
- binnen 12 maanden: bij productierecht een kennisgeving doen van het vervallen van de productierechten (minimaal 80% voor varkens en pluimvee, minimaal 95% voor melkvee, van het aantal in het referentiejaar gehouden dieren);
- binnen 12 maanden: een omgevingsrechtelijke melding doen of mededeling dat de omgevingsvergunning milieu is ingetrokken of aangepast;
- binnen 6 maanden: bij een natuurvergunning een verzoek tot intrekking indienen en dit aantonen bij de vaststellingsaanvraag;
- binnen 12 maanden: mededeling doen dat de gemeente een verzoek tot aanpassing van het omgevingsplan in behandeling heeft genomen;
- binnen 24 maanden: de gebruikte productiecapaciteit afbreken en verwijderen.
Bij onvoorziene omstandigheden kan de subsidieontvanger, uiterlijk de dag voor het verstrijken van een termijn, een gemotiveerd verzoek indienen tot verlenging met telkens maximaal 12 maanden. Gedeputeerde Staten kunnen ook ontheffing verlenen van de sloopverplichting als de veehouder de productiecapaciteit langdurig gaat gebruiken voor andere activiteiten en het bevoegd gezag daarmee instemt.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- ModelovereenkomstDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
Dit is de modelovereenkomst die je met de provincie Drenthe sluit en waarin je de onomkeerbare sluiting van je veehouderijlocatie vastlegt, wat een voorwaarde is voor de subsidieverlening.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Subsidieregeling maatregel gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Drenthe. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Subsidie Maatregel Gebiedsgerichte Beëindiging veehouderijlocaties Drentheprovincie.drenthe.nl · gecontroleerd 24 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksoverheid (specifieke uitkering) en Gedeputeerde Staten van Drenthe; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.