Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)

Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Fryslân

Wat is de Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)?

Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) is een Europees en nationaal steunprogramma voor de landbouwsector en het platteland, uitgevoerd door onder meer het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en de provincie Fryslân. Het bestaat uit een groot aantal afzonderlijke regelingen, waaronder basisinkomenssteun, eco-regelingen, agrarisch natuur- en landschapsbeheer, en projectsubsidies voor investeringen, innovatie, kennisdeling en gebiedsontwikkeling. Elke deelregeling heeft eigen doelgroepen, voorwaarden en subsidiepercentages.

Wie komt in aanmerking voor de Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)?

Het GLB bestaat uit meerdere regelingen met elk hun eigen doelgroep. Voor de regelingen rond samenwerking voor integrale gebiedsontwikkeling in Fryslân geldt het volgende.

Je bent gevestigd in de EU
Landelijke regeling.
Je bent een landbouwbedrijf
De definitieve beoordeling ligt bij Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Fryslân.

Planvorming (schrijven van een gebiedsplan):

  • Bedoeld voor initiatiefnemers van een samenwerkingsverband in oprichting.
  • Het op te richten samenwerkingsverband moet uit minimaal twee partijen bestaan, waarvan minimaal één landbouwer (landbouwactiviteiten als hoofdactiviteit, geregistreerd bij de Kamer van Koophandel).
  • Initiatiefnemers kunnen zijn: landbouwers, grondeigenaren, grondgebruikers, landbouworganisaties, natuur- en landschapsorganisaties, provincies, waterschappen, gemeenten, en overige natuurlijke of rechtspersonen.
  • Overheden mogen geen penvoerder (aanvrager) zijn, maar wel deelnemer in het samenwerkingsverband.
  • Een agrarische organisatie of collectief telt niet als "de landbouwer" in het samenwerkingsverband; er moet expliciet minimaal één individuele landbouwer worden opgenomen.

Uitvoering (uitvoeren van een gebiedsplan):

  • Bedoeld voor een samenwerkingsverband met minimaal twee partners, waarvan ten minste één landbouwer.
  • Overheden mogen geen penvoerder zijn, maar wel deelnemer.
  • Als bijeenkomsten voor kennisoverdracht onderdeel zijn van het gebiedsplan, moet ook een kennisaanbieder (die kennisoverdracht verstrekt en faciliteert aan landbouwers, aantoonbaar gekwalificeerd) in het samenwerkingsverband zitten.

Voor andere GLB-onderdelen (productieve investeringen, niet-productieve investeringen, innovatieprojecten, kennisdeling, LEADER) noemt de informatie dat het gaat om boeren/landbouwbedrijven (waaronder jonge landbouwers onder 40 jaar), natuur-, water- en landschapspartijen, samenwerkingsverbanden voor innovatie, kennisaanbieders, en inwoners, ondernemers, verenigingen of stichtingen met plattelandsinitiatieven (voor LEADER, via aanmelding bij de LEADER-coördinator).

Waarvoor krijg je subsidie?

Het GLB kent meerdere onderdelen met elk eigen subsidiabele activiteiten en kostensoorten:

  • Productieve investeringen voor verduurzaming van het landbouwbedrijf: investeringen die direct bijdragen aan omzet, waarde of winst, zoals regelbare drainage, kleinschalige windturbines of comfortabele ligplaatsen voor dierwelzijn.
  • Herstel en inrichting van het landelijk gebied: niet-productieve investeringen buiten het landbouwbedrijf, zoals herstel van houtwallen, herstel van begreppeling, verbreden of natuurvriendelijk inrichten van hoofdwatergangen en inrichten van bergings- en retentiegebieden.
  • Herstel en inrichting van landbouwgronden: niet-productieve investeringen op het landbouwbedrijf, zoals aanleg van vogelakkers, herstel van drenkpoelen, herstel van kruidenrijk grasland en het verbreden van sloten en verflauwen van oevers.
  • Innovatieprojecten: (door)ontwikkelen van technische, sociale of organisatorische innovaties, met uitzondering van bedrijfsinvesteringen (machines) die voor de innovatie nodig zijn.
  • Kennisdeling en informatie: trainingen, workshops, coaching, voorlichtingsacties en demonstratieactiviteiten aan groepen landbouwers, of demonstratieprojecten op het eigen bedrijf.
  • Samenwerking integrale gebiedsontwikkeling, planvorming: alle kosten voor het opstellen van het gebiedsplan, het mobiliseren van partijen en het samenstellen of actualiseren van het samenwerkingsverband. Denk aan kosten voor bijeenkomsten, studies, adviseurs, communicatie en personeelskosten.
  • Samenwerking integrale gebiedsontwikkeling, uitvoering: het gebiedsplan kan bestaan uit niet-productieve investeringen (milieu, biodiversiteit, klimaat, landschap), kennisoverdracht, samenwerking voor innovatie en productieve investeringen voor modernisering van landbouwbedrijven. Subsidiabele kosten zijn onder meer loonkosten, eigen arbeid, legeskosten (alleen bij uitvoering) en overige kosten waarvoor een factuur of gelijkwaardig bewijs kan worden overlegd. Inkomstenderving in het kader van experimenten is niet subsidiabel. Veredeling als proces is niet subsidiabel als productieve investering; machines of sensoren die daarvoor nodig zijn wel.
  • LEADER: projecten voor sociale en economische ontwikkeling van het platteland in de regio's Noordwest-, Zuidoost- en Zuidwest-Fryslân, binnen de kaders van de lokale ontwikkelstrategie per regio.

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidiepercentages en bedragen verschillen per onderdeel van het GLB:

  • Productieve investeringen verduurzaming landbouwbedrijf: 40% van de subsidiabele kosten, met uitzondering van jonge boeren (jonger dan 40 jaar): 55% van de subsidiabele kosten.
  • Herstel en inrichting landelijk gebied: 100% van de subsidiabele kosten, met uitzondering van investeringen alleen gericht op waterkwantiteit: 70%.
  • Herstel en inrichting landbouwgronden: 100% van de subsidiabele kosten, met uitzondering van investeringen in het watersysteem: 70%.
  • Innovatieprojecten: 100% van de subsidiabele kosten, met uitzondering van bedrijfsinvesteringen (machines) voor de innovatie: 40%.
  • Kennisdeling en informatie: 80% voor trainingen, workshops, coaching, voorlichtingsacties en demonstratieactiviteiten aan groepen landbouwers door een kennisaanbieder; 100% voor demonstratieprojecten door een landbouwer op het eigen bedrijf.
  • LEADER: 50% van de subsidiabele kosten.
  • Samenwerking integrale gebiedsontwikkeling, planvorming: € 25.000 tot € 40.000 per project (in totaal € 480.000 beschikbaar), 100% van de subsidiabele kosten.
  • Samenwerking integrale gebiedsontwikkeling, uitvoering: € 600.000 tot € 2.300.000 per project (in totaal € 10.000.000 beschikbaar). Het percentage verschilt per activiteit: 40% voor productieve investeringen groen-blauw of dierenwelzijn, 100% voor niet-productieve investeringen (70% bij investeringen in het watersysteem), 80% voor bijeenkomsten voor kennisoverdracht, 100% voor voorbereiding en uitvoering van ruilverkaveling, 100% voor het ontwikkelen of beproeven van innovaties en 100% voor draagvlakontwikkeling of samenwerkingsactiviteiten. Ten minste 75% van de uitvoeringssubsidie moet bestaan uit productieve en niet-productieve investeringen; maximaal 25% mag bestaan uit kennisoverdracht, ruilverkaveling, innovatie en draagvlakontwikkeling/samenwerking.

De middelen voor samenwerking integrale gebiedsontwikkeling komen voor 43% van Europese en voor 57% van provinciale middelen. Deze regelingen vallen normaliter niet onder de-minimissteun, omdat het in de basis gaat om niet-economische activiteiten; afhankelijk van de concrete activiteiten kan hiervan bij beoordeling toch sprake zijn, wat SNN toetst.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
20269 feb 202610 apr 2026--
Openstelling-10 apr 2026--
2025-07-3131 jul 2025---
Uitvoering gebiedsplan Fryslân31 jul 2025---

Wat zijn de voorwaarden van de Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)?

Voor de regelingen samenwerking integrale gebiedsontwikkeling gelden de volgende eisen:

Waarop wordt beoordeeld

  1. Mate waarin de aanvrager in staat is een gebiedsplan op te stellen in relatie tot de gebiedsopgave.
  2. Mate waarin de aanvrager in staat is het samenwerkingsverband te organiseren.
  3. De voorgenomen organisatie en samenstelling van het samenwerkingsverband.
  4. De haalbaarheid van de activiteiten.
  5. a. Ambitie van het plan ten aanzien van de gebiedsdoelen.
  6. b. Diversiteit van de partijen en aantal samenwerkende partijen.
  7. c. Draagvlak voor het gebiedsplan.
  8. d. Effectiviteit van de activiteit (een plan dat bijdraagt aan meerdere doelen zoals klimaat, water, landschap, natuur en biodiversiteit scoort hoger dan een plan dat slechts één doel dient).
  9. e. Efficiëntie van de uitvoering (verhouding input en output).
  10. f. Haalbaarheid van de activiteit.
  11. g. Mate van urgentie van de activiteit.
  • Samenwerkingseis: minimaal twee partijen, waarvan minimaal één landbouwer (bij planvorming een nog niet bestaand samenwerkingsverband; bij uitvoering een samenwerkingsverband van minimaal twee partners).
  • Overheden mogen geen penvoerder (aanvrager) zijn.
  • Bij planvorming moet het samenwerkingsverband nog in oprichting zijn; dit is een verplichting vanuit de onderliggende Europese regeling.
  • Als kennisoverdracht onderdeel is van het gebiedsplan, moet een kennisaanbieder deelnemen aan het samenwerkingsverband.
  • Bij uitvoering moet ten minste 75% van de subsidie bestaan uit productieve investeringen groen-blauw/dierenwelzijn en niet-productieve investeringen; maximaal 25% mag bestaan uit kennisoverdracht, ruilverkaveling, innovatie en draagvlakontwikkeling.

Een expliciete weging tussen deze criteria wordt niet gegeven. De aanvragen worden beoordeeld door een onafhankelijke (expert)adviescommissie. Integrale plannen die bijdragen aan meerdere doelen (klimaat, water, natuur, biodiversiteit) ontvangen bij de beoordeling meer punten dan minder integrale plannen; minder integrale plannen kunnen echter ook subsidie krijgen.

Voor de overige GLB-onderdelen (productieve en niet-productieve investeringen, innovatie, kennisdeling, LEADER) worden in de aangeleverde informatie geen aparte beoordelingscriteria genoemd.

Wat zijn de voorwaarden van Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)?

Hoe vraag je de Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB) aan?

Voor provinciale GLB-regelingen (waaronder productieve en niet-productieve investeringen, innovatieprojecten, kennisdeling, samenwerking integrale gebiedsontwikkeling) verloopt de aanvraag via de website van SNN. Voor rijksregelingen zoals de basispremie en projectsubsidies (GLB-projectsubsidies SABE) verloopt de aanvraag via RVO.

Voor samenwerking integrale gebiedsontwikkeling geldt specifiek:

  • Bij planvorming vraagt de initiatiefnemer van het (nog niet bestaande) samenwerkingsverband de subsidie aan.
  • Bij uitvoering vraagt het samenwerkingsverband de subsidie aan; overheden mogen dit niet als penvoerder doen.
  • Aantoning van het samenwerkingsverband gebeurt met een format (excelbestand) dat op de website van SNN beschikbaar is, waarin gegevens van de deelnemende partijen worden ingevuld.
  • Voor de planvormingsopenstelling kan optioneel een 2-pager (planvoorstel) worden aangeleverd voor feedback; dit is niet verplicht.
  • Voor de uitvoeringsopenstelling kan optioneel gebruik worden gemaakt van een pitchmoment waarbij een 2-pager wordt gepresenteerd voor feedback; ook dit is niet verplicht.
  • Bij planvorming moeten uren van derden worden onderbouwd met een offerte; voor eigen uren is geen offerte nodig. Bij uitvoering gaat het vaker om externe kosten, waarbij ook op marktconformiteit wordt getoetst.
  • Indien van toepassing moet een MKB-verklaring worden ingediend (niet nodig als de aanvrager geen MKB'er is).
  • Bij grotere ondernemingsstructuren is inzicht in de juridische organisatiestructuur nodig.
  • Een aanvraag kan ook zonder E-herkenning worden gedaan via een alternatieve route die in het aanvraagproces wordt aangeboden; het advies is om waar mogelijk wel E-herkenning te gebruiken.
  • Activiteiten die vóór indiening van de aanvraag worden uitgevoerd, zijn niet subsidiabel. Starten na indiening van de aanvraag is mogelijk, maar dit is op eigen risico zolang er nog geen besluit is genomen.
Hoe vraag je Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB) aan?

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Voor samenwerking integrale gebiedsontwikkeling geldt dat de aanvragen worden beoordeeld door een onafhankelijke (expert)adviescommissie met experts op thema's als natuur, landbouw, water, bodem en klimaat.

De beoordelingstermijn is voor alle GLB-openstellingen 22 weken.

Verplichtingen tijdens de looptijd die worden genoemd voor de uitvoering van een gebiedsplan: proces, administratie en verantwoording, en monitoring en evaluatie (met eventuele bijsturing). Kosten moeten onderbouwd worden met een factuur of document met gelijkwaardige bewijskracht; bij externe kosten wordt marktconformiteit getoetst.

Voor lopende openstellingen behandelt en ondersteunt SNN de aanvragers; voor algemene vragen over het GLB, het Nationaal Strategisch Plan of de subsidies kun je bij de provincie Fryslân terecht.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Welke documenten heb je nodig voor Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB)?

Vraag het dossier

Stel een vraag over Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en Provincie Fryslân; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.