Subsidieregeling Z-route subregio Midden-Twente 2026
Gemeente Hengelo (penvoerder namens subregio Midden-Twente)
Voor taalaanbieders die Nederlandse taalles verzorgen aan statushouders (inburgeraars) in de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen.
Ook bekend als Z-route, Zelfredzaamheidsroute, Z-route Midden-Twente, Subsidieregeling Z-route subregio Midden Twente 2026
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor aanbieders van Nederlandse taalonderwijs (800 uur) aan statushouders in de subregio Midden-Twente (Hengelo, Hof van Twente, Borne, Haaksbergen). Maximaal twee aanbieders (één voor reguliere lesuren, één voor buiten reguliere uren) ontvangen subsidie voor een periode van vier kalenderjaren (2026-2029).
Voor wie is het bedoeld?
Voor taalaanbieders die Nederlandse taalles verzorgen aan statushouders (inburgeraars) in de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil als taalaanbieder subsidie aanvragen voor het verzorgen van Nederlandse taalles aan statushouders
- Ik zoek financiering voor een intensieve taalroute (Z-route) gericht op inburgeraars
- Ik wil weten hoe ik kan deelnemen aan de aanbesteding voor taalonderwijs in Midden-Twente
- Ik wil als taalschool subsidie aanvragen voor het verzorgen van Nederlandse taalles aan statushouders
- Ik ben een onderwijsaanbieder en wil deelnemen aan de Z-route (Zelfredzaamheidsroute) in Midden-Twente
- Ik wil Nederlands taalonderwijs aanbieden buiten reguliere lesuren aan inburgeraars
Voorwaarden
- Aanbieders moeten minimaal 800 uur Nederlandse taalles verzorgen over een periode van drie jaar
- Taalles moet gericht zijn op statushouders woonachtig in de subregio Midden-Twente
- Minimaal A1-niveau Nederlands (lezen, luisteren, schrijven, spreken)
- Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) moet onderdeel zijn van het traject
- Maximaal één aanbieder per activiteit (reguliere lesuren en buiten reguliere uren)
- Aanbieders moeten NT2-gecertificeerde docenten inzetten
- Beoordeling op basis van kwaliteit (90%) en prijs (10%)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
Er is op dit moment geen open ronde.
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Subsidieregeling Z-route subregio Midden-Twente 2026 Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1. Begripsbepalingen 1.. A1-niveau: een taalniveau voor een zogenaamde beginner overeenkomstig het Europees referentiekader, inhoudende het begrijpen van eenvoudige woorden en zinnen die gaan over vertrouwde onderwerpen. Iemand kan: vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen gebruiken die gericht zijn op concrete behoeften en gebruiken; jezelf aan anderen voorstellen; vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens, zoals waar je woont, over mensen die je kent en over dingen die je bezit; persoonlijke gegevens invullen op een formulier, bijvoorbeeld je naam, adres en nationaliteit; op een eenvoudige manier reageren op anderen, als zij langzaam en duidelijk praten en bereid zijn om te helpen. 2.. A2-niveau: iemand die het Nederlands beheerst op A2 niveau kan: zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk of opleiding); communiceren tijdens simpele en alledaagse taken en een korte boodschap, zoals een bedankbriefje schrijven; in eenvoudige bewoordingen aspecten van je eigen achtergrond en omgeving beschrijven. 3.. Alfabetiseren: is het letters leren lezen en schrijven om vervolgens ook woordjes en zinnen te kunnen schrijven en eenvoudige teksten te kunnen lezen. 4.. Buiten reguliere uren: avonduren na 18 uur en in het weekend. 5.. Bijgewoonde uren: daadwerkelijk door de cursist gevolgde uren. 6.. Blik op Werk-keurmerk: het keurmerk voor taalaanbieders, inburgeringscursussen en duale trajecten dat garantie biedt voor de kwaliteit van de dienstverlening. 7.. Besluit: Besluit inburgering 2021. 8.. Cursist: statushouder die de Zelfredzaamheidsroute volgt. 9.. EVC-procedure: een procedure voor Erkenning van eerder Verworven Competenties die binnen 6 tot 12 weken wordt doorlopen en gedurende die periode wordt al het materiaal verzameld dat als bewijs kan dienen dat iemand over de vereiste competenties beschikt. 10.. KNM: Kennis van de Nederlandse maatschappij. Binnen de Z-route (component taal) volgen de inburgeraars 800 uur taal inclusief het onderdeel KNM. Dit wordt niet geëxamineerd. 11.. Leermiddelen, digitaal en schriftelijk: ieder middel dat in een formele lessituatie wordt gebruikt om de inburgeraar (digitale) kennis en (digitale) vaardigheden bij te brengen. 12.. NT2 docent: docent die Nederlandse taallessen verzorgt voor mensen die Nederlands niet als moedertaal hebben. 13.. Overstap: de overstap van de B1 route naar de Z-route of de overstap binnen de Z-route naar een andere taalschool. 14.. Regeling: Regeling inburgering 2021. 15.. Reguliere lesuren: lesuren die op werkdagen vallen tussen 08.00 uur ’s ochtends en 18.00 uur ’s avonds. 16.. Statushouder: iemand die een (tijdelijke) verblijfsvergunning heeft gekregen. 17.. Subregio Midden-Twente: de gemeente Borne, Haaksbergen, Hengelo en de Hof van Twente, waarbij de gemeente Hengelo penvoerder is. 18.. Traject: de Z-route waarbij in deze regeling wordt uitgegaan van 800 uur taalonderwijs. 19.. Verzuim: het aantal uren dat een cursist niet heeft deelgenomen aan de taalles al dan niet met een geldige reden. Deze uren tellen niet mee voor het voldoen aan de Z-route. 20.. De wet: Wet inburgering 2021. 21.. Z-route: Zelfredzaamheidsroute: een intensieve leerroute gericht op taal (A1-niveau), activering en participatie bedoeld voor inburgeraars van wie wordt verwacht dat zij het taalniveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen. Artikel 2. Toepassing Algemene subsidieverordening De vigerende Algemene subsidieverordening van de gemeente Hengelo is geheel van toepassing voor zover hiervan in deze subsidieregeling niet nadrukkelijk wordt afgeweken. Hoofdstuk 2: Aanvraag, procedure en toekenning Artikel 3. Subsidiabele activiteit Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende activiteiten: - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren – met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau tijdens reguliere lesuren, waarbij KNM inbegrepen is. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject; - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren– met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau, waarbij KNM inbegrepen is, buiten reguliere lesuren. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject. Een aanvrager kan voor één of beide activiteiten een aanvraag indienen. Voor de activiteit als bedoeld in het tweede lid heeft te gelden dat het tot de mogelijkheden behoort om, indien gewenst door de aanvrager, naast de gevraagde lesuren één maal per week tijdens reguliere lesuren in een deel van het traject te voorzien. Artikel 4. Subsidieontvanger Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een aanbieder die: - in het bezit is van het Blik Op Werk-keurmerk; - bekend is met de lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten; - werkt met het percentage voor NT2-gecertificeerde docenten, en het percentage docenten dat bezig is met de opleiding NT2/EVC-procedure die mag lesgeven onder toezicht van een NT2-gecertificeerde (hoofd)docent volgens de meest recente handleiding van Blik op Werk; en - docenten in dienst heeft die aantoonbare ervaring hebben of gespecialiseerd zijn in het doceren van alfabetiseringscursisten. Artikel 5. Maximaal aantal subsidieontvangers De subsidie wordt verstrekt aan maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid en maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid, voor de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen gezamenlijk, waarbij het aanbieders is toegestaan onderaannemers in te zetten. Artikel 6. Subsidietijdvak De subsidie wordt verleend voor een tijdvak van vier kalenderjaren, voor het eerst voor het tijdvak van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Artikel 7. Hoogte subsidie 1.. De subsidie wordt berekend aan de hand van de kostprijs per uur van maximaal € 13,75 per uur voor een traject als bedoeld in artikel 3, tot een maximum van € 11.000,-- per traject inclusief btw. 2.. In de maximum kostprijs per uur zijn de benodigde leermiddelen voor de deelnemers inbegrepen. 3.. De subsidie wordt vastgesteld op basis van het aantal bijgewoonde uren per deelnemer per jaar tegen het in de verleningsbeschikking opgenomen tarief per uur. 4.. Het tarief per uur wordt jaarlijks geïndexeerd voor het eerst in januari 2027 gebaseerd op het percentage dat de rijksoverheid hanteert bij de jaarlijkse aanpassing voor loon- en prijs aanpassingen van de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen. Artikel 8. Indieningstermijn aanvraag subsidieverlening 1.. Aanvragen om subsidieverlening kunnen worden ingediend in de periode vanaf 3 september tot en met 8 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 2.. Aanvragen die voor 24 september zijn ontvangen, worden beoordeeld op volledigheid. In geval van onvolledigheid krijgen de aanvragers gelegenheid de aanvraag alsnog aan te vullen tot en met uiterlijk 8 oktober. 3.. Aanvragen of aanvullingen van aanvragen die na 8 oktober worden ontvangen, worden geweigerd. Artikel 9. Indieningsvereisten Een aanvraag bevat de daarin gevraagde bescheiden, waaronder in ieder geval: - Een plan waarin een heldere beschrijving is opgenomen van de activiteit en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de trajecten voor de periode van 3 jaar. Het volgende moet in ieder geval worden beschreven: visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek van het praktijkgericht taalonderwijs, waar ook aangegeven wordt op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven; een voorbeeld van een praktijkgericht lesprogramma; hoe de aanbieder aansluit bij de leerbehoefte en het leervermogen van inburgeraars waarbij aandacht is voor verschillende leeftijdscategorieën; de wijze waarop verzuim wordt tegengegaan; de wijze waarop in de zomervakantie, ook buiten de (normale) lessen om, er blijvende aandacht voor taalontwikkeling is; de groepsgrootte, wijze van samenstelling van de groep en hoe omgegaan wordt met wisselende leerlingenaantallen; ende bekendheid met lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten en de wijze waarop aanvrager de lokale en (sub)regionale samenwerking met betrokken partners wil vormgeven. - Een overzicht van het percentage NT2-gecertificeerde docenten en een overzicht van docenten die in dienst zijn die alfabetiseringservaring hebben. - Een sluitende begroting met een toelichting waarin de aanvrager inzicht geeft in de kostprijs per traject. Artikel 10. Rangschikking aanvragen 1.. Als er meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid dan wel meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid is ingediend die voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidie, rangschikt de subsidieverlener de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria zoals vermeld in artikel 11. 2.. Een aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate deze naar het oordeel van subsidieverlener beter voldoet aan de beoordelingscriteria. 3.. De subsidie wordt verleend aan de hoogst gerangschikte subsidieaanvrager(s), tot een maximum van de trajectprijs. 4.. Wanneer twee of meer partijen gelijk eindigen als hoogst gerangschikt voor de betreffend activiteit, wordt een keuze tussen deze aanvragers gemaakt door middel van het afnemen van een interview van de gelijk gerangschikte aanvragers. Het interview wordt afgenomen aan de hand van een casus, waarbij de volgende aandachtspunten van belang zijn: - visie op praktijkgericht onderwijs; - de wijze waarop leerlingbegeleiding vorm wordt gegeven; - de wijze waarop gestalte wordt gegeven aan lokale/subregionale samenwerking. Van deze interviews worden verslagen gemaakt, waarin de waardering van bovengenoemde punten wordt gemotiveerd. Artikel 11. Beoordelingscriteria De subsidieverlener rangschikt de aanvragen in de situatie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, aan de hand van de volgende criteria: - De kwaliteit van het traject op de volgende onderdelen:De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek praktijkgericht taalonderwijs, alsook op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven. De wijze waarop omgegaan wordt met verzuim/verzuim wordt voorkomen.De mate waarin de aanvrager aansluit bij de leerbehoeftes en leervermogens van inburgeraars.De wijze waarop wordt omgegaan met wisselende aantallen cursisten, met aandacht voor groepsgroottes en leeftijdscategorieën.De wijze waarop lokale/subregionale samenwerking en afstemming voor duale trajecten wordt vormgegeven. - Het opgegeven tarief voor de trajectprijs. - De subsidieverlener kent voor de criteria, genoemd in het eerste en tweede lid, het volgende aantal maximale punten toe:CriteriaMaximaal aantal puntenKwaliteit art. 11 lid 1 sub a5Kwaliteit art. 11 lid 1 sub b5Kwaliteit art. 11 lid 1 sub c5Kwaliteit art. 11 lid 1 sub d5Kwaliteit art. 11 lid 1 sub e 5Prijs10 Hierbij geldt de volgende weging tussen prijs en kwaliteit: 10% voor de prijs en 90% voor de kwaliteit. De beoordeling wordt gegeven op basis van de volgende uitgangspunten: - Score '5' wordt gegeven als de aanvrager zeer goed voldoet aan de vereisten, uitstekend inzicht biedt in de wijze waarop aanvrager […tekst ingekort]
Toon brontekst
Subsidieregeling Z-route subregio Midden-Twente 2026 Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1. Begripsbepalingen 1.. A1-niveau: een taalniveau voor een zogenaamde beginner overeenkomstig het Europees referentiekader, inhoudende het begrijpen van eenvoudige woorden en zinnen die gaan over vertrouwde onderwerpen. Iemand kan: vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen gebruiken die gericht zijn op concrete behoeften en gebruiken; jezelf aan anderen voorstellen; vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens, zoals waar je woont, over mensen die je kent en over dingen die je bezit; persoonlijke gegevens invullen op een formulier, bijvoorbeeld je naam, adres en nationaliteit; op een eenvoudige manier reageren op anderen, als zij langzaam en duidelijk praten en bereid zijn om te helpen. 2.. A2-niveau: iemand die het Nederlands beheerst op A2 niveau kan: zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk of opleiding); communiceren tijdens simpele en alledaagse taken en een korte boodschap, zoals een bedankbriefje schrijven; in eenvoudige bewoordingen aspecten van je eigen achtergrond en omgeving beschrijven. 3.. Alfabetiseren: is het letters leren lezen en schrijven om vervolgens ook woordjes en zinnen te kunnen schrijven en eenvoudige teksten te kunnen lezen. 4.. Buiten reguliere uren: avonduren na 18 uur en in het weekend. 5.. Bijgewoonde uren: daadwerkelijk door de cursist gevolgde uren. 6.. Blik op Werk-keurmerk: het keurmerk voor taalaanbieders, inburgeringscursussen en duale trajecten dat garantie biedt voor de kwaliteit van de dienstverlening. 7.. Besluit: Besluit inburgering 2021. 8.. Cursist: statushouder die de Zelfredzaamheidsroute volgt. 9.. EVC-procedure: een procedure voor Erkenning van eerder Verworven Competenties die binnen 6 tot 12 weken wordt doorlopen en gedurende die periode wordt al het materiaal verzameld dat als bewijs kan dienen dat iemand over de vereiste competenties beschikt. 10.. KNM: Kennis van de Nederlandse maatschappij. Binnen de Z-route (component taal) volgen de inburgeraars 800 uur taal inclusief het onderdeel KNM. Dit wordt niet geëxamineerd. 11.. Leermiddelen, digitaal en schriftelijk: ieder middel dat in een formele lessituatie wordt gebruikt om de inburgeraar (digitale) kennis en (digitale) vaardigheden bij te brengen. 12.. NT2 docent: docent die Nederlandse taallessen verzorgt voor mensen die Nederlands niet als moedertaal hebben. 13.. Overstap: de overstap van de B1 route naar de Z-route of de overstap binnen de Z-route naar een andere taalschool. 14.. Regeling: Regeling inburgering 2021. 15.. Reguliere lesuren: lesuren die op werkdagen vallen tussen 08.00 uur ’s ochtends en 18.00 uur ’s avonds. 16.. Statushouder: iemand die een (tijdelijke) verblijfsvergunning heeft gekregen. 17.. Subregio Midden-Twente: de gemeente Borne, Haaksbergen, Hengelo en de Hof van Twente, waarbij de gemeente Hengelo penvoerder is. 18.. Traject: de Z-route waarbij in deze regeling wordt uitgegaan van 800 uur taalonderwijs. 19.. Verzuim: het aantal uren dat een cursist niet heeft deelgenomen aan de taalles al dan niet met een geldige reden. Deze uren tellen niet mee voor het voldoen aan de Z-route. 20.. De wet: Wet inburgering 2021. 21.. Z-route: Zelfredzaamheidsroute: een intensieve leerroute gericht op taal (A1-niveau), activering en participatie bedoeld voor inburgeraars van wie wordt verwacht dat zij het taalniveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen. Artikel 2. Toepassing Algemene subsidieverordening De vigerende Algemene subsidieverordening van de gemeente Hengelo is geheel van toepassing voor zover hiervan in deze subsidieregeling niet nadrukkelijk wordt afgeweken. Hoofdstuk 2: Aanvraag, procedure en toekenning Artikel 3. Subsidiabele activiteit Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende activiteiten: - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren – met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau tijdens reguliere lesuren, waarbij KNM inbegrepen is. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject; - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren– met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau, waarbij KNM inbegrepen is, buiten reguliere lesuren. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject. Een aanvrager kan voor één of beide activiteiten een aanvraag indienen. Voor de activiteit als bedoeld in het tweede lid heeft te gelden dat het tot de mogelijkheden behoort om, indien gewenst door de aanvrager, naast de gevraagde lesuren één maal per week tijdens reguliere lesuren in een deel van het traject te voorzien. Artikel 4. Subsidieontvanger Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een aanbieder die: - in het bezit is van het Blik Op Werk-keurmerk; - bekend is met de lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten; - werkt met het percentage voor NT2-gecertificeerde docenten, en het percentage docenten dat bezig is met de opleiding NT2/EVC-procedure die mag lesgeven onder toezicht van een NT2-gecertificeerde (hoofd)docent volgens de meest recente handleiding van Blik op Werk; en - docenten in dienst heeft die aantoonbare ervaring hebben of gespecialiseerd zijn in het doceren van alfabetiseringscursisten. Artikel 5. Maximaal aantal subsidieontvangers De subsidie wordt verstrekt aan maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid en maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid, voor de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen gezamenlijk, waarbij het aanbieders is toegestaan onderaannemers in te zetten. Artikel 6. Subsidietijdvak De subsidie wordt verleend voor een tijdvak van vier kalenderjaren, voor het eerst voor het tijdvak van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Artikel 7. Hoogte subsidie 1.. De subsidie wordt berekend aan de hand van de kostprijs per uur van maximaal € 13,75 per uur voor een traject als bedoeld in artikel 3, tot een maximum van € 11.000,-- per traject inclusief btw. 2.. In de maximum kostprijs per uur zijn de benodigde leermiddelen voor de deelnemers inbegrepen. 3.. De subsidie wordt vastgesteld op basis van het aantal bijgewoonde uren per deelnemer per jaar tegen het in de verleningsbeschikking opgenomen tarief per uur. 4.. Het tarief per uur wordt jaarlijks geïndexeerd voor het eerst in januari 2027 gebaseerd op het percentage dat de rijksoverheid hanteert bij de jaarlijkse aanpassing voor loon- en prijs aanpassingen van de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen. Artikel 8. Indieningstermijn aanvraag subsidieverlening 1.. Aanvragen om subsidieverlening kunnen worden ingediend in de periode vanaf 3 september tot en met 8 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 2.. Aanvragen die voor 24 september zijn ontvangen, worden beoordeeld op volledigheid. In geval van onvolledigheid krijgen de aanvragers gelegenheid de aanvraag alsnog aan te vullen tot en met uiterlijk 8 oktober. 3.. Aanvragen of aanvullingen van aanvragen die na 8 oktober worden ontvangen, worden geweigerd. Artikel 9. Indieningsvereisten Een aanvraag bevat de daarin gevraagde bescheiden, waaronder in ieder geval: - Een plan waarin een heldere beschrijving is opgenomen van de activiteit en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de trajecten voor de periode van 3 jaar. Het volgende moet in ieder geval worden beschreven: visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek van het praktijkgericht taalonderwijs, waar ook aangegeven wordt op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven; een voorbeeld van een praktijkgericht lesprogramma; hoe de aanbieder aansluit bij de leerbehoefte en het leervermogen van inburgeraars waarbij aandacht is voor verschillende leeftijdscategorieën; de wijze waarop verzuim wordt tegengegaan; de wijze waarop in de zomervakantie, ook buiten de (normale) lessen om, er blijvende aandacht voor taalontwikkeling is; de groepsgrootte, wijze van samenstelling van de groep en hoe omgegaan wordt met wisselende leerlingenaantallen; ende bekendheid met lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten en de wijze waarop aanvrager de lokale en (sub)regionale samenwerking met betrokken partners wil vormgeven. - Een overzicht van het percentage NT2-gecertificeerde docenten en een overzicht van docenten die in dienst zijn die alfabetiseringservaring hebben. - Een sluitende begroting met een toelichting waarin de aanvrager inzicht geeft in de kostprijs per traject. Artikel 10. Rangschikking aanvragen 1.. Als er meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid dan wel meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid is ingediend die voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidie, rangschikt de subsidieverlener de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria zoals vermeld in artikel 11. 2.. Een aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate deze naar het oordeel van subsidieverlener beter voldoet aan de beoordelingscriteria. 3.. De subsidie wordt verleend aan de hoogst gerangschikte subsidieaanvrager(s), tot een maximum van de trajectprijs. 4.. Wanneer twee of meer partijen gelijk eindigen als hoogst gerangschikt voor de betreffend activiteit, wordt een keuze tussen deze aanvragers gemaakt door middel van het afnemen van een interview van de gelijk gerangschikte aanvragers. Het interview wordt afgenomen aan de hand van een casus, waarbij de volgende aandachtspunten van belang zijn: - visie op praktijkgericht onderwijs; - de wijze waarop leerlingbegeleiding vorm wordt gegeven; - de wijze waarop gestalte wordt gegeven aan lokale/subregionale samenwerking. Van deze interviews worden verslagen gemaakt, waarin de waardering van bovengenoemde punten wordt gemotiveerd. Artikel 11. Beoordelingscriteria De subsidieverlener rangschikt de aanvragen in de situatie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, aan de hand van de volgende criteria: - De kwaliteit van het traject op de volgende onderdelen:De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek praktijkgericht taalonderwijs, alsook op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven. De wijze waarop omgegaan wordt met verzuim/verzuim wordt voorkomen.De mate waarin de aanvrager aansluit bij de leerbehoeftes en leervermogens van inburgeraars.De wijze waarop wordt omgegaan met wisselende aantallen cursisten, met aandacht voor groepsgroottes en leeftijdscategorieën.De wijze waarop lokale/subregionale samenwerking en afstemming voor duale trajecten wordt vormgegeven. - Het opgegeven tarief voor de trajectprijs. - De subsidieverlener kent voor de criteria, genoemd in het eerste en tweede lid, het volgende aantal maximale punten toe: Criteria | Maximaal aantal punten Kwaliteit art. 11 lid 1 sub a | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub b | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub c | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub d | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub e | 5 Prijs | 10 Hierbij geldt de volgende weging tussen prijs en kwaliteit: 10% voor de prijs en 90% voor de kwaliteit. De beoordeling wordt gegeven op basis van de volgende uitgangspunten: - Score '5' wordt gegeven als de aanvrager zeer goed voldoet aan de vereisten, uitstekend inzicht biedt i […tekst ingekort]
Toon brontekst
Subsidieregeling Z-route subregio Midden Twente 2026 Burgemeester en wethouder van de gemeente Hof van Twente; gelet op de Wet inburgering 2021; besluiten; vast te stellen de navolgende SUBSIDIEREGELING Z-ROUTE SUBREGIO MIDDENTWENTE 2026 HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN Artikel 1 Begripsbepalingen 1. A1-niveau: een taalniveau voor een zogenaamde beginner overeenkomstig het Europees referentiekader, inhoudende het begrijpen van eenvoudige woorden en zinnen die gaan over vertrouwde onderwerpen. Iemand kan: vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen gebruiken die gericht zijn op concrete behoeften en gebruiken; jezelf aan anderen voorstellen; vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens, zoals waar je woont, over mensen die je kent en over dingen die je bezit; persoonlijke gegevens invullen op een formulier, bijvoorbeeld je naam, adres en nationaliteit; op een eenvoudige manier reageren op anderen, als zij langzaam en duidelijk praten en bereid zijn om te helpen. 2. A2-niveau: iemand die het Nederlands beheerst op A2 niveau kan: zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk of opleiding); communiceren tijdens simpele en alledaagse taken en een korte boodschap, zoals een bedankbriefje schrijven; in eenvoudige bewoordingen aspecten van je eigen achtergrond en omgeving beschrijven. 3. Alfabetiseren: is het letters leren lezen en schrijven om vervolgens ook woordjes en zinnen te kunnen schrijven en eenvoudige teksten te kunnen lezen. 4. Buiten reguliere uren: avonduren na 18 uur en in het weekend. 5. Bijgewoonde uren: daadwerkelijk door de cursist gevolgde uren. 6. Blik op Werk-keurmerk: het keurmerk voor taalaanbieders, inburgeringscursussen en duale trajecten dat garantie biedt voor de kwaliteit van de dienstverlening. 7. Besluit: Besluit inburgering 2021. 8. Cursist: statushouder die de Zelfredzaamheidsroute volgt. 9. EVC-procedure: een procedure voor Erkenning van eerder Verworven Competenties die binnen 6 tot 12 weken wordt doorlopen en gedurende die periode wordt al het materiaal verzameld dat als bewijs kan dienen dat iemand over de vereiste competenties beschikt. 10. KNM: Kennis van de Nederlandse maatschappij. Binnen de Z-route (component taal) volgen de inburgeraars 800 uur taal inclusief het onderdeel KNM. Dit wordt niet geëxamineerd. 11. Leermiddelen, digitaal en schriftelijk: ieder middel dat in een formele lessituatie wordt gebruikt om de inburgeraar (digitale) kennis en (digitale) vaardigheden bij te brengen. 12. NT2 docent: docent die Nederlandse taallessen verzorgt voor mensen die Nederlands niet als moedertaal hebben. 13. Overstap: de overstap van de B1 route naar de Z-route of de overstap binnen de Zroute naar een andere taalschool. 14. Regeling: Regeling inburgering 2021. 15. Reguliere lesuren: lesuren die op werkdagen vallen tussen 08.00 uur ’s ochtends en 18.00 uur ’s avonds. 16. Statushouder: iemand die een (tijdelijke) verblijfsvergunning heeft gekregen. 17. Subregio Midden-Twente: de gemeente Borne, Haaksbergen, Hengelo en de Hof van Twente, waarbij de gemeente Hengelo penvoerder is. 18. Traject: de Z-route waarbij in deze regeling wordt uitgegaan van 800 uur taalonderwijs. 19. Verzuim: het aantal uren dat een cursist niet heeft deelgenomen aan de taalles al dan niet met een geldige reden. Deze uren tellen niet mee voor het voldoen aan de Z-route. 20. De wet: Wet inburgering 2021. 21. Z-route: Zelfredzaamheidsroute: een intensieve leerroute gericht op taal (A1-niveau), activering en participatie bedoeld voor inburgeraars van wie wordt verwacht dat zij het taalniveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen. Artikel 2 Toepassing Algemene subsidieverordening De vigerende Algemene subsidieverordening van de gemeente Hengelo is geheel van toepassing voor zover hiervan in deze subsidieregeling niet nadrukkelijk wordt afgeweken. HOOFDSTUK 2 AANVRAAG, PROCEDURE EN TOEKENNING Artikel 3 Subsidiabele activiteit Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende activiteiten: 1. een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren – met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau tijdens reguliere lesuren, waarbij KNM inbegrepen is. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject; 2. een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren– met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau, waarbij KNM inbegrepen is, buiten reguliere lesuren. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject. Een aanvrager kan voor één of beide activiteiten een aanvraag indienen. Voor de activiteit als bedoeld in het tweede lid heeft te gelden dat het tot de mogelijkheden behoort om, indien gewenst door de aanvrager, naast de gevraagde lesuren één maal per week tijdens reguliere lesuren in een deel van het traject te voorzien. Artikel 4 Subsidieontvanger Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een aanbieder die: 1. in het bezit is van het Blik Op Werk-keurmerk; 2. bekend is met de lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten; 3. werkt met het percentage voor NT2-gecertificeerde docenten, en het percentage docenten dat bezig is met de opleiding NT2/EVC-procedure die mag lesgeven onder toezicht van een NT2-gecertificeerde (hoofd)docent volgens de meest recente handleiding van Blik op Werk; en 4. docenten in dienst heeft die aantoonbare ervaring hebben of gespecialiseerd zijn in het doceren van alfabetiseringscursisten. Artikel 5 Maximaal aantal subsidieontvangers De subsidie wordt verstrekt aan maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid en maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid, voor de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen gezamenlijk, waarbij het aanbieders is toegestaan onderaannemers in te zetten. Artikel 6 Subsidietijdvak De subsidie wordt verleend voor een tijdvak van vier kalenderjaren, voor het eerst voor het tijdvak van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Artikel 7 Hoogte subsidie 1. De subsidie wordt berekend aan de hand van de kostprijs per uur van maximaal € 13,75 per uur voor een traject als bedoeld in artikel 3, tot een maximum van € 11.000,-- per traject inclusief btw. 2. In de maximum kostprijs per uur zijn de benodigde leermiddelen voor de deelnemers inbegrepen. 3. De subsidie wordt vastgesteld op basis van het aantal bijgewoonde uren per deelnemer per jaar tegen het in de verleningsbeschikking opgenomen tarief per uur. 4. Het tarief per uur wordt jaarlijks geïndexeerd voor het eerst in januari 2027 gebaseerd op het percentage dat de rijksoverheid hanteert bij de jaarlijkse aanpassing voor loon- en prijs aanpassingen van de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen. Artikel 8 Indieningstermijn aanvraag subsidieverlening 1. Aanvragen om subsidieverlening kunnen worden ingediend in de periode vanaf 3 september tot en met 8 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 2. Aanvragen die voor 24 september zijn ontvangen, worden beoordeeld op volledigheid. In geval van onvolledigheid krijgen de aanvragers gelegenheid de aanvraag alsnog aan te vullen tot en met uiterlijk 8 oktober. 3. Aanvragen of aanvullingen van aanvragen die na 8 oktober worden ontvangen, worden geweigerd. Artikel 9 Indieningsvereisten Een aanvraag bevat de daarin gevraagde bescheiden, waaronder in ieder geval: 1. Een plan waarin een heldere beschrijving is opgenomen van de activiteit en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de trajecten voor de periode van 3 jaar. Het volgende moet in ieder geval worden beschreven: a. visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek van het praktijkgericht taalonderwijs, waar ook aangegeven wordt op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven; b. een voorbeeld van een praktijkgericht lesprogramma; c. hoe de aanbieder aansluit bij de leerbehoefte en het leervermogen van inburgeraars waarbij aandacht is voor verschillende leeftijdscategorieën; d. de wijze waarop verzuim wordt tegengegaan; e. de wijze waarop in de zomervakantie, ook buiten de (normale) lessen om, er blijvende aandacht voor taalontwikkeling is; f. de groepsgrootte, wijze van samenstelling van de groep en hoe omgegaan wordt met wisselende leerlingenaantallen; en g. de bekendheid met lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten en de wijze waarop aanvrager de lokale en (sub)regionale samenwerking met betrokken partners wil vormgeven. 2. Een overzicht van het percentage NT2-gecertificeerde docenten en een overzicht van docenten die in dienst zijn die alfabetiseringservaring hebben. 3. Een sluitende begroting met een toelichting waarin de aanvrager inzicht geeft in de kostprijs per traject. Artikel 10 Rangschikking aanvragen 1. Als er meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid dan wel meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid is ingediend die voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidie, rangschikt de subsidieverlener de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria zoals vermeld in artikel 11. 2. Een aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate deze naar het oordeel van subsidieverlener beter voldoet aan de beoordelingscriteria. 3. De subsidie wordt verleend aan de hoogst gerangschikte subsidieaanvrager(s), tot een maximum van de trajectprijs. 4. Wanneer twee of meer partijen gelijk eindigen als hoogst gerangschikt voor de betreffend activiteit, wordt een keuze tussen deze aanvragers gemaakt door middel van het afnemen van een interview van de gelijk gerangschikte aanvragers. Het interview wordt afgenomen aan de hand van een casus, waarbij de volgende aandachtspunten van belang zijn: - visie op praktijkgericht onderwijs; - de wijze waarop leerlingbegeleiding vorm wordt gegeven; - de wijze waarop gestalte wordt gegeven aan lokale/subregionale samenwerking. Van deze interviews worden verslagen gemaakt, waarin de waardering van bovengenoemde punten wordt gemotiveerd. Artikel 11 Beoordelingscriteria De subsidieverlener rangschikt de aanvragen in de situatie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, aan de hand van de volgende criteria: 1. De kwaliteit van het traject op de volgende onderdelen: a. De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek praktijkgericht taalonderwijs, alsook op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven. b. De wijze waarop omgegaan wordt met verzuim/verzuim wordt voorkomen. c. De mate waarin de aanvrager aansluit bij de leerbehoeftes en leervermogens van inburgeraars. d. De wijze waarop wordt omgegaan met wisselende aantallen cursisten, met aandacht voor groepsgroottes en leeftijdscategorieën. e. De wijze waarop lokale/subregionale samenwerking en afstemming voor duale trajecten wordt vormgegeven. 2. Het opgegeven tarief voor de trajectprijs. 3. De subsidieverlener kent voor de criteria, genoemd in het eerste en tweede lid, het volgende aantal maximale punten toe: Criteria | Maximaal aantal punten Kwaliteit art. 11 lid 1 sub a | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub b | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub c | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub d | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub e | 5 Prijs | 10 Hierbij geldt de volgende weging tussen prijs en kwaliteit: 10% voor de prijs en 90% voor de kwali […tekst ingekort]
Toon brontekst
Subsidieregeling Z-route subregio Midden-Twente 2026 Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1. Begripsbepalingen 1.. A1-niveau: een taalniveau voor een zogenaamde beginner overeenkomstig het Europees referentiekader, inhoudende het begrijpen van eenvoudige woorden en zinnen die gaan over vertrouwde onderwerpen. Iemand kan: vertrouwde dagelijkse uitdrukkingen en basiszinnen gebruiken die gericht zijn op concrete behoeften en gebruiken; jezelf aan anderen voorstellen; vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens, zoals waar je woont, over mensen die je kent en over dingen die je bezit; persoonlijke gegevens invullen op een formulier, bijvoorbeeld je naam, adres en nationaliteit; op een eenvoudige manier reageren op anderen, als zij langzaam en duidelijk praten en bereid zijn om te helpen. 2.. A2-niveau: iemand die het Nederlands beheerst op A2 niveau kan: zinnen en regelmatig voorkomende uitdrukkingen begrijpen die verband hebben met zaken van direct belang (bijvoorbeeld persoonsgegevens, familie, winkelen, plaatselijke geografie, werk of opleiding); communiceren tijdens simpele en alledaagse taken en een korte boodschap, zoals een bedankbriefje schrijven; in eenvoudige bewoordingen aspecten van je eigen achtergrond en omgeving beschrijven. 3.. Alfabetiseren: is het letters leren lezen en schrijven om vervolgens ook woordjes en zinnen te kunnen schrijven en eenvoudige teksten te kunnen lezen. 4.. Buiten reguliere uren: avonduren na 18 uur en in het weekend. 5.. Bijgewoonde uren: daadwerkelijk door de cursist gevolgde uren. 6.. Blik op Werk-keurmerk: het keurmerk voor taalaanbieders, inburgeringscursussen en duale trajecten dat garantie biedt voor de kwaliteit van de dienstverlening. 7.. Besluit: Besluit inburgering 2021. 8.. Cursist: statushouder die de Zelfredzaamheidsroute volgt. 9.. EVC-procedure: een procedure voor Erkenning van eerder Verworven Competenties die binnen 6 tot 12 weken wordt doorlopen en gedurende die periode wordt al het materiaal verzameld dat als bewijs kan dienen dat iemand over de vereiste competenties beschikt. 10.. KNM: Kennis van de Nederlandse Maatschappij. Binnen de Z-route (component taal) volgen de inburgeraars 800 uur taal inclusief het onderdeel KNM. Dit wordt niet geëxamineerd. 11.. Leermiddelen, digitaal en schriftelijk: ieder middel dat in een formele lessituatie wordt gebruikt om de inburgeraar (digitale) kennis en (digitale) vaardigheden bij te brengen. 12.. NT2 docent: docent die Nederlandse taallessen verzorgt voor mensen die Nederlands niet als moedertaal hebben. 13.. Overstap: de overstap van de B1 route naar de Z-route of de overstap binnen de Z-route naar een andere taalschool. 14.. Regeling: Regeling inburgering 2021. 15.. Reguliere lesuren: lesuren die op werkdagen vallen tussen 08.00 uur ’s ochtends en 18.00 uur ’s avonds. 16.. Statushouder: iemand die een (tijdelijke) verblijfsvergunning heeft gekregen. 17.. Subregio Midden-Twente: de gemeente Borne, Haaksbergen, Hengelo en de Hof van Twente, waarbij de gemeente Hengelo penvoerder is. 18.. Traject: de Z-route waarbij in deze regeling wordt uitgegaan van 800 uur taalonderwijs. 19.. Verzuim: het aantal uren dat een cursist niet heeft deelgenomen aan de taalles al dan niet met een geldige reden. Deze uren tellen niet mee voor het voldoen aan de Z-route. 20.. De wet: Wet inburgering 2021. 21.. Z-route: Zelfredzaamheidsroute: een intensieve leerroute gericht op taal (A1-niveau), activering en participatie bedoeld voor inburgeraars van wie wordt verwacht dat zij het taalniveau A2 niet binnen 3 jaar kunnen halen. Artikel 2. Toepassing Algemene subsidieverordening De vigerende Algemene subsidieverordening van de gemeente Hengelo is geheel van toepassing voor zover hiervan in deze subsidieregeling niet nadrukkelijk wordt afgeweken. Hoofdstuk 2: Aanvraag, procedure en toekenning Artikel 3. Subsidiabele activiteit Subsidie kan worden verstrekt voor de volgende activiteiten: - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren – met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau tijdens reguliere lesuren, waarbij KNM inbegrepen is. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject; - een traject waarbij de cursist in een periode van drie jaren– met eventueel bij wet, besluit of regeling geregelde verlengingen – 800 uur Nederlandse taalles bijwoont. Het gaat hierbij om lezen, luisteren, schrijven en spreken op minimaal A1-niveau, waarbij KNM inbegrepen is, buiten reguliere lesuren. Dit traject is ten behoeve van statushouders die woonachtig zijn in gemeente Hengelo, Hof van Twente, Borne of Haaksbergen. Een alfabetiseringsprogramma kan mogelijk deel uitmaken van bovenstaand traject. Een aanvrager kan voor één of beide activiteiten een aanvraag indienen. Voor de activiteit als bedoeld in het tweede lid heeft te gelden dat het tot de mogelijkheden behoort om, indien gewenst door de aanvrager, naast de gevraagde lesuren één maal per week tijdens reguliere lesuren in een deel van het traject te voorzien. Artikel 4. Subsidieontvanger Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een aanbieder die: - in het bezit is van het Blik Op Werk-keurmerk; - bekend is met de lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten; - werkt met het percentage voor NT2-gecertificeerde docenten, en het percentage docenten dat bezig is met de opleiding NT2/EVC-procedure die mag lesgeven onder toezicht van een NT2-gecertificeerde (hoofd)docent volgens de meest recente handleiding van Blik op Werk; en - docenten in dienst heeft die aantoonbare ervaring hebben of gespecialiseerd zijn in het doceren van alfabetiseringscursisten. Artikel 5. Maximaal aantal subsidieontvangers De subsidie wordt verstrekt aan maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid en maximaal één aanbieder voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid, voor de gemeenten Hengelo, Hof van Twente, Borne en Haaksbergen gezamenlijk, waarbij het aanbieders is toegestaan onderaannemers in te zetten. Artikel 6. Subsidietijdvak De subsidie wordt verleend voor een tijdvak van vier kalenderjaren, voor het eerst voor het tijdvak van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Artikel 7. Hoogte subsidie - De subsidie wordt berekend aan de hand van de kostprijs per uur van maximaal € 13,75 per uur voor een traject als bedoeld in artikel 3, tot een maximum van € 11.000,-- per traject inclusief btw. - In de maximum kostprijs per uur zijn de benodigde leermiddelen voor de deelnemers inbegrepen. - De subsidie wordt vastgesteld op basis van het aantal bijgewoonde uren per deelnemer per jaar tegen het in de verleningsbeschikking opgenomen tarief per uur. - Het tarief per uur wordt jaarlijks geïndexeerd voor het eerst in januari 2027 gebaseerd op het percentage dat de rijksoverheid hanteert bij de jaarlijkse aanpassing voor loon- en prijs aanpassingen van de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen. Artikel 8. Indieningstermijn aanvraag subsidieverlening 1.. Aanvragen om subsidieverlening kunnen worden ingediend in de periode vanaf 3 september tot en met 8 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarvoor subsidie wordt aangevraagd. 2.. Aanvragen die voor 24 september zijn ontvangen, worden beoordeeld op volledigheid. In geval van onvolledigheid krijgen de aanvragers gelegenheid de aanvraag alsnog aan te vullen tot en met uiterlijk 8 oktober. 3.. Aanvragen of aanvullingen van aanvragen die na 8 oktober worden ontvangen, worden geweigerd. Artikel 9. Indieningsvereisten Een aanvraag bevat de daarin gevraagde bescheiden, waaronder in ieder geval: - Een plan waarin een heldere beschrijving is opgenomen van de activiteit en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de trajecten voor de periode van 3 jaar. Het volgende moet in ieder geval worden beschreven: visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek van het praktijkgericht taalonderwijs, waar ook aangegeven wordt op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven; een voorbeeld van een praktijkgericht lesprogramma; hoe de aanbieder aansluit bij de leerbehoefte en het leervermogen van inburgeraars waarbij aandacht is voor verschillende leeftijdscategorieën; de wijze waarop verzuim wordt tegengegaan; de wijze waarop in de zomervakantie, ook buiten de (normale) lessen om, er blijvende aandacht voor taalontwikkeling is; de groepsgrootte, wijze van samenstelling van de groep en hoe omgegaan wordt met wisselende leerlingenaantallen; ende bekendheid met lokale netwerken en samenwerkingspartners van de deelnemende gemeenten en de wijze waarop aanvrager de lokale en (sub)regionale samenwerking met betrokken partners wil vormgeven. - Een overzicht van het percentage NT2-gecertificeerde docenten en een overzicht van docenten die in dienst zijn die alfabetiseringservaring hebben. - Een sluitende begroting met een toelichting waarin de aanvrager inzicht geeft in de kostprijs per traject. Artikel 10. Rangschikking aanvragen 1.. Als er meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, eerste lid dan wel meer dan één aanvraag voor de activiteit zoals opgenomen in artikel 3, tweede lid is ingediend die voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidie, rangschikt de subsidieverlener de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria zoals vermeld in artikel 11. 2.. Een aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate deze naar het oordeel van subsidieverlener beter voldoet aan de beoordelingscriteria. 3.. De subsidie wordt verleend aan de hoogst gerangschikte subsidieaanvrager(s), tot een maximum van de trajectprijs. 4.. Wanneer twee of meer partijen gelijk eindigen als hoogst gerangschikt voor de betreffend activiteit, wordt een keuze tussen deze aanvragers gemaakt door middel van het afnemen van een interview van de gelijk gerangschikte aanvragers. Het interview wordt afgenomen aan de hand van een casus, waarbij de volgende aandachtspunten van belang zijn: - visie op praktijkgericht onderwijs; - de wijze waarop leerlingbegeleiding vorm wordt gegeven; - de wijze waarop gestalte wordt gegeven aan lokale/subregionale samenwerking. Van deze interviews worden verslagen gemaakt, waarin de waardering van bovengenoemde punten wordt gemotiveerd. Artikel 11. Beoordelingscriteria De subsidieverlener rangschikt de aanvragen in de situatie als bedoeld in artikel 10, eerste lid, aan de hand van de volgende criteria: - De kwaliteit van het traject op de volgende onderdelen:De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de visie, (praktische) invulling en gebruikte methodiek praktijkgericht taalonderwijs, alsook op welke wijze aandacht wordt gegeven aan lezen en schrijven. De wijze waarop omgegaan wordt met verzuim/verzuim wordt voorkomen.De mate waarin de aanvrager aansluit bij de leerbehoeftes en leervermogens van inburgeraars.De wijze waarop wordt omgegaan met wisselende aantallen cursisten, met aandacht voor groepsgroottes en leeftijdscategorieën.De wijze waarop lokale/subregionale samenwerking en afstemming voor duale trajecten wordt vormgegeven. - Het opgegeven tarief voor de trajectprijs. - De subsidieverlener kent voor de criteria, genoemd in het eerste en tweede lid, het volgende aantal maximale punten toe: Criteria | Maximaal aantal punten Kwaliteit art. 11 lid 1 sub a | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub b | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub c | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub d | 5 Kwaliteit art. 11 lid 1 sub e | 5 Prijs | 10 Hierbij geldt de volgende weging tussen prijs en kwaliteit: 10% voor de prijs en 90% voor de kwaliteit. De beoordeling wordt gegeven op basis van de volgende uitgangspunten: - Score '5' wordt gegeven als de aanvrager zeer goed voldoet aan de vereisten, uitstekend inzicht biedt in de wij […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.