Gesloten

SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)

Wat is de SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering?

De SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering is een competitie van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Ondernemers kunnen een idee indienen voor innovatieve producten of diensten die niet-stedelijke gemeenschappen in acht Afrikaanse landen weerbaarder maken tegen klimaatverandering, met een verdienmodel als basis. De opdracht verloopt via twee fasen: een haalbaarheidsonderzoek en een ontwikkel- en testfase, waarbij RVO via een opdracht (geen subsidie) de kosten van onderzoek en ontwikkeling vergoedt.

Wie komt in aanmerking voor de SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering?

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Waarvoor krijg je subsidie?

De opdracht vergoedt onderzoeks- en ontwikkelingskosten (R&D) van innovatieve producten of diensten binnen een van de drie thema's, gericht op niet-stedelijke, overwegend agrarische gemeenschappen in de acht doellanden.

De drie thema's zijn:

  • Klimaatbestendigheid door schadebeperking: producten en diensten die schade door ongunstige weersomstandigheden aan huishoudens, productiemiddelen en naoogstactiviteiten voorkomen (zowel directe gevolgen zoals droogte, overstromingen, hitte, aardverschuivingen, als indirecte gevolgen zoals knaagdieren, insecten, erosie).
  • Omgaan met en aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering: producten en diensten voor reconstructie van beschadigde infrastructuur en huizen met hergebruikte bouwmaterialen, oplossingen voor waterproblemen of watervoorziening, en (alternatieve) energievoorziening.
  • Benutting van ongebruikte beschikbare grondstoffen en materialen: oplossingen die reststromen, afval en bijproducten gebruiken ter vervanging van dure (geïmporteerde) materialen, voer en voedsel.

De innovatie moet nieuw zijn voor het doelland en er moet een redelijke kans bestaan dat de innovatie technisch of economisch niet haalbaar is (het gaat om echte R&D). Het gaat zowel om producten als diensten, en ook om het op innovatieve wijze geschikt maken van bestaande ontwerpen, producten of diensten voor het doelland.

Niet subsidiabel c.q. buiten scope:

  • Oplossingen op het gebied van landbouwproductie zelf, zoals inputs, gewassen en productiemethoden, en demonstratieprojecten.
  • Losstaande (standalone) toepassingen voor weers- en gewasziektevoorspelling.
  • Het leveren van kunstmestvervangers als onderdeel van primaire productie.
  • Open-veld hydrocultuursystemen, omdat deze direct verbonden zijn met gewasproductie.

De opdracht vergoedt kosten voor onderzoek en ontwikkeling tot en met TRL niveau 7 (Technology Readiness Level); marktintroductie maakt geen deel uit van het traject. Budget voor hardware mag worden gebruikt, maar de commissie beoordeelt daarbij op waarde voor het geld ("value for money"); voor grote hardware-investeringen wordt aangeraden te motiveren waarom niet wordt gehuurd of samengewerkt met een partij die de benodigde apparatuur al heeft, omdat het om het bouwen van een prototype gaat en niet om productie.

Hoeveel subsidie krijg je?

Er is een totaalbudget van maximaal € 3.900.000 (inclusief btw) beschikbaar, verdeeld over fase 1 en fase 2 en over de drie thema's.

  • Fase 1 (haalbaarheidsonderzoek): per thema is € 400.000 (incl. btw) beschikbaar; het maximumbedrag per project in fase 1 is € 50.000 (incl. btw).
  • Fase 2 (ontwikkeling en testen): per thema is € 900.000 (incl. btw) beschikbaar, plus eventueel restbudget uit fase 1; het maximumbedrag per project in fase 2 is € 200.000 (incl. btw).
  • Als een thema onvoldoende goede voorstellen ontvangt, kan een deel van dat budget worden ingezet voor projecten binnen een ander thema. Overblijvend budget uit fase 1 kan worden ingezet in fase 2.

Er is geen minimumbedrag per project en geen verplichte cofinanciering: het gaat om een opdracht (geen subsidie), waarbij de aanvrager een prijs biedt tot het maximumbedrag. Eigen kosten die hoger liggen dan het geboden bedrag komen voor eigen rekening van de aanvrager. Ook kosten die worden gemaakt voordat een opdracht daadwerkelijk wordt gegund, zijn voor eigen rekening als de opdracht niet wordt gegund.

Voor fase 2 is naar verwachting het 0% btw-tarief van toepassing voor in Nederland gevestigde ondernemers die btw-plichtig zijn, omdat de activiteiten ontwikkelingslanden betreffen die op de DAC-ODA lijst staan. Voor fase 1 is dit 0% tarief niet altijd van toepassing.

Het aantal te honoreren projecten per fase hangt af van de prijs en kwaliteit van de best beoordeelde offertes.

Wat zijn de voorwaarden van de SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering?

Alleen voorstellen die voldoen aan de minimumeisen worden inhoudelijk beoordeeld. De beoordeling gebeurt op basis van drie criteria met een totaal van maximaal 100 punten:

  • Impact: maximaal 40 punten. Hierbij wordt onder meer gekeken naar de bijdrage aan het maatschappelijk probleem, de kwaliteit van de onderbouwing, de mate van innovatie, bruikbaarheid voor gebruikers, waarde voor het gevraagde budget, en kennis van de lokale context. Ook de lokale context (aansluiting bij lokale wetgeving, structuren en markten, samenwerking met lokale partners) en aandacht voor gendergelijkheid vallen onder dit criterium.
  • Technologische haalbaarheid: maximaal 30 punten, waaronder of de aanpak veelbelovend, haalbaar en inventief is, of de juiste partij(en) de innovatie ontwikkelen, en de kwaliteit van de technische onderbouwing.
  • Economisch perspectief: maximaal 30 punten, waaronder of er een betalende klant in beeld is en de kwaliteit van de onderbouwing van het verdienmodel en de betrokken partijen.

Alleen voorstellen die op alle drie de criteria 60% of meer van het maximaal aantal punten scoren, worden opgenomen in de rangschikking voor een opdracht.

Overige voorwaarden:

  • De voorgestelde oplossing moet passen binnen minimaal één van de drie thema's en worden ontwikkeld in een van de acht doellanden.
  • De innovatie moet vallen binnen de definitie van R&D-diensten uit de SBIR Handleiding voor ondernemers.
  • Samenwerken met lokale partijen die de innovatie kunnen implementeren is noodzakelijk, al hoeft een concrete partner niet al bij het indienen van het idee vastliggen.
  • Aanvragers verklaren te handelen volgens de OESO-richtlijnen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen en moeten rekening houden met risico's van internationaal zakendoen.
  • Per bid geldt het maximumbedrag van de betreffende fase; combineren van meerdere thema's binnen één bid met een hoger budget is niet toegestaan. Wel mag je meerdere Expressions of Interest indienen voor verschillende thema's, zonder limiet aan het aantal, mits voldoende capaciteit en financiële middelen aanwezig zijn om deze gelijktijdig uit te voeren.
  • Fase 2 is alleen toegankelijk voor partijen die het haalbaarheidsonderzoek van fase 1 met goed resultaat hebben afgerond; fase 2 aanvragen zonder fase 1 is niet mogelijk.

Hoe vraag je de SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering aan?

De aanvraag verloopt in stappen en wijkt af van de gangbare SBIR-procedure: voorafgaand aan fase 1 schrijf je je in met een idee.

  • Je dient eerst een korte beschrijving van je idee in via het online Expression of Interest formulier (aangeduid als "A4"), in het Engels. Dit beschrijft: je idee en welk probleem het voor welke doelgroep oplost, je kennis en kunde op dit gebied, in welk land je de innovatie wilt ontwikkelen, en wie je beoogde lokale samenwerkingspartners zijn of hoe je die wilt vinden.
  • Experts van RVO en het Ministerie van Buitenlandse Zaken adviseren welke maximaal 50 ingediende ideeën het best passen bij het doel van de oproep en kansrijk lijken.
  • Indieners van deze kansrijke ideeën krijgen een uitnodiging om een offerte voor fase 1 in te dienen.
  • Een commissie met externe deskundigen adviseert RVO welke fase 1 offertes het beste aan de beoordelingscriteria voldoen.
  • De indieners van de beste voorstellen krijgen een opdracht voor fase 1.
  • Partijen die het fase 1 haalbaarheidsonderzoek hebben afgerond, kunnen worden uitgenodigd een offerte voor fase 2 in te dienen (ontwikkelen en testen van de innovatie).
  • Ook bij fase 2 adviseert de onafhankelijke commissie over welke offertes het beste aan de criteria voldoen.
  • De ondernemers met de beste offertes voor fase 2 krijgen een opdracht om hun innovatie verder te ontwikkelen en te testen.

De aanvraag wordt ingediend door de entiteit die is geregistreerd in het beroeps- of handelsregister; bij samenwerking met een stichting of ngo als indiener moet een ondernemer die de innovatie ontwikkelt en vermarkt betrokken zijn. Voor fase 1 en fase 2 offertes gelden aparte, verdere documenten en criteria dan het eerste A4-idee, waarover je bericht krijgt als je idee kansrijk wordt geacht.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

De beoordeling gebeurt volgens de procedure uit de SBIR handleiding en de in de oproep beschreven criteria (impact, technologische haalbaarheid en economisch perspectief). Een commissie met externe deskundigen adviseert RVO over welke offertes het beste scoren, zowel in fase 1 als in fase 2. RVO voert de competitie uit in opdracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Na een positieve uitslag krijg je een opdracht (geen subsidiebeschikking) voor de betreffende fase. Let erop dat kosten die je maakt voordat de opdracht daadwerkelijk is gegund voor eigen rekening zijn als de opdracht uiteindelijk niet aan je wordt gegund.

Tijdens de looptijd geldt onder meer:

  • Fase 1 is gericht op het onderzoeken van de haalbaarheid van de innovatie, het vinden van betrouwbare lokale partner(s) en partijen die een testlocatie kunnen leveren voor fase 2.
  • Fase 2 betreft prototype-ontwikkeling voor de lokale situatie en praktijktesten tot en met TRL niveau 7.
  • SBIR vergoedt alleen kosten voor onderzoek en ontwikkeling; marktintroductie maakt geen onderdeel uit van het traject.
  • Bij een fase 1 offerte boven het maximumbedrag van € 50.000 moet je transparant maken hoe je de extra kosten dekt; deze extra kosten zijn voor eigen rekening.
  • Voor fase 2 kan bij opdrachtverlening desgewenst een vooroverleg met de Belastingdienst worden gepland over toepassing van het 0% btw-tarief.
  • Alleen projecten die fase 1 met goed resultaat hebben afgerond, kunnen een uitnodiging krijgen om voor fase 2 een aanbod te doen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

  • SBIR-DM-Resilient-solutions-def
    PDF · 10 pagina's

    De volledige oproeptekst met de themabeschrijvingen, minimumeisen, procedure, budget en beoordelingscriteria die je nodig hebt om je Expression of Interest en latere fase 1/fase 2 offerte op te bouwen.

    Download
  • Q&A SBIR DM Resilient solutions
    PDF · 5 pagina's

    Een document met vragen en antwoorden van de informatiebijeenkomst en per e-mail, dat je gebruikt om onduidelijkheden over scope, partners, budget en procedure te verhelderen voordat je een idee indient.

    Download

Vraag het dossier

Stel een vraag over SBIR oproep Innovaties voor grotere veerkracht bij klimaatverandering. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.