Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht

Gemeente Utrecht

Wat is de Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht?

Onderwijs, subsidie aanvragen is de verzamelnaam voor verschillende subsidies van de gemeente Utrecht voor activiteiten in het onderwijs en de aansluitende kinderopvang. De subsidies zijn gebundeld rond vier thema's: het verminderen van taal- en onderwijsachterstanden, het begeleiden van overgangsmomenten in de schoolloopbaan, het ondersteunen van leerlingen die extra hulp nodig hebben, en het versterken van onderwijspersoneel. Per activiteit gelden eigen doelgroepen, voorwaarden en bedragen, vastgelegd in de Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht.

Wie komt in aanmerking voor de Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht?

De regeling richt zich op partijen in het Utrechtse onderwijs- en kinderopvangveld. Subsidie kan worden aangevraagd door:

Je bent een school of schoolbestuur
Je rechtsvorm is Onderwijsinstelling
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Utrecht.
  • Een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, of
  • Een samenwerkingsverband.

De aanvrager is daarbij een bestuur van een onderwijsinstelling, een samenwerkingsverband voor passend onderwijs, een kinderopvangorganisatie, of een rechtspersoon die ondersteuningsaanbod verzorgt in het Utrechtse onderwijsnetwerk. Eén schoolbestuur mag als penvoerder mede namens andere organisaties aanvragen als die organisaties in de activiteit samenwerken.

Voor elke afzonderlijke activiteit gelden aanvullende eisen aan de aanvrager, bijvoorbeeld:

  • Spelinloop 0-2,5 jaar: alleen organisaties met minimaal drie jaar aantoonbare ervaring met spelinloop en een aantoonbaar netwerk in de wijk.
  • Taal- en leesstimulering 0-8 jaar: organisaties met ervaring en samenwerking met bibliotheek, voorscholen en consultatiebureaus (of, voor de Voorleesexpress, de organisatie die dit programma in Utrecht uitvoert).
  • Nieuwkomersonderwijs: uitsluitend het schoolbestuur PO of VO dat namens de gezamenlijke schoolbesturen nieuwkomersonderwijs verzorgt.
  • Cultuureducatie: schoolbesturen PO, VO en (V)SO, of Stichting Cultuur & School Utrecht voor de coördinerende activiteiten.
  • Verbindingsgroepen: een VE-aanbieder die subsidie ontvangt op basis van de nadere regel subsidie passende kinderopvang, samen met het schoolbestuur van de basisschool.
  • Ondersteuning overgang naar PO en overgang PO-VO: uitsluitend samenwerkingsverbanden passend onderwijs PO respectievelijk VO.
  • Loopbaanoriëntatie: organisaties met minimaal drie jaar ervaring en een relevant netwerk van scholen en werkgevers.
  • Psychosociale pedagogische interventies: aanvragers met een aantoonbare samenwerkingsrelatie met het samenwerkingsverband passend onderwijs VO en ervaring met psychosociale ondersteuning.
  • Orthopedagogisch-didactische ondersteuning: de organisatie die namens de Utrechtse schoolbesturen een OPDC in stand houdt.
  • Overgang VO-MBO en regionaal programma doorstroompuntregio: samenwerkingsverbanden passend onderwijs VO, en voor het regionale programma ook MBO-instellingen en de betrokken contact- en centrumgemeenten binnen doorstroompunt-regio 19.
  • Versterken van taal: schoolbesturen PO met scholen die een gemiddelde achterstandsscore van minimaal 1,25 hebben.
  • Talentontwikkeling PO: een schoolbestuur PO als penvoerder voor de gezamenlijke schoolbesturen, voor scholen op de lijst brede scholen.
  • Talentontwikkeling VO: schoolbesturen VO voor scholen met Praktijkonderwijs en/of VMBO breed b/k/tl, of scholen met een onderwijskansenscore groter dan 0.
  • Financiële drempels wegnemen: organisaties met ervaring in ondersteuning van kinderen die in armoede opgroeien; voor het solidariteitsfonds uitsluitend Utrechtse PO-schoolbesturen met scholen gevestigd in Utrecht.
  • Utrecht Leert: uitsluitend de penvoerder van het samenwerkingsverband Onderwijsregio Utrecht stad.
  • Onderwijsimpuls: Utrechtse schoolbesturen, als initiatiefnemer of als penvoerder voor een initiatief met andere scholen, schoolbesturen of derden.
  • Onderwijs Ondersteunend Personeel: scholen voor (speciaal) basisonderwijs in Utrecht.

Waarvoor krijg je subsidie?

De regeling ondersteunt een groot aantal activiteiten binnen vier thema's, elk met eigen subsidiabele activiteiten:

Een sterke basis: spelinloop 0-2,5 jaar, taal- en leesstimulering 0-8 jaar (waaronder boekstartkoffertjes, boekstartcoaches, ondersteuning van voorscholen, bibliotheekbezoeken, ouder-kindgroepen en de Voorleesexpress), nieuwkomersonderwijs (taalonderwijs en begeleiding voor nieuwkomers op de expertisescholen Taalschool Utrecht en ISK Ithaka) en cultuureducatie (versterking van cultuureducatie in het curriculum en coördinatie/kennisplatform door Stichting Cultuur & School).

Doorgaande ontwikkellijnen: verbindingsgroepen (overgang peuter-kleuter), ondersteuning overgang VE-PO, overgang PO-VO (de POVO-procedure), loopbaanoriëntatie, psychosociale pedagogische interventies, orthopedagogisch-didactische ondersteuning (OPDC), overgang VO-MBO en het regionaal programma doorstroompuntregio.

Ongelijk investeren voor gelijke kansen: versterken van taal in de vroegschool (groep 1 en 2), talentontwikkeling en coördinatie brede school PO, talentontwikkeling VO (activiteiten op minimaal twee thema's zoals leervaardigheden, leesplezier, creatieve vaardigheden, bewegen, natuur en techniek, of kennismaken met de omgeving) en het wegnemen respectievelijk voorkomen van financiële drempels (ondersteuning van kinderen die in armoede opgroeien, of een solidariteitsfonds ter vervanging van de vrijwillige ouderbijdrage).

Professionals versterken: Utrecht Leert (terugdringen lerarentekort), Onderwijsimpuls (professionele lerende cultuur en onderwijsontwikkeling) en Onderwijs Ondersteunend Personeel (inzet van ondersteunend personeel in vaste dienst tot maximaal 0,8 fte per schoollocatie).

Niet subsidiabel, tenzij anders aangegeven bij een specifieke activiteit:

  • Kosten van ruimtes
  • Leermaterialen
  • ICT-voorzieningen
  • Directiekosten
  • Catering

Uitzonderingen hierop: bij cultuureducatie zijn kosten voor leermaterialen wel subsidiabel als cultuureducatie het hoofddoel is, en bij talentontwikkeling PO (brede school) mag huur van ruimtes buiten de scholen wel in de begroting worden opgenomen (ruimtes binnen de scholen worden altijd om niet ingezet).

Bij Onderwijs Ondersteunend Personeel geldt bovendien dat schoollocaties die al een medewerker van UW Bedrijven inlenen tegen gereduceerd tarief, hiervoor geen subsidie ontvangen.

Hoeveel subsidie krijg je?

De hoogte van de subsidie verschilt per activiteit en wordt per activiteit apart bepaald:

  • Verbindingsgroepen: maximaal € 60.000 per groep voor het schoolbestuur, en maximaal € 60.000 per groep voor de VE-aanbieder. Bij overvraging wordt het te verlenen bedrag evenredig verlaagd voor alle aanvragers.
  • Cultuureducatie: een bedrag per leerling, berekend als het totaalbedrag in de subsidiestaat gedeeld door het leerlingenaantal in het funderend onderwijs (inclusief speciaal (voortgezet) onderwijs).
  • Versterken van taal: het beschikbare bedrag wordt naar rato verdeeld op basis van de optelsom van de achterstandsscores van scholen per bestuur (met een gemiddelde achterstandsscore van minimaal 1,25).
  • Talentontwikkeling VO: een basisbedrag van € 60.000 per school voor Praktijkonderwijs en/of VMBO breed b/k/tl; het resterende bedrag wordt verdeeld op basis van de onderwijskansenscore. Minimaal 75% van de middelen moet worden ingezet op activiteiten voor leerlingen, maximaal 25% voor coördinatie.
  • Onderwijsimpuls: maximaal € 150.000 per aanvraag en maximaal € 100.000 per school per kalenderjaar. De looptijd van de subsidie is maximaal 18 maanden. In uitzonderlijke gevallen van overstijgend stedelijk belang kan het college van dit maximale bedrag en de maximale looptijd afwijken.
  • Onderwijs Ondersteunend Personeel: subsidie voor het werkelijke aantal fte tot maximaal 0,8 fte per schoollocatie. Het subsidieplafond wordt gedeeld door het totaal aantal rechtmatig aangevraagde fte's om het bedrag per locatie te bepalen. Zijn er minder aanvragen dan verwacht, dan is het maximaal te verstrekken bedrag € 6.468 per locatie.
  • Spelinloop, taal- en leesstimulering, loopbaanoriëntatie, psychosociale pedagogische interventies en financiële drempels wegnemen: bij overvraging wordt het te verlenen bedrag evenredig verlaagd voor alle aanvragers.
  • Nieuwkomersonderwijs, ondersteuning overgang PO, overgang PO-VO, orthopedagogisch-didactische ondersteuning en overgang VO-MBO: een vooraf tussen gemeente en aanvrager afgesproken bedrag, zoals opgenomen in de subsidiestaat.
  • Regionaal programma doorstroompuntregio en Utrecht Leert: de verdeling wordt vastgesteld door respectievelijk de regionale Stuurgroep en het bestuurlijk overleg Utrecht Leert.

Waar sprake is van een maximaal aan te vragen bedrag, staat dit vermeld in bijlage 3 'Verdeling subsidie' van de nadere regel.

Wat zijn de voorwaarden van de Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht?

Naast de aanvrager- en activiteiteneisen gelden algemene voorwaarden die de aanvraag maken of breken.

  • Bij samenwerkingsverbanden kan één schoolbestuur als penvoerder mede namens andere organisaties aanvragen, mits die organisaties samenwerken in de betreffende activiteit. Als de subsidie voor het eerst door een penvoerder namens een samenwerkingsverband wordt aangevraagd, is een machtiging van alle aanvragers verplicht.
  • Schoolbesturen zijn vrij om jaarsubsidies te verdelen over hun scholen op grond van eigen beleidskeuzes, tenzij anders aangegeven, en onderbouwen die keuzes in de aanvraag.
  • Bij subsidieaanvragen voor meerdere activiteiten kan de aanvrager aangeven of samenvoeging of verschuiving van middelen tussen activiteiten mogelijk is, met uitzondering van "Versterken van taal" en "Wegnemen financiële drempels".

Voor Onderwijsimpuls geldt een specifieke beoordelingssystematiek. Eerst wordt getoetst op:

  • Bijdrage aan de doelstellingen en actualiteit van de Utrechtse Onderwijs Agenda
  • Cofinanciering: eigen bijdrage in geld, uren of anderszins
  • Proportionaliteit: omvang subsidie in verhouding tot bereik onder leerlingen of docenten
  • Financiële borging: voortzetting niet afhankelijk van verdere gemeentelijke steun
  • Inhoudelijke borging van kennis en ervaring
  • Kennisdeling met andere Utrechtse scholen
  • Een concrete startdatum en looptijd

Alleen aanvragen die hierop voldoende scoren komen in aanmerking. Overtreft de aangevraagde subsidie het beschikbare bedrag, dan wordt aanvullend getoetst op: vergroting van kansengelijkheid, bijdrage aan Utrecht Leert, en samenwerking tussen twee of meer Utrechtse scholen of schoolbesturen. Deze criteria bepalen de onderlinge weging en prioriteit. Het college kan zich hierbij laten adviseren door externe deskundigen. Onderwijsimpuls kan bovendien alleen worden aangevraagd als voor de gevraagde activiteiten niet eerder subsidie is verstrekt onder deze of voorgaande nadere regels onderwijs.

Voor het regionaal programma doorstroompuntregio geldt dat beoordeling en toetsing plaatsvinden door de contactgemeente van doorstroompunt-regio 19, binnen de kaders van de regionale regeling en het regionale programma.

Voor Talentontwikkeling VO geldt als eis dat minimaal 50% van de leerlingen op de scholen gedurende het jaar deelneemt aan de activiteiten.

Hoe vraag je de Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht aan?

De aanvraag wordt ingediend met e-Herkenning via de website van de gemeente Utrecht. Jaarsubsidies worden in één gebundelde aanvraag per aanvrager ingediend en gelden per kalenderjaar, tenzij anders aangegeven.

In het aanvraagformulier vink je aan voor welke activiteiten je subsidie aanvraagt. Bij de aanvraag lever je in elk geval aan:

  • Een overzicht van de subsidiabele activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
  • Per subsidiabele activiteit en per deelnemende school een activiteitenplan (scholen met een gezamenlijk plan kunnen dit gezamenlijk indienen), met daarin onder meer: welke activiteiten worden uitgevoerd, hoe de subsidie over scholen wordt verdeeld en waarom, waarom voor deze activiteiten is gekozen, de verwachte opbrengsten, de bijdrage aan de subsidiedoelen, het bereik onder leerlingen/kinderen/ouders en hoe resultaten worden gemeten.
  • Een sluitende begroting met kosten en inkomsten per activiteit, uitgesplitst naar personeelskosten, algemene kosten/organisatiekosten, activiteitenkosten en eventuele andere dekkingsbronnen.
  • Een overzicht op bestuursniveau van andere subsidieaanvragen en/of inkomstenbronnen voor dezelfde activiteiten.
  • Bij een eerste aanvraag door een penvoerder namens een samenwerkingsverband: een machtiging aan de penvoerder, ondertekend door alle aanvragers.
  • Heb je de afgelopen drie kalenderjaren geen subsidie aangevraagd, of zijn je gegevens gewijzigd: een kopie bankafschrift met rekeningnummer en naam van de aanvrager, een uittreksel uit het handelsregister van de KvK, en (als je een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid bent) de statuten.
  • Extra bijlagen per activiteit, zoals bijvoorbeeld bij Verbindingsgroepen een positief advies van het samenwerkingsverband passend onderwijs PO en een gezamenlijk plan van aanpak, of bij Loopbaanoriëntatie bewijs van drie jaar ervaring.

De aanvraag moet uiterlijk 30 september om 23.59 uur zijn ingediend, voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Voor Regionaal programma doorstroompuntregio, Utrecht Leert en Onderwijsimpuls gelden afwijkende, gespreide aanvraagmomenten gedurende het jaar. Bij Onderwijsimpuls zijn dit twee vaste tijdvakken: tot 1 oktober (voor projecten die starten in de eerste helft van het volgend kalenderjaar, met maximaal 75% van het subsidieplafond beschikbaar) en tot de eerste vrijdag na de meivakantie (voor projecten die starten in de eerste helft van het volgende schooljaar, met minimaal 25% van het subsidieplafond beschikbaar).

Het subsidiebudget wordt verdeeld volgens de verdeelsleutels per activiteit uit bijlage 3 van de nadere regel; burgemeester en wethouders stellen de subsidieplafonds jaarlijks vast via de subsidiestaat.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht beoordelen de aanvraag en nemen een besluit.

Is je aanvraag uiterlijk 30 september volledig ontvangen, dan ontvang je vóór 31 december een besluit. Heb je op een ander moment aangevraagd, dan neemt de gemeente binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag een besluit.

Na afloop van de activiteiten stuur je een verantwoording over de activiteiten per kalenderjaar. In de beschikking met het besluit over je aanvraag staat wat er precies van je wordt verwacht.

Voor specifieke activiteiten gelden aanvullende afspraken:

  • Bij Utrecht Leert wordt de aanvraag vooraf getoetst door het bestuurlijk overleg Utrecht Leert op de bijdrage aan het gezamenlijke plan van aanpak; dit overleg bepaalt ook de hoogte en looptijd van de subsidie.
  • Bij Onderwijsimpuls kan het college zich bij de beoordeling laten adviseren door externe deskundigen.
  • Bij het regionaal programma doorstroompuntregio vindt de beoordeling plaats door de contactgemeente van doorstroompunt-regio 19.

Het gemeentelijk beleid waarvoor de subsidie wordt ingezet, wordt periodiek geëvalueerd. Deze evaluatie kan bestaan uit toetsing aan de beleidsdoelstellingen, inventarisatie van de uitputting van de subsidiebudgetten, werkbezoeken, evaluatiegesprekken met aanvragers, inventarisatie van de subsidieverantwoordingen en evaluatiegesprekken met de partners van de Utrechtse Onderwijs Agenda, en kan leiden tot aanpassing van de nadere regel.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Nadere regel subsidie Onderwijs gemeente Utrecht. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Gemeente Utrecht; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.