Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag
Gemeente Den Haag
Voor rechtspersonen (stichtingen, verenigingen en bedrijven) die activiteiten organiseren voor jongeren tot 27 jaar en hun gezin.
Ook bekend als Jeugdpreventie Den Haag
Waar is deze subsidie voor?
Subsidie voor rechtspersonen die preventieve activiteiten organiseren voor jongeren tot 27 jaar en hun gezin, gericht op informatie, ondersteuning van kwetsbare jongeren, ondersteuning van (aanstaande) ouders, en mentale weerbaarheid. Maximale subsidiebedragen variëren per thema (€200.000–€400.000 per aanvraag).
Voor wie is het bedoeld?
Voor rechtspersonen (stichtingen, verenigingen en bedrijven) die activiteiten organiseren voor jongeren tot 27 jaar en hun gezin.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor jeugdpreventieactiviteiten gericht op informatie en advies
- Financiering voor ondersteuning van kwetsbare jongeren en hun gezin
- Subsidie voor ondersteuning van (aanstaande) ouders
- Financiering voor activiteiten gericht op mentale weerbaarheid van jongeren
Voorwaarden
- Activiteiten moeten gericht zijn op jongeren tot 27 jaar en/of hun gezin
- Voor thema 3 (informatie en advies): activiteit geeft informatie over maximaal 1 van de genoemde thema's
- Voor thema 4 (ondersteunen kwetsbare jongeren): minimaal 50% van de activiteit wordt uitgevoerd door medewerkers en vrijwilligers
- Medewerkers moeten hun kennis en vaardigheden blijven verbeteren
- Vrijwilligers moeten opleiding en begeleiding krijgen
- Aanvragers moeten een begroting, dekkingsplan, communicatieplan en onderzoek naar wensen van doelgroep indienen
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 3,8 mln
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 2,2 mln
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 1,9 mln
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“2027: maximaal € 400.000 per aanvraag”
Toon brontekst
Subsidie jeugdpreventie aanvragen Luister Organiseert u activiteiten voor jongeren tot 27 jaar, en hun gezin? Die zorgen dat zij geen problemen krijgen? En kunnen groeien? Zodat ze als volwassene goed voor zichzelf kunnen zorgen? U kon hiervoor subsidie aanvragen tot 13 mei 2026. De subsidieregeling is gesloten U kunt geen subsidie meer aanvragen. Voor wie Rechtspersonen (stichtingen, verenigingen en bedrijven). Hoe werkt het U kunt subsidie krijgen als u activiteiten organiseert voor deze hoofdstukken: 3. informatie en advies 4. ondersteunen kwetsbare jongeren 5. ondersteunen (aanstaande) ouders 6. mentaal sterker maken (weerbaarheid versterken) Kies hieronder voor welk hoofdstuk u subsidie wilt aanvragen. En lees hoe het werkt. 3. Informatie en advies Voorwaarden Uw activiteit is voor jongeren of hun gezin. Uw activiteit geeft informatie en advies over maximaal 1 van deze thema’s: opgroeien en volwassen worden het versterken van de ouders wettelijke onderwerpen Uw medewerkers (en vrijwilligers) voeren de activiteit uit. U zorgt dat medewerkers hun kennis en vaardigheden blijven verbeteren. U blijft vrijwilligers opleiden en begeleiden. Hoogte subsidie 2027: maximaal € 400.000 per aanvraag 2028: maximaal € 400.000 per aanvraag 4. Ondersteunen kwetsbare jongeren Voorwaarden Uw activiteit is voor kwetsbare jongeren of hun gezin. Uw activiteit: helpt met problemen tijdens het opgroeien, en zorgt dat deze niet erger worden maakt het gezin sterker bij het opvoeden Uw medewerkers en vrijwilligers (minimaal 50%) voeren de activiteit uit. U zorgt dat medewerkers hun kennis en vaardigheden blijven verbeteren. U blijft vrijwilligers opleiden en begeleiden. Hoogte subsidie 2027: maximaal € 400.000 per aanvraag 2028: maximaal € 400.000 per aanvraag 5. Ondersteunen (aanstaande) ouders Voorwaarden Uw activiteit is voor (aanstaande) ouders die kwetsbaar zijn. Uw activiteit helpt met minimaal 1 van deze thema’s: gezondheid en armoede voorbereiden op ouder zijn problemen herkennen. Als het nodig is: de ouders doorsturen naar een organisatie die mensen helpt tijdens de zwangerschap minder stress tijdens de zwangerschap Uw medewerkers (en vrijwilligers) voeren de activiteit uit. Zij kunnen (aanstaande) ouders bereiken. U zorgt dat medewerkers hun kennis en vaardigheden blijven verbeteren. U blijft vrijwilligers opleiden en begeleiden. Hoogte subsidie 2027: maximaal € 300.000 per aanvraag 2028: maximaal € 300.000 per aanvraag 6. Mentaal sterker maken Voorwaarden Uw activiteit is voor jongeren of hun gezin. Uw activiteit helpt met: mentale problemen en sterker worden een positief beeld van zichzelf (identiteit), sociale vaardigheden, zelfregie (zelf beslissingen nemen) of zelfregulatie (emoties en gedrag controleren) Uw medewerkers voeren de activiteit uit. U zorgt dat medewerkers hun kennis en vaardigheden blijven verbeteren. Hoogte subsidie 2027: maximaal € 200.000 per aanvraag 2028: maximaal € 200.000 per aanvraag Nodig bij uw aanvraag ingevuld formulier begroting (overzicht van de kosten) en dekkingsplan (hoe u de kosten gaat betalen) communicatieplan. Hierin staat hoe: uw aanpak past bij behoeften van jongeren of hun gezin u hen bereikt zij uw activiteiten kunnen vinden toelichting waarin staat hoe uw: medewerkers hun kennis en vaardigheden verbeteren vrijwilligers opleiding en begeleiding krijgen onderzoek naar de wensen van de doelgroep activiteitenplan: als u dat wilt bewijs dat u btw moet betalen: als u een onderneming heeft Formulier begroting en dekkingsplan (PDF, 213,3 KB) Vraagt u voor het eerst subsidie aan? Stuur dan ook een kopie of scan mee van uw: laatste rekeningafschrift (u mag de bedragen onzichtbaar maken) inschrijving bij de Kamer van Koophandel laatste statuten (regels) Aanvragen U kunt geen subsidie meer aanvragen. Na uw aanvraag Wilt u weten hoe het met uw aanvraag gaat? Begin externe link: Log in bij het subsidieportaal (Externe link), eind externe link.en klik op uw aanvraag. Hoelang duurt het U krijgt op zijn laatst 30 augustus 2026 een besluit van de gemeente. Goed om te weten Heeft u hulp nodig? PEP Den Haag helpt u bij uw aanvraag. Lees meer op de Begin externe link: website van PEP Den Haag (Externe link), eind externe link.. Subsidieregels Bekijk de complete Begin externe link: Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag 2026 (RIS325099) (Externe link), eind externe link.. Bekijk de algemene regels over subsidies in de Begin link: Algemene Subsidieverordening Den Haag (ASV), einde link.. Contact Heeft u vragen? Stuur een e-mail naar Begin link: subsidies.jeugd@denhaag.nl, einde link.. Veelgestelde Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag 2026 (PDF, 78,4 KB) Gepubliceerd: 15 april 2026 Gewijzigd: 17 juni 2026 Contact Contact Hoe kunnen we helpen? Chat Open chatgesprek(Externe link) Telefoon 14070 Meer opties Naar contactpagina
Toon brontekst
Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag 2024 Toelichting Ieder kind in Den Haag heeft recht op een veilige en stimulerende omgeving om zich te ontwikkelen en op te groeien. De meeste kinderen kennen gelukkig zo’n kansrijke omgeving, maar dat geldt niet voor iedereen. Als gemeente willen we investeren in onze jeugd en willen we de groei van het beroep op jeugdhulp afremmen. Tegen die achtergrond biedt deze subsidieregeling organisaties in Den Haag de mogelijkheid om voor twee jaar subsidie aan te vragen voor preventieve activiteiten voor jeugd en gezin. Daarmee bevordert deze subsidieregeling dat jeugdigen kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen die naar vermogen kunnen meedoen aan de samenleving. Daarnaast is voor de periode van 2024 tot 2032 een deel van de preventieve ondersteuning voor jeugd en gezin ingekocht en wordt uitgevoerd door de samenwerkingsverbanden Jeugd- en Gezinshulp Den Haag. Deze activiteiten zullen niet langer met subsidie worden ondersteund. Deze subsidieregeling is opgesteld conform de uitgangspunten van de Kadernota subsidiebeleid Den Haag 2020-2023 (RIS305416), de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020 (RIS305417) en de het Kader meerjarige subsidies Den Haag 2023 (RIS315194). Besluitvorming Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, gelet op artikel 5 van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020, besluit vast te stellen de navolgende Subsidieregeling Jeugdpreventie Den Haag 2024: Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: - actuele maatschappelijke ontwikkeling: | gebeurtenis die recent heeft plaatsgevonden of op korte termijn plaats zal vinden, die een belangrijke invloed heeft op dagelijks leven van de doelgroep waarvoor de aanvrager activiteiten organiseert; - ASV: | Algemene subsidieverordening Den Haag 2020; - Awb: | Algemene wet bestuursrecht; - college: | het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag; - jeugdige: | kind tot 12 jaar, jongere van 12 tot 23 jaar en jongvolwassene van 23 tot 27 jaar, waarbij ook het gezin van het kind, de jongere of jongvolwassene kan worden betrokken; - jeugdpreventie: | bijdragen aan een gezond, veilig en kansrijk opgroei- en opvoedklimaat voor jeugdigen door preventieve en lichte ondersteuning, gericht op het voorkomen van (escalatie) van problematiek; - kwetsbare positie: | de positie van de jeugdige, ouder of opvoeder die wordt beïnvloed door problemen op een of meerdere leefgebieden waardoor de zelfredzaamheid wordt beperkt; - mentale weerbaarheid: | de cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden; - nazorg: | alle actieve ondersteuning of begeleiding die geleverd wordt aan de jeugdige of het gezin na afronding van een activiteit, training of traject; - opvoedklimaat: | de omgeving waarin de jeugdige opgroeit en bescherming en veiligheid kan bieden te behoeve van het welzijn van de jeugdige; - overhead: | kosten die de aanvrager maakt die niet rechtstreeks verbonden zijn met het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten; - percelen: | Den Haag is voor wat betreft de inkoop, uitvoering en doorontwikkeling van jeugd- en gezinshulp onderverdeeld in vier percelen: perceel 1 Escamp, perceel 2 Centrum, perceel 3 Kust (Scheveningen. Loosduinen en Segbroek) en perceel 4 Rand (Leidschenveen-Ypenburg, Laak en Haagse Hout); - positieve identiteit: | positief beoordelen van het zelfbeeld in diverse contexten en rollen: thuis, op school, bij vrienden, online, in (seksuele) relaties etc.; - professional: | iemand die beroepsmatig een beroep beoefent, waaronder begrepen het uitoefenen van een beroep in stageverband; - psycho-educatie: | voorlichting en advies met betrekking tot psychische klachten, leer- of gedragsproblematiek; - psychosociale problemen: | problemen die te maken hebben met gevoelens, gedachten en andere mensen of instanties; - samenwerking: | het richten van de inspanningen van twee of meer partijen op het bereiken van hetzelfde doel, waarbij de partijen interactief handelen, betrokkenheid ervaren en verantwoordelijkheidsgevoel dragen; - samenwerkingsverbanden Jeugd- en Gezinshulp Den Haag: | samenwerking van diverse jeugdhulpaanbieders die in opdracht van de gemeente het aanbod van jeugd- en gezinshulp levert in Den Haag vanaf 1 januari 2024; - sociale vaardigheden: | het vermogen om in sociale situaties het gedrag aan te passen. Onder sociale vaardigheden vallen bijvoorbeeld assertiviteit, samenwerken, communiceren, emotionele gevoeligheid, emotieregulatie en probleemoplossend vermogen in de context van relaties; - stakeholder | belanghebbende individu, groep en organisatie. - vrijwilliger: | iemand die niet tegen betaling en zonder daartoe verplicht te zijn werkzaamheden verricht. Iemand die een beroep uitoefent in stageverband wordt niet aangemerkt als een vrijwilliger; - vrijwilligersvergoeding | financiële tegemoetkoming voor het uitvoeren van vrijwilligerswerk; - waarderingsvergoeding | kleine vergoeding in natura aan betrokken vrijwilligers bij de activiteit als blijk van waardering. - zelfredzaamheid: | het vermogen om zelfstandig je leven te leiden en met tegenslagen om te kunnen gaan; - zelfregie: | de ervaring dat iemand invloed en controle heeft over alle domeinen van het eigen leven en alles wat naar eigen inzicht nodig is om een goed leven te leiden. Anders dan bij zelfredzaamheid (het zelf doen) gaat het bij zelfregie over het zelf kiezen en het zelf bepalen; - zelfregulatie: | het vermogen om gedragingen, aandacht, emoties en cognitieve processen te controleren wanneer innerlijke stimuli of stimuli vanuit de omgeving worden ervaren. Artikel 1:2 Toepassingsbereik Deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in de artikel 2:1, 3:1, 4:1 en 5:1 van deze regeling beschreven activiteiten. Artikel 1:3 Maatschappelijke doel van de subsidie - Het doel van de subsidieregeling is het versterken van jeugdigen in kwetsbare posities, hun gezin, en het opvoed- en opgroeiklimaat zodat alle jeugdigen in een stimulerende en kansrijke omgeving kunnen opgroeien. - Het achterliggende maatschappelijke doel van de subsidieregeling is dat alle jeugdigen kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen die naar vermogen kunnen meedoen aan de samenleving. Artikel 1:4 Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen. Artikel 1:5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen - De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit. - Voor subsidie in aanmerking komt de BTW over de gesubsidieerde kosten voor zover die BTW niet teruggevorderd, verrekend of anderszins in mindering kan worden gebracht. - Niet voor subsidie in aanmerking komen: a. kosten voor vrijwilligersvergoedingen;b. onvoorziene kosten;c. kosten voor de waardering van vrijwilligers die hoger zijn dan € 17,50 per vrijwilliger per jaar tot een maximum van € 5.900,- per aanvraag;d. kosten voor overhead die meer bedragen dan 15 % van de kosten van de subsidiabele activiteiten;e. kosten voor activiteiten die in aanmerking komen voor financiering vanuit andere gemeentelijke of niet-gemeentelijke regelingen;f. kosten voor activiteiten die eerder door het college op basis van deze subsidieregeling of anderszins zijn gesubsidieerd. Artikel 1:6 Indexatie - Verleende subsidies worden gedurende het subsidietijdvak geïndexeerd voor het daarop volgende jaar, uiterlijk op 31 december 2025. - Indexatie vindt plaats ten aanzien van het deel van de verleende subsidie dat nog niet als voorschot is uitgekeerd en op grondslag van het in het voorafgaande jaar geïndexeerde bedrag. - Als indexatiegrondslag geldt de in het jaar van vaststelling van de indexatie door de Rijksoverheid gepubliceerde Meicirculaire gemeentefonds, overeenkomstig de volgende indicatoren en wegingsfactoren:a. loonvoet sector overheid (60%);b. prijs bruto overheidsinvesteringen (20%); enc. prijs materiële overheidsconsumptie (20%). Hoofdstuk 2 Aanvraag subsidie en termijnen Artikel 2:1 Subsidietijdvak Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend voor beide kalenderjaren 2025 en 2026 gezamenlijk. Artikel 2:2 Aanvraag subsidie - Een subsidie wordt aangevraagd per hoofdstuk. - Onverminderd artikel 8, tweede en derde lid, van de ASV legt de aanvrager de volgende gegevens over: a. een verklaring waaruit blijkt in hoeverre de subsidieontvanger als BTW belaste ondernemer is aan te merken;b. een opleidings- en begeleidingsplan voor vrijwilligers;c. een communicatieplan;d. een onderbouwing van de effectiviteit van de in te zetten methodieken en interventies;e. een toelichting op de acties die worden ingezet ten behoeve van deskundigheidsbevordering van medewerkers. - Indien de aanvrager meer dan € 100.000, - subsidie per kalenderjaar aanvraagt legt deze tevens over:a. het meest recente jaarverslag, de meest recente jaarrekening, de liquiditeitsratio en de solvabiliteitsratio, alsmede de meest recente balans niet ouder dan twee jaar;b. een risicoanalyse op organisatie- en op activiteitenniveau van de risico’s verbonden aan de uitvoering van de activiteiten voor de duur van de subsidieperiode. - De aanvrager maakt voor de aanvraag gebruik van het door het college vastgestelde digitale aanvraagformulier en het begrotingsformat. Artikel 2:3 Aanvraagtermijn In afwijking van artikel 9, eerste lid van de ASV wordt een aanvraag om subsidie op grond van dit hoofdstuk ingediend vanaf inwerkingtreding van deze regeling tot en met 27 augustus 2024. Artikel 2:4 Beslistermijn In afwijking van artikel 10, eerste lid, van de ASV beslist het college op aanvragen om subsidie uiterlijk 6 november 2024. Hoofdstuk 3 Subsidie voor advies en informatie aan jeugdigen Artikel 3:1 Activiteiten - Subsidie wordt uitsluitend verleend voor activiteiten in Den Haag die in het kader van preventie op een laagdrempelige manier informatie en advies aanbieden aan Haagse jeugdigen en het gezin van de jeugdige in een kwetsbare positie, op de volgende thema’s:a. opgroeien en volwassen worden;b. het versterken van ouderschap; ofc. kinderrechten en juridische kwesties. - Bij het uitvoeren van de activiteiten onder het eerste lid werkt de aanvrager structureel aan de deskundigheidsbevordering van de medewerkers en heeft een opleidings- en begeleidingsplan voorde vrijwilligers. Artikel 3:2 Hoogte van de subsidie De subsidie voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk bedraagt per aanvrager: - a. maximaal € 400.000,- voor het kalenderjaar 2025; en b. maximaal € 400.000,- voor het kalenderjaar 2026. Artikel 3:3 Subsidieplafond - Het subsidieplafond voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk bedraagt € 3.757.698,- voor het subsidietijdvak en wordt verdeeld in de volgende deelplafonds:a. voor het thema opgroeien en volwassen worden € 1.200.000,-;b. voor het thema versterken van ouderschap € 1.957.698,-;c. voor het thema kinderrechten en juridische kwesties € 600.000,-. - Het college kan het subsidieplafond verlagen conform artikel 7 van de ASV. - Een verlaging geldt ook voor reeds ingediende aanvragen. - Het college kan in het geval van onderbesteding het resterend budget overhevelen naar het subsidieplafond van hoofdstuk 4, 5 en/of 6. Artikel 3:4 Wijze van verdeling - Het college brengt een rangschikking aan in de aanvragen die op grond van dit hoofdstuk in aanmerking komen voor subsidie. - Bij de rangschikking van de aanvragen voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal:a. de aanvrager is bekend met de advies- en informatiebehoeften van de jeugdige waarop de activiteit zich richt; dit blijkt uit de manier waarop de activiteit daarop aansluit: 1° de advies- en informatiebehoefte zijn in beeld gebr […tekst ingekort]
Toon brontekst
Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag 2026 Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, gelet op artikel 5 van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020, besluit vast te stellen de Subsidieregeling jeugdpreventie Den Haag 2026: Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: - ASV: Algemene subsidieverordening Den Haag 2020; - Awb: Algemene wet bestuursrecht; - behoefteonderzoek: een onderzoek waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd, aanvullend zijn op bestaand aanbod in Den Haag en aantoonbaar van meerwaarde zijn voor de jeugdigen, hun gezin en, de betrokken partijen en organisaties rondom deze jeugdigen; - college: het college van burgemeester en wethouders van Den Haag; - jeugdigen: mensen tot 27 jaar die woonachtig zijn in Den Haag; - kosten voor overhead: kosten die een organisatie structureel maakt voor gebouwen en buitenterreinen, personeel, administratie, ICT en andere vaste lasten, die niet rechtstreeks verbonden zijn met het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten; - kwetsbare positie: de positie van de jeugdigen of hun ouders die wordt beïnvloed door problemen op een of meerdere leefgebieden waardoor de zelfredzaamheid wordt beperkt; - mentale weerbaarheid: de mentale vermogens, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden; - nazorg: alle actieve ondersteuning of begeleiding die geleverd wordt door een professional aan de jeugdige of het gezin na afronding van een activiteit, training of traject; - ouders: gezaghebbende ouder, adoptiefouder, stiefouder of een ander die een jeugdige als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt wonend in Den Haag; - opvoedklimaat: de omgeving waarin jeugdigen opgroeien en die bescherming en veiligheid kan bieden ten behoeve van het welzijn van jeugdigen; - positieve identiteit: positief beoordelen van het zelfbeeld in diverse contexten en rollen, waaronder in ieder geval: thuis, op school, bij vrienden, online en in (seksuele) relaties; - professional: medewerkers die bevoegd zijn de activiteit uit te voeren, blijkend uit een relevante opleiding, professionele ervaring, certificering of inschrijving in een relevant beroepsregister; - psycho-educatie: voorlichting en advies met betrekking tot psychische klachten, leer- of gedragsproblematiek; - psychosociale problemen: problemen die te maken hebben met gevoelens, gedachten en andere mensen of instanties; - samenwerking: het verrichten van de inspanningen van twee of meer partijen op het bereiken van hetzelfde doel, waarbij de partijen interactief handelen, betrokkenheid ervaren en verantwoordelijkheid voor de jeugdige of zijn gezin dragen; - samenwerkingsverbanden Jeugd en Gezinshulp Den Haag: samenwerking van diverse jeugdhulpaanbieders die in opdracht van de gemeente het aanbod van jeugdhulp op grond van de Jeugdwet levert in Den Haag vanaf 1 januari 2024; - sociale vaardigheden: het vermogen om in sociale situaties het gedrag aan te passen. Onder sociale vaardigheden vallen bijvoorbeeld assertiviteit, samenwerken, communiceren, emotionele gevoeligheid, emotieregulatie en probleemoplossend vermogen in de context van relaties; - stakeholder: belanghebbende individu, groep of organisatie; - vrijwilliger: iemand die niet tegen betaling en zonder daartoe verplicht te zijn werkzaamheden verricht en begeleid wordt door een professional. Iemand die een beroep uitoefent in stageverband wordt niet aangemerkt als een vrijwilliger; - vrijwilligersvergoeding: financiële tegemoetkoming voor het uitvoeren van vrijwilligerswerk; - waarderingsvergoeding: kleine vergoeding in natura aan betrokken vrijwilligers bij de activiteit als blijk van waardering; - zelfredzaamheid: het vermogen om zelfstandig je leven te leiden en met tegenslagen om te kunnen gaan; - zelfregie: de ervaring dat iemand invloed en controle heeft over alle domeinen van het eigen leven en alles wat naar eigen inzicht nodig is om een goed leven te leiden. Anders dan bij zelfredzaamheid (het zelf doen) gaat het bij zelfregie over het zelf kiezen en het zelf bepalen; - zelfregulatie: het vermogen om gedragingen, aandacht, emoties en cognitieve processen te controleren wanneer innerlijke stimuli of stimuli vanuit de omgeving worden ervaren. Artikel 1:2 Toepassingsbereik Deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in de artikel 3:2, 4:2, 5:2 en 6:2 van deze regeling beschreven activiteiten. Artikel 1:3 Achterliggend maatschappelijk doel van de subsidie Het achterliggende maatschappelijke doel van de subsidieregeling is het versterken van jeugdigen of hun gezin ter voorkoming van problematiek of verdere verergering hiervan, zodat alle jeugdigen in een stimulerende en kansrijke omgeving kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen die naar hun eigen vermogen kunnen meedoen aan de samenleving. Artikel 1:4 Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen. Artikel 1:5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen 1.. De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit. 2.. Voor subsidie in aanmerking komt de BTW over de gesubsidieerde kosten voor zover die BTW niet teruggevorderd, verrekend of anderszins in mindering kan worden gebracht. 3.. Niet voor subsidie in aanmerking komen: - vrijwilligersvergoedingen; - kosten voor de waarderingsvergoeding die hoger zijn dan € 25,- per vrijwilliger per jaar tot een maximum van € 8.400,- per aanvraag; - onvoorziene kosten; - kosten voor overhead die meer bedragen dan 15 % van de kosten van de subsidiabele activiteiten; - de eventuele restwaarde van specifiek voor de subsidiabele activiteiten aangeschafte apparatuur; - kosten voor activiteiten die in aanmerking komen voor financiering vanuit andere gemeentelijke of niet-gemeentelijke regelingen; - kosten voor activiteiten die eerder door het college op basis van deze subsidieregeling of anderszins zijn gesubsidieerd. Hoofdstuk 2 Aanvraag subsidie en termijnen Artikel 2:1 Subsidietijdvak Een aanvraag voor subsidie op grond van deze subsidieregeling wordt ingediend voor de periode van 1 januari 2027 tot en met 31 december 2028. Artikel 2:2 Aanvraag subsidie 1.. De aanvrager dient per activiteit een aparte aanvraag in, waarbij een aanvraag niet kan zien op meerdere hoofdstukken. 2.. Onverminderd artikel 8, tweede tot en met vierde lid, van de ASV legt de aanvrager de volgende gegevens over: - een verklaring waaruit blijkt in hoeverre de subsidieontvanger als BTW belaste ondernemer is aan te merken; - een communicatieaanpak met in ieder geval daarin opgenomen:de mate waarin de aanpak aansluit op de behoefte van de jeugdigen of hun gezin;de wijze waarop jeugdigen worden bereikt;de wijze waarop de activiteiten zichtbaar en vindbaar zijn; - een toelichting op de acties die worden ingezet ten behoeve van deskundigheidsbevordering van professionals; en 3.. Aanvullend op het tweede lid overlegt de aanvrager voor subsidie op grond van hoofdstuk 3, 4 en 5 van deze subsidieregeling een toelichting op de acties die worden ingezet ten behoeve van de opleiding van vrijwilligers. 4.. De aanvrager maakt voor de aanvraag gebruik van het door het college vastgestelde digitale aanvraagformulier en het begrotingsformat. Artikel 2:3 Aanvraagtermijn 1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de ASV wordt een aanvraag om subsidie op grond van dit hoofdstuk ingediend van 15 april 2026 tot en met 27 mei 2026. 2.. Het college stelt aanvragers die uiterlijk op 13 mei 2026 hun aanvraag hebben ingediend in de gelegenheid hun aanvraag uiterlijk op 27 mei 2026 aan te vullen en geeft daarbij aan welke stukken ontbreken. Artikel 2:4 Beslistermijn In afwijking van artikel 10, eerste lid, van de ASV beslist het college op aanvragen om subsidie uiterlijk op 30 augustus 2026. Hoofdstuk 3 Informatie en advies Artikel 3:1 Doel van de subsidie Het doel van de subsidie op grond van dit hoofdstuk is dat jeugdigen of het gezin van de jeugdigen worden voorzien van informatie en advies over het omgaan met, of tijdig hulp te vragen bij, vraagstukken die spelen bij opgroeien, volwassen worden, ouderschap en rondom de rechten van jeugdigen. Artikel 3:2 Activiteiten 1.. Subsidie wordt uitsluitend verleend voor het aanbieden van informatie en advies aan jeugdigen of het gezin van de jeugdigen op één van de volgende thema’s: - opgroeien en volwassen worden; - het versterken van ouderschap; of - juridische kwesties van jeugdigen. 2.. De activiteiten bedoeld in het eerste lid worden uitgevoerd door professionals al dan niet met behulp van vrijwilligers. 3.. De aanvrager werkt bij het uitvoeren van de activiteiten bedoeld in het eerste lid structureel aan de deskundigheidsbevordering van de professionals die worden ingezet. 4.. De aanvrager werkt bij het uitvoeren van de activiteiten bedoeld in het eerste lid structureel aan de opleiding en de begeleiding van vrijwilligers, indien deze worden ingezet. Artikel 3:3 Hoogte van de subsidie De subsidie voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk bedraagt per aanvraag maximaal: - € 400.000,- voor het kalenderjaar 2027; en - € 400.000,- voor het kalenderjaar 2028. Artikel 3:4 Subsidieplafond 1.. Het subsidieplafond voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk bedraagt € 3.000.000,- voor het subsidietijdvak en wordt verdeeld in de volgende deelplafonds: - voor het thema opgroeien en volwassen worden € 1.200.000,-; - voor het thema versterken van ouderschap € 1.200.000,-; - voor het thema juridische kwesties van jeugdigen € 600.000,-. 2.. Het college kan het subsidieplafond verlagen conform artikel 7, tweede lid, van de ASV. 3.. Een verlaging geldt ook voor reeds ingediende aanvragen. 4.. Het college kan in het geval van onderbesteding het resterend budget overhevelen naar het subsidieplafond van hoofdstuk 4, 5 en 6 van deze regeling. Artikel 3:5 Wijze van verdeling 1.. Het college brengt een rangschikking aan in de aanvragen die op grond van dit hoofdstuk in aanmerking komen voor subsidie. 2.. Bij de rangschikking van de aanvragen voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal: - uit de aanvraag blijkt dat de activiteit aanvullend is op het bestaande aanbod in Den Haag en aantoonbaar van meerwaarde is voor de jeugdigen of het gezin van de jeugdigen. Dit blijkt uit behoefteonderzoek onder jeugdigen of gezinnen van jeugdigen en ketenpartners:er heeft een behoefteonderzoek plaatsgevonden waarmee is onderbouwd dat de activiteit aanvullend is en meerwaarde heeft: 6 punten;er heeft een behoefteonderzoek plaatsgevonden waarmee is onderbouwd dat de activiteit aanvullend is of meerwaarde heeft: 3 punten;er heeft geen behoefteonderzoek plaatsgevonden of er heeft een behoefteonderzoek plaatsgevonden waarmee onvoldoende is onderbouwd dat de activiteit aanvullend is of meerwaarde heeft: 0 punten; - de aanvrager heeft aantoonbaar ervaring met het aanbieden van laagdrempelige informatie en advies als bedoeld in artikel 3:2, eerste lid. Dit blijkt uit de ervaring van de aanvrager: ervaring van 3 jaar of meer: 4 punten;ervaring van 1 tot 3 jaar: 2 punten; ervaring van minder dan 1 jaar: 0 punten; - het netwerk van de aanvrager is voldoende relevant en betrokken bij de activiteit om jeugdigen of hun gezin naar de uit te voeren activiteit toe te leiden. Dit blijkt uit de kans dat jeugdigen of hun gezin vanuit het netwerk van de aanvrager naar de activiteit worden doorgeleid:de kans is groot dat de doelgroep naar de activiteit wordt doorgeleid door het netwerk van de aanvrager: 6 punten;de kans is redelijk dat de doelgroep naar de activiteit wordt doorgeleid door het netwerk van de aanvrager: 3 punten;de kans is kl […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.