Wat zijn de voorwaarden van Milieu-investeringsaftrek en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen?
De harde eisen, de beoordelingscriteria en de verplichtingen na toekenning bij Milieu-investeringsaftrek en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen.
Hier val je op af
Wat je moet doen na toekenning
| Verplichting | Wanneer |
|---|---|
| Verkoop je het bedrijfsmiddel binnen 5 jaar nadat je MIA\Vamil toepaste, dan geldt een terugbetalingsverplichting via de desinvesteringsbijtelling in je belastingaangifte. Uitzonderingen: bij voortijdige beëindiging van een operationeel leasecontract (het bedrijfsmiddel blijft eigendom van de leasemaatschappij) en bij total loss geldt geen terugbetalingsverplichting. | binnen 5 jaar nadat je MIA\Vamil toepaste |
Beoordeling: geen puntensysteem, wel technische toetsing
Er is geen weging van criteria zoals bij subsidies met een puntenscore. RVO toetst een aanvraag op basis van harde ja/nee-criteria uit de codeomschrijving op de Milieulijst. Belangrijke toetsingspunten die steeds terugkomen:
- *Past het bedrijfsmiddel bij de codeomschrijving?* RVO controleert dit aan de hand van de omschrijving, eventueel aangevuld met certificaten, plattegronden of kostenoverzichten bij een steekproefsgewijze controle.
- *Bij bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift* (een algemenere omschrijving die ruimte laat voor innovatie): je moet aantonen dat je bedrijfsmiddel een veel betere milieuprestatie heeft dan een gangbare referentie-investering in dezelfde toepassing. Soms geldt ook een minimale terugverdientijd van 3 jaar ten opzichte van die referentie-investering, berekend als: meerprijs / (extra baten − extra lasten).
- *Bij circulaire gebouwen*: drie mogelijke routes om aan de materiaaleis te voldoen (op de Milieulijst 2026): minimaal 50% hernieuwbare grondstoffen op volumebasis, of minimaal 25% hergebruikte bouwproducten, of een losmaakbaarheidsindex van minimaal 55%. Daarnaast gelden eisen aan duurzaam hout (CoC-certificaat), de MPG-score (op basis van A2-data, met een hoogte die afhangt van gebouwtype en -grootte), een materialenpaspoort en energieprestatie (BENG-2, minimaal 10% lager dan de Bbl-eis bij nieuwbouw, of minimaal 20% verbetering bij renovatie).
- *Bij duurzame stallen en kassen*: investeringen in de bouw kunnen alleen in hun geheel onder één code gemeld worden; deelinvesteringen in dezelfde stal of kas moeten onder dezelfde code vallen omdat er een maximumbedrag per stal/kas geldt.
Wat je ná toekenning moet doen
*Belastingaangifte* Je past het toegekende percentage (27%, 36% of 45%) toe als aftrek in je belastingaangifte, en/of de 75% willekeurige afschrijving bij Vamil. Je hoeft niet te wachten op de RVO-beslissing om dit te doen; je kunt je aangifte later zo nodig wijzigen.
*Geen winst gemaakt?*
- Bij vennootschapsbelasting: je verrekent de aftrek in het voorgaande jaar en alle jaren daarna.
- Bij inkomstenbelasting: je verrekent de aftrek in de 3 voorafgaande jaren en de 9 volgende jaren. Overleg dit met je belastingadviseur.
*Certificering bij stallen* Na oplevering van een gemelde MDV-stal of Groen Label-kas moet je het definitieve certificaat behalen via een fysieke en administratieve audit door de certificatie-instelling. Je stuurt dit certificaat niet naar RVO, maar de belastinginspecteur kan het opvragen. In de beslissingsbrief staat de termijn waarbinnen dit moet zijn afgerond.
*Assessments bij circulaire gebouwen* Na oplevering moet binnen een jaar na oplevering én binnen vier jaar na validatie van het ontwerpassessment een opleverassessment worden gevalideerd door een onafhankelijke assessor, waarin onder meer het definitieve materiaalgebruik, de MPG en de energieprestatie van het gerealiseerde gebouw worden getoetst. Het materialenpaspoort moet dan beschikbaar zijn en gedurende de gehele levensduur van het gebouw actueel worden gehouden, inclusief een plan voor overdracht bij verkoop.
*Controle* RVO controleert aanvragen steekproefsgewijs. Bij controle van bijvoorbeeld MDV-stallen of Groen Label-kassen moet je een plattegrond, een (voorlopig) certificaat en een kostenoverzicht met datum, leverancier, onderdeel en bedrag per opdracht of factuur aanleveren; van facturen boven € 5.000 is een kopie verplicht.
*Publicatieplicht* Komt je steunbedrag boven € 100.000 uit (of boven € 10.000 in de landbouw- of visserijsector), dan geldt een Europese publicatieplicht over de ontvangen staatssteun.
Deze pagina hoort bij:
Gecontroleerd op . Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland).