MOOI: Industrie

RVO

Wat is de MOOI: Industrie?

MOOI: Industrie is een subsidieregeling van RVO voor samenwerkingsverbanden die innovatieve oplossingen voor de industrie onderzoeken of ontwikkelen. De regeling richt zich op processen en producten die bijdragen aan een klimaatneutrale en circulaire industrie, binnen de thema's conversieprocessen voor nieuwe grondstoffen en Multi-Commodity Energy Hubs. Subsidie wordt verstrekt aan samenwerkingsverbanden van minimaal drie ondernemingen die vanuit verschillende kennisgebieden samenwerken.

Wie komt in aanmerking voor de MOOI: Industrie?

MOOI: Industrie is bedoeld voor samenwerkingsverbanden die onderzoeks- of ontwikkelprojecten voor de industrie uitvoeren. De regeling stelt de volgende eisen aan wie kan deelnemen:

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderneming of onderzoeksinstelling of lokale overheid
Je bent een mkb-onderneming
Je sector valt onder SBI industrie
Je vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij RVO.
  • Deelnemers kunnen kleine, middelgrote of grote bedrijven, onderzoeksinstellingen, lokale overheden, of leveranciers of afnemers van energie zijn.
  • Het samenwerkingsverband bestaat uit minimaal 3 ondernemingen die niet met elkaar verbonden zijn in een groep. Zijn de ondernemingen wel verbonden, dan is een extra deelnemer nodig om aan het minimum van 3 te komen.
  • Er moet een multidisciplinaire aanpak zijn: verschillende kennisgebieden, vaardigheden, belangen en motieven komen samen.
  • Alleen samenwerkingsverbanden kunnen de subsidie aanvragen, niet individuele partijen.
  • Provincies en gemeenten mogen meedoen in een project, maar kunnen zelf geen subsidie ontvangen.
  • Deelnemende ondernemingen hebben een vaste inrichting of dochteronderneming in Nederland op het moment dat de subsidie wordt uitbetaald.
  • Onderneming in moeilijkheden (volgens de definitie van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening) zijn in principe uitgesloten, tenzij ze de-minimissteun aanvragen.

Twijfelt u of uw organisatie geldt als onderzoeksinstelling, dan kunt u daarover contact opnemen met RVO.

Richt uw project zich op één specifieke technologie in een samenwerking met minstens één onderneming, dan sluit de subsidie EKOO: Industrie mogelijk beter aan.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidie is bedoeld voor projecten die processen en producten verduurzamen binnen twee thema's: conversieprocessen en ketens voor nieuwe commodities (zoals biogrondstoffen en synthetische grondstoffen die worden omgezet naar industriële producten) en innovaties voor industriële Multi-Commodity Energy Hubs (koppeling van meerdere energiedragers tussen bedrijven).

Subsidiabele kosten zijn:

  • Kosten voor industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling, zoals projectactiviteiten en pilots.
  • Andere projectkosten die bijdragen aan de doelen van de innovatie en die in het projectplan staan (overige projectactiviteiten), zoals kennisverspreiding, scholing, of activiteiten gericht op marktintroductie.

Kostensoorten binnen industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling:

  • Loonkosten, via de integrale kostensystematiek, de loonkosten-plus-50%-opslagsystematiek, of een vast uurtarief van € 80.
  • Kosten van aangeschafte machines en apparatuur (rekening houdend met afschrijving en eventuele restwaarde).
  • Kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen.
  • Kosten van uitbesteding (kosten derden).

Alleen projecten met minimaal € 2.000.000 aan subsidiabele kosten komen in aanmerking. Het project mag niet volledig worden uitbesteed: inhuur van derden telt niet als samenwerking voor eigen rekening en risico. Routinematige of periodieke wijzigingen van bestaande producten of processen vallen niet onder industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling, ook niet als het verbeteringen zijn. Ondernemingen die actief zijn in visserij, aquacultuur of de primaire productie of verwerking van landbouwproducten, komen niet in aanmerking voor subsidie op overige projectactiviteiten.

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie is een percentage van de subsidiabele projectkosten. De hoogte hangt af van het type deelnemer:

  • 80% voor een onderzoeksorganisatie die niet-economische activiteiten uitvoert.
  • 60% voor een kleine onderneming.
  • 50% voor een middelgrote onderneming.
  • 40% voor een grote onderneming.

Is er geen daadwerkelijk samenwerkingsverband (waarbij deelnemers voor eigen rekening en risico deelnemen), dan wordt 15 procentpunt afgetrokken van het subsidiepercentage voor de betrokken onderneming(en).

Verdere grenzen:

  • De subsidie per deelnemer is minimaal € 25.000.
  • De subsidie per project is maximaal € 4.000.000.
  • Het totale budget voor deze missie bedraagt € 20.000.000.
  • Onderzoeksorganisaties mogen samen niet meer dan 50% van de subsidiabele projectkosten voor hun rekening nemen.
  • Voor overige projectactiviteiten (niet zijnde industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling) geldt een subsidie van maximaal 5% van de totale subsidiabele projectkosten, met een maximum van € 350.000 per project en € 300.000 per onderneming.

Kwalificeert een deelnemende onderneming als onderneming in moeilijkheden, dan kan deze subsidie aanvragen onder het de-minimissteunkader, tot maximaal € 300.000 per 3 jaar. Hiervoor is voldoende de-minimissteunruimte nodig en moet een de-minimisverklaring worden meegestuurd.

Alle bedragen op een rij

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoort
€ 25.000Minimaal
€ 2.000.000Minimaal
€ 20.000.000Subsidieplafond

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
20262 jun 20263 sep 2026€ 20 mln-

Wat zijn de voorwaarden van de MOOI: Industrie?

Belangrijke voorwaarden zijn:

  • Het samenwerkingsverband bestaat uit minimaal 3 niet-verbonden ondernemingen met een gevarieerde samenstelling.
  • Deelnemers werken voor eigen rekening en risico mee; het project mag niet volledig worden uitbesteed.
  • Alle deelnemers dragen financieel en inhoudelijk ongeveer evenveel bij.
  • De financiering van het eigen aandeel in de projectkosten (het niet-gesubsidieerde deel) moet rond zijn op het moment van aanvragen.
  • Het project duurt maximaal 4 jaar en leidt binnen 10 jaar na de start tot een eerste toepassing (implementatie binnen een deel van een industrieel proces, geen grootschalige uitrol vereist).
  • U start met het project niet vóór het indienen van de aanvraag, en uiterlijk 6 maanden na de subsidiebeschikking.
  • Neemt een onderzoeksorganisatie deel, dan is een getekende samenwerkingsovereenkomst verplicht vóór de start van de projectactiviteiten.
  • Geen van de deelnemers mag kwalificeren als onderneming in moeilijkheden, tenzij met de-minimissteun.

De subsidieaanvraag wordt beoordeeld op basis van vijf rangschikkingscriteria, elk gescoord van 1 tot 10, met een minimum van 6 punten per criterium:

  • Bijdrage aan de doelstellingen van de subsidie (weging 22,50%)
  • Mate van vernieuwing ten opzichte van de internationale stand van onderzoek of techniek (weging 16,25%)
  • Slaagkans van de innovatie in de Nederlandse markt en maatschappij (weging 22,50%)
  • Kwaliteit van het projectplan (weging 16,25%)
  • Kwaliteit van het samenwerkingsverband (weging 22,50%)

Het beschikbare budget wordt verdeeld op volgorde van rangschikking: de aanvraag met de hoogste gewogen totaalscore krijgt voorrang, totdat het budget op is. Een vooraanmelding is verplicht voordat een definitieve aanvraag kan worden ingediend.

Hoe vraag je de MOOI: Industrie aan?

De aanvraag verloopt in vier fases:

  • Vooraanmelding: het samenwerkingsverband meldt het project vooraf aan via de website van RVO. Hierin staat beknopt hoe het project bijdraagt aan de doelstelling, welke resultaten worden beoogd, wie de uitvoerende partijen zijn, de verwachte kosten en de gevraagde subsidie.
  • Advies vooraanmelding: een onafhankelijke adviescommissie (Adviescommissie MOOI) beoordeelt de vooraanmelding en geeft verbeterpunten. Dit advies is niet bindend.
  • Definitieve aanvraag: de definitieve subsidieaanvraag wordt ingediend via de website van RVO, inclusief het advies op de vooraanmelding. Elke vooraanmelding leidt tot maximaal één definitieve aanvraag.
  • Beoordeling: de adviescommissie beoordeelt en rangschikt de definitieve aanvragen.

Voor het indienen logt u in met eHerkenning, met minimaal betrouwbaarheidsniveau 3 (met machtiging RVO-diensten op niveau eH3).

Verplichte onderdelen van de aanvraag zijn onder meer:

  • Aanvraagformulier, ondertekend door de aanvrager of intermediair met een digitale handtekening.
  • Deelnemersformulier (aanmelding en machtiging): door elke deelnemer ondertekend, waarmee de penvoerder wordt gemachtigd.
  • Advies van de Adviescommissie MOOI op de vooraanmelding.
  • Projectplan (inclusief plan voor kennisverspreiding en projecttabel met mijlpalen en go/no-go-momenten), opgesteld volgens het verplichte model.
  • Begroting, opgesteld volgens het verplichte model.
  • Beschrijving van kennis, ervaring en capaciteiten van de deelnemers.
  • Mkb-toets, verplicht als het opslagpercentage voor kleine of middelgrote bedrijven wordt aangevraagd.
  • De-minimisverklaring(en), verplicht bij subsidie voor overige projectactiviteiten of bij een deelnemer die onderneming in moeilijkheden is.
  • Getekende samenwerkingsovereenkomst, verplicht als een onderzoeksorganisatie deelneemt en het project start op de dag van aanvragen.
  • Verklaring in-kind bijdrage, indien van toepassing.
  • Verklaring "Geen onderneming in moeilijkheden", met jaarcijfers en organogrammen.

Een aanvraag die na de sluitingsdatum niet compleet is, kan niet meer worden aangevuld.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Na het indienen van de definitieve aanvraag toetst RVO eerst of deze compleet is en aan de eisen van de regeling voldoet. Vervolgens beoordeelt en rangschikt de Adviescommissie MOOI de aanvraag aan de hand van de vijf rangschikkingscriteria. Het beschikbare budget wordt verdeeld op volgorde van de rangschikking.

De beoordelingstermijn bedraagt 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode en kan één keer met 13 weken worden verlengd. RVO kan vragen om een toelichting op het voorstel, maar is daartoe niet verplicht.

Bij goedkeuring ontvangt u een beschikking met de beslissing. Tijdens de looptijd:

  • Levert u voortgangsrapportages aan.
  • Draagt u bij aan kennisverspreiding en communiceert u actief over de resultaten richting belanghebbenden buiten het project (concurrentiegevoelige informatie hoeft u niet te delen).
  • Geeft u wijzigingen in het project door.
  • Vraagt u na afloop vaststelling van de subsidie aan.

Neemt een onderzoeksorganisatie deel en start het project na de subsidieverlening, dan wordt de getekende samenwerkingsovereenkomst opgevraagd in de beheerfase; ontbreekt deze, dan worden voorschotbetalingen opgeschort en kan het project na verloop van tijd op € 0 worden vastgesteld.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over MOOI: Industrie. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO; controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.