Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026

RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)

Wat is de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026?

De Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026 is een subsidie van RVO voor de aanleg van walstroomvoorzieningen voor zeeschepen in Nederlandse zeehavens. De regeling richt zich op terminals die vallen onder de AFIR-verplichting (Alternative Fuels Infrastructure Regulation) en op terminals die walstroom aanleggen om CO2-uitstoot van zeeschepen te verminderen. Ook de eigen opwek van hernieuwbare elektriciteit bij de walstroomvoorziening kan worden meegenomen.

Wie komt in aanmerking voor de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026?

Deze regeling is bedoeld voor in Nederland gevestigde rechtspersonen die van plan zijn een walstroomvoorziening aan te leggen voor de energievoorziening van zeeschepen in een Nederlandse zeehaven, een AFIR-haven of een AFIR-terminal. Je kunt dit ook doen in een samenwerkingsverband van meerdere rechtspersonen; in dat geval dient de penvoerder van het samenwerkingsverband de aanvraag in.

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een rechtspersoon
De definitieve beoordeling ligt bij RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland).

De regeling onderscheidt drie categorieën terminals of kades, elk met eigen aanvullende eisen:

  • Categorie A: terminals met een AFIR-status (terminals binnen een AFIR-haven die aan bepaalde aanloopdrempels van zeeschepen voldoen).
  • Categorie B: terminals zonder eigen AFIR-status, die wel bijdragen aan de AFIR-verplichting op havenniveau.
  • Categorie C: terminals die niet bijdragen aan een AFIR-verplichting en die gericht zijn op vermindering van CO2-uitstoot.

Is de subsidieaanvrager niet zelf de exploitant van de terminal of kade, dan is een verklaring van instemming van de exploitant vereist.

Waarvoor krijg je subsidie?

Subsidie is bedoeld voor de aanleg van een walstroomvoorziening op een terminal of kade in een Nederlandse zeehaven, in één van de drie categorieën (AFIR-terminal, AFIR-bijdrage of CO2-reductie). Voor alle categorieën kan ook de on-site opwek van hernieuwbare elektriciteit als mitigerende maatregel voor netcongestie worden opgevoerd, bijvoorbeeld zonnepanelen, windmolens of een aggregaat op hernieuwbare brandstof, eventueel gecombineerd met een batterij.

Subsidiabele kostensoorten zijn:

  • Projectspecifieke personeelskosten. Hiervoor kies je één van drie systematieken per deelnemer: berekening op basis van de integrale kostensystematiek, berekening op basis van kosten per kostendrager vermeerderd met 50% opslag, of een forfaitair uurtarief van € 80 per uur.
  • Projectspecifieke kosten voor gronden en gebouwen (verwerving of anderszins in gebruik krijgen, zoals huur, erfpacht, recht van opstal of lease); bij huur of lease krijg je alleen subsidie voor het bedrag tijdens de projectduur.
  • Projectspecifieke kosten voor installaties en machines, waaronder de aanschaf en installatie van de walstroomvoorziening en de daaraan voorafgaande planningskosten. Ondersteunende infrastructuur zoals stroomkabels valt hieronder voor zover deze tot de walstroomvoorziening zelf behoort, inclusief een zakelijke netaansluiting voor de walstroomvoorziening.
  • Projectspecifieke kosten voor materialen en hulpmiddelen.
  • Projectspecifieke immateriële activa (investeringen die op de balans worden geactiveerd maar geen materie betreffen).
  • Projectspecifieke investeringskosten voor maatregelen om netcongestie te mitigeren.

Niet subsidiabel zijn onder meer:

  • Kosten voor projectmanagement en projectbesturing (voortgangsmonitoring, contracten opstellen, afstemming tussen samenwerkingspartijen, voortgangsrapportages, budgettering, escaleren naar een stuurgroep, projectbewaking).
  • Kosten voor de controleverklaring van de accountant.
  • Binnenlandse reiskosten.
  • Kosten voor kennisverspreidingsactiviteiten.
  • Kosten die als "onvoorzien" worden aangemerkt.
  • Kosten voor het algemene elektriciteitsdistributienet die tot het beheer van de netbeheerder behoren.
  • Financieringskosten en kosten die rechtstreeks in de winst- en verliesrekening worden verantwoord (relevant bij de exploitatiewinstberekening).

Kosten voer je exclusief omzetbelasting op. Kun je de btw niet verrekenen met de belastingdienst, dan vermeld je dat in het toelichtingenveld. Winstopslagen bij een transactie binnen een groep mogen niet worden meegenomen, tenzij dat ook bij soortgelijke transacties buiten de groep gebruikelijk is.

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie is een percentage van de subsidiabele kosten, afhankelijk van de categorie:

  • Categorie A en B (AFIR-terminals en terminals die bijdragen aan de AFIR-verplichting op havenniveau): maximaal 45% van de kosten die onder de subsidie vallen.
  • Categorie C (terminals die niet bijdragen aan een AFIR-verplichting en gericht zijn op CO2-reductie): maximaal 30% van de kosten die onder de subsidie vallen.

Vraag je niet meer dan € 5.500.000 subsidie aan, dan wordt de subsidie berekend door de subsidiabele kosten te vermenigvuldigen met het toepasselijke percentage. Vraag je meer dan € 5.500.000 subsidie aan, dan wordt eerst de exploitatiewinst op de subsidiabele kosten in mindering gebracht; hiervoor stuur je een exploitatiewinstberekening mee.

Bij vaststelling is een controleverklaring van een accountant nodig als het subsidiebedrag per deelnemer en per project € 125.000 of hoger is; iedere deelnemer die € 125.000 of meer wil laten vaststellen, moet zo'n verklaring meesturen.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
202619 mei 20261 okt 2026€ 10 mln-

Wat zijn de voorwaarden van de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026?

Voor alle categorieën gelden de volgende algemene voorwaarden:

  • De walstroomvoorziening is grotendeels bedoeld voor de energievoorziening van zeeschepen in Nederlandse zeehavens of een AFIR-terminal.
  • De walstroom is beschikbaar op gelijkwaardige en niet-discriminerende wijze en tegen marktvoorwaarden aan belangstellende gebruikers bij de betreffende kade of terminal.
  • De werkzaamheden voor het project mogen niet gestart zijn voordat de subsidieaanvraag is ingediend.
  • De startdatum ligt maximaal 6 maanden na de datum van de beschikking tot subsidieverlening.
  • De aanleg van de walstroomvoorziening is binnen 4 jaar klaar.
  • Een walstroomvoorziening met hoogspanning moet, inclusief ontwerp, installatie en het testen van de systemen, voldoen aan de technische specificaties van norm IEC/ISO/IEEE 80005-1:2019.
  • De nominale productiecapaciteit van de on-site installatie voor hernieuwbare elektriciteit is niet groter dan het maximale nominale uitgangsvermogen van de walstroominstallatie waarop zij is aangesloten.

Specifieke voorwaarden per categorie:

Categorie A (AFIR-terminals): terminals binnen een AFIR-haven die voldoen aan één van de drempels (meer dan 100 containerzeeschepen, meer dan 40 ro-ro-passagiersschepen of hogesnelheidsvaartuigen, of meer dan 25 andere passagiersschepen, telkens van meer dan 5.000 brutoton). Je moet onderbouwen dat de terminal daadwerkelijk als AFIR-terminal kwalificeert, met gegevens over aanlopen van zeeschepen in de afgelopen 3 jaar.

Categorie B (AFIR-bijdrage): terminals zonder eigen AFIR-status die aanlopen ontvangen onder de drempels van categorie A, maar wel bijdragen aan de AFIR-verplichting op havenniveau.

  • Verplichte verklaring van de havenbeheerder dat de walstroomvoorziening nodig is om op havenniveau aan de AFIR-verplichting te voldoen (RVO-format).
  • De terminal moet in het kalenderjaar voorafgaand aan de aanvraag door ten minste 50 zeeschepen zijn aangedaan (zonder de eis dat deze groter dan 5.000 brutoton zijn); dit moet worden aangetoond.

Categorie C (CO2-reductie): de kade of terminal moet in het voorafgaande jaar door ten minste 50 zeeschepen zijn aangedaan; dit moet worden aangetoond. Heeft een niet-AFIR-terminal meerdere kades, dan mogen de aanlopen van al deze kades worden opgeteld om aan deze voorwaarde te voldoen.

Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst, waarbij de datum geldt waarop een volledige aanvraag is ontvangen. Komen er op één dag meerdere volledige aanvragen binnen die gezamenlijk het subsidieplafond overschrijden, dan wordt de onderlinge rangschikking door loting bepaald.

Hoe vraag je de Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026 aan?

De aanvraag wordt ingediend door een in Nederland gevestigde rechtspersoon, of door de penvoerder namens een samenwerkingsverband van meerdere rechtspersonen. Inloggen gebeurt met eHerkenning (niveau 3).

Verplicht bij elke aanvraag:

  • Projectplan, uitsluitend volgens het verplichte RVO-format (ander format wordt niet geaccepteerd); omvang maximaal 15 pagina's exclusief bijlagen.
  • Begroting, uitsluitend volgens het verplichte RVO-format, onderbouwd met offertes en berekeningen.
  • Berekening van de CO2-reductie, opgesteld volgens de handleiding CO2-emissiereductie berekening.
  • Verklaring geen ondernemer in moeilijkheden, ingevuld en ondertekend door iedere deelnemer in het samenwerkingsverband (beslisschema en verklaring).
  • Mkb-verklaring (als de aanvrager een mkb-onderneming is) of de verklaring stimulerend effect grote bedrijven (als de aanvrager een grote onderneming is).
  • Een recente (geconsolideerde) jaarrekening per deelnemer, niet ouder dan 18 maanden; bij een verbonden groep de jaarrekening van de groep.
  • Een organogram per deelnemer of van de groep waartoe de deelnemer behoort, met de aandelenverdeling en wie de overwegende zeggenschap heeft.
  • Gegevens: naam, adres, kvk-nummer, SBI-code en bankrekeninggegevens van alle deelnemers.

Afhankelijk van de situatie ook verplicht:

  • Samenwerkingsovereenkomst (bij een samenwerkingsverband), met minimaal: doel van de samenwerking, verantwoordelijkheden van de partners, duur van de samenwerking, namen en handtekeningen van alle partners, en de bevestiging dat de deelnemers een penvoerder aanwijzen en machtigen. Bij een samenwerkingsverband hoort ook een machtiging van de penvoerder.
  • Exploitatiewinstberekening (bij een gevraagde subsidie van meer dan € 5,5 miljoen), volgens de handleiding exploitatiewinstberekening.
  • Verklaring van instemming van de exploitant (als de aanvrager niet zelf de exploitant van de terminal of kade is).
  • Onderbouwing van het aantal schepen, per categorie: voor categorie A een opgave van het aantal schepen van de relevante scheepssegmenten over de afgelopen 3 jaar; voor categorie B een opgave van 50 zeeschepen in het voorgaande jaar plus de verklaring van de havenbeheerder; voor categorie C een opgave van 50 zeeschepen in het voorgaande jaar.

Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst, op basis van de datum waarop een volledige aanvraag is ontvangen. Is een aanvraag bij eerste indiening nog niet volledig, dan krijg je de mogelijkheid deze aan te vullen; de eerste datum van binnenkomst vervalt dan en de datum van de volledige aanvraag geldt. Komen op één dag meerdere volledige aanvragen binnen die samen het subsidieplafond overschrijden, dan bepaalt loting de onderlinge rangschikking.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Je ontvangt zo snel mogelijk een beslissing, maar uiterlijk binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag; deze termijn kan eenmalig met 13 weken worden verlengd.

Tijdens de looptijd gelden onder meer deze verplichtingen:

  • Jaarlijks een voortgangsrapportage indienen (maximaal 10 pagina's exclusief bijlagen), waarin je onder andere inhoudelijke, financiële en planningsafwijkingen ten opzichte van het projectvoorstel beschrijft. Je krijgt hiervoor tijdig een herinneringsmail.
  • Essentiële wijzigingen (zoals inhoudelijke wijzigingen, vertraging of het niet kunnen voldoen aan een verplichting) meld je vooraf via een wijzigingsverzoek. Doe je dit niet, dan loop je het risico geen subsidie te ontvangen voor de gewijzigde projectdelen of voor het hele project.
  • Medewerking verlenen aan een evaluatie en tot 5 jaar na de datum van subsidievaststelling gegevens verstrekken over de effecten van de activiteiten, waaronder de jaarlijks geleverde hoeveelheid elektriciteit van de walstroomvoorziening en een inschatting van de behaalde CO2-reductie.

Na afronding van het project dien je zo snel mogelijk, maar uiterlijk 13 weken na de einddatum van het project, een verzoek tot vaststelling in. Hierbij wordt het subsidiebedrag definitief vastgesteld en wordt beoordeeld of de gestelde doelen zijn behaald, gevolgd door een afrekening van de subsidiegelden. Bij het verzoek tot vaststelling voeg je een eindrapportage toe (maximaal 15 pagina's exclusief bijlagen). Is het subsidiebedrag per deelnemer en per project € 125.000 of hoger, dan is ook een controleverklaring van een accountant vereist, opgesteld volgens het controleprotocol.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 10 documenten bij deze regeling, waarvan er 9 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 2 andere bestanden in het dossier.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024-2026. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.