Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel 2026
Gedeputeerde staten van Zuid-Holland
Voor natuurlijke personen, privaatrechtelijke rechtspersonen en samenwerkingsverbanden die lokale eetinitiatieven ontplooien.
Waar is deze subsidie voor?
Projectsubsidie voor lokale eetinitiatieven die gezonde en betaalbare maaltijden (max. €6) aanbieden in Zuid-Holland. Maximaal €30.000 per project; totaal budget €475.000. Aanvragen via tender op basis van puntensysteem.
Voor wie is het bedoeld?
Voor natuurlijke personen, privaatrechtelijke rechtspersonen en samenwerkingsverbanden die lokale eetinitiatieven ontplooien.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor wijkrestaurant met gezonde maaltijden
- Financiering voor mealprepkeuken met betaalbare porties
- Steun voor lokaal voedselinitiatief gericht op gezondheid en sociale cohesie
Voorwaarden
- Eetinitiatief biedt gezonde maaltijden aan volgens Schijf van Vijf
- Maaltijden maximaal €6
- Initiatief op vrij toegankelijke plaats
- Voortduring voor minimaal drie jaar
- Zichtbaarheid en communicatie over initiatief
- Geen winstoogmerk
- Ondernemingen moeten voldoen aan De-minimisverordening (EU/2023/2831)
- Start activiteiten binnen 6 maanden na subsidieverlening
- Activiteiten afgerond binnen twee jaar na subsidieverlening
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Zo vraagt u aan
Zoals beschreven door de verstrekker. Onvolledig? Controleer altijd het officiële loket.
Benodigde documenten
- de-minimisverklaring (voor ondernemingen)
Aanvragen worden beoordeeld via tender op basis van puntensysteem (criteria: gezond/betaalbaar voedsel, bereik kwetsbare groepen, duurzaam/lokaal voedsel, sociaaleconomische status wijk). Minimum 60 punten vereist. Bij gelijke punten bepaal
Openstellingen en rondes
Er is op dit moment geen open ronde.
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Documenten
- algemene_de-minimisverklaring_1_1_.pdf · 5 pag.
Toon documenttekst
1 Algemene de-minimisverklaring 251202594_invulbaarform_minimisverklaring Gegevens Informatie over de onderneming Bedrijfsnaam : Inschrijfnummer KvK : NACE-classificatie1 : Informatie over verbonden ondernemingen2 Bedrijfsnaam : Inschrijfnummer KvK : NACE-classificatie : Bij meerdere verbonden ondernemingen voegt u een overzicht met informatie over de verbonden ondernemingen bij de verklaring. 1 De NACE-classificatie bestaat uit de eerste vier cijfers van de SBI-code. Vul bij meerdere SBI-codes de code in van de specifieke activiteit waarvoor de minimis steun wordt aangevraagd met behulp van deze verklaring. 2 Zie uitleg onder: Eén onderneming (verbonden ondernemingen voor de de-minimisverordening). Lees eerst de uitleg voordat u de verklaring invult. -- 1 of 5 -- 2 Verklaring Hierbij verklaart ondergetekende, dat aan de genoemde onderneming en eventueel verbonden ondernemingen als bedoeld in de algemene de-minimisverordening (aankruisen wat van toepassing is): o geen de-minimissteun is verleend • In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is niet eerder de-minimissteun verleend. o wel de-minimissteun is verleend, maar het drempelbedrag niet wordt overschreden • In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is eerder de-minimissteun (in welke vorm of voor welk doel dan ook) verleend tot een bedrag van in totaal € Of deze de-minimissteun al daadwerkelijk is uitbetaald, doet niet ter zake. • De stukken waarop dit gebaseerd is, moet u kunnen overleggen als hierom wordt gevraagd. o al andere staatssteun is verleend voor dezelfde in aanmerking komende kosten • Voor dezelfde in aanmerking komende kosten is al staatssteun verleend tot een bedrag van in totaal € • Deze staatssteun is verleend op grond van een vrijstellingsverordening, kaderregeling of een besluit van de Europese Commissie d.d. • De stukken waarop dit gebaseerd is, moet u kunnen overleggen als hierom wordt gevraagd. Daarnaast verklaart ondergetekende om onmiddellijk melding te doen bij de overheidsinstantie waar de steunaan- vraag is ingediend, indien de onderneming vóór de ontvangst van de aan deze verklaring verbonden verlenings- beschikking/overeenkomst etc.3 alsnog de-minimissteun, of voor dezelfde in aanmerking komende kosten andere staatssteun, ontvangt. Aldus volledig en naar waarheid ingevuld door: Naam functionaris en functie : Datum : Handtekening : Naam functionaris en functie4 : Datum : Handtekening5 Adres onderneming : Postcode en plaatsnaam : 3 De-minimissteun kan op diverse manieren verleend worden, niet alleen in de vorm van direct geld/een subsidie. Zo kan ook (de-minimis)staatssteun verleend worden in de vorm van leningen of garanties met bijbehorende overeenkomsten i.p.v. besluiten/beschikkingen. 4 Bij private rechtspersonen is het bestuur in beginsel in zijn geheel tekenbevoegd (zie bijvoorbeeld art. 2:292 BW voor stichtingen). De statuten van een privaatrechtelijke rechtspersoon kunnen echter bepalen dat één bestuurder zelfstandig bevoegd is om te tekenen of dat er een gezamenlijke handtekening van twee of meer bestuurders is vereist om te tekenen. Voor dat laatste geval is een extra naam en handtekeningregel toegevoegd. 5 Idem. -- 2 of 5 -- 3 Uitleg de-minimisverklaring Deze uitleg is een hulpmiddel bij het invullen van een de-minimisverklaring. Aan deze uitleg kunnen geen rechten worden ontleend. De Verordening (EU) Nr. 2023/2831 (hierna: de algemene de-minimisverordening) is bepalend.6 Wanneer wordt de algemene de-minimisverordening gebruikt? De algemene de-minimisverordening is in beginsel van toepassing op steun aan ondernemingen7 in alle sectoren, maar er gelden enkele specifieke regels voor bepaalde sectoren met name voor de landbouw- en visserijsector. Zo is de de-minimisverordening voor de landbouwsector van toepassing op steun aan ondernemingen die actief zijn in de primaire productie van landbouwproducten, Steun aan ondernemingen in de landbouw- of visserijsector valt dus in beginsel buiten het bereik van deze verordening. De algemene de-minimisverordening is in bepaalde gevallen ook niet van toepassing op steun aan ondernemingen die actief zijn in de verwerking en afzet van landbouwproducten, steun voor werkzaamheden die verband houden met de uitvoer naar derde landen of lidstaten en steun die afhangt van het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen. Daarnaast valt compensatiesteun voor onder- nemingen die activiteiten van algemeen economisch belang (hierna: DAEB) uitvoeren buiten de reikwijdte van deze verordening. Steun kan verleend worden op basis van de algemene de-minimisverordening als: • uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren in het geheel geen de-minimissteun heeft ontvangen. • uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren de-minimissteun heeft ontvangen, opgeteld bij het bedrag van de huidige voorgenomen steun wordt hiermee echter het bedrag van € 300.000,- niet overschreden. • uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige voorgenomen steun reeds andere vormen van staatssteun heeft ontvangen. Deze andere steun, opge- teld met de huidige verlening mag er niet toe leiden dat de hoogste toepasselijke steunintensiteit of het hoogste toepasselijke steunbedrag wordt overschreden. De algemene de-minimisverordening en staatssteun De staatssteunregels in het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (artikel 107 en 108 VWEU) stellen beperkingen aan overheden als zij steun willen verlenen aan ondernemingen. Deze de-minimisverklaring is nodig voor een overheidsinstantie8 om na te gaan of het voordeel dat uw onderneming door deze de-minimissteun krijgt, past binnen de voorwaarden die de Europese staatssteunregels stellen. In de de-minimisverordening regelt de Europese Commissie dat steunmaatregelen (zoals subsidieverlening) tot een bepaalde drempel het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig beïnvloeden en de mededinging niet verval- sen en daarom niet beschouwd worden als staatssteun in de zin van het VWEU. Deze drempel is bij de algemene de- minimisverordening gesteld op een bedrag van € 300.000,-. Dit bedrag geldt per onderneming voor een periode van drie jaren. Steun die de genoemde drempelbedragen niet overschrijdt, wordt aangemerkt als ‘de-minimissteun’. Eén onderneming (verbonden ondernemingen voor de de-minimisverordening) Het de-minimisplafond geldt voor één onderneming. Het kan voorkomen dat twee (of meer) ondernemingen een bepaalde band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als één onderneming worden gezien. Onder de algemene de-minimisverordening wordt als één onderneming beschouwd alle ondernemingen die enige zeggen- schapsband met elkaar onderhouden. Het gaat om één van de volgende banden (artikel 2, tweede lid, van de alge- mene de-minimisverordening): • één onderneming heeft de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders of vennoten van een an- dere onderneming; • één onderneming heeft het recht de meerderheid van de leden van het bestuurs-, leidinggevend of toezichthou- dend orgaan van een andere onderneming te benoemen of te ontslaan; • één onderneming heeft het recht een overheersende invloed op een andere onderneming uit te oefenen op grond van een met die onderneming gesloten overeenkomst of een bepaling in de statuten van laatstgenoemde onderneming; 6 Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2024 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun. 7 Een onderneming in Europeesrechtelijke zin is een eenheid die een economische activiteit uitoefent. Een economische activiteit is het aanbieden van goederen en diensten op de markt. De rechtsvorm van deze eenheid of de wijze waarop zij wordt gefinancierd is hierbij niet van belang. Daarbij kunnen zowel privaatrechtelijke als publiekrechtelijke rechtspersonen een onderneming vormen. Dat er geen winstoogmerk is (zoals bij een stichting) is niet relevant. 8 Hier valt onder: de centrale overheid (een ministerie), de provincie, gemeente, waterschap of een van de (uitvoerings)organisaties die (namens hen) steun verlenen. -- 3 of 5 -- 4 • één onderneming die aandeelhouder of vennoot is van een andere onderneming, heeft op grond van een met andere aandeelhouders of vennoten van die andere onderneming gesloten overeenkomst als enige zeggen- schap over de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders of vennoten van die onderneming. • Ondernemingen die indirect (via een of meer andere ondernemingen) een van de bovenstaande banden onder- houden, worden ook als één onderneming beschouwd. Bedrag van de de-minimissteun Door middel van deze verklaring geeft u aan dat met de huidige subsidieverlening voor uw onderneming de de- minimisdrempel niet wordt overschreden. U moet daarom nagaan of gedurende de drie voorafgaande jaren enige vorm van de-minimissteun door een overheidsinstantie aan uw onderneming is verstrekt. Indien dit het geval is bent u hierover door de overheidsinstantie in kennis gesteld. Het gaat niet alleen om steun die u heeft ontvangen van een gemeente of een ministerie: alle de-minimissteun telt mee. Bij overschrijding van de drempel kan geen beroep meer worden gedaan op de de-minimisverordening. Handelen in strijd met de staatssteunregels kan leiden tot terugvor- dering van de verleende steun. Een onjuist ingevulde verklaring kan daarom als gevolg hebben dat de subsidiebe- schikking wordt ingetrokken en eventueel verleende steun, inclusief onrechtmatigheidsrente, wordt teruggevor- derd, wanneer blijkt dat andere steun is verleend waardoor het de-minimisplafond wordt overschreden. Bij het invullen van de verklaring worden brutobedragen vóór aftrek van belastingen gebruikt. Behalve om subsidie- verlening kan het daarbij gaan om leningen tegen gunstige voorwaarden, de verkoop van grond tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, vrijstellingen, verlagingen of kwijtschelding van directe of indirecte belastingen etc. Onder voorwaarden is het mogelijk de verordening toe te passen op leningen en garanties. Als u twijfelt of andere steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheidsinstan- tie van wie u de steun heeft ontvangen. De de-minimissteun wordt geacht te zijn verleend op het tijdstip waarop uw onderneming een wettelijke aanspraak op de steun verwerft, ongeacht de datum waarop de de-minimissteun aan de onderneming wordt betaald. Dit bete- kent concreet de datum waarop een besluit tot subsidieverlening (of verlening van een voordeel door bijvoorbeeld het aangaan van een lening of garantstelling) aan uw onderneming is genomen. Samenloop met andere staatssteun Mogelijk heeft uw onderneming voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige de-minimissteun al staatssteun ontvangen, die door de Europese Commissie is goedgekeurd of binnen het toepassingsgebied van de al- gemene groepsvrijstellingsverordening,9 de landbouwgroepsvrijstellingsverordening,10 de visserijvrijstellingsverorde- ning11 of het vrijstellingsbesluit over de compensatie van kosten voor het beheer van DAEB’s12 valt. Het totaalbedrag van de-minimissteun en deze staatssteun mag dan de maximale percentages en bedragen niet overschrijden die op basis van het relevante besluit van de Europese Commissie of de betreffende vrijstellingsverordening zijn toegestaan. Een onjuist ingevulde verklaring kan daarom als gevolg hebben dat de subsidiebeschikking wordt ingetrokken en eventueel verleende steun, inclusief onrechtmatigheidsrente, wordt teruggevorderd, wanneer blijkt dat andere steun is verleend waardoor in strijd met de cumulatieregels wordt gehandeld. Als u twijfelt of bepaalde steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen. Het bewaren van gegevens De Europese Commissie kan onrechtmatige steun nog gedurende tien jaar na de verlening terug laten vorderen. De mogelijkheid bestaat dan ook dat de Europese Commissie naderhand bij (de) Nederland(se overheidsinstantie) infor- matie opvraagt over hoe de steun is besteed om na te kunnen gaan of er wellicht sprake is van onrechtmatige steun. De overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen kan – indien zij zelf niet over die informatie beschikt 9 Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 10 Verordening (EU) Nr. 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 11 Verordening (EU) Nr. 2022/2473 van de Commissie van 14 December 2022 waarbij bepaalde categorieën steun voor ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en aquacultuurproducten, op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 12 Besluit van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. -- 4 of 5 -- 5 – in een dergelijk geval aan u vragen om documenten waarmee kan worden aangetoond dat de steun besteed is aan die activiteiten waarvoor deze is verleend. Het gaat daarbij dan om documenten die u ook op grond van de algemene administratie- en bewaarverplichting voor ondernemers moet bewaren.13 Let wel, in afwijking van de voornoemde artikelen hanteert de Europese Commissie een langere termijn van tien jaar.14 De-minimis register (eAidregister) Nederland is verplicht om bij het verlenen van de-minimis steun bepaalde informatie, zoals het toegekende steunbe- drag en de identificatie van de begunstigde, vast te leggen in een openbaar toegankelijk centraal Europees register: het eAidregister. De informatie moet uiterlijk twintig werkdagen na de verlening van de steun worden ingevoerd en blijft tien jaar in het register staan. Door middel van dit register controleert de overheidsinstantie of het plafond van €300.000,- per onderneming per drie jaar niet wordt overschreden voor de verlening van staatssteun op grond van de algemene de-minimisverordening. Voor steun verleend op basis van de algemene de-minimisverordening en op basis van de DAEB de-minimisverordening geldt de registratieplicht voor alle de-minimissteun verleend na 1 januari 2026. Voor steun verleend op basis van de de-minimisverordening voor de landbouwsectorlandbouw de-minimisver- ordening geldt de registratieplicht voor alle de-minimissteun verleend na 1 januari 2027. Deze verklaring is bedoeld voor het verzamelen van informatie die nodig is voor de registratie van de-minimissteun- verleningen in het register, in het bijzonder informatie over verbonden ondernemingen. 13 Artikel 2:10, eerste lid, BW (rechtspersonen) en artikel 3:15i BW (ondernemingen en vrije beroepsbeoefenaren). 14 Verordening (EU) 2015/1589 van de Raad van 13 juli 2015 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van artikel 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. -- 5 of 5 --
Bronnen en actualiteit
“De hoogte van de subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid bedraagt 100% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 30.000, --.”
Toon brontekst
Betaalbaar gezond voedsel (RTSG) | Provincie Zuid-Holland Lees voor # Betaalbaar gezond voedsel (RTSG) ## Doelgroep Inwoner, Organisatie ## Aanvraagperiode Gesloten (3 mrt 2026 t/m 14 apr 2026) ## Totaal beschikbaar € 475.000,- ## Verplichte bijlagen Toelichting op Verplichte bijlagen Deze bijlagen dien je in te vullen en mee te sturen met de aanvraag. Algemene de-minimisverklaring (pdf, 101 kB) ## Subsidie voor lokale eetinitiatieven die betaalbare, gezondemaaltijden aanbieden De provincie Zuid-Holland vindt het belangrijk dat inwoners gezond zijn en zich goed voelen. Gezond voedsel is daarbij belangrijk. Helaas hebben steeds meer inwoners hier niet genoeg geld voor. Daarom ondersteunen we eetinitiatieven die betaalbare, gezonde maaltijden toegankelijk maken. Werk jij aan een initiatief dat betaalbare en gezonde maaltijden aanbiedt? Of heb je een project in je wijk waar mensen samen koken en eten? Dan kun je een aanvraag doen voor de subsidie Betaalbaar gezond voedsel. ## Subsidie aanvragen Heb je alle bijlagen die onder 'Nodig om een aanvraag te doen' staan? Klik dan hieronder op de knop 'Aanvragen particulieren' of 'Aanvragen organisaties'. Log in met DigID of eHerkenning om een subsidie aan te vragen. Lees meer informatie over hoe je een subsidie aanvraagt . Aanvragen als particulier Aanvragen als organisatie ## Waarvoor je deze subsidie kunt aanvragen Je kunt subsidie aanvragen voor een van de volgende activiteiten: Je biedt betaalbare en gezonde maaltijden aan. Je organiseert hiervoor bijvoorbeeld workshops, bijeenkomsten of andere activiteiten in je wijk of buurt. Je verbetert je eetinitiatief. Bijvoorbeeld door te onderzoeken hoe je meer mensen kunt bereiken. Of je traint je personeel om gezond te koken. ## Eisen voor de subsidie Dit zijn de eisen voor deze subsidie Je initiatief biedt gezonde maaltijden aan die betaalbaar zijn. Dat betekent dat de prijs voor een maaltijd maximaal € 6,- is. Je initiatief vindt plaats op een plek die voor iedereen bereikbaar en gratis is. Je hebt voor dezelfde activiteit nog geen subsidie van ons gekregen. Je initiatief maakt geen winst. Je initiatief start binnen 6 maanden nadat je weet dat je subsidie krijgt. En het project is binnen 2 jaar afgerond. Je initiatief gaat minimaal 3 jaar door nadat de subsidie is afgelopen. Bekijk het openstellingsbesluit voor een compleet overzicht van alle eisen. ## Beschikbaar per aanvrager In totaal is er € 475.000,- beschikbaar. Je kunt subsidie krijgen voor 100% van de kosten die je maakt. We geven niet meer subsidie dan €30.000,-. ## Nodig om een aanvraag te doen Met de aanvraag stuur je in elk geval de volgende dingen mee: begroting projectplan een de-minimisverklaring: hierin staat of je de afgelopen jaren maximaal € 300.000,- van de overheid (staatssteun) hebt gekregen. ## Beoordeling aanvraag Je aanvraag moet zo veel mogelijk punten halen. Je kunt alleen subsidie krijgen als je project minstens 60 punten krijgt. Als er meer aanvragen zijn dan subsidie, dan krijgen de aanvragen met de meeste punten subsidie. We beoordelen je aanvraag hiervoor op een aantal onderdelen: Hoe gezond en betaalbaar zijn de maaltijden die jouw initiatief aanbiedt? En hoe groot is de doelgroep die je hiermee bereikt? Zorgt je initiatief voor meer verbinding en betrokkenheid (sociale cohesie) tussen mensen? Betrek je kwetsbare groepen? Gebruik je duurzaam en lokaal voedsel? En is er aandacht voor voedselverspilling? Wat is de sociaal-economische status van de wijk waarin je het initiatief uitvoert? In de bijlage in het openstellingsbesluit lees je meer over de puntenverdeling. Gebruik deze bij het maken van het projectplan. ## Contact Ben je van plan om subsidie aan te vragen en wil je meer weten? Neem dan contact op met Luuk van Santen of Carolien van Velzen. Mail naar [email protected] of [email protected] . Of bel naar 06 4683 8411 of 06 4683 8401. ## Wet- en regelgeving Algemene subsidieverordening Zuid-Holland Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel ## Bijgewerkt 26 maart 2026
Toon brontekst
Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel 2026 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op artikel 2.1 en 2.2 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het gewenst is vanuit de ambitie bij te dragen aan een gezond voedselsysteem, de gezondheid van haar inwoners te verbeteren en gezondheidsverschillen tussen haar inwoners te verkleinen; Besluiten vast te stellen de volgende regeling: Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel 2026 Artikel 1 Begripsbepaling In dit openstellingsbesluit wordt verstaan onder: - Asv: Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; - De-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (EU/2023/2831); - betaalbare maaltijd: maaltijd die voor iedereen financieel haalbaar is met een maximum van €6; - gezonde en duurzame maaltijd: maaltijd die voldoet aan de richtlijnen van de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum; - lokale eetinitiatieven: initiatieven op wijk-, buurt- of gemeentelijk niveau die gericht zijn op het bevorderen of aanbieden van gezonde, lokale en duurzame voedselpraktijken en het versterken van sociale cohesie rondom voedsel, bijvoorbeeld wijkrestaurants of mealprepkeukens; - onderneming: iedere entiteit, ongeacht haar rechtsvorm, die goederen of diensten op een markt aanbiedt waarop sprake is van concurrentie; - voedselsysteem: alle activiteiten die betrokken zijn bij de productie, distributie en consumptie van voedselproducten. Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor het ontplooien van lokale eetinitiatieven. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.. De activiteit, bedoeld in het eerste lid, leidt tot een betere gezondheid van inwoners, een gezonder voedselsysteem en het verkleinen van gezondheidsverschillen. Artikel 3 Doelgroep Subsidie als bedoeld in artikel 2 kan worden aangevraagd door een natuurlijk persoon, een privaatrechtelijke rechtspersoon of een samenwerkingsverband. Artikel 4 Aanvraagvereisten Onverminderd artikel 2.2 van de Asv gaat een aanvraag voor subsidie door een onderneming vergezeld van een ondertekende de-minimisverklaring. Artikel 5 Subsidievereisten Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2 eerste lid in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten: - het eetinitiatief biedt gezonde maaltijden aan; - het eetinitiatief biedt betaalbare maaltijden aan van ten hoogste €6,--.; - het eetinitiatief wordt ontplooid op een plaats die voor iedereen vrij toegankelijk is; - het lokale eetinitiatief als bedoeld in artikel 2 eerste lid wordt voor ten minste drie jaar voortgezet; - het eetinitiatief draagt bij aan een gezonde eetcultuur door het zichtbaar laten zien, delen van, of communiceren over het initiatief. Artikel 6 Weigeringsgronden In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt de subsidie geweigerd indien: - met het initiatief winst wordt nagestreefd; - voor dezelfde activiteit subsidie door de provincie Zuid-Holland is verleend; - een onderneming niet voldoet aan de De-minimisverordening. Artikel 7 Aanvraagperiode 1.. In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv, worden subsidieaanvragen ingediend binnen de tenderperiode van 3 maart 2026 tot en met 14 april 2026. 2.. Een aanvraag voor subsidie wordt niet behandeld indien deze na 14 april 2026 wordt ontvangen. 3.. Per aanvrager kan maximaal één aanvraag worden ingediend. Artikel 8 Deelplafond Het deelplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid bedraagt € 475.000, -. Artikel 9 Subsidiehoogte De hoogte van de subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid bedraagt 100% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 30.000, --. Artikel 10 Verdelingswijze 1.. Het beschikbare bedrag wordt verdeeld aan de hand van een weging op basis van de volgende criteria zoals nader uitgewerkt in de bijlage: - criterium a: mate waarin het initiatief gezond en betaalbaar voedsel aanbiedt aan een brede doelgroep, te waarderen met ten hoogste 45 punten; - criterium b: mate van bereik en betrokkenheid van kwetsbare groepen, te waarderen met ten hoogste 20 punten; - criterium c: mate waarin het initiatief gebruik maakt van duurzaam en lokaal voedsel, te waarderen met ten hoogste 15 punten; - criterium d: sociaaleconomische status van de wijk waarin de activiteit wordt uitgevoerd conform de kaart in bijlage, waarderen met ten hoogste 20 punten. 2.. Aanvragen waaraan minder dan 60 punten zijn toegekend, worden geweigerd. 3.. Gedeputeerde staten rangschikken aanvragen waarop niet geweigerd is hoger, naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend. 4.. Indien toepassing van het derde lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt de rangorde van die aanvragen bepaald door het aantal punten voor criterium a. 5.. Indien toepassing van het vierde lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt de rangorde van de aanvragen bepaald door loting. 6.. Indien toepassing van het eerste lid ertoe leidt dat door verlening van een subsidieaanvraag geen evenwichtige spreiding over de verschillende gemeenten in de provincie Zuid-Holland gerealiseerd kan worden, kunnen gedeputeerde staten besluiten de aanvraag niet te honoreren tot er sprake is van een evenwichtige spreiding. Artikel 11 Subsidiabele kosten Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de kosten voor de uitvoering van de activiteit voor subsidie in aanmerking. Artikel 12 Verplichtingen van de subsidieontvanger In aanvulling op artikel 3.1 van de Asv worden aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opgelegd: - na subsidieverlening wordt er binnen 6 maanden gestart met het uitvoeren van de activiteiten; - de activiteiten zijn binnen twee jaar na de subsidieverlening uitgevoerd; - de subsidieontvanger maakt de resultaten van de activiteiten openbaar en verstrekt deze resultaten desgevraagd aan belanghebbenden binnen de provincie Zuid-Holland; Artikel 13 De-minimis Op subsidie aangevraagd door een onderneming is de De-minimisverordening onverkort van toepassing. Artikel 14 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst. Artikel 15 Werkingsduur en overgangsrecht Dit openstellingsbesluit vervalt op 1 januari 2027, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 16 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel 2026. Den Haag, 20 januari 2026 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter Bijlage bij artikel 9 van het Openstellingsbesluit betaalbaar gezond voedsel 2026 Bijgaande tabel geeft toelichting op de nadere uitwerking van de criteria in het eerste lid van artikel 9. Categorie | Criteria | Max. punten a. Gezond & betaalbaar | Een initiatief krijgt meer punten wanneer maaltijden aantoonbaar gezond zijn en naar mate het gezonde eetgewoonten stimuleert voor een brede doelgroep (bijv. educatie, bewustwording, keuzeaanbod). Een initiatief krijgt meer punten wanneer maaltijden aantoonbaar betaalbaar zijn voor lage inkomens. Een initiatief krijgt meer punten naarmate het bereik groter is. Een initiatief krijgt meer punten wanneer er een sociale tariefstructuur wordt gehanteerd. | 45 b. Maatschappelijke impact | Een initiatief krijgt meer punten voor activiteiten die verbinding en betrokkenheid van burgers (sociale cohesie) versterkt. Een initiatief krijgt meer punten wanneer er aandacht is voor het bereiken van kwetsbare groepen. | 20 c. Duurzaam & lokaal | Een initiatief krijgt meer punten wanneer deze gebruik maakt van seizoensgebonden, lokale of biologische producten. Een initiatief krijgt meer punten wanneer deze maatregelen nemen om voedselverspilling te voorkomen. | 15 d. Sociaaleconomische score | Een initiatief krijgt meer punten naar mate de activiteit plaatsvindt in een wijk met een lagere sociaaleconomische status. | 20 Totale maximale score | 100 Bijgaande kaart geeft de sociaaleconomische status per wijk in Zuid-Holland weer bij het eerste lid van artikel 9.
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.