Gesloten

Fonds Bestrijding Kinderarbeid

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)

Wat is de Fonds Bestrijding Kinderarbeid?

Het Fonds Bestrijding Kinderarbeid (FBK) was een subsidieprogramma van het ministerie van Buitenlandse Zaken, uitgevoerd door RVO, voor Nederlandse ondernemingen die kinderarbeid in hun productieketen wilden aanpakken. De regeling ondersteunde zowel lokaal onderzoek naar de oorzaken van kinderarbeid als concrete maatregelen op locatie en in de eigen onderneming. FBK liep als vijfjarig programma met meerdere openstellingen voor projectaanvragen.

Wie komt in aanmerking voor de Fonds Bestrijding Kinderarbeid?

FBK was bedoeld voor Nederlandse ondernemingen die: - lokaal onderzoek willen doen naar de dieperliggende oorzaken van kinderarbeid in hun productieketen en hiertegen op lokaal niveau maatregelen willen nemen, of - maatregelen nemen tegen kinderarbeid in hun eigen onderneming.

Je bent een onderneming
Je bent een mkb-onderneming
Je vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

De activiteiten moesten gericht zijn op landen die voorkomen op de List of recipients of Official Development Assistance. Een onderneming kon niet alleen aanvragen: subsidie werd verstrekt binnen een samenwerkingsverband, en de RVO ondersteunde geen initiatieven zonder een bedrijf als aanvrager.

Waarvoor krijg je subsidie?

Er was subsidie beschikbaar voor twee soorten projecten: - Project A, lokaal impact onderzoek: verdiepend onderzoek naar kinderarbeid op locatie en in de onderneming(en). - Project B, activiteiten op locatie om kinderarbeid aan te pakken, in samenhang met due diligence maatregelen (het proces om risico's op kinderarbeid te identificeren, te voorkomen en te verminderen) in de eigen onderneming(en).

Subsidie was mogelijk voor project A en B samen, of alleen voor B als project A al door de partijen zelf was uitgevoerd; in dat geval toetste RVO de onderzoeksresultaten van project A aan de criteria in de Staatscourant.

Kosten die zijn veroorzaakt door inflatie en wisselkoersschommelingen werden uitgesloten van de projectkosten. Btw kon niet worden opgevoerd door btw-plichtige aanvragers; niet-btw-plichtige penvoerders konden btw wel opvoeren, maar alleen voor de kostenpost kosten derden.

Wat zijn de voorwaarden van de Fonds Bestrijding Kinderarbeid?

  • De activiteiten werden binnen 4 jaar uitgevoerd, in een samenwerkingsverband.
  • Een samenwerkingsverband bestond minimaal uit 1 Nederlandse onderneming, 1 ngo en 1 lokale onderneming.
  • Het project moest volgens de OESO-richtlijnen voor internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen worden uitgevoerd: aantonen hoe de activiteiten volgens deze richtlijnen worden uitgevoerd, een risicoanalyse van sociale en milieurisico's maken, maatregelen doorgeven om deze risico's te voorkomen of te verkleinen, en tijdens de uitvoering hierover rapporteren.
  • Nederlandse bedrijven vulden als onderdeel van het aanmeldproces een MVO-zelfscan in; dit was een voorwaarde voor goedkeuring van het project.
  • Er golden SEAH-voorwaarden (rond seksueel grensoverschrijdend gedrag en machtsmisbruik): een eigen integriteitsbeleid en procedures om dat beleid uit te voeren, en een meldplicht voor grensoverschrijdend gedrag of machtsmisbruik tijdens door RVO gefinancierde projecten.
  • Voor wijzigingen in het budget tijdens de looptijd was toestemming vereist als de verandering meer dan 25% per resultaat binnen een budgetcategorie bedroeg, tenzij die verandering lager was dan € 2.000. Inhoudelijke budgetwijzigingen, zoals het vervangen van een activiteit door een andere binnen dezelfde budgetcategorie, moesten altijd worden doorgegeven.

Hoe vraag je de Fonds Bestrijding Kinderarbeid aan?

Bij een aanvraag voor alleen project B (zonder zelf project A uit te voeren) toetste RVO de eigen onderzoeksresultaten van project A aan de criteria in de Staatscourant.

Verplichte stukken bij de eindrapportage waren:

  • de eindrapportage zelf, met daarin de self-assessment survey die door alle bedrijven in het samenwerkingsverband is ingevuld;
  • de Results Sheet;
  • de gevraagde Means of Verification per resultaat (in overleg met de projectadviseur);
  • de Financial budget tool;
  • een Management Statement (bestuursverklaring), een ondertekende verklaring; een accountantsverklaring was hiervoor niet nodig.

De formats voor de voortgangsrapportage en eindrapportage stonden op de Engelstalige FBK-pagina onder Project administration. Voor de registratie van gemaakte uren was geen officieel format verplicht, maar het document moest wel vermelden van wie de uren zijn, wat die persoon heeft gedaan, waar de werkzaamheden zijn uitgevoerd en hoeveel uren in welke periode zijn gemaakt.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Aanvragers hoorden binnen 13 weken of RVO de aanvraag goedkeurde. Bij lopende projecten rapporteerde de penvoerder aan RVO over de voortgang; de rapportagemomenten stonden in de verleningsbeschikking.

RVO voerde steekproeven uit. Viel een project in de steekproef, dan nam RVO contact op om extra projectadministratie op te vragen, bijvoorbeeld financiële gegevens zoals urenstaten en facturen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 8 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Fonds Bestrijding Kinderarbeid. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO); controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.